+VERORDENING (EG) Nr. 663/2009 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 13 juli 2009 houdende vaststelling van een programma om het economisch herstel te bevorderen via financiële bijstand van de Gemeenschap aan projecten op het gebied van energie
---+HOOFDSTUK I INLEIDENDE BEPALINGEN
------+Artikel 1 Onderwerp
------+Artikel 2 Definities
------+Artikel 3 Begroting
---------+Article 3 1.
---------+Article 3 2.
---------+Article 3 3.
---+HOOFDSTUK II SUBPROGRAMMA'S
------+SECTION 1 Gas and electricity infrastructure projects
---------+Artikel 4 Doelstellingen
---------+Artikel 5 Prioriteiten
---------+Artikel 6 Toekenning van communautaire financiële bijstand
------------+Article 6 1.
------------+Article 6 2.
------------+Article 6 3.
---------+Artikel 7 Subsidiabiliteit
------------+Article 7 1.
------------+Article 7 2.
------------+Article 7 3.
---------+Artikel 8 Selectie- en gunningscriteria
------------+Article 8 1.
------------+Article 8 2.
---------+Artikel 9 Financieringsvoorwaarden
------------+Article 9 1.
------------+Article 9 2.
---------+Artikel 10 Instrumenten
------------+Article 10 1.
------------+Article 10 2.
---------+Artikel 11 Financiële verantwoordelijkheden van de lidstaten
------------+Article 11 1.
------------+Article 11 2.
------+SECTION 2 Offshore wind projects
---------+Artikel 12 Toekenning van EEPR-bijstand
------------+Article 12 1.
------------+Article 12 2.
------------+Article 12 3.
---------+Artikel 13 Subsidiabiliteit
------------+Article 13 1.
------------+Article 13 2.
------------+Article 13 3.
---------+Artikel 14 Selectie- en gunningscriteria
------------+Article 14 1.
------------+Article 14 2.
---------+Artikel 15 Financieringsvoorwaarden
------------+Article 15 1.
------------+Article 15 2.
---------+Artikel 16 Instrumenten
------------+Article 16 1.
------------+Article 16 2.
------+SECTION 3 Carbon capture and storage projects
---------+Artikel 17 Toekenning van EEPR-bijstand
------------+Article 17 1.
------------+Article 17 2.
------------+Article 17 3.
------------+Article 17 4.
---------+Artikel 18 Subsidiabiliteit
------------+Article 18 1.
------------+Article 18 2.
------------+Article 18 3.
---------+Artikel 19 Selectie- en gunningscriteria
------------+Article 19 1.
------------+Article 19 2.
---------+Artikel 20 Financieringsvoorwaarden
------------+Article 20 1.
------------+Article 20 2.
---------+Artikel 21 Instrumenten
------------+Article 21 1.
------------+Article 21 2.
---+CHAPTER IIa FINANCIAL FACILITY
------+Article 21a Funding that cannot be committed under Chapter II
---------+Article 21a 1.
---------+Article 21a 2.
---------+Article 21a 3.
---+HOOFDSTUK III GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN
------+Artikel 23 Programmerings- en uitvoeringsmodaliteiten
---------+Article 23 1.
---------+Article 23 2.
---------+Article 23 2a.
---------+Article 23 3.
---------+Article 23 4.
------+Artikel 24 Algemene verantwoordelijkheden van de lidstaten
------+Artikel 25 Bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschap
---------+Article 25 1.
---------+Article 25 2.
---------+Article 25 3.
---+HOOFDSTUK IV UITVOERINGS- EN SLOTBEPALINGEN
------+Artikel 26 Comités
---------+Article 26 1.
---------+Article 26 2.
------+Artikel 27 Evaluatie
---------+Article 27 1a.
---------+Article 27 2.
------+Artikel 29 Inwerkingtreding
---+►M1ANNEX I◄
---+BIJLAGE II FINANCIERINGSREGELING
---+►M1BIJLAGE I◄
English - European Union - Energy -

VERORDENING (EG) Nr. 663/2009 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 13 juli 2009 houdende vaststelling van een programma om het economisch herstel te bevorderen via financiële bijstand van de Gemeenschap aan projecten op het gebied van energie

VERORDENING (EG) Nr. 663/2009 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 13 juli 2009

houdende vaststelling van een programma om het economisch herstel te bevorderen via financiële bijstand van de Gemeenschap aan projecten op het gebied van energie

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
HOOFDSTUK I INLEIDENDE BEPALINGEN HOOFDSTUK I INLEIDENDE BEPALINGEN
HOOFDSTUK II SUBPROGRAMMA'S HOOFDSTUK II SUBPROGRAMMA'S
CHAPTER IIa FINANCIAL FACILITY CHAPTER IIa FINANCIAL FACILITY
HOOFDSTUK III GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN HOOFDSTUK III GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN
HOOFDSTUK IV UITVOERINGS- EN SLOTBEPALINGEN HOOFDSTUK IV UITVOERINGS- EN SLOTBEPALINGEN
►M1ANNEX I◄




►M1  ANNEX I ◄

ELIGIBLE PROJECTS

A.    Gas and Electricity infrastructure projects



1.  Gas interconnectors

Project

Location of projects supported

Envisaged Community contribution

(EUR million)

Southern Gas Corridor

NABUCCO

Austria, Hungary, Bulgaria, Germany, Romania

200

ITGI – Poseidon

Italy, Greece

100

Baltic interconnection

Skanled/Baltic pipe

Poland, Denmark, Sweden

150

LNG network

Liquefied Natural Gas terminal at Polish coast at port of Świnoujście

Poland

80

Central and South East Europe

Slovakia-Hungary Interconnector (Veľký Krtíš - Vecsés)

Slovakia, Hungary

30

Gas transmission system in Slovenia between the Austrian Border to Ljubljana (excluding the section Rogatec-Kidričevo)

Slovenia

40

Interconnection Bulgaria-Greece (Stara Zagora — Dimitrovgrad-Komotini)

Bulgaria, Greece

45

Romania-Hungary gas interconnector

Romania, Hungary

30

Expansion of Gas Storage Capacity in the Czech hub

Czech Republic

35

Infrastructure and equipment to permit reverse gas flow in the event of short term supply disruption

Austria, Bulgaria, Czech Republic, Estonia, Greece, Hungary, Latvia, Lithuania, Poland, Portugal, Romania, Slovakia

80

Slovakia-Poland interconnection

Slovakia, Poland

20

Hungary-Croatia interconnection

Hungary

20

Bulgaria-Romania interconnection

Bulgaria, Romania

10

Mediterranean

Reinforcement of FR gas network on the Africa-Spain-France axis

France

200

GALSI (Gazoduc Algérie-Italie)

Italy

120

Gas Interconnection Western Axis Larrau Branch

Spain

45

North Sea area

Germany-Belgium-United Kingdom pipeline

Belgium

35

France-Belgium connection

France, Belgium

200

TOTAL

 

1 440



2.  Electricity interconnectors

Project

Location of projects supported

Envisaged Community contribution

(EUR million)

Baltic interconnection

Estlink-2

Estonia, Finland

100

Interconnection Sweden-Baltic States, and strengthening of the grid in Baltic States

Sweden, Latvia, Lithuania

175

Central and South East Europe

Halle/Saale – Schweinfurt

Germany

100

Wien-Győr

Austria, Hungary

20

Mediterranean

Portugal-Spain interconnection reinforcement

Portugal

50

Interconnection France-Spain (Baixas - Sta Llogaia)

France, Spain

225

New 380 kV AC submarine cable between Sicily – Continental Italy (Sorgente – Rizziconi)

Italy

110

North Sea area

500 MW Ireland/Wales interconnector (Meath-Deeside)

Ireland, United Kingdom

110

Electricity interconnection Malta-Italy

Malta/Italy

20

TOTAL

 

910



3.  Small island projects

Small isolated island initiatives

Cyprus

10

Malta

5

TOTAL

 

15

B.    Offshore wind projects



Project

Capacity

Location of projects supported

Envisaged Community contribution

(EUR million)

1.  Grid integration of offshore wind energy

1.1.  Baltic – Kriegers Flak I, II, III

Building on projects under development. Financing aimed at ensuring extra cost for securing a joint interconnection solution.

1,5 GW

Denmark, Sweden, Germany, Poland

150

1.2.  North sea grid

Modular development of offshore grid, demonstration of virtual offshore power plant and integration in the existing onshore grid system.

1 GW

United Kingdom, Netherlands, Germany, Ireland, Denmark, Belgium, France, Luxembourg

165

2.  New turbines, structures and components, optimisation of manufacturing capacities

2.1.  Borkum West II – Bard 1 – Nordsee Ost – Global Tech I

New generation of multi-megawatt size turbines (5-7 MW) and innovative structures, situated far from shore (up to 100 km) in deeper waters (up to 40 m).

1,6 GW

Germany

200

2.2.  Aberdeen offshore wind farm (European testing centre)

Building on project presently under development – testing of multi-MW turbines. Development of innovative structures and substructures including optimisation of manufacturing capacities of offshore wind energy production equipment. An increase in size of 100 MW can be envisaged.

0,25 GW

United Kingdom

40

2.3.  Thornton Bank

Building on project presently under development. Learning from the Downvind project (cofinanced through FP6). Upscaling the Downvind installations turbines (5 MW size) in deep waters (up to 30 m) with low visual impact (up to 30 km).

90 MW

Belgium

10

TOTAL

 

 

565

C.    Carbon capture and storage projects



Project Name/Location

Envisaged Community contribution

(EUR million)

Fuel

Capacity

Capture Technique

Storage Concept

Huerth

Germany

180

Coal

450 MW

IGCC

Saline Aquifer

Jaenschwalde

 

 

Coal

500 MW

Oxyfuel

Oil/Gas fields

Eemshaven

Netherlands

180

Coal

1 200 MW

IGCC

Oil/Gas fields

Rotterdam

Coal

1 080 MW

PC

Oil/Gas fields

Rotterdam

Coal

800 MW

PC

Oil/Gas fields

Bełchatów

Poland

180

Coal

858 MW

PC

Saline Aquifer

Compostilla

(León)

Spain

180

Coal

500 MW

Oxyfuel

Saline Aquifer

Kingsnorth

United Kingdom

180

Coal

800 MW

PC

Oil/Gas fields

Longannet

Coal

3 390 MW

PC

Saline Aquifer

Tilbury

Coal

1 600 MW

PC

Oil/Gas fields

Hatfield

(Yorkshire)

Coal

900 MW

IGCC

Oil/Gas fields

Porto Tolle

Italy

100

Coal

660 MW

PC

 

Industrial carbon capture project

Florange

France

50

Transport of CO2 from industrial installation (steel plant) to underground storage (saline aquifer)

TOTAL

1 050

BIJLAGE II FINANCIERINGSREGELING

BIJLAGE II

FINANCIERINGSREGELING

A.    Uitvoering van de financieringsregeling voor projecten op het gebied van duurzame energie

1.    Toepassingsgebied van de regeling

De financieringsregeling (hierna „regeling” genoemd) wordt gebruikt voor de ontwikkeling van projecten op het gebied van energiebesparing, energie-efficiëntie en hernieuwbare energie en ter bevordering van de financiering van investeringen op dat gebied door lokale, regionale en, in naar behoren gemotiveerde gevallen, nationale autoriteiten. De regeling wordt uitgevoerd overeenkomstig de bij het Financieel Reglement en de uitvoeringsvoorschriften ervan vastgestelde bepalingen inzake het delegeren van taken met betrekking tot de uitvoering van de begroting.

De regeling wordt gebruikt ter ondersteuning van projecten op het gebied van duurzame energie, met name in stedelijke omgevingen. Daaronder vallen met name projecten betreffende:

a) openbare en particuliere gebouwen die oplossingen op het gebied van energie-efficiëntie en/of hernieuwbare energie behelzen, inclusief oplossingen die op het gebruik van informatie- en communicatietechnologie (ICT) zijn gebaseerd;

b) investeringen voor warmtekrachtkoppeling (WKK), inclusief microwarmtekrachtkoppeling, en netwerken voor stadsverwarming/-koeling, met name op basis van hernieuwbare energiebronnen, met een hoge energie-efficiëntie;

c) gedecentraliseerde en lokaal geïntegreerde hernieuwbare energiebronnen en de integratie hiervan in de elektriciteitsnetten;

d) micro-opwekking uit hernieuwbare energiebronnen;

e) schoon stadsvervoer ter ondersteuning van een verhoogde energie-efficiëntie en de integratie van hernieuwbare energiebronnen, met de nadruk op openbaar vervoer, elektrische en waterstofvoertuigen en verminderde broeikasgasemissies;

f) lokale infrastructuur, met inbegrip van efficiënte buitenverlichting van openbare infrastructuur zoals straatverlichting, oplossingen voor elektriciteitsopslag, slimme meters en intelligente netwerken, die ten volle gebruikmaken van ICT;

g) technologieën op het gebied van energie-efficiëntie en hernieuwbare energie met innovatie- en economisch potentieel waarbij gebruik wordt gemaakt van de beste procedures die beschikbaar zijn.

De regeling mag ook worden gebruikt om stimulansen en technische bijstand te bieden en om de kennis van lokale, regionale en nationale autoriteiten te verhogen zodat er optimaal kan worden gebruikgemaakt van de structuur- en cohesiefondsen, met name wanneer het gaat om verbeteringen op het gebied van energie-efficiëntie en hernieuwbare energie in huizen en andere soorten gebouwen. De regeling dient ter ondersteuning van investeringsprojecten die economisch en financieel leefbaar zijn, om de in het kader van de regeling toegekende investeringen te restitueren en publieke en particuliere investeringen aan te trekken. Zo kan de regeling onder meer de verstrekking en toewijzing van kapitaal voor leningen, garanties, equity en andere financiële producten omvatten. Voorts mag maximaal 15 % van de in artikel 21 bis bedoelde middelen worden gebruikt voor technische bijstand aan lokale, regionale of nationale autoriteiten in verband met het opzetten van projecten op het gebied van energie-efficiëntie en hernieuwbare energie en de introductiefase van de technologie op deze terreinen.

2.    Synergieën

Bij de verstrekking van financiële of technische bijstand moet ook aandacht worden geschonken aan synergie met andere financiële middelen die in de lidstaten beschikbaar zijn, bijvoorbeeld de structuurfondsen, het Cohesiefonds en de ELENA-faciliteit, om overlapping met andere financiële instrumenten te voorkomen.

3.    Begunstigden

De begunstigden van de regeling zijn de autoriteiten, bij voorkeur op lokaal en regionaal niveau, en publieke of private organisaties die optreden namens die autoriteiten.

B.    Samenwerking met financiële tusseninstanties

1.    Selectie en algemene vereisten, waaronder de kosten

De regeling wordt opgezet in samenwerking met een of meer financiële tusseninstanties en staat open voor deelname van geschikte investeerders. De financiële tusseninstanties worden geselecteerd op basis van hun gebleken bekwaamheid om de middelen zo efficiënt en doeltreffend mogelijk te gebruiken overeenkomstig de in deze bijlage vastgestelde regels en criteria.

De Commissie zorgt ervoor dat de totale overheadkosten die aan de invoering en de tenuitvoerlegging van de regeling zijn verbonden, inclusief de beheerskosten en andere in aanmerking komende kosten die door de financiële tusseninstanties worden gefactureerd, overeenkomstig de beste praktijken voor dergelijke instrumenten en met waarborging van de vereiste kwaliteit van de regeling zo beperkt mogelijk blijven.

De bijdrage van de Unie aan de regeling wordt uitgevoerd door de Commissie overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 53 en 54 van het Financieel Reglement.

De financiële tusseninstanties voldoen aan de toepasselijke, in het Financieel Reglement en zijn uitvoeringsregels vastgelegde vereisten inzake het delegeren van taken met betrekking tot de uitvoering van de begroting, met name wat betreft de regels voor het plaatsen van opdrachten, interne controle, boekhouding en externe controle. Deze financiële tusseninstanties ontvangen uitsluitend middelen ter dekking van de beheerskosten en van de kosten die zijn verbonden aan de invoering en de tenuitvoerlegging van de regeling.

De voorwaarden van de invoering en de raamvoorwaarden van de regeling, met inbegrip van toezicht en controle, worden in detail vastgelegd in een of meer overeenkomsten tussen de Commissie en de financiële tusseninstanties.

2.    Beschikbaarheid van de informatie

In het kader van de regeling wordt online alle informatie over het programmabeheer beschikbaar gesteld die voor de betrokken partijen relevant is. Dit omvat met name aanvraagprocedures, informatie over beste praktijken en een overzicht van projecten en verslagen.

C.    Financieringsvoorwaarden en subsidiabiliteits- en selectiecriteria

1.    Toepassingsgebied van de financiering

Overeenkomstig deze bijlage blijft de regeling beperkt tot de financiering van:

a) investeringsprojecten met een snelle, meetbare en substantiële impact op het economische herstel in de Unie, een grotere energiezekerheid, de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen; en

b) technische bijstand voor projecten op het gebied van hernieuwbare energie en energie-efficiëntie.

2.    Factoren waarmee rekening moet worden gehouden

Bij de selectie van de projecten moet speciaal aandacht worden besteed aan het geografische evenwicht.

Om aanzienlijke investeringen in de Unie te genereren, zal bij de financiering van investeringsprojecten de nodige aandacht uitgaan naar het bereiken van een groot hefboomeffect tussen de totale investering en de financiering van de Unie; het hefboomeffect voor individuele investeringsprojecten kan echter variëren, afhankelijk van een aantal factoren zoals de feitelijke omvang van het project en het soort project en van plaatselijke omstandigheden, waaronder de omvang en de financiële mogelijkheden van de begunstigde.

3.    Voorwaarden waaronder autoriteiten toegang kunnen krijgen tot financiering in het kader van de regeling

De autoriteiten die verzoeken om financiering voor investeringsprojecten of technische bijstand voor projecten op het gebied van energie-efficiëntie en hernieuwbare energie voldoen aan de volgende voorwaarden:

a) zij zijn een politieke verbintenis aangegaan, of zijn deze aan het aangaan, om de klimaatverandering te beperken en hebben daarbij eventueel concrete doelstellingen vooropgesteld, bijvoorbeeld met betrekking tot een hogere energie-efficiëntie en/of het gebruik van energie op basis van hernieuwbare bronnen;

b) zij werken aan het ontwikkelen van meerjarige strategieën om de klimaatverandering te beperken en, zo nodig, hun doelstellingen te verwezenlijken, of zij nemen deel aan een meerjarige strategie op lokaal, regionaal of nationaal niveau om de klimaatverandering te beperken;

c) zij aanvaarden de publieke verantwoordelijkheid voor de voortgang van hun totaalstrategie.

4.    Subsidiabiliteits- en selectiecriteria voor in het kader van de regeling gefinancierde investeringsprojecten

Voor in het kader van de regeling gefinancierde investeringsprojecten gelden de volgende subsidiabiliteits- en selectiecriteria:

a) de degelijkheid en de technische geschiktheid van de voorgestelde aanpak;

b) de degelijkheid en kosteneffectiviteit van de financiering voor de volledige investeringsfase van de actie;

c) het geografische evenwicht tussen alle projecten die onder deze verordening vallen;

d) de rijpheid, omschreven als het bereiken van de investeringsfase, en het zo snel mogelijk verrichten van aanzienlijke kapitaaluitgaven;

e) de mate waarin een gebrek aan toegang tot financiële middelen de uitvoering van de actie vertraagt;

f) de mate waarin de middelen uit hoofde van de regeling openbare en particuliere financiering zullen stimuleren;

g) gekwantificeerde sociaaleconomische effecten;

h) gekwantificeerde milieueffecten.

5.    Subsidiabiliteits- en selectiecriteria voor in het kader van de regeling gefinancierde projecten op het gebied van technische bijstand.

Voor in het kader van de regeling gefinancierde projecten op het gebied van technische bijstand gelden de subsidiabiliteits- en selectiecriteria als bedoeld in punt 4, onder a), c), e), f) en g).

▼B

►M1BIJLAGE I◄

►M1  BIJLAGE I ◄

SUBSIDIABELE PROJECTEN

A.    Gas- en elektriciteitinfrastructuurprojecten


1.  Gasinterconnectie

Project

Locatie van de gesteunde projecten

Beoogde bijdrage van de Gemeenschap

(miljoen EUR)

Zuidelijke gascorridor

NABUCCO

Oostenrijk, Hongarije, Bulgarije, Duitsland, Roemenië

200

ITGI — Poseidon

Italië, Griekenland

100

Interconnectie van de Baltische landen

Skanled/Baltic Pipe

Polen, Denemarken, Zweden

150

LNG-netwerk

Terminal voor vloeibaar aardgas aan de Poolse kust (haven van Świnoujście)

Polen

80

Centraal- en Zuid-Oost-Europa

Interconnectie Slowakije-Hongarije (Veľký Krtíš — Vecsés)

Slowakije, Hongarije

30

Gastransmissiesysteem in Slovenië tussen de Oostenrijkse grens en Ljubljana (uitgezonderd het stuk Rogatec-Kidričevo)

Slovenië

40

Interconnectie Bulgarije-Griekenland (Stara Zagora — Dimitrovgrad-Komotini)

Bulgarije, Griekenland

45

Gasinterconnectie Roemenië-Hongarije

Roemenië, Hongarije

30

Uitbreiding van de gasopslagcapaciteit in Tsjechië

Tsjechië

35

Infrastructuur en uitrusting om het mogelijk te maken het gas in de omgekeerde richting te sturen in het geval van een korte onderbreking van de aanvoer

Oostenrijk, Bulgarije, Tsjechië, Estland, Griekenland, Hongarije, Letland, Litouwen, Polen, Portugal, Roemenië, Slowakije

80

Interconnectie Slowakije-Polen

Slowakije, Polen

20

Interconnectie Hongarije-Kroatië

Hongarije

20

Interconnectie Bulgarije-Roemenië

Bulgarije, Roemenië

10

Middellandse Zeegebied

Versterking van het Franse gasnetwerk op de as Afrika-Spanje-Frankrijk

Frankrijk

200

GALSI (gaspijpleiding Algerije-Italië)

Italië

120

Gasinterconnectie westelijke as Larrau-tak

Spanje

45

Noordzeegebied

Pijpleiding Duitsland-België-Verenigd Koninkrijk

België

35

Connectie Frankrijk-België

Frankrijk, België

200

TOTAAL

 

1 440


2.  Elektriciteitsinterconnectie

Project

Locatie van de gesteunde projecten

Beoogde bijdrage van de Gemeenschap

(miljoen EUR)

Interconnectie van de Baltische landen

Estlink-2

Estland, Finland

100

Interconnectie Zweden-Baltische staten en versterking van het net in de Baltische staten

Zweden, Letland, Litouwen

175

Centraal- en Zuid-Oost-Europa

Halle/Saale — Schweinfurt

Duitsland

100

Wien — Győr

Oostenrijk, Hongarije

20

Middellandse Zeegebied

Versterking van de interconnectie Portugal-Spanje

Portugal

50

Interconnectie Frankrijk-Spanje (Baixas — Sta Llogaia)

Frankrijk, Spanje

225

Nieuwe 380 kV AC onderzeese kabel tussen Sicilië en het Italiaanse vasteland (Sorgente — Rizziconi)

Italië

110

Noordzeegebied

500 MW interconnectie Ierland/Wales (Meath-Deeside)

Ierland, Verenigd Koninkrijk

110

Elektriciteitsinterconnectie Malta-Italië

Malta/Italië

20

TOTAAL

 

910


3.  Projecten voor kleine eilanden

Initiatieven voor kleine, geïsoleerde eilanden

Cyprus

10

Malta

5

TOTAAL

 

15

B.    Offshore windenergieprojecten


Project

Capaciteit

Locatie van de gesteunde projecten

Vestigingsplaats Gemeenschap Bijdrage

(miljoen EUR)

1.  Koppeling van offshore windenergie aan het net

1.1.  Baltic — Kriegers Flak I, II, III

Voortzetten van projecten in ontwikkeling. Financiering van de extra kosten voor een gemeenschappelijke interconnectieoplossing.

1,5 GW

Denemarken, Zweden, Duitsland, Polen

150

1.2.  Noordzeenet

Modulaire ontwikkeling van het offshorenet, demonstratie van virtuele offshore-elektriciteitscentrale en integratie in het bestaande netwerk aan land

1 GW

Verenigd Koninkrijk, Nederland, Duitsland, Ierland, Denemarken, België, Frankrijk, Luxemburg

165

2.  Nieuwe turbines, structuren en componenten, optimalisering van de productiecapaciteit

2.1.  Borkum West II — Bard 1 — Nordsee Ost — Global tech 1

Nieuwe generatie multi-MW-turbines (5-7 MW) en innovatieve structuren, in diepere wateren (tot 40 m), ver van de kust (tot 100 km).

1,6 GW

Duitsland

200

2.2.  Offshorewindmolenpark Aberdeen (Europees testcentrum)

Voortzetten van projecten in ontwikkeling. Testen van multi-MW-turbines. Ontwikkeling van innovatieve structuren en substructuren, inclusief optimalisering van de productiecapaciteit van installaties voor offshore windenergieproductie. Een toename met 100 MW kan worden beoogd.

0,25 GW

Verenigd Koninkrijk

40

2.3.  Thornton Bank

Voortzetten van projecten in ontwikkeling. Lessen trekken uit het Downvind-project (gecofinancierd via KP6). Uitbreiding van de turbines van de Downvind-installaties (5 MW) in diepe wateren (tot 30 m) met lage visuele impact (tot 30 km).

90 MW

België

10

TOTAAL

 

 

565

C.    Projecten voor afvang en opslag van kooldioxide


Naam en locatie van het project

Beoogde bijdrage van de Gemeenschap

(miljoen EUR)

Brandstof

Capaciteit

Afvang-techniek

Opslagconcept

Huerth

Duitsland

180

Kool

450 MW

IGCC

Zoutwatervoerende lagen

Jaenschwalde

 

 

Kool

500 MW

Oxyfuel

Olie-/gasvelden

Eemshaven

Nederland

180

Kool

1 200 MW

IGCC

Olie-/gasvelden

Rotterdam

Kool

1 080 MW

PC

Olie-/gasvelden

Rotterdam

Kool

800 MW

PC

Olie-/gasvelden

Belchatów

Polen

180

Kool

858 MW

PC

Zoutwatervoerende lagen

Compostella

(León)

Spanje

180

Kool

500 MW

Oxyfuel

Zoutwatervoerende lagen

Kingsnorth

Verenigd Koninkrijk

180

Kool

800 MW

PC

Olie-/gasvelden

Longannet

Kool

3 390 MW

PC

Zoutwatervoerende lagen

Tilbury

Kool

1 600 MW

PC

Olie-/gasvelden

Hatfield

(Yorkshire)

Kool

900 MW

IGCC

Olie-/gasvelden

Porto Tolle

Italië

100

Kool

660 MW

PC

 

Project inzake industriële afvang van kooldioxide

Florange

Frankrijk

50

Vervoer van CO2 van industriële installatie (staalfabriek) naar ondergrondse opslaginstallatie (zoutwatervoerende lagen)

TOTAAL

1 050

▼M1

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis