+Artikel 5
---+Article 5 1.
---+Article 5 2.
---+Article 5 2a.
---+Article 5 3.
---+Article 5 4.
---+Article 5 5.
---+Article 5 6.
---+Article 5 7.
---+Article 5 8.

Artikel 5

Artikel 5

1.  De Lid-Staten wijzen voor de toepassing van lid 2 volgens de in bijlage II genoemde criteria uiterlijk op 31 december 1993 kwetsbare gebieden aan.

2.  De Lid-Staten zorgen ervoor dat stedelijk afvalwater dat in opvangsystemen terechtkomt vóór lozing in kwetsbare gebieden uiterlijk op 31 december 1998 voor alle lozingen van agglomeraties met meer dan 10 000 i.e. aan een behandeling wordt onderworpen die verder gaat dan de in artikel 4 bedoelde behandeling.

▼M4

2 bis.  In afwijking van lid 2 zorgt Frankrijk ervoor dat stedelijk afvalwater in Mayotte dat in opvangsystemen terechtkomt vóór lozing in kwetsbare gebieden aan een behandeling wordt onderworpen die verder gaat dan de in artikel 4 bedoelde behandeling:

— uiterlijk op 31 december 2020 voor agglomeraties met meer dan 10 000 i.e., hetgeen, samen met de in artikel 4, lid 1 bis, bedoelde agglomeraties, ten minste 70 % van de in Mayotte gegenereerde belasting zal dekken.

▼M3

3.  Lozingen van stedelijke waterzuiveringsinstallaties als bedoeld in lid 2 dienen te voldoen aan de toepasselijke eisen van afdeling B van bijlage I. De Commissie kan deze eisen wijzigen. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze richtlijn beogen te wijzigen, worden vastgesteld volgens de in artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing.

▼B

4.  Bij wijze van alternatief behoeven de eisen voor afzonderlijke installaties genoemd in de leden 2 en 3 niet te worden toegepast in kwetsbare gebieden, indien kan worden aangetoond dat het minimumpercentage van de vermindering van de totale vracht voor alle stedelijke waterzuiveringsinstallaties in dat gebied ten minste 75 % voor totaal fosfor en ten minste 75 % voor totaal stikstof bedraagt.

5.  Lozingen van stedelijke waterzuiveringsinstallaties die in de relevante afwateringsgebieden van kwetsbare gebieden gelegen zijn en een bijdrage leveren tot de verontreiniging van die gebieden zijn onderworpen aan de bepalingen van de leden 2, 3 en 4.

In gevallen waarin bovengenoemde afwateringsgebieden geheel of gedeeltelijk in een andere Lid-Staat gelegen zijn is artikel 9 van toepassing.

6.  De Lid-Staten zorgen ervoor dat de lijst van kwetsbare gebieden met tussenpozen van niet meer dan vier jaar wordt bijgewerkt.

7.  De Lid-Staten zorgen ervoor dat na de bijwerking, bedoeld in lid 6, als kwetsbaar aangewezen gebieden binnen zeven jaar aan de bovengenoemde eisen voldoen.

8.  Een Lid-Staat behoeft geen kwetsbare gebieden in de zin van deze richtlijn aan te wijzen, indien hij op zijn gehele grondgebied de in de leden 2, 3 en 4 omschreven behandeling toepast.

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
Article 5 1.
For the purposes of paragraph 2, Member States shall by 31 December 1993 identify sensitive areas according to the criteria laid down in Annex II.
Article 5 2.
Member States shall ensure that urban waste water entering collecting systems shall before discharge into sensitive areas be subject to more stringent treatment than that described in Article 4, by 31 December 1998 at the latest for all discharges from agglomerations of more than 10 000 p.e.
Article 5 2a.
By way of derogation from paragraph 2, in respect of Mayotte, France shall ensure that urban waste water entering collecting systems shall before discharge into sensitive areas be subject to more stringent treatment than that described in Article 4 by 31 December 2020 at the latest for agglomerations of more than 10 000 p.e., which, along with the agglomerations referred to in Article 4(1a), will cover at least 70 % of the load generated in Mayotte.
Article 5 3.
Discharges from urban waste water treatment plants described in paragraph 2 shall satisfy the relevant requirements of section B of Annex I. The Commission may amend those requirements. Those measures, designed to amend non-essential elements of this Directive, shall be adopted in accordance with the regulatory procedure with scrutiny referred to in Article 18(3).
Article 5 4.
Alternatively, requirements for individual plants set out in paragraphs 2 and 3 above need not apply in sensitive areas where it can be shown that the minimum percentage of reduction of the overall load entering all urban waste water treatment plants in that area is at least 75 % for total phosphorus and at least 75 % for total nitrogen.
Article 5 5.
Discharges from urban waste water treatment plants which are situated in the relevant catchment areas of sensitive areas and which contribute to the pollution of these areas shall be subject to paragraphs 2, 3 and 4.

In cases where the above catchment areas are situated wholly or partly in another Member State Article 9 shall apply.

Article 5 6.
Member States shall ensure that the identification of sensitive areas is reviewed at intervals of no more than four years.
Article 5 7.
Member States shall ensure that areas identified as sensitive following review under paragraph 6 shall within seven years meet the above requirements.
Article 5 8.
A Member State does not have to identify sensitive areas for the purpose of this Directive if it implements the treatment established under paragraphs 2, 3 and 4 over all its territory.

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis