+VERORDENING (EU) 2021/101 VAN DE RAAD van 25 januari 2021 tot vaststelling van het bijstandsprogramma voor de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina in Litouwen en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1369/2013
---+Preamble: 1
---+HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
------+Artikel 1 Onderwerp en reikwijdte
---------+Artikel 1 1
---------+Artikel 1 2
------+Artikel 2 Definities
---------+Article 2 (1)
---------+Article 2 (2)
------+Artikel 3 Doelstellingen van het Programma
---------+Artikel 3 1
---------+Artikel 3 2
---------+Artikel 3 3
------+Artikel 4 Begroting van het Programma
---------+Artikel 4 1
---------+Artikel 4 2
---------+Artikel 4 3
------+Artikel 5 Kennisverspreiding
---------+Artikel 5 1
---------+Artikel 5 2
---------+Artikel 5 3
------+Artikel 6 Wijzen van uitvoering en vormen van Uniefinanciering
---------+Artikel 6 1
---------+Artikel 6 2
---+HOOFDSTUK II SUBSIDIABILITEIT
------+Artikel 7 Subsidiabele activiteiten
------+Artikel 8 Medefinancieringspercentages
---+HOOFDSTUK III PROGRAMMERING, MONITORING, EVALUATIE EN CONTROLE
------+Artikel 9 Werkprogramma
---------+Artikel 9 1
---------+Artikel 9 2
---------+Artikel 9 3
------+Artikel 10 Verslaglegging en monitoring
---------+Artikel 10 1
---------+Artikel 10 2
---------+Artikel 10 3
------+Artikel 11 Evaluatie
---------+Artikel 11 1
---------+Artikel 11 2
---------+Artikel 11 3
---------+Artikel 11 4
------+Artikel 12 Audits
------+Artikel 13 Comité
---------+Artikel 13 1
---------+Artikel 13 2
---+HOOFDSTUK IV OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
------+Artikel 14 Informatie, communicatie en publiciteit
---------+Artikel 14 1
---------+Artikel 14 2
---------+Artikel 14 3
------+Artikel 15 Intrekking
------+Artikel 16 Overgangsbepalingen
---------+Artikel 16 1
---------+Artikel 16 2
---------+Artikel 16 3
------+Artikel 17 Inwerkingtreding
---+BIJLAGE I
------+1. De algemene doelstelling van het Programma is Litouwen te steunen bij de ontmanteling van de …
------+2. In de financieringsperiode die in 2021 van start gaat, zal het Programma steun verlenen aan de …
------+3. In het ontmantelingsplan van de kerncentrale van Ignalina staat de werkverdelingsstructuur van …
------+4. Belangrijke veiligheidsuitdagingen in de financieringsperiode van 1 januari 2021 tot en met 31 …
------+5. Bij de voorbereiding van het meerjarige werkprogramma zal de Commissie in nauwe samenwerking met …
------+6. In het kader van het Programma opgedane kennis en ervaring en geleerde lessen in verband met het …
------+7. De berging van verbruikte splijtstof en radioactief afval in een diepe geologische …
---+BIJLAGE II
|
English -
European Union -
Energy -
Environment -
VERORDENING (EU) 2021/101 VAN DE RAAD van 25 januari 2021 tot vaststelling van het bijstandsprogramma voor de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina in Litouwen en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1369/2013
VERORDENING (EU) 2021/101 VAN DE RAAD
van 25 januari 2021
tot vaststelling van het bijstandsprogramma voor de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina in Litouwen en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1369/2013
1. Overzicht
| Titel |
Regelgeving |
|
Preamble: 1
|
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien de Toetredingsakte van 2003, en met name artikel 56, en artikel 3 van het daaraan gehechte Protocol nr. 4,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1)
|
Overeenkomstig Protocol nr. 4 betreffende de kerncentrale van Ignalina in Litouwen (1) (“Protocol nr. 4”), gehecht aan de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden voor de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek en de aanpassing van de Verdragen waarop de Europese Unie is gegrond (2) (“de Toetredingsakte”), heeft Litouwen zich ertoe verbonden de reactoren 1 en 2 van de kerncentrale van Ignalina uiterlijk op respectievelijk 31 december 2004 en 31 december 2009 te sluiten en deze reactoren vervolgens te ontmantelen.
|
|
(2)
|
In overeenstemming met de verplichtingen van de Toetredingsakte en met steun van de Unie heeft Litouwen beide reactoren binnen de respectieve termijnen gesloten en aanzienlijke vooruitgang geboekt met hun ontmanteling. De werkzaamheden om het niveau van stralingsrisico nog verder naar beneden te brengen, moeten worden voortgezet. Op basis van de beschikbare ramingen zijn voor dit doel na 2020 aanvullende financiële middelen nodig.
|
|
(3)
|
De activiteiten die onder deze verordening vallen, moeten voldoen aan de toepasselijke wetgeving van de Unie en de lidstaten. De ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina moet worden uitgevoerd overeenkomstig de Uniewetgeving inzake nucleaire veiligheid, namelijk Richtlijn 2009/71/Euratom van de Raad (3), en de wetgeving inzake afvalbeheer, namelijk Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad (4). Op grond van artikel 4, lid 1, en artikel 7, lid 1, van Richtlijn 2011/70/Euratom van de Raad blijven de lidstaten de eindverantwoordelijkheid dragen voor het veilige beheer van verbruikte splijtstof en geproduceerd radioactief afval.
|
|
(4)
|
Het vervroegd sluiten en vervolgens ontmantelen van de kerncentrale van Ignalina, met twee van de voormalige Sovjet-Unie geërfde reactoren van het RBMK-type met een vermogen van 1 500 MW, was een ongekend grootscheepse onderneming die voor Litouwen uitzonderlijke financiële lasten met zich meebracht die niet in verhouding staan tot de omvang en de economische draagkracht van het land. Bij Protocol nr. 4 is bepaald dat de financiële steun van de Unie ter ondersteuning van de ontmanteling en om de gevolgen van de sluiting en ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina te ondervangen na 2006 ononderbroken moet worden voortgezet en verlengd voor de periode van de volgende financiële vooruitzichten.
|
|
(5)
|
In deze verordening worden de financiële middelen vastgelegd voor de gehele looptijd van het bijstandsprogramma voor de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina in Litouwen (“het Programma”), hetgeen voor het Europees Parlement en de Raad gedurende de jaarlijkse begrotingsprocedure het voornaamste referentiebedrag moet zijn in de zin van punt 17 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer (5).
|
|
(6)
|
Het Programma moet een looptijd krijgen van zeven jaar om het gelijk te laten lopen met het meerjarig financieel kader dat is vastgesteld bij Verordening (EU, Euratom) 2020/2093 van de Raad (6).
|
|
(7)
|
Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad (7) (“het Financieel Reglement”) moet op dit Programma van toepassing zijn. In het Financieel Reglement zijn de regels vastgelegd voor de uitvoering van de Uniebegroting, waaronder de regels voor subsidies, prijzen, aanbestedingen, indirect beheer, financieringsinstrumenten, begrotingsgaranties, financiële steun en de vergoeding van externe deskundigen.
|
|
(8)
|
Overeenkomstig het Financieel Reglement, Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad (8) en Verordeningen (EG, Euratom) nr. 2988/95 (9), (Euratom, EG) nr. 2185/96 (10) en (EU) 2017/1939 (11) van de Raad moeten de financiële belangen van de Unie worden beschermd met evenredige maatregelen, onder meer op het gebied van preventie, opsporing, correctie en onderzoek van onregelmatigheden, waaronder fraude, terugvordering van verloren gegane, ten onrechte betaalde of onjuist bestede financiële middelen en, voor zover van toepassing, met administratieve sancties. Met name heeft het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) overeenkomstig Verordeningen (Euratom, EG) nr. 2185/96 en (EU, Euratom) nr. 883/2013 de bevoegdheid administratieve onderzoeken in te stellen, met inbegrip van controles en verificaties ter plaatse, om vast te stellen of er sprake is geweest van fraude, corruptie of andere onwettige activiteiten waardoor de financiële belangen van de Unie zijn geschaad.
Het Europees Openbaar Ministerie (EOM) is overeenkomstig Verordening (EU) 2017/1939 bevoegd over te gaan tot onderzoek en vervolging van strafbare feiten waardoor de financiële belangen van de Unie worden geschaad als bepaald in Richtlijn (EU) 2017/1371 van het Europees Parlement en de Raad (12). Personen of entiteiten die middelen van de Unie ontvangen, moeten overeenkomstig het Financieel Reglement volledig meewerken aan de bescherming van de financiële belangen van de Unie, de nodige rechten en toegang verlenen aan de Commissie, OLAF, de Rekenkamer en, ten aanzien van de lidstaten die deelnemen aan nauwere samenwerking op grond van Verordening (EU) 2017/1939, het EOM, en ervoor zorgen dat derden die betrokken zijn bij de uitvoering van financiële middelen van de Unie gelijkwaardige rechten verlenen.
|
|
(9)
|
Deze verordening laat het resultaat onverlet van eventuele toekomstige staatssteunprocedures die kunnen worden ingeleid overeenkomstig de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU).
|
|
(10)
|
De financiering op grond van deze verordening moet gericht zijn op activiteiten ter verwezenlijking van de veiligheidsdoelstellingen van de ontmanteling.
|
|
(11)
|
Het Programma moet ook betrekking hebben op het tot stand brengen van kennis en het delen van ervaringen. In het kader van het Programma opgedane kennis en ervaring en geleerde lessen in verband met het nucleaire ontmantelingsproces moeten in de Unie worden verspreid, in coördinatie en synergie met de andere relevante Programma’s van de Unie voor ontmantelingsactiviteiten in Bulgarije, Slowakije en de kerninstallaties van de Commissie op de locaties van het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek (“JRC”) van de Commissie; zulke maatregelen leveren namelijk de grootste meerwaarde voor de Unie op en dragen bij tot de veiligheid van de werknemers en de bevolking in het algemeen, alsook tot de bescherming van het milieu. De reikwijdte, procedure en economische aspecten van de samenwerking moeten nader worden beschreven in het meerjarig werkprogramma en kunnen ook het voorwerp zijn van overeenkomsten tussen de lidstaten en/of met de Commissie.
|
|
(12)
|
Het JRC moet de verspreiding van kennis onder verschillende belanghebbenden in de Unie op gecoördineerde wijze faciliteren, bijvoorbeeld door het verrichten van marktanalyses, evaluaties en beoordelingen van kennisbehoeften in de Unie, het uitstippelen van mogelijke koersen voor samenwerking, het in kaart brengen van geïnteresseerde belanghebbenden en omgevingen waarin de bij de uitvoering van het Programma tot stand gebrachte kennis de grootste meerwaarde zou opleveren, en het ontwikkelen van formats voor kennisdeling. De verspreiding van tot stand gebrachte kennis moet door het JRC worden gefinancierd. Elke lidstaat moet de mogelijkheid hebben het tot stand brengen van betrekkingen en uitwisselingen met het oog op kennisverspreiding te initiëren.
|
|
(13)
|
Bij de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina dient gebruik te worden gemaakt van de beste technische expertise die beschikbaar is, rekening houdend met de aard en de technische specificaties van de te ontmantelen installaties, zodat de veiligheid en de grootst mogelijke efficiëntie worden gewaarborgd en internationale beste praktijken in aanmerking worden genomen.
|
|
(14)
|
Litouwen en de Commissie moeten voor effectieve monitoring en controle van het verloop van het ontmantelingsproces zorgen om te waarborgen dat de in het kader van deze verordening toegewezen financiering zo veel mogelijk EU-meerwaarde oplevert, ook al ligt de eindverantwoordelijkheid voor de ontmanteling bij Litouwen. Dit omvat doeltreffende metingen van de voortgang en de prestatie, alsook de vaststelling van corrigerende maatregelen indien nodig. Daartoe moet een comité met monitorings- en informatietaken in het leven worden geroepen, dat gezamenlijk moet worden voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie en een vertegenwoordiger van Litouwen.
|
|
(15)
|
Op grond van de punten 22 en 23 van het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven (13) moet dit Programma worden geëvalueerd op basis van overeenkomstig specifieke monitoringvoorschriften verzamelde informatie, waarbij echter administratieve lasten, in het bijzonder voor de lidstaten, en overregulering moeten worden vermeden. Die voorschriften moeten, waar passend, meetbare indicatoren omvatten als maatstaf om de effecten van het Programma in de praktijk te evalueren.
|
|
(16)
|
Het bedrag van de aan het Programma toegewezen kredieten, alsmede de programmalooptijd moeten op basis van de resultaten van het tussentijdse evaluatieverslag kunnen worden herzien.
|
|
(17)
|
Activiteiten die in het kader van deze verordening worden medegefinancierd, moeten worden vastgesteld binnen de begrenzingen als bepaald door het ontmantelingsplan dat door Litouwen is ingediend overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1369/2013 van de Raad (14). In dit plan is de reikwijdte van het Programma, de eindtoestand in het ontmantelingsproces en de einddatum vastgesteld. In het plan komen ook de ontmantelingsactiviteiten, het bijbehorende tijdsschema, de kosten en de benodigde personele middelen aan bod. In voorkomend geval moet Litouwen geactualiseerde versies van het ontmantelingsplan ter overweging aan de Commissie voorleggen bij de voorbereiding van de werkprogramma’s.
|
|
(18)
|
Activiteiten uit hoofde van het Programma moet worden uitgevoerd met een gezamenlijke financiële inspanning van de Unie en van Litouwen. Er moet een maximumdrempel voor medefinanciering door de Unie worden vastgesteld overeenkomstig de medefinancieringspraktijk in het kader van de vorige programma’s. Rekening houdend met de praktijk van vergelijkbare programma’s van de Unie en de sterker geworden Litouwse economie, moet het medefinancieringspercentage van de Unie vanaf het begin van het Programma tot het einde van de uitvoering van de activiteiten die in het kader van deze verordening worden gefinancierd, 86 % van de in aanmerking komende kosten bedragen. De resterende financiering moet door Litouwen en uit andere bronnen dan de begroting van de Unie worden verstrekt, bijvoorbeeld internationale financiële instellingen en andere donoren.
|
|
(19)
|
Verordening (EU) nr. 1369/2013 moet daarom worden ingetrokken.
|
|
(20)
|
Er is terdege rekening gehouden met Speciaal verslag nr. 22/2016 van de Rekenkamer, getiteld “Bijstandsprogramma’s van de EU voor de ontmanteling van nucleaire installaties in Litouwen, Bulgarije en Slowakije: enige vooruitgang geboekt sinds 2011, maar cruciale uitdagingen in het verschiet”, de aanbevelingen ervan en het antwoord erop van de Commissie.
|
|
(21)
|
Er is nota genomen van de wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 17 januari 2019 over het voorstel voor een verordening van de Raad tot vaststelling van het bijstandsprogramma voor de ontmanteling van de kerncentrale van Ignalina in Litouwen (“het Ignalina-programma”) en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1369/2013 van de Raad.
|
|
(22)
|
Het Programma valt binnen het toepassingsgebied van het Litouwse nationale programma voor de uitvoering van het beleid inzake het beheer van verbruikte splijtstof en radioactief afval dat is vastgesteld krachtens Richtlijn 2011/70/Euratom.
|
|
(23)
|
Om eenvormige voorwaarden te waarborgen voor de uitvoering van deze verordening, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend. Die bevoegdheden moeten worden uitgeoefend in overeenstemming met Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad (15).
|
|
(24)
|
De horizontale financiële regels die het Europees Parlement en de Raad op grond van artikel 322 VWEU hebben vastgesteld, moeten op deze verordening van toepassing zijn. Deze regels, die zijn neergelegd in het Financieel Reglement, bepalen met name de procedure voor het opstellen en uitvoeren van de begroting door middel van subsidies, aanbestedingen, prijzen en indirecte uitvoering, en voorzien in controles op de verantwoordelijkheid van financiële actoren. De op grond van artikel 322 VWEU vastgestelde voorschriften betreffen tevens het algemene conditionaliteitsregime voor de bescherming van de Uniebegroting.
|
|
(25)
|
De wijzen van uitvoering en vormen van Uniefinanciering in deze verordening moeten worden gekozen op grond van hun vermogen om de specifieke doelstellingen van de activiteiten te verwezenlijken en resultaten op te leveren, met name rekening houdend met de controlekosten, de administratieve lasten en het verwachte risico van niet-naleving. Daarbij moet het gebruik van vaste bedragen, vaste percentages en eenheidskosten worden overwogen, alsook financiering die niet gekoppeld is aan kosten als bedoeld in artikel 125, lid 1, onder a), van het Financieel Reglement,
|
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 25 januari 2021.
Voor de Raad
De voorzitter
J. BORRELL FONTELLES
|
|
HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
|
HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
|
|
HOOFDSTUK II SUBSIDIABILITEIT
|
HOOFDSTUK II SUBSIDIABILITEIT
|
|
HOOFDSTUK III PROGRAMMERING, MONITORING, EVALUATIE EN CONTROLE
|
HOOFDSTUK III PROGRAMMERING, MONITORING, EVALUATIE EN CONTROLE
|
|
HOOFDSTUK IV OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
|
HOOFDSTUK IV OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
|
|
BIJLAGE I
|
BIJLAGE I
|
|
BIJLAGE II
|
BIJLAGE II
Indicatoren voor de verslaglegging over de voortgang van het Programma met de verwezenlijk van de in artikel 3 vastgelegde doelstellingen
|
1)
|
Beheer van radioactief afval:
|
—
|
hoeveelheid en type veilig opgeslagen of geborgen afval met jaarlijkse doelstellingen per type, overeenkomstig de intermediaire streefdoelen van het Programma;
|
|
|
2)
|
Ontmanteling en decontaminatie:
|
—
|
hoeveelheid en type verwijderde materialen, met jaarlijkse doelstellingen per type, overeenkomstig de intermediaire streefdoelen van het Programma.
|
|
|
,
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|