+RICHTLIJN 2006/66/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 6 september 2006 inzake batterijen en accu's, alsook afgedankte batterijen en accu's en tot intrekking van Richtlijn 91/157/EEG (Voor de EER relevante tekst)
---+Artikel 1 Onderwerp
---+Artikel 2 Toepassingsgebied
------+Article 2 1.
------+Article 2 2.
---+Artikel 3 Definities
---+Artikel 4 Verbodsbepalingen
------+Article 4 1.
------+Article 4 2.
------+Article 4 3.
------+Article 4 4.
---+Artikel 5 Verbetering van de milieuprestatie
---+Artikel 6 Op de markt brengen
------+Article 6 1.
------+Article 6 2.
---+Artikel 7 Overkoepelende doelstelling
---+Artikel 8 Inzamelingssystemen
------+Article 8 1.
------+Article 8 2.
------+Article 8 3.
------+Article 8 4.
---+Artikel 9 Economische instrumenten
---+Artikel 10 Inzamelingsdoelstellingen
------+Article 10 1.
------+Article 10 2.
------+Article 10 3.
------+Article 10 4.
---+Artikel 11 Verwijdering van afgedankte batterijen en accu’s
---+Artikel 12 Verwerking en recycling
------+Article 12 1.
------+Article 12 2.
------+Article 12 3.
------+Article 12 4.
------+Article 12 5.
------+Article 12 6.
---+Artikel 13 Nieuwe recyclingtechnologieën
------+Article 13 1.
------+Article 13 2.
---+Artikel 14 Verwijdering
---+Artikel 15 Uitvoer
------+Article 15 1.
------+Article 15 2.
------+Article 15 3.
---+Artikel 16 Financiering
------+Article 16 1.
------+Article 16 2.
------+Article 16 3.
------+Article 16 4.
------+Article 16 5.
------+Article 16 6.
---+Artikel 17 Registratie
---+Artikel 18 Kleine producenten
------+Article 18 1.
------+Article 18 2.
------+Article 18 3.
---+Artikel 19 Participatie
------+Article 19 1.
------+Article 19 2.
---+Artikel 20 Informatie voor de eindgebruikers
------+Article 20 1.
------+Article 20 2.
------+Article 20 3.
---+Artikel 21 Markering
------+Article 21 1.
------+Article 21 2.
------+Article 21 3.
------+Article 21 4.
------+Article 21 5.
------+Article 21 6.
------+Article 21 7.
---+Article 22a Incentives for the application of the waste hierarchy
---+Artikel 23 Evaluatie
------+Article 23 1.
------+Article 23 2.
------+Article 23 3.
---+Article 23a Exercise of the delegation
------+Article 23a 1.
------+Article 23a 2.
------+Article 23a 3.
------+Article 23a 4.
------+Article 23a 5.
---+Artikel 24 Comitéprocedure
------+Article 24 1.
------+Article 24 2.
---+Artikel 25 Sancties
---+Artikel 26 Omzetting
------+Article 26 1.
------+Article 26 2.
---+Artikel 27 Vrijwillige overeenkomsten
------+Article 27 1.
------+Article 27 2.
------+Article 27 3.
------+Article 27 4.
---+Artikel 28 Intrekking
---+Artikel 29 Inwerkingtreding
---+Artikel 30 Adressaten
---+ANNEX I MONITORING OF COMPLIANCE WITH THE ARTICLE 10 COLLECTION TARGETS
---+ANNEX II SYMBOLS FOR BATTERIES, ACCUMULATORS AND BATTERY PACKS FOR SEPARATE COLLECTION
---+ANNEX III DETAILED TREATMENT AND RECYCLING REQUIREMENTS
---+BIJLAGE IV
English - European Union - Environment -

RICHTLIJN 2006/66/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 6 september 2006 inzake batterijen en accu's, alsook afgedankte batterijen en accu's en tot intrekking van Richtlijn 91/157/EEG (Voor de EER relevante tekst)

RICHTLIJN 2006/66/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 6 september 2006

inzake batterijen en accu's, alsook afgedankte batterijen en accu's en tot intrekking van Richtlijn 91/157/EEG

(Voor de EER relevante tekst)

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
Artikel 1 Onderwerp

Artikel 1

Onderwerp

Deze richtlijn stelt het volgende vast:

1. voorschriften voor het op de markt brengen van batterijen en accu's; en met name een verbod bepaalde batterijen en accu's die gevaarlijke stoffen bevatten op de markt te brengen; en

2. specifieke voorschriften voor de inzameling, verwerking, recycling en verwijdering van afgedankte batterijen en accu's, ter aanvulling van de betrokken communautaire wetgeving inzake afvalstoffen en ter bevordering van een hoog niveau van inzameling en recycling van afgedankte batterijen en accu's.

Met deze richtlijn wordt gestreefd naar verbetering van de milieuprestatie van batterijen en accu's alsmede van de activiteiten van alle economische actoren die betrokken zijn bij de levenscyclus van batterijen en accu's, zoals producenten, distributeurs en eindgebruikers, en met name de actoren die rechtstreeks betrokken zijn bij de verwerking van afgedankte batterijen en accu's.

Artikel 2 Toepassingsgebied

Artikel 2

Toepassingsgebied

1.  Deze richtlijn is van toepassing op alle typen batterijen en accu's, ongeacht hun vorm, volume, gewicht, samenstelling of gebruik. Zij is van toepassing onverminderd de Richtlijnen 2000/53/EG en 2002/96/EG.

2.  Deze richtlijn is niet van toepassing op batterijen en accu's die worden gebruikt in:

a) apparatuur die wordt aangewend in samenhang met de bescherming van wezenlijke belangen in verband met de veiligheid van de lidstaten, wapens, munitie, en oorlogsmateriaal, met uitzondering van producten die niet voor specifieke militaire doeleinden zijn bestemd;

b) apparatuur bestemd om de ruimte ingestuurd te worden.

Artikel 3 Definities

Artikel 3

Definities

In deze richtlijn wordt verstaan onder:

1. „batterij” of „accu”: bron van door rechtstreekse omzetting van chemische energie verkregen elektrische energie, bestaande uit een of meer primaire (niet-oplaadbare) batterijcellen of uit een of meer secundaire (oplaadbare) batterijcellen;

2. „batterijpak”: set batterijen of accu's die onderling verbonden en/of voorzien zijn van een buitenverpakking, die één complete eenheid vormt en niet is bedoeld om door de eindgebruiker te worden opgedeeld of geopend;

3. „draagbare batterij of accu”: iedere batterij, knoopcel, batterijpak of accu die/dat:

a) afgedicht is; en

b) met de hand kan worden gedragen; en

c) geen industriële batterij of accu, noch een autobatterij of -accu is;

4. „knoopcel”: kleine ronde draagbare batterij of accu met een diameter die groter is dan de hoogte en die wordt gebruikt voor speciale doeleinden zoals gehoorapparaten, horloges, kleine draagbare apparatuur en als back-upstroomvoorziening;

5. „autobatterij of -accu”: batterij of accu gebruikt voor het starten, voor de verlichting of het ontstekingsvermogen van een voertuig;

6. „industriële batterij of accu”: batterij of accu die uitsluitend voor gebruik voor industriële of professionele doeleinden is ontworpen of in elk type elektrisch voertuig wordt gebruikt;

7. „afgedankte batterij of accu”: iedere batterij of accu die in de zin van artikel 1, lid 1, onder a), van Richtlijn 2006/12/EG als afvalstof geldt;

8. „recycling”: het in een productieproces opnieuw verwerken van afvalmaterialen, hetzij voor het oorspronkelijke doel, hetzij voor een ander doel, maar met uitzondering van de terugwinning van energie;

9. „verwijdering”: alle toepasselijke handelingen die worden bedoeld in bijlage II A bij Richtlijn 2006/12/EG;

10. „verwerking”: iedere activiteit die afgedankte batterijen en accu's ondergaan nadat zij zijn overgedragen aan een faciliteit voor sortering, voorbereiding op recycling of voorbereiding op verwijdering;

11. „apparaat”: elektrische of elektronische apparatuur, zoals gedefinieerd in Richtlijn 2002/96/EG, die volledig of gedeeltelijk van energie wordt of kan worden voorzien door batterijen of accu's;

12. „producent”: persoon in een lidstaat die, ongeacht de gebruikte verkooptechniek, met inbegrip van de techniek voor communicatie op afstand overeenkomstig Richtlijn 97/7/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 1997 betreffende de bescherming van de consument bij op afstand gesloten overeenkomsten ( 1 ), batterijen of accu's, met inbegrip van die welke in apparaten of voertuigen zijn ingebouwd, beroepsmatig voor het eerst op het grondgebied van die lidstaat op de markt brengt;

13. „distributeur”: persoon die beroepsmatig batterijen of accu's levert aan een eindgebruiker;

14. „op de markt brengen”: het leveren of ter beschikking stellen, al dan niet tegen betaling, aan een derde in de Gemeenschap, met inbegrip van invoer in het douanegebied van de Gemeenschap;

15. „economische actoren”: producenten, distributeurs, inzamelaars, recyclingondernemingen en andere verwerkers;

16. „draadloos elektrisch gereedschap”: elk met de hand vastgehouden apparaat dat wordt aangedreven door een batterij of een accu en bestemd is voor onderhouds-, bouw- of tuinwerkzaamheden;

17. „inzamelingspercentage”: voor een bepaalde lidstaat in een bepaald kalenderjaar het percentage dat wordt verkregen door het gewicht van de afgedankte draagbare batterijen en accu's die overeenkomstig artikel 8, lid 1, van deze richtlijn of Richtlijn 2002/96/EG in dat kalenderjaar zijn ingezameld, te delen door het gewicht van draagbare batterijen en accu's die producenten, hetzij rechtstreeks verkopen aan de eindgebruiker, hetzij leveren aan derde partijen om ze te verkopen aan de eindgebruiker, in die lidstaat gedurende dat kalenderjaar en de voorafgaande twee kalenderjaren.

Artikel 4 Verbodsbepalingen

Artikel 4

Verbodsbepalingen

1.  Onverminderd Richtlijn 2000/53/EG verbieden de lidstaten het in de handel brengen van:

a) alle, al dan niet in apparaten ingebouwde batterijen en accu's, die meer dan 0,0005  gewichtsprocent kwik bevatten; en

b) draagbare batterijen of accu's, ook die welke in apparaten zijn ingebouwd, die meer dan 0,002  gewichtsprocent cadmium bevatten.

▼M3

2.  Het verbod als bedoeld in lid 1, onder a), is tot en met 1 oktober 2015 niet van toepassing op knoopcellen met een kwikgehalte van ten hoogste 2 gewichtsprocent.

▼B

3.  Het verbod als bedoeld in lid 1, onder b), is niet van toepassing op draagbare batterijen en accu's die zijn bestemd voor gebruik in:

a) nood- en alarmsystemen, met inbegrip van noodverlichting;

b) medische apparatuur; of

▼M3

c) draadloze elektrische gereedschappen; deze vrijstelling betreffende draadloze elektrische gereedschappen geldt tot en met 31 december 2016.

4.  Wat knoopcellen voor hoorapparaten betreft, blijft de Commissie de in lid 2 bedoelde uitzondering steeds opnieuw bezien en brengt zij uiterlijk op 1 oktober 2014 bij het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de beschikbaarheid van knoopcellen voor hoorapparaten die in overeenstemming zijn met lid 1, onder a). Indien gerechtvaardigd door het niet beschikbaar zijn van knoopcellen voor hoorapparaten die in overeenstemming zijn met lid 1, onder a), voegt de Commissie bij haar verslag een passend voorstel om knoopcellen voor hoorapparaten vrij te stellen van het in lid 2, onder a), bedoelde verbod.

▼B

Artikel 5 Verbetering van de milieuprestatie

Artikel 5

Verbetering van de milieuprestatie

De lidstaten op wier grondgebied fabrikanten gevestigd zijn, bevorderen het onderzoek en moedigen verbeteringen aan van de algehele milieuprestaties van batterijen en accu's gedurende hun gehele levenscyclus, evenals de ontwikkeling en het in de handel brengen van batterijen en accu's die kleinere hoeveelheden gevaarlijke stoffen bevatten of die minder verontreinigende stoffen bevatten, in het bijzonder als substituten voor kwik, cadmium en lood.

Artikel 6 Op de markt brengen

Artikel 6

Op de markt brengen

1.  Het is de lidstaten niet toegestaan om op de in deze richtlijn genoemde gronden het op hun grondgebied op de markt brengen van batterijen en accu's die aan de in deze richtlijn vastgestelde bepalingen voldoen te verbieden, te beperken of te verhinderen.

▼M3

2.  Batterijen en accu’s die niet voldoen aan de in deze richtlijn vastgestelde bepalingen, maar die voor de datum van toepassing van de respectieve verbodsbepalingen in artikel 4 op wettige wijze op de markt zijn gebracht, mogen verder worden verkocht zolang de voorraad strekt.

▼B

Artikel 7 Overkoepelende doelstelling

Artikel 7

Overkoepelende doelstelling

De lidstaten nemen met inachtneming van de milieugevolgen van het vervoer noodzakelijke maatregelen om een zo hoog mogelijk niveau van gescheiden inzameling van afgedankte batterijen en accu's te bereiken en de verwijdering van batterijen en accu's als gemengd stedelijk afval tot een minimum te beperken teneinde een hoog niveau van recycling tot stand te brengen voor alle afgedankte batterijen en accu's.

Artikel 8 Inzamelingssystemen

Artikel 8

Inzamelingssystemen

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat geschikte inzamelingssystemen worden opgezet voor draagbare afgedankte batterijen en accu's. Dergelijke systemen:

a) stellen de eindgebruikers in staat zich te ontdoen van draagbare afgedankte batterijen of accu's op een toegankelijk inzamelpunt in hun nabijheid, rekening houdend met de bevolkingsdichtheid;

b) eisen dat distributeurs die draagbare batterijen of accu's leveren, afgedankte draagbare batterijen en accu's kosteloos terugnemen, tenzij een beoordeling aantoont dat alternatieve bestaande regelingen ten minste even doeltreffend zijn voor het behalen van de milieudoelstellingen van deze richtlijn. De lidstaten zullen deze beoordelingen openbaar maken;

c) brengen geen kosten met zich mee voor de eindgebruikers wanneer zij zich ontdoen van draagbare afvalbatterijen of -accu's, of houden geen verplichting in om een nieuwe batterij of accu te kopen;

d) kunnen worden gebruikt in samenhang met de systemen als bedoeld in artikel 5, lid 2, van Richtlijn 2002/96/EG.

Inzamelpunten die worden ingesteld om te voldoen aan dit lid, onder a), zijn niet onderworpen aan de registratie- en vergunningseisen uit hoofde van Richtlijn 2006/12/EG of Richtlijn 91/689/EEG van de Raad van 12 december 1991 betreffende gevaarlijke afvalstoffen ( 2 ).

2.  Op voorwaarde dat de systemen voldoen aan de in lid 1 vermelde criteria, kunnen de lidstaten:

a) de producenten ertoe verplichten dergelijke systemen op te zetten;

b) andere economische actoren ertoe verplichten aan dergelijke systemen deel te nemen;

c) de bestaande systemen behouden.

3.  De lidstaten zorgen ervoor dat producenten van industriële batterijen en accu's, of namens hen optredende derden, niet weigeren om industriële afgedankte batterijen en accu's, ongeacht hun chemische samenstelling en herkomst, van de eindgebruikers terug te nemen. Onafhankelijke derden kunnen ook industriële batterijen en accu's inzamelen.

4.  De lidstaten zorgen ervoor dat de producenten van autobatterijen en -accu's, of derden, systemen opzetten voor de inzameling van afgedankte autobatterijen en -accu's bij de eindverbruikers of op een toegankelijk inzamelpunt in hun nabijheid, wanneer geen inzameling plaatsvindt in het kader van de in artikel 5, lid 1, van Richtlijn 2000/53/EG bedoelde systemen. In geval van autobatterijen of -accu's van particuliere, niet-commerciële voertuigen, brengen dergelijke systemen geen kosten met zich mee voor de eindgebruikers wanneer deze zich ontdoen van afgedankte batterijen of accu's, en houden zij evenmin de verplichting in om een nieuwe batterij of accu te kopen.

Artikel 9 Economische instrumenten

Artikel 9

Economische instrumenten

De lidstaten kunnen economische instrumenten hanteren ter bevordering van de inzameling van afgedankte batterijen en accu's, of ter bevordering van het gebruik van batterijen en accu's die stoffen bevatten die minder verontreinigend zijn, bijvoorbeeld door de invoering van gedifferentieerde belastingtarieven. In dat geval doen zij de Commissie mededeling van de met de uitvoering van deze instrumenten verband houdende maatregelen.

Artikel 10 Inzamelingsdoelstellingen

Artikel 10

Inzamelingsdoelstellingen

1.  De lidstaten berekenen het inzamelingspercentage voor het eerst voor het vijfde volledige kalenderjaar volgend op de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn.

Onverminderd Richtlijn 2002/96/EG worden in de jaarlijkse inzamelings- en verkoopcijfers de in apparaten ingebouwde batterijen en accu's opgenomen.

2.  De lidstaten moeten de volgende minimuminzamelingspercentages bereiken:

a) 25 % uiterlijk op 26 september 2012;

b) 45 % uiterlijk op 26 september 2016.

▼M4

3.  De lidstaten zien op jaarbasis toe op de inzamelingspercentages overeenkomstig het in bijlage I bij deze richtlijn vermelde schema. Onverminderd Verordening (EG) nr. 2150/2002 van het Europees Parlement en de Raad ( 3 ) dienen de lidstaten binnen 18 maanden te rekenen vanaf het einde van het verslagjaar waarvoor de gegevens zijn verzameld via elektronische weg verslagen in bij de Commissie. In de verslagen wordt aangegeven hoe de voor de berekening van het inzamelingspercentage benodigde gegevens zijn verkregen.

▼M3

4.  De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen overgangsregelingen instellen teneinde problemen aan te pakken die ingevolge specifieke nationale omstandigheden in een lidstaat ontstaan bij de verwezenlijking van de in lid 2 bedoelde vereisten. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 24, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Om de eenvormige toepassing van dit artikel te waarborgen, stelt de Commissie uiterlijk op 26 september 2007 door middel van uitvoeringshandelingen een gemeenschappelijke methode in voor de berekening van de jaarlijkse verkoop van draagbare batterijen en accu’s aan eindgebruikers. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 24, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Artikel 11 Verwijdering van afgedankte batterijen en accu’s

Artikel 11

Verwijdering van afgedankte batterijen en accu’s

De lidstaten zien erop toe dat fabrikanten apparaten zo ontwerpen dat afgedankte batterijen en accu’s gemakkelijk eruit kunnen worden gehaald. Indien ze niet gemakkelijk eruit kunnen worden gehaald door de eindgebruiker, zien de lidstaten erop toe dat fabrikanten apparaten zo ontwerpen dat afgedankte batterijen en accu’s gemakkelijk eruit kunnen worden gehaald door van de fabrikant onafhankelijke gekwalificeerde vaklieden. Apparaten met ingebouwde batterijen of accu’s gaan vergezeld van een gebruiksaanwijzing waaruit blijkt hoe deze batterijen en accu’s gemakkelijk eruit kunnen worden gehaald door de eindgebruiker of door onafhankelijke, gekwalificeerde vaklieden. Zo nodig bevat de gebruiksaanwijzing eveneens informatie over het type ingebouwde batterijen of accu’s.

De bepalingen van de eerste alinea zijn niet van toepassing wanneer, om redenen in verband met de veiligheid en de prestaties, of om medische redenen, dan wel om redenen in verband met data-integriteit, de continuïteit van de stroomvoorziening nodig is en hiervoor een permanente verbinding tussen het apparaat en de batterij of accu vereist is.

▼B

Artikel 12 Verwerking en recycling

Artikel 12

Verwerking en recycling

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat uiterlijk op 26 september 2009:

a) de producenten of derden, met gebruikmaking van de beste beschikbare technieken voor de bescherming van de gezondheid en het milieu, systemen opzetten voor de verwerking en recycling van afgedankte batterijen en accu's; en

b) alle identificeerbare batterijen en accu's die overeenkomstig artikel 8 van deze richtlijn of Richtlijn 2002/96/EG zijn ingezameld, door middel van systemen worden verwerkt en gerecycled die ten minste voldoen aan de communautaire wetgeving, met name op het gebied van gezondheid, veiligheid en afvalbeheer.

Met inachtneming van het Verdrag mogen de lidstaten evenwel ingezamelde draagbare batterijen en accu's die cadmium, kwik of lood bevatten, op stortplaatsen of ondergronds opslaan wanneer er geen levensvatbare eindmarkt is. Met inachtneming van het Verdrag mogen de lidstaten ook ingezamelde draagbare batterijen of accu's die cadmium, kwik of lood bevatten, verwijderen door storting op stortplaatsen of door ondergronds op te slaan, als onderdeel van een strategie om het gebruik van zware metalen in fasen volledig te beëindigen, die aantoont op grond van een gedetailleerde beoordeling van de milieu-, economische en sociale gevolgen dat de optie van verwijdering dient verkozen te worden boven recycling.

De lidstaten maken deze beoordeling openbaar en stellen de Commissie overeenkomstig Richtlijn 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften en regels betreffende diensten van de informatiemaatschappij ( 4 ) in kennis van de ontwerp-maatregelen.

2.  De verwerking voldoet aan de minimumvereisten in bijlage III, deel A.

3.  Indien batterijen ingezameld worden samen met afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) op grond van Richtlijn 2002/96/EG, worden zij uit de AEEA gehaald.

4.  Recyclingprocessen voldoen ►C1  uiterlijk op 26 september 2011 ◄ aan de recyclingrendementen en de daarmee verband houdende bepalingen van bijlage III, deel B.

▼M4

5.  Onder verwijzing naar de al dan niet bereikte recyclingrendementen van bijlage III, deel B, brengen de lidstaten verslag uit over de in elk kalenderjaar bereikte recyclingniveaus. Zij dienen deze gegevens uiterlijk 18 maanden na het einde van het verslagjaar waarvoor de gegevens zijn verzameld via elektronische weg bij de Commissie in.

▼M3

6.  De Commissie stelt uiterlijk op 26 maart 2010 door middel van uitvoeringshandelingen gedetailleerde regels vast betreffende de berekening van de recyclingrendementen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 24, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

▼M3 —————

▼B

Artikel 13 Nieuwe recyclingtechnologieën

Artikel 13

Nieuwe recyclingtechnologieën

1.  De lidstaten moedigen de ontwikkeling van nieuwe recycling- en verwerkingstechnologieën aan, en bevorderen onderzoek naar milieuvriendelijke en kosteneffectieve recyclingmethoden aangepast aan alle typen batterijen en accu's.

2.  De lidstaten moedigen exploitanten van verwerkingsfaciliteiten ertoe aan gecertificeerde milieubeheersystemen in te voeren in overeenstemming met Verordening (EG) nr. 761/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2001 inzake de vrijwillige deelneming van organisaties aan een communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) ( 5 ).

Artikel 14 Verwijdering

Artikel 14

Verwijdering

De lidstaten verbieden de verwijdering van afgedankte industriële en autobatterijen en -accu's door storting op stortplaatsen of door verbranding. De resten van alle batterijen en accu's die overeenkomstig artikel 12, lid 1, zijn verwerkt én gerecycled, mogen echter wel worden verwijderd door storting op stortplaatsen of door verbranding.

Artikel 15 Uitvoer

Artikel 15

Uitvoer

1.  De verwerking en recycling mag buiten de lidstaat in kwestie of buiten de Gemeenschap plaatsvinden, mits de verzending van de afgedankte batterijen en accu's in overeenstemming met Verordening (EEG) nr. 259/93 van de Raad van 1 februari 1993 betreffende toezicht en controle op de overbrenging van afvalstoffen binnen, naar en uit de Europese Gemeenschap geschiedt ( 6 ).

2.  Afgedankte batterijen en accu's die in overeenstemming met Verordening (EEG) nr. 259/93, Verordening (EG) nr. 1420/1999 van de Raad van 29 april 1999 tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften en procedures voor de overbrenging van bepaalde soorten afvalstoffen naar een aantal niet OESO- landen ( 7 ) en Verordening (EG) nr. 1547/1999 van de Commissie van 12 juli 1999 tot vaststelling van de controleprocedures, overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 259/93 van de Raad, die moeten worden toegepast voor de overbrenging van bepaalde soorten afvalstoffen naar bepaalde landen waarvoor besluit C(92)39 definitief van de OESO niet geldt ( 8 ), naar bestemmingen buiten de Gemeenschap worden uitgevoerd, worden alleen geacht bij te dragen tot de naleving van de verplichtingen en de rendementen als bepaald in bijlage III bij deze richtlijn, indien er harde bewijzen zijn dat de recycling heeft plaatsgevonden in omstandigheden die stroken met de eisen van deze richtlijn.

▼M3

3.  De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 23 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen teneinde nadere bepalingen ter aanvulling van de voorschriften van lid 2 van dit artikel vast te leggen, in het bijzonder criteria om te beoordelen of de daarin bedoelde omstandigheden stroken met de eisen van deze richtlijn.

▼B

Artikel 16 Financiering

Artikel 16

Financiering

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat de producenten, of namens deze optredende derden, alle nettokosten financieren die voortvloeien uit:

a) de inzameling, de verwerking en de recycling van alle draagbare afgedankte batterijen en accu's die overeenkomstig artikel 8, leden 1 en 2, zijn ingezameld; en

b) de inzameling, verwerking en recycling van alle afgedankte industriële batterijen en accu's en autobatterijen en -accu's die overeenkomstig artikel 8, leden 3 en 4, zijn ingezameld.

2.  De lidstaten zorgen ervoor dat de uitvoering van lid 1 niet tot gevolg heeft dat aan producenten dubbele kosten worden aangerekend in het geval van batterijen of accu's die uit hoofde van overeenkomstig Richtlijn 2000/53/EG of Richtlijn 2002/96/EG ingestelde systemen zijn ingezameld.

3.  De lidstaten verplichten producenten of derde partijen die namens hen optreden, de nettokosten van de voorlichtingscampagnes van de overheid over de inzameling, de verwerking en de recycling van alle afgedankte draagbare batterijen en accu's te financieren.

4.  Bij de verkoop van nieuwe draagbare batterijen en accu's worden de kosten van de inzameling, de verwerking en de recycling voor de eindgebruikers niet afzonderlijk vermeld.

5.  De producenten en de gebruikers van industriële en autobatterijen en -accu's mogen overeenkomsten sluiten waarin andere dan de in lid 1 bedoelde financieringsregelingen worden gestipuleerd.

6.  Dit artikel geldt voor alle afgedankte batterijen en accu's, ongeacht wanneer ze op de markt zijn gebracht.

▼M3

Artikel 17 Registratie

Artikel 17

Registratie

De lidstaten zorgen ervoor dat elke producent wordt geregistreerd. De registratie verloopt in elke lidstaat volgens dezelfde procedurele vereisten overeenkomstig bijlage IV.

▼B

Artikel 18 Kleine producenten

Artikel 18

Kleine producenten

1.  De lidstaten kunnen producenten die, in verhouding tot de omvang van de nationale markt, zeer kleine hoeveelheden batterijen of accu's op de nationale markt brengen, vrijstellen van de eisen van artikel 16, lid 1, op voorwaarde dat dit de goede werking van de systemen voor de inzameling en recycling ingesteld op grond van de artikelen 8 en 12, niet belemmert.

▼M3

2.  De lidstaten maken de in lid 1 bedoelde ontwerpvrijstellingsmaatregelen en de redenen om ze voor te stellen, openbaar, en stellen de Commissie en de andere lidstaten ervan in kennis.

▼B

3.  De Commissie zal binnen de zes maanden na de kennisgevingen bedoeld in lid 2 de ontwerp-maatregelen goedkeuren of verwerpen nadat zij heeft nagegaan of zij consistent zijn met de overwegingen van lid 1 en geen middelen om willekeurig te discrimineren of een vermomde beperking van de handel tussen lidstaten vormen. Indien de Commissie binnen deze periode geen besluit heeft genomen, worden de ontwerp-maatregelen geacht te zijn goedgekeurd.

Artikel 19 Participatie

Artikel 19

Participatie

1.  De lidstaten zorgen ervoor dat alle economische actoren en alle bevoegde overheidsinstanties deel kunnen nemen in de artikelen 8 en 12 bedoelde systemen voor inzameling, verwerking en recycling.

2.  Deze systemen zijn ook onder niet-discriminerende voorwaarden van toepassing op batterijen en accu's die uit derde landen worden ingevoerd, en worden op zodanige wijze ontworpen dat handelsbelemmeringen of concurrentieverstoringen worden vermeden.

Artikel 20 Informatie voor de eindgebruikers

Artikel 20

Informatie voor de eindgebruikers

1.  De lidstaten zorgen ervoor, in het bijzonder door middel van voorlichtingscampagnes, dat de eindgebruikers volledig worden geïnformeerd over:

a) de potentiële effecten van in batterijen en accu's gebruikte stoffen op het milieu en de menselijke gezondheid;

b) de wenselijkheid dat afgedankte batterijen en accu's niet als ongesorteerd stedelijk afval worden weggegooid, en dat wordt deelgenomen aan de gescheiden inzameling ervan, teneinde de verwerking en recycling te vergemakkelijken;

c) de voor hen beschikbare inzamelings- en recyclingsystemen;

d) hun rol bij de recycling van afgedankte batterijen en accu's;

e) de betekenis van het symbool van de doorgestreepte vuilnisbak op wieltjes, zoals is aangegeven in bijlage II, en van de chemische symbolen Hg, Cd en Pb.

2.  De lidstaten kunnen de economische actoren verplichten de in lid 1 genoemde informatie geheel of gedeeltelijk te verstrekken.

3.  Indien de lidstaten overeenkomstig artikel 8 eisen dat distributeurs afgedankte draagbare batterijen en accu's terugnemen, zorgen zij ervoor dat de distributeurs de eindgebruikers op de hoogte stellen van de mogelijkheid afgedankte draagbare batterijen en accu's op hun verkooppunten in te leveren.

Artikel 21 Markering

Artikel 21

Markering

1.  De lidstaten zien erop toe dat alle batterijen, accu's en batterijpakken op passende wijze worden voorzien van het in bijlage II afgedrukte symbool.

▼M3

2.  De lidstaten zorgen ervoor dat uiterlijk op 26 september 2009 op alle draagbare batterijen en accu’s en autobatterijen en -accu’s de capaciteit zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar wordt vermeld. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 23 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen waarbij uiterlijk op 26 maart 2009 nadere bepalingen ter aanvulling van dit voorschrift worden vastgesteld, met inbegrip van geharmoniseerde methoden voor de bepaling van de capaciteit en het geschikte gebruik.

▼B

3.  Batterijen, accu's en knoopcellen die meer dan 0,0005 % kwik, meer dan 0,002 % cadmium of meer dan 0,004 % lood bevatten, worden voorzien van het chemische symbool van het metaal in kwestie: Hg, Cd of Pb. Het symbool voor het gehalte aan zware metalen wordt onder het in bijlage II afgebeelde symbool afgedrukt en beslaat een oppervlakte van minstens een kwart van de afmetingen van dat symbool.

4.  Het in bijlage II afgebeelde symbool beslaat ten minste 3 % van de oppervlakte van de grootste zijde van de batterij, de accu of het batterijpak, tot maximaal 5 × 5 cm. In het geval van cilindrische cellen beslaat het symbool ten minste 1,5 % van de oppervlakte van de batterij of de accu, tot maximaal 5 × 5 cm.

5.  Indien de afmetingen van de batterij, de accu of het batterijpak dusdanig zijn dat het symbool kleiner zou zijn dan 0,5  × 0,5  cm, behoeft de batterij, de accu of het batterijpak niet te worden gekenmerkt, maar wordt een symbool van ten minste 1 × 1 cm op de verpakking afgedrukt.

6.  De symbolen worden op zichtbare, leesbare en onuitwisbare wijze aangebracht.

▼M3

7.  De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 23 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen teneinde vrijstellingen van de markeringsvoorschriften van dit artikel te verlenen. Als onderdeel van de voorbereiding van zulke gedelegeerde handelingen raadpleegt de Commissie de belanghebbenden, met name producenten, inzamelaars, recyclingonderneming, verwerkers, milieuorganisaties, consumentenverenigingen en werknemersverenigingen.

▼M4 —————

▼M4

Artikel 22 bis

Prikkels voor de toepassing van de afvalhiërarchie

Om de doelstellingen van deze richtlijn te helpen verwezenlijken, maken de lidstaten gebruik van economische instrumenten en andere maatregelen om prikkels te bieden voor de toepassing van de afvalstoffenhiërarchie, zoals die welke zijn vermeld in bijlage IV bis bij Richtlijn 2008/98/EG of andere passende instrumenten en maatregelen.

▼B

Article 22a Incentives for the application of the waste hierarchy

Article 22a

Incentives for the application of the waste hierarchy

In order to contribute to the objectives laid down in this Directive, Member States may make use of economic instruments and other measures to provide incentives for the application of the waste hierarchy, such as those indicated in Annex IVa to Directive 2008/98/EC or other appropriate instruments and measures.

Artikel 23 Evaluatie

Artikel 23

Evaluatie

▼M4

1.  De Commissie stelt uiterlijk op 31 december 2018 een verslag op over de uitvoering van deze richtlijn en het effect ervan op het milieu, alsook op het functioneren van de interne markt.

2.  Het verslag van de Commissie bevat een evaluatie van de volgende aspecten van deze richtlijn:

▼B

a) de wenselijkheid van verdere risicobeheersmaatregelen voor batterijen en accu's die zware metalen bevatten;

b) de wenselijkheid van de minimuminzamelingsdoelstellingen voor alle draagbare afgedankte batterijen en accu's die in artikel 10, lid 2, worden genoemd, alsmede de mogelijkheid om verdere doelstellingen voor latere jaren in te voeren, met inachtneming van de technische vooruitgang en de in de lidstaten opgedane praktijkervaring;

c) de wenselijkheid van de in bijlage III, deel B, genoemde minimale recyclingvereisten, met inachtneming van de door de lidstaten verstrekte informatie, de technische vooruitgang en de in de lidstaten opgedane praktijkervaring.

3.  Indien nodig, gaat het verslag vergezeld van voorstellen voor de herziening van de betrokken bepalingen van deze richtlijn.

▼M3

Artikel 23 bis

Uitoefening van de delegatie

1.  De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

2.  De in artikel 15, lid 3, en artikel 21, leden 2 en 7, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie verleend gedurende een termijn van vijf jaar met ingang van 30 december 2013. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend verlengd met termijnen van dezelfde duur, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het verstrijken van de lopende termijn tegen een dergelijke verlenging verzet.

3.  Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 15, lid 3, en artikel 21, leden 2 en 7, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

4.  Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.

5.  Een krachtens artikel 15, lid 3, en artikel 21, leden 2 en 7, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking als het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de datum van kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van deze termijn de Commissie hebben meegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.

▼M3

Article 23a Exercise of the delegation
Artikel 24 Comitéprocedure

Artikel 24

Comitéprocedure

1.  De Commissie wordt bijgestaan door het comité dat is ingesteld bij artikel 39 van Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad ( 9 ). Dat comité is een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad ( 10 ).

2.  Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

Indien door het comité geen advies wordt uitgebracht, stelt de Commissie de ontwerpuitvoeringshandeling niet vast en is artikel 5, lid 4, derde alinea, van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

▼B

Artikel 25 Sancties

Artikel 25

Sancties

De lidstaten stellen de regels vast inzake de sancties die van toepassing zijn op inbreuken op de ter uitvoering van deze richtlijn vastgestelde nationale bepalingen, en nemen de nodige maatregelen om de toepassing van die sancties te verzekeren. De beoogde sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op 26 september 2008 in kennis van deze maatregelen, en stellen haar onmiddellijk in kennis van eventuele wijzigingen hiervan.

Artikel 26 Omzetting

Artikel 26

Omzetting

1.  De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk op 26 september 2008 aan deze richtlijn te voldoen.

Wanneer de lidstaten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

2.  De lidstaten delen de Commissie de tekst mee van alle bestaande wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen die op het onder deze richtlijn vallende gebied zijn aangenomen.

Artikel 27 Vrijwillige overeenkomsten

Artikel 27

Vrijwillige overeenkomsten

1.  Mits de in deze richtlijn aangegeven doelstellingen worden bereikt, mogen de lidstaten de bepalingen van de artikelen 8, 15 en 20 omzetten door middel van overeenkomsten tussen de bevoegde autoriteiten en de betrokken economische actoren. Dergelijke overeenkomsten voldoen aan de volgende voorschriften:

a) zij zijn afdwingbaar;

b) zij vermelden doelstellingen met de corresponderende termijnen om die te bereiken;

c) zij worden gepubliceerd in het nationale staatsblad of in een voor het publiek even toegankelijk officieel stuk, en worden aan de Commissie toegezonden.

2.  De bereikte resultaten worden geregeld gecontroleerd, aan de bevoegde autoriteiten en de Commissie gemeld, en ter beschikking van het publiek gesteld op de in de overeenkomst aangegeven voorwaarden.

3.  De bevoegde autoriteiten zorgen ervoor dat de met de overeenkomst gemaakte vooruitgang wordt onderzocht.

4.  In gevallen van niet-naleving van de overeenkomsten voeren de lidstaten de desbetreffende bepalingen van deze richtlijn uit door middel van wettelijke of bestuursrechtelijke maatregelen.

Artikel 28 Intrekking

Artikel 28

Intrekking

Richtlijn 91/157/EEG wordt ingetrokken met ingang van 26 september 2008.

Verwijzingen naar Richtlijn 91/157/EEG worden uitgelegd als verwijzingen naar deze richtlijn.

Artikel 29 Inwerkingtreding

Artikel 29

Inwerkingtreding

Deze richtlijn treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 30 Adressaten

Artikel 30

Adressaten

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.

ANNEX I MONITORING OF COMPLIANCE WITH THE ARTICLE 10 COLLECTION TARGETS




ANNEX I

MONITORING OF COMPLIANCE WITH THE ARTICLE 10 COLLECTION TARGETS



Year

Data collection

Calculation

Reporting requirement

X (*1)+1

Sales in year 1 (S1)

 

 

 

X+2

Sales in year 2 (S2)

—

—

 

X+3

Sales in year 3 (S3)

Collection in year 3 (C3)

Collection rate (CR3) = 3*C3/(S1+S2+S3)

 

X+4

Sales in year 4 (S4)

Collection in year 4 (C4)

Collection rate (CR4) = 3*C4/(S2+S3+S4)

(Target set at 25 %.)

 

X+5

Sales in year 5 (S5)

Collection in year 5 (C5)

Collection rate (CR5) = 3*C5/(S3+S4+S5)

CR4

X+6

Sales in year 6 (S6)

Collection in year 6 (C6)

Collection rate (CR6) = 3*C6/(S4+S5+S6)

CR5

X+7

Sales in year 7 (S7)

Collection in year 7 (C7)

Collection rate (CR7) = 3*C7/(S5+S6+S7)

CR6

X+8

Sales in year 8 (S8)

Collection in year 8 (C8)

Collection rate (CR8) = 3*C8/(S6+S7+S8)

(Target set at 45 %.)

CR7

X+9

Sales in year 9 (S9)

Collection in year 9 (C9)

Collection rate (CR9) = 3*C9/(S7+S8+S9)

CR8

X+10

Sales in year 10 (S10)

Collection in year 10 (C10)

Collection rate (CR10) = 3*C10/(S8+S9+S10)

CR9

X+11

Etc.

Etc.

Etc.

CR10

Etc.

 

 

 

 

(*1)   

Year X is the year including the date mentioned in Article 26.

ANNEX II SYMBOLS FOR BATTERIES, ACCUMULATORS AND BATTERY PACKS FOR SEPARATE COLLECTION




ANNEX II

SYMBOLS FOR BATTERIES, ACCUMULATORS AND BATTERY PACKS FOR SEPARATE COLLECTION

The symbol indicating ‘separate collection’ for all batteries and accumulators shall be the crossed-out wheeled bin shown below:

image
ANNEX III DETAILED TREATMENT AND RECYCLING REQUIREMENTS




ANNEX III

DETAILED TREATMENT AND RECYCLING REQUIREMENTS

PART A: TREATMENT

1. Treatment shall, as a minimum, include removal of all fluids and acids.

2. Treatment and any storage, including temporary storage, at treatment facilities shall take place in sites with impermeable surfaces and suitable weatherproof covering or in suitable containers.

PART B: RECYCLING

3. Recycling processes shall achieve the following minimum recycling efficiencies:

(a) 

recycling of 65 % by average weight of lead-acid batteries and accumulators, including recycling of the lead content to the highest degree that is technically feasible while avoiding excessive costs;

(b) 

recycling of 75 % by average weight of nickel-cadmium batteries and accumulators, including recycling of the cadmium content to the highest degree that is technically feasible while avoiding excessive costs; and

(c) 

recycling of 50 % by average weight of other waste batteries and accumulators.

BIJLAGE IV

BIJLAGE IV

Procedurele vereisten voor registratie

1.   Vereisten voor registratie

De schriftelijke of elektronische registratie van producenten van batterijen en accu’s vindt plaats bij de nationale autoriteiten of bij door de lidstaten daartoe gemachtigde nationale organisaties voor producentenverantwoordelijkheid, hierna de „registratie-instanties” genoemd.

De registratieprocedure kan deel uitmaken van een andere producentenregistratieprocedure.

Producenten van batterijen en accu’s hoeven zich slechts éénmaal te laten registreren in een lidstaat waar zij voor het eerst beroepsmatig batterijen en accu’s op de nationale markt brengen, en krijgen bij de registratie een registratienummer toegekend.

2.   Door de producenten te verstrekken informatie

Producenten van batterijen en accu’s verstrekken de registratie-instanties de volgende informatie:

i) naam van de producent en (in voorkomend geval) de commerciële benamingen waaronder hij in de lidstaat zijn activiteiten ontplooit;

ii) adres(sen) van de producent: postcode en plaats, straatnaam en huisnummer, land, URL en telefoonnummer alsook, in voorkomend geval, contactpersoon, fax en e-mailadres van de producent;

iii) vermelding van het type batterijen of accu’s dat door de producent op de markt wordt gebracht: draagbare batterijen en accu’s, industriële batterijen en accu’s of autobatterijen en -accu’s;

iv) informatie over de wijze waarop de producent zijn verantwoordelijkheden nakomt: door middel van een individuele of een collectieve regeling;

v) datum van de registratieaanvraag;

vi) nationale identificatiecode van de producent, inclusief Europees belastingnummer of nationaal belastingnummer van de producent (facultatief);

vii) verklaring dat de verstrekte informatie waarheidsgetrouw is.

Ten behoeve van de in punt 1, tweede alinea, bedoelde registratie zijn de producenten van batterijen en accu’s niet verplicht andere dan de in punt 2, onder i) tot en met vii), vermelde informatie te verstrekken.

3.   Registratievergoedingen

Indien de registratie-instanties een registratievergoeding verlangen, dient deze kostengerelateerd en evenredig te zijn.

Registratie-instanties die een registratievergoeding verlangen, stellen de bevoegde nationale autoriteiten in kennis van de ter vaststelling van de vergoeding toegepaste kostenberekeningsmethodiek.

4.   Wijziging van registratiegegevens

De lidstaten zien erop toe dat als er zich een wijziging voordoet in de door de producenten overeenkomstig punt 2, onder i) tot en met vii), verstrekte gegevens, de producenten de betrokken registratie-instantie daarvan uiterlijk een maand na de wijziging in kennis stellen.

5.   Uitschrijving uit het register

Wanneer producenten niet langer als producent in een lidstaat actief zijn, schrijven zij zich uit middels een kennisgeving aan de betrokken registratie-instantie.


( 1 ) PB L 144 van 4.6.1997, blz. 19. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2005/29/EG (PB L 149 van 11.6.2005, blz. 22).

( 2 ) PB L 377 van 31.12.1991, blz. 20. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 166/2006.

( 3 ) Verordening (EG) nr. 2150/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2002 betreffende afvalstoffenstatistieken (PB L 332 van 9.12.2002, blz. 1).

( 4 ) PB L 204 van 21.7.1998, blz. 37. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003.

( 5 ) PB L 114 van 24.4.2001, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 196/2006 van de Commissie (PB L 32 van 4.2.2006, blz. 4).

( 6 ) PB L 30 van 6.2.1993, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2557/2001 van de Commissie (PB L 349 van 31.12.2001, blz. 1).

( 7 ) PB L 166 van 1.7.1999, blz. 6. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 105/2005 van de Commissie (PB L 20 van 22.1.2005, blz. 9).

( 8 ) PB L 185 van 17.7.1999, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 105/2005.

( 9 ) Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3).

( 10 ) Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13).

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis