+RICHTLIJN 2000/53/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 18 september 2000 betreffende autowrakken
---+Artikel 1 Doelstellingen
---+Artikel 2 Definities
---+Artikel 3 Werkingssfeer
------+Artikel 3 1.
------+Artikel 3 2.
------+Artikel 3 3.
------+Artikel 3 4.
------+Artikel 3 5.
---+Artikel 4 Preventie
------+Artikel 4 1.
------+Artikel 4 2.
---+Artikel 5 Inzameling
------+Artikel 5 1.
------+Artikel 5 2.
------+Artikel 5 3.
------+Artikel 5 4.
------+Artikel 5 5.
---+Artikel 6 Verwerking
------+Artikel 6 1.
------+Artikel 6 2.
------+Artikel 6 3.
------+Artikel 6 4.
------+Artikel 6 5.
------+Artikel 6 6.
---+Artikel 7 Hergebruik en nuttige toepassing
------+Artikel 7 1.
------+Artikel 7 2.
------+Artikel 7 3.
------+Artikel 7 4.
------+Artikel 7 5.
---+Artikel 8 Coderingsnormen/demontage-informatie
------+Artikel 8 1.
------+Artikel 8 2.
------+Artikel 8 3.
------+Artikel 8 4.
---+Artikel 9 Informatie en rapportage
------+Article 9 1a.
------+Article 9 1b.
------+Article 9 1c.
------+Article 9 1d.
------+Artikel 9 2.
---+Article 9a Exercise of the delegation
------+Article 9a 1.
------+Article 9a 2.
------+Article 9a 3.
------+Article 9a 4.
------+Article 9a 5.
------+Article 9a 6.
---+Artikel 10 Uitvoering
------+Artikel 10 1.
------+Artikel 10 2.
------+Artikel 10 3.
---+Article 10a Review
---+Artikel 11 Comitéprocedure
------+Artikel 11 1.
------+Artikel 11 2.
---+Artikel 12 Inwerkingtreding
------+Artikel 12 1.
------+Artikel 12 2.
------+Artikel 12 3.
---+Artikel 13 Adressaten
---+BIJLAGE I Technische minimumeisen voor verwerking overeenkomstig artikel 6, leden 1 en 3
---+BIJLAGE II Van de toepassing van artikel 4, lid 2, punt a), vrijgestelde materialen en onderdelen
English - European Union - Environment -

RICHTLIJN 2000/53/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 18 september 2000 betreffende autowrakken

RICHTLIJN 2000/53/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 18 september 2000

betreffende autowrakken

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
Artikel 1 Doelstellingen

Artikel 1

Doelstellingen

Bij deze richtlijn worden maatregelen vastgesteld die in de eerste plaats gericht zijn op de preventie van afvalstoffen van voertuigen, en daarenboven op hergebruik, recycling en andere vormen van nuttige toepassing van autowrakken en onderdelen daarvan, teneinde de hoeveelheid te verwijderen afval te verminderen, alsmede op verbetering van de milieuprestatie van alle ondernemingen die betrokken zijn bij de levenscyclus van voertuigen, in het bijzonder die welke rechtstreeks betrokken zijn bij de verwerking van autowrakken.

Artikel 2 Definities

Artikel 2

Definities

In deze richtlijn wordt verstaan onder:

1. 

„voertuig”: voertuigen die onder de in bijlage II A van Richtlijn 70/156/EEG omschreven categorie M1 of N1 vallen, alsmede driewielige motorvoertuigen als omschreven in Richtlijn 92/61/EEG, met uitzondering van driewielers;

2. 

„autowrak”: voertuig dat een afvalstof in de zin van artikel 1, onder a), van Richtlijn 75/442/EEG is;

3. 

„producent”: de voertuigfabrikant of de beroepsimporteur van een voertuig in een lidstaat;

4. 

„preventie”: maatregelen ter vermindering van de hoeveelheid en de schadelijkheid voor het milieu van autowrakken en de daarin aanwezige materialen en stoffen;

5. 

„verwerking”: activiteiten na de afgifte van een autowrak aan een inrichting voor de verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen, demontage, versnijding, shredding, nuttige toepassing of voorbewerking voor de verwijdering van shredderafval, en elke andere handeling voor de nuttige toepassing en/of verwijdering van autowrakken en onderdelen daarvan;

6. 

„hergebruik”: handelingen waarbij onderdelen van autowrakken opnieuw worden gebruikt voor hetzelfde doel als waarvoor zij werden ontworpen;

7. 

„recycling”: het voor het oorspronkelijke doel of voor andere doeleinden in een productieproces opwerken van afvalmaterialen, met uitzondering van terugwinning van energie. Terugwinning van energie is het gebruik van brandbaar afval om energie op te wekken door directe verbranding met of zonder andere afvalstoffen, maar met terugwinning van de warmte;

8. 

„nuttige toepassing”: de in bijlage II B bij Richtlijn 75/442/EEG bedoelde toepasselijke handelingen;

9. 

„verwijdering”: de in bijlage II A bij Richtlijn 75/442/EEG bedoelde toepasselijke handelingen;

10. 

„ondernemingen”: bedrijven waar voertuigen, met inbegrip van de daarin aanwezige onderdelen en materialen, worden geproduceerd, gedistribueerd, ingezameld, verzekerd, gedemonteerd, in een shredder verwerkt, nuttig toegepast, gerecycleerd of anderszins verwerkt;

▼M7

11. 

„gevaarlijke stof”: stof waarvoor de criteria van een of meer van de volgende gevarenklassen of categorieën van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels ( 1 ) vervuld zijn:

a) 

de gevarenklassen 2.1 tot en met 2.4, 2.6 en 2.7, 2.8 typen A en B, 2.9, 2.10, 2.12, 2.13 categorieën 1 en 2, 2.14 categorieën 1 en 2, en 2.15 typen A tot en met F;

b) 

de gevarenklassen 3.1 tot en met 3.6, 3.7 schadelijke effecten op de seksuele functie en de vruchtbaarheid of de ontwikkeling, 3.8 andere effecten dan een narcotische werking, 3.9 en 3.10;

c) 

gevarenklasse 4.1;

d) 

gevarenklasse 5.1;

▼B

12. 

„shredder”: toestel dat voor het stuktrekken of versnijden van autowrakken wordt gebruikt, ook om direct herbruikbaar schroot te verkrijgen;

13. 

„demontage-informatie”: alle informatie die voor een doelmatige en milieuvriendelijke verwerking van een autowrak noodzakelijk is. Zij wordt door voertuigfabrikanten en onderdelenproducenten beschikbaar gesteld aan officieel erkende verwerkingsinrichtingen in de vorm van handboeken of in elektronische vorm (bv. CD-rom, on-linediensten).

Artikel 3 Werkingssfeer

Werkingssfeer

Artikel 4 Preventie

Preventie

Artikel 5 Inzameling

Inzameling

Artikel 6 Verwerking

Verwerking

Artikel 7 Hergebruik en nuttige toepassing

Hergebruik en nuttige toepassing

Artikel 8 Coderingsnormen/demontage-informatie

Coderingsnormen/demontage-informatie

Artikel 9 Informatie en rapportage

Informatie en rapportage

Article 9a Exercise of the delegation
Artikel 10 Uitvoering

Uitvoering

Article 10a Review

Article 10a

Review

By 31 December 2020, the Commission shall review this Directive, and to that end, shall submit a report to the European Parliament and to the Council, accompanied, if appropriate, by a legislative proposal.

Artikel 11 Comitéprocedure

Comitéprocedure

Artikel 12 Inwerkingtreding

Inwerkingtreding

Artikel 13 Adressaten

Artikel 13

Adressaten

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.

BIJLAGE I Technische minimumeisen voor verwerking overeenkomstig artikel 6, leden 1 en 3

BIJLAGE I

Technische minimumeisen voor verwerking overeenkomstig artikel 6, leden 1 en 3

1. Terreinen voor opslag (ook tussenopslag) van autowrakken vóór verwerking:

— 
met opvangvoorzieningen voor weglekkende vloeistoffen, bezinktanks en olie/slibafscheiders;
— 
waterzuiveringsapparatuur, ook voor regenwater, die voldoet aan de gezondheids- en milieuvoorschriften.

2. Terreinen voor verwerking:

— 
opvangvoorzieningen voor vloeistoffen, bezinktanks en olie/slibafscheiders;
— 
adequate opslagplaats voor gedemonteerde onderdelen, inclusief ondoorlatende opslagplaats voor door olie verontreinigde onderdelen;
— 
adequate containers voor de opslag van accu's (met neutralisering van elektrolyten ter plaatse of elders), filters en PCB/PCT-houdende condensatoren;
— 
adequate opslagtanks voor de gescheiden opslag van vloeistoffen van autowrakken: brandstof, motorolie, versnellingsbakolie, transmissieolie, hydraulische olie, koelvloeistoffen, antivriesmiddel, remvloeistoffen, accuzuren, airconditioningvloeistoffen en andere vloeistoffen van autowrakken;
— 
waterzuiveringsapparatuur, ook voor regenwater, die voldoet aan de gezondheids- en milieuvoorschriften;
— 
adequate opslag van gebruikte banden waaronder tevens begrepen het voorkomen van brandrisico's van buitensporige voorraadvorming.

3. Verwerkingshandelingen voor de verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen uit autowrakken:

— 
verwijdering van accu's en LPG-tanks;
— 
verwijdering of onschadelijk maken van mogelijk ontplofbare onderdelen (bijvoorbeeld airbags);
— 
verwijdering en gescheiden inzameling en opslag van brandstof, motorolie, transmissieolie, versnellingsbakolie, hydraulische olie, koelvloeistoffen, antivriesmiddel, remvloeistoffen, airconditioningvloeistoffen en alle andere vloeistoffen in het afgedankte voertuig, tenzij zij nodig zijn voor het hergebruik van de betrokken onderdelen;
— 
verwijdering, voorzover uitvoerbaar, van alle onderdelen waarvan is vastgesteld dat zij kwik bevatten.

4. Verwerkingshandelingen ter bevordering van recycling:

— 
verwijdering van katalysatoren;
— 
verwijdering van metalen onderdelen die koper, aluminium en magnesium bevatten, indien deze metalen in de shredder niet worden gescheiden;
— 
verwijdering van banden en grote kunststofonderdelen (bumpers, instrumentenbord, vloeistoftanks, enz.) indien deze materialen bij de shredding niet zodanig worden gescheiden dat ze ook inderdaad als materialen gerecycleerd kunnen worden;
— 
verwijdering van glas.

5. De opslaghandelingen worden zodanig verricht dat schade aan onderdelen die vloeistoffen bevatten of aan onderdelen voor nuttige toepassing en reserveonderdelen voorkomen wordt.

▼M16

BIJLAGE II Van de toepassing van artikel 4, lid 2, punt a), vrijgestelde materialen en onderdelen

BIJLAGE II

Van de toepassing van artikel 4, lid 2, punt a), vrijgestelde materialen en onderdelen

Een maximale concentratie van 0,1 gewichtsprocent voor lood, zeswaardig chroom en kwik in homogeen materiaal en 0,01 gewichtsprocent voor cadmium in homogeen materiaal wordt toegestaan.

Na 1 juli 2003 in de handel gebrachte reserveonderdelen die worden gebruikt voor voertuigen die vóór 1 juli 2003 in de handel werden gebracht, met uitzondering van wielbalansgewichten, koolborstels voor elektrische motoren en remvoeringen, zijn vrijgesteld van artikel 4, lid 2, punt a), van Richtlijn 2000/53/EG.


Materialen en onderdelen

Werkingssfeer en einde van de geldigheidsduur van de vrijstelling

Te merken of herkenbaar te maken overeenkomstig artikel 4, lid 2, punt b), iv)

Lood als legeringselement

1 a)  Staal voor verwerkingsdoeleinden en discontinu thermisch verzinkte stalen onderdelen met een loodgehalte van niet meer dan 0,35 gewichtsprocent

 

 

1 b)  Continu verzinkt plaatstaal dat niet meer dan 0,35 gewichtsprocent lood bevat

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2016 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

 

2 a)  Aluminium voor verwerkingsdoeleinden dat niet meer dan 2 gewichtsprocent lood bevat

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2005 in de handel zijn gebracht

 

2b)  Aluminium dat niet meer dan 1,5 gewichtsprocent lood bevat

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2008 in de handel zijn gebracht

 

2 c) i)  Aluminiumlegeringen voor verwerkingsdoeleinden die niet meer dan 0,4 ewichtsprocent lood bevatten

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2028 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

 

2 c) ii)  Aluminiumlegeringen die niet onder 2 c) i) vallen en die niet meer dan 0,4 gewichtsprocent lood bevatten (2)

 (1)

 

3.  Koperlegeringen die niet meer dan 4 gewichtsprocent lood bevatten

 (3)

 

4 a)  Lagerschalen en -zuigers

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2008 in de handel zijn gebracht

 

4 b)  Lagerschalen en -zuigers in motoren, transmissies en aircocompressoren

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2011 in de handel zijn gebracht

 

Lood en loodverbindingen in onderdelen

5 a)  Lood in batterijen die worden gebruikt in hoogspanningsystemen (4) die alleen worden gebruikt voor de aandrijving van voertuigen van de categorieën M1 en N1.

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2019 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X

5 b) i)  Lood in batterijen:

1)  die in 12 V-toepassingen worden gebruikt;

2)  die in 24 V-toepassingen worden gebruikt in voertuigen voor speciale doeleinden als gedefinieerd in artikel 3 van Verordening (EU) 2018/858 van het Europees Parlement en de Raad (7).

 (3)

X

5 b) ii)  Lood in batterijen die in toepassingen worden gebruikt die niet onder punt 5, a), of punt 5, b), i), vallen

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2024 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X

6.  Trillingsdempers

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2016 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X

7 a)  Vulkaniseermiddelen en stabilisatoren voor elastomeren in remslangen, brandstofslangen, luchtventilatieslangen, elastomeer/metaalonderdelen in de chassistoepassingen en motorophangingen

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2005 in de handel zijn gebracht

 

7 b)  Vulkaniseermiddelen en stabilisatoren voor elastomeren in remslangen, brandstofslangen, luchtventilatieslangen, elastomeer/metaalonderdelen in de chassistoepassingen en motorophangingen die niet meer dan 0,5 gewichtsprocent lood bevatten

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2006 in de handel zijn gebracht

 

7 c)  Bindmiddelen voor elastomeren die in aandrijftoepassingen worden gebruikt, met een loodgehalte van niet meer dan 0,5 gewichtsprocent

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2009 in de handel zijn gebracht

 

8 a)  Lood in soldeer om elektrische en elektronische onderdelen aan elektronische printplaten te bevestigen en lood in de afwerking van de uiteinden van andere onderdelen dan elektrolytische aluminiumcondensatoren, in pinnen van onderdelen en in elektronische printplaten

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2016 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 b)  Lood in soldeer in elektrische toepassingen, behalve soldeer op elektronische printplaten of op glas

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2011 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 c)  Lood in de afwerking van de uiteinden van elektrolytische aluminiumcondensatoren

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2013 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 d)  Lood in soldeer op glas in luchtmassameters

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2015 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 e)  Lood in soldeer met een hoog smeltpunt (d.w.z. loodlegeringen met ten minste 85 gewichtsprocent lood)

 (1)

X (5)

8 f) i)  Lood in flexibele penconnectorsystemen

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2017 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 f) ii)  Lood in andere flexibele penconnectorsystemen dan het pasvlak van kabelboomconnectoren

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2024 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 g) i)  Lood in soldeer voor de totstandbrenging van een haalbare elektrische verbinding tussen een halfgeleider-die en een drager in „flip chip”-behuizingen voor geïntegreerde schakelingen

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 oktober 2022 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 g) ii)  Lood in soldeer voor de totstandbrenging van een haalbare elektrische verbinding tussen de halfgeleider-die en de drager in „flip chip”-behuizingen voor geïntegreerde schakelingen waarbij die elektrische verbinding bestaat uit:

1)  een halfgeleidertechnologieknoop van 90 nm of groter;

2)  een enkele die van 300 mm2 of groter, in om het even welke halfgeleidertechnologieknoop;

3)  pakketten gestapelde die’s van 300 mm2 of groter, of „silicon interposers” van 300 mm2 of groter.

 (1)

Voertuigen met typegoedkeuring van 1 oktober 2022 of later, en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 h)  Lood in soldeer om warmteverspreiders te bevestigen aan het koelingslichaam in krachtige halfgeleiders met een chipgrootte van minstens 1 cm2 projectieoppervlak en een nominale spanningsdichtheid van minstens 1 A per mm2 siliciumchipoppervlak

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2016 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 i)  Lood in soldeer in elektrische toepassingen op glas, met uitzondering van soldeer op gelamineerd glas

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2016 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 j)  Lood in soldeer op gelamineerd glas

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2020 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

8 k)  Solderen van verwarmingstoepassingen met een verwarmingsstroom van 0,5 A of meer per betrokken soldeerverbinding met een enkele ruit van gelamineerd glas met een dikte van ten hoogste 2,1 mm. Deze vrijstelling geldt niet voor het solderen aan contactpunten in de tussenlaag van polymeer.

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2024 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X (5)

9.  Klepzittingen

Als reserveonderdelen voor motortypen die vóór 1 juli 2003 zijn ontwikkeld

 

10 a)  Elektrische en elektronische onderdelen die lood in glas of keramiek, in een glas- of composiet met keramische matrix, in een glaskeramisch materiaal of een composiet met glaskeramische matrix bevatten.

Deze vrijstelling heeft geen betrekking op het gebruik van lood in:

i)  glas in lampen en glazuur van bougies;

ii)  de in de punten 10 b) tot en met 10 d) genoemde diëlektrische keramische materialen en onderdelen.

 

X (6) (voor andere onderdelen dan piëzo-onderdelen in motoren)

10 b)  Lood in op PZT gebaseerde diëlektrische keramische materialen in condensatoren die onderdeel zijn van geïntegreerde schakelingen of discrete halfgeleiders

 

 

10 c)  Lood in diëlektrische keramische materialen in condensatoren voor een nominale spanning van minder dan 125 V wisselstroom of 250 V gelijkstroom

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2016 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

 

10 d)  Lood in diëlektrische keramische materialen in condensatoren die de temperatuurgebonden afwijkingen van sensoren in ultrasone sonarinstallaties compenseren

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2017 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

 

11.  Pyrotechnische ontstekers

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 juli 2006 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

 

12.  Loodhoudende thermo-elektrische materialen in elektrische toepassingen in de automobielsector om de CO2-emissies te verminderen door de terugwinning van uitlaatgaswarmte

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2019 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X

Zeswaardig chroom

13 a)  Corrosiewerende beschermlagen

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2007 in de handel zijn gebracht

 

13 b)  Corrosiewerende beschermlagen van schroefmoerverbindingen voor chassistoepassingen

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 1 juli 2008 in de handel zijn gebracht

 

14.  

 

Zeswaardig chroom als anticorrosiemiddel in het koolstofstalen koelsysteem in absorptiekoelkasten tot 0,75 gewichtsprocent in de koeloplossing:

a)  ontworpen om volledig of gedeeltelijk met een elektrische verwarmingseenheid te werken, met een gemiddeld gebruikt elektrisch ingangsvermogen van minder dan 75 W bij constante bedrijfsomstandigheden;

b)  ontworpen om volledig of gedeeltelijk met een elektrische verwarmingseenheid te werken, met een gemiddeld gebruikt elektrisch ingangsvermogen van minstens 75 W bij constante bedrijfsomstandigheden;

c)  ontworpen om volledig met een niet-elektrische verwarmingseenheid te werken.

Voor a): voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2020 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

Voor b): voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 januari 2026 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X

Kwik

15 a)  Ontladingslampen voor koplampen

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 juli 2012 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X

15 b)  Fluorescentiebuizen voor instrumentenpanelen

Voertuigen met typegoedkeuring van vóór 1 juli 2012 en reserveonderdelen voor deze voertuigen

X

Cadmium

16.  Batterijen voor elektrische voertuigen

Als reserveonderdelen voor voertuigen die vóór 31 december 2008 in de handel zijn gebracht

 

(1)   

Deze vrijstelling wordt opnieuw bekeken in 2024.

(2)   

Van toepassing op aluminiumlegeringen waar lood niet opzettelijk aan is toegevoegd maar waarin het aanwezig is door het gebruik van gerecycleerd aluminium.

(3)   

Deze vrijstelling wordt opnieuw bekeken in 2025.

(4)   

Systemen met een spanning van > 75 V gelijkstroom zoals gedefinieerd in artikel 1 van Richtlijn 2014/35/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van elektrisch materiaal bestemd voor gebruik binnen bepaalde spanningsgrenzen (PB L 96 van 29.3.2014, blz. 357).

(5)   

Demontage als in combinatie met in punt 10 a) genoemde toepassingen een gemiddelde drempelwaarde van 60 gram per voertuig wordt overschreden. Bij de toepassing van deze bepaling worden elektronische apparaten die niet door de fabrikant op de productielijn worden geïnstalleerd, niet meegerekend.

(6)   

Demontage als in combinatie met in de punt 8, a) tot en met k), genoemde toepassingen een gemiddelde drempelwaarde van 60 gram per voertuig wordt overschreden. Bij de toepassing van deze bepaling worden elektronische apparaten die niet door de fabrikant op de productielijn worden geïnstalleerd, niet meegerekend.

(7)   

Verordening (EU) 2018/858 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 betreffende de goedkeuring van en het markttoezicht op motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 715/2007 en (EG) nr. 595/2009 en tot intrekking van Richtlijn 2007/46/EG (PB L 151 van 14.6.2018, blz. 1).

Aantekeningen bij de tabel:


( 1 ) PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1

( 2 ) Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3).

( 3 ) PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

( 4 ) Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13).

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis