4. Alle leden van het afwikkelingscollege die aan collegevergaderingen of andere activiteiten deelnemen, zorgen ervoor dat de geschikte vertegenwoordigers, overeenkomstig de doelstellingen van de vergadering en andere activiteiten van het afwikkelingscollege, aan deze vergaderingen en andere activiteiten deelnemen en dat deze vertegenwoordigers gemachtigd zijn om hun autoriteiten zoveel mogelijk te verbinden ingeval verwacht wordt dat in verband met deze vergaderingen of andere activiteiten besluiten moeten worden genomen.