+Artikel 75bis 3.
|
Artikel 75bis 3.
Het AI-bureau kan de in artikel 14, lid 4, punten a), b) en c), van Verordening (EU) 2019/1020 en artikel 74, leden 12 en 13, van deze verordening genoemde bevoegdheden uitoefenen bij eenvoudig verzoek of bij besluit. Wanneer het AI-bureau om informatie verzoekt, vermeldt het de rechtsgrondslag en het doel van het verzoek, specificeert het welke informatie wordt verlangd en stelt het de termijn vast waarbinnen de informatie moet worden verstrekt. Indien het verzoek een eenvoudig verzoek is, geeft het AI-bureau daarnaast aan dat, hoewel er geen verplichting is om de gevraagde informatie te verstrekken, de informatie in het geval van een vrijwillig antwoord correct en niet misleidend moet zijn, en vermeldt het de mogelijke geldboeten waarin artikel 99, lid 5, voorziet voor het verstrekken van onjuiste of misleidende informatie. Indien het verzoek bij besluit wordt gedaan, vermeldt het AI-bureau bovendien de in artikel 99, lid 5, bepaalde geldboeten voor het verstrekken van onjuiste, onvolledige of misleidende informatie en wijst het op het recht om het besluit te laten toetsen door het Hof van Justitie van de Europese Unie. Het AI-bureau stuurt een kopie van het verzoek naar de markttoezichtautoriteit van de lidstaat op het grondgebied waarvan de operator of zijn wettelijke vertegenwoordiger zich bevindt.
1. Overzicht
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|