+Preamble: 1
|
Preamble: 1
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2023 betreffende cryptoactivamarkten en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 1095/2010 en Richtlijnen 2013/36/EU en (EU) 2019/1937 (1), en met name artikel 22, lid 7, derde alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1)
|
Ten behoeve van de in artikel 22, lid 1, punt a), van Verordening (EU) 2023/1114 bedoelde rapportage verstrekken uitgevers het aantal houders, uitgesplitst naar de locatie van de houders en, binnen die locatie, het aantal houders van custodial wallets en het aantal houders van non-custodial wallets of houders van andere soorten distributed ledger-adressen die voor afwikkelingsdoeleinden worden gebruikt en niet door de houder of door een aanbieder van cryptoactivadiensten worden gecontroleerd. Binnen die beide categorieën houders van portemonnees — custodial en non-custodial wallets — moeten uitgevers een verdere uitsplitsing geven, naar het aantal individuele houders. De bevoegde autoriteiten hebben al die uitsplitsingen nodig, omdat informatie over de concentratie van houders en over de volumes voor de individuele houders relevant zijn voor de toezichthouders om aan de doelstellingen van Verordening (EU) 2023/1114 te voldoen en het correcte functioneren van cryptoactivamarkten, de marktintegriteit en de financiële stabiliteit binnen de Unie te verzekeren, alsmede de bescherming van houders van cryptoactiva, en met name van individuele houders. De met uitsplitsing naar locatie van de houders verstrekte informatie moet ook worden gebruikt om te bepalen welke bevoegde autoriteiten zullen kwalificeren om lid te worden van een college uit hoofde van artikel 119, lid 2, punt l), van Verordening (EU) 2023/1114, overeenkomstig de criteria geformuleerd in Gedelegeerde Verordening [C(2024) 6911] van de Commissie (2).
|
|
(2)
|
Ten behoeve van de in artikel 22, lid 1, punt b), van Verordening (EU) 2023/1114 bedoelde rapportage en om een correct toezicht te borgen op de vereisten ten aanzien van activareserves op grond van de artikelen 36 en 38 van die verordening, van d gedelegeerde verordening van de Commissie tot vaststelling van technische reguleringsnormen vastgesteld overeenkomstig artikel 36, lid 4, van Verordening (EU) 2023/1114 en van de gedelegeerde verordening van de Commissie tot vaststelling van technische reguleringsnormen vastgesteld overeenkomstig artikel 38, lid 5, van Verordening (EU) 2023/1114, moeten uitgevers de omvang van de activareserve verstrekken in uitgesplitste vorm, om de waarde en de samenstelling van de activareserve, met inbegrip van maatregelen inzake liquiditeitsbeheer, weer te geven.
|
|
(3)
|
Overeenkomstig artikel 22, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EU) 2023/1114 gaat het bij de overeenkomstig artikel 22, lid 1, punten c) en d), van Verordening (EU) 2023/1114 te rapporteren transacties alleen om transacties die leiden tot een wijziging van de natuurlijke persoon of rechtspersoon die gerechtigd is tot het activagerelateerde token en omvat dit ook transacties die worden afgewikkeld in de distributed ledger (“on-chain transacties”) en transacties die worden afgewikkeld buiten de distributed ledger (“off-chain transacties”). Voorts gaat het bij het concept “transactie” als bedoeld in artikel 22, lid 1, tweede alinea, van die verordening niet om het soort portemonnees (wallets) die de initiator of de begunstigde gebruikt voor het verzenden of ontvangen van een transactie. Bijgevolg moeten de in artikel 22, lid 1, punten c) en d), van die verordening bedoelde rapportageverplichtingen transacties omvatten tussen custodial wallets en transacties tussen een custodial wallet, enerzijds, en een non-custodial wallet of andere soorten distributed ledger-adressen die niet door een houder van een activagerelateerd token of een aanbieder van cryptoactivadiensten worden gecontroleerd, anderzijds. Daarnaast moet de in artikel 22, lid 1, punt c), van Verordening (EU) 2023/1114 bedoelde rapportageverplichting ook transacties betreffen tussen non-custodial wallets en tussen non-custodial wallets en andere soorten distributed ledger-adressen die niet door een houder van een activagerelateerd token of een aanbieder van cryptoactivadiensten worden gecontroleerd. Aangezien uitgevers beschikken over beperkte informatie betreffende de houders die bij deze transacties betrokken zijn, kan in sommige gevallen niet worden bepaald of het bij die transacties gaat om transacties die op grond van artikel 22, lid 1, van die verordening moeten worden gerapporteerd. Daarom moet, om over zo accuraat mogelijke informatie over die transacties te beschikken, de in artikel 22, lid 1, punt c), van die verordening bedoelde rapportageverplichting ook informatie betreffen over overdrachten tussen non-custodial wallets en tussen non-custodial wallets en andere soorten distributed ledger-adressen die voor afwikkelingsdoeleinden worden gebruikt en niet door een houder van een activagerelateerd token of een aanbieder van cryptoactivadiensten worden gecontroleerd. Aangezien transacties een subset van overdrachten zijn, zou die aanvullende informatie over overdrachten tussen non-custodial wallets en tussen non-custodial wallets en andere soorten distributed ledger-adressen die niet door een houder van een activagerelateerd token of een aanbieder van cryptoactivadiensten worden gecontroleerd, als proxy kunnen dienen en nuttige informatie bieden over het aantal en de waarde van de transacties tussen non-custodial wallets en tussen non-custodial wallets en andere soorten distributed ledger-adressen die niet door een houder van een activagerelateerd token of een aanbieder van cryptoactivadiensten worden gecontroleerd.
|
|
(4)
|
Ten behoeve van de in artikel 22, lid 1, punt c), van Verordening (EU) 2023/1114 bedoelde rapportageverplichting moeten uitgevers de informatie over de transacties verstrekken, volgens geografische uitsplitsing, d.w.z. de landen van de bij de transacties betrokken houders. Die uitsplitsing zou bevoegde autoriteiten bij het uitvoeren van hun toezichttaken nuttige informatie moeten opleveren over de concentratie van transacties. De met uitsplitsing naar land van de transactie verstrekte informatie zal ook worden gebruikt om te bepalen welke bevoegde autoriteiten zullen kwalificeren om lid te worden van een college uit hoofde van artikel 119 van Verordening (EU) 2023/1114, zoals bepaald in Gedelegeerde Verordening [C(2024) 6911]. Die uitsplitsing is niet verplicht voor de transacties en overdrachten tussen non-custodial wallets of tussen non-custodial wallets en andere soorten distributed ledger-adressen die niet door een houder van een activagerelateerd token of een aanbieder van cryptoactivadiensten worden gecontroleerd, vanwege de beperkte informatie waarover uitgevers beschikken ten aanzien van de bij dergelijke transacties en overdrachten betrokken houders.
|
|
(5)
|
Wil het rapportageraamwerk doeltreffend zijn, dan moet het rapportagereferentiedatums en datums voor het aanleveren van data bevatten waarmee de data correct en tijdig worden gedeeld, zodat de data dezelfde periode betreffen en voor alle rapporterende entiteiten op hetzelfde tijdstip worden ingediend, en data kunnen worden vergeleken tussen de uitgevers en bevoegde autoriteiten, omdat van gestandaardiseerde formaten en templates wordt gebruikgemaakt.
|
|
(6)
|
De continuïteit van de rapportage moet worden verzekerd in gevallen waarin door tijdelijke wijzigingen in de uitgiftewaarde van de tokens die waarde onder de in artikel 22, lid 1, van Verordening (EU) 2023/1114 genoemde waarde zou dalen. Daarom moet rapportage voor een extra periode worden geëist om bevestiging te krijgen dat de onderschrijding van de drempel tijdelijk is. Een en ander zou geen impact hebben op de uitgevers, omdat dezen al over hun rapportagesystemen beschikken.
|
|
(7)
|
Ten aanzien van de in artikel 22, lid 3, van Verordening (EU) 2023/1114 bedoelde rapportageverplichting bestaat de mogelijkheid dat bepaalde informatie die aanbieders van cryptoactivadiensten moeten verstrekken, persoonsgegevens kan bevatten wanneer deze natuurlijke personen betreffen. Daarbij gaat het om volledige namen, vergezeld van nationale identificatienummers, officiële belastingregistratienummers of paspoortnummers. In dat geval is het verzamelen van dergelijke persoonsgegevens noodzakelijk om de doelstellingen van Verordening (EU) 2023/1114 te behalen, aangezien de uitgevers zonder die informatie niet het precieze aantal houders van een activagerelateerd token zouden kunnen bepalen en zij houders die meerdere rekeningen bij verschillende aanbieders van cryptoactivadiensten aanhouden, dubbel zouden tellen. Dit soort onnauwkeurige data zou de informatie vertekenen die aan de bevoegde autoriteiten wordt gerapporteerd over het aantal houders van een activagerelateerd token — en zou dus een correct toezicht door de bevoegde autoriteiten belemmeren. Bijgevolg is er geen andere oplossing om de informatie over de houders van activagerelateerde tokens nauwkeurig in de rapportage weer te geven en kunnen de gebruikelijke maatregelen om het delen van persoonsgegevens te beperken of te beschermen — zoals pseudonimisering — in dat geval niet worden toegepast.
|
|
(8)
|
Ten behoeve van de in artikel 22, lid 3, van Verordening (EU) 2023/1114 bedoelde rapportageverplichting moeten aanbieders van cryptoactivadiensten aan de uitgever ook de publieke distributed ledger-adressen verstrekken die zij gebruiken om namens hun cliënten overdrachten te doen. Uitgevers hebben die informatie nodig om te kunnen identificeren welke in de distributed ledger geregistreerde transacties tussen non-custodial wallets plaatsvinden en om de transacties te rapporteren die onder de rapportageverplichtingen vallen.
|
|
(9)
|
Om te verzekeren dat de aan de bevoegde autoriteit gerapporteerde informatie correct en volledig is, moeten uitgevers over systemen en procedures beschikken waarmee de uitgever de overeenkomstig artikel 22, lid 3, van Verordening (EU) 2023/1114 van de aanbieders van cryptoactivadiensten ontvangen data kunnen aansluiten. Met dergelijke systemen en procedures moet de uitgever ook de door aanbieders van cryptoactivadiensten gerapporteerde data kunnen aansluiten met de data die voor de uitgever uit andere bronnen beschikbaar zijn, onder meer (in voorkomend geval) transactiedata die in de distributed ledger beschikbaar zijn.
|
|
(10)
|
Uitgevers moeten in hun interne beleidslijnen een maximumperiode bepalen voor het bewaren van de door de aanbieders van cryptoactivadiensten gedeelde persoonsgegevens van de individuele houders. Met het oog op de doelstelling om nakoming van de rapportageverplichtingen overeenkomstig artikel 22, lid 1, van Verordening (EU) 2023/1114 te verzekeren, mag die maximumperiode voor het bewaren van gegevens niet meer dan vijf jaar bedragen vanaf de datum waarop de persoonsgegevens zijn verkregen.
|
|
(11)
|
Deze verordening moet ook van overeenkomstige toepassing zijn op e-moneytokens die luiden in een valuta die geen officiële valuta van een lidstaat is, aangezien dat artikel 22 van Verordening (EU) 2023/1114 van toepassing is op e-moneytokens die in dat soort valuta luiden.
|
|
(12)
|
Overeenkomstig artikel 42, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad (3) is de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming geraadpleegd, en op 16 juli 2024 heeft deze een advies uitgebracht.
|
|
(13)
|
Om af te stemmen op de datum van toepassing van Verordening (EU) 2023/1114 ten aanzien van aanbieders van cryptoactivadiensten, moet de datum van toepassing van deze verordening worden uitgesteld.
|
|
(14)
|
Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen die de Europese Bankautoriteit (EBA) bij de Commissie heeft ingediend.
|
|
(15)
|
De EBA heeft open publieke consultaties gehouden over de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen waarop deze verordening is gebaseerd, heeft de mogelijke daaraan verbonden kosten en baten geanalyseerd en heeft het advies van de bij artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad (4) opgerichte Stakeholdergroep bankwezen ingewonnen,
|
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 20 november 2024.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
1. Overzicht
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|