+Artikel 28 Bijzondere voorschriften voor gepensioneerde grensarbeiders
---+Article 28 1.
---+Article 28 2.
---+Article 28 3.
---+Article 28 4.
---+Article 28 5.

Artikel 28 Bijzondere voorschriften voor gepensioneerde grensarbeiders

Artikel 28

Bijzondere voorschriften voor gepensioneerde grensarbeiders

▼M1

1.  Een grensarbeider die een ouderdoms- of invaliditeitspensioen ontvangt, blijft bij ziekte recht hebben op verstrekkingen in de lidstaat waar hij het laatst zijn werkzaamheden, al dan niet in loondienst, heeft verricht, voor zover zulks betrekking heeft op de voortzetting van een in die lidstaat gestarte behandeling. Onder „voortzetting van een behandeling” wordt verstaan dat een ziektegeval verder wordt onderzocht, gediagnosticeerd en behandeld voor de volledige duur ervan.

De eerste alinea is van overeenkomstige toepassing op de gezinsleden van de voormalige grensarbeider, tenzij de lidstaat waar de grensarbeider het laatst zijn werkzaamheden uitoefende, is opgenomen in bijlage III.

▼C1

2.  Een pensioengerechtigde die in de laatste vijf jaar voor de ingangsdatum van een ouderdoms- of invaliditeitspensioen ten minste twee jaar als grensarbeider werkzaamheden al dan niet in loondienst heeft verricht, heeft recht op verstrekkingen in de lidstaat waar hij deze activiteiten als grensarbeider heeft verricht, indien deze lidstaat en de lidstaat waar zich het bevoegde orgaan bevindt dat verantwoordelijk is voor de kosten van de aan de pensioengerechtigde in de lidstaat van zijn woonplaats verleende verstrekkingen, daarvoor hebben gekozen en beide zijn opgenomen in de lijst in bijlage V.

3.  Lid 2 is van overeenkomstige toepassing op de gezinsleden van een vroegere grensarbeider of op zijn nabestaanden, indien zij in de in lid 2 bedoelde periodes recht hadden op verstrekkingen op grond van artikel 18, lid 2, zulks ook indien de grensarbeider voor de pensionering overleden is, mits hij gedurende twee van de laatste vijf jaar voor zijn overlijden als grensarbeider werkzaamheden al dan niet in loondienst heeft verricht.

4.  De leden 2 en 3 zijn van toepassing totdat de betrokkene ten gevolge van de verrichting van een werkzaamheid in loondienst of als zelfstandige, onder de wetgeving van een lidstaat komt te vallen.

5.  De kosten van verstrekkingen overeenkomstig de leden 1 tot en met 3 zijn voor rekening van het bevoegde orgaan dat verantwoordelijk is voor de kosten van de verstrekkingen die aan de pensioengerechtigde of aan zijn nabestaanden in hun respectieve lidstaat van hun woonplaats worden verleend.

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
Article 28 1.

A frontier worker who has retired because of old-age or invalidity is entitled in the event of sickness to continue to receive benefits in kind in the Member State where he/she last pursued his/her activity as an employed or self-employed person, in so far as this is a continuation of treatment which began in that Member State. ‘Continuation of treatment’ means the continued investigation, diagnosis and treatment of an illness for its entire duration.

The first subparagraph shall apply mutatis mutandis to the members of the family of the former frontier worker unless the Member State where the frontier worker last pursued his/her activity is listed in Annex III.

Article 28 2.
A pensioner who, in the five years preceding the effective date of an old-age or invalidity pension has been pursuing an activity as an employed or self-employed person for at least two years as a frontier worker shall be entitled to benefits in kind in the Member State in which he/she pursued such an activity as a frontier worker, if this Member State and the Member State in which the competent institution responsible for the costs of the benefits in kind provided to the pensioner in his/her Member State of residence is situated have opted for this and are both listed in Annex V.
Article 28 3.
Paragraph 2 shall apply mutatis mutandis to the members of the family of a former frontier worker or his/her survivors if, during the periods referred to in paragraph 2, they were entitled to benefits in kind under Article 18(2), even if the frontier worker died before his/her pension commenced, provided he/she had been pursuing an activity as an employed or self-employed person as a frontier worker for at least two years in the five years preceding his/her death.
Article 28 4.
Paragraphs 2 and 3 shall be applicable until the person concerned becomes subject to the legislation of a Member State on the basis of an activity as an employed or self-employed person.
Article 28 5.
The cost of the benefits in kind referred to in paragraphs 1 to 3 shall be borne by the competent institution responsible for the cost of benefits in kind provided to the pensioner or to his/her survivors in their respective Member States of residence.

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis