Een instelling berekent het eigenvermogensvereiste om de uit haar voorgefinancierde bijdrage voortvloeiende blootstelling te dekken als volgt:
waarbij:
|
Ki
|
=
|
het eigenvermogensvereiste;
|
|
i
|
=
|
de index die het clearinglid aangeeft;
|
|
KCCP
|
=
|
het overeenkomstig artikel 50 quater van Verordening (EU) nr. 648/2012 door de GCTP aan de instelling meegedeelde hypothetische kapitaal van de GCTP;
|
|
DFi
|
=
|
de voorgefinancierde bijdrage;
|
|
DFCCP
|
=
|
de overeenkomstig artikel 50 quater van Verordening (EU) nr. 648/2012 door de CTP aan de instelling meegedeelde voorgefinancierde financiële middelen van de CTP; en
|
|
DFCM
|
=
|
de overeenkomstig artikel 50 quater van Verordening (EU) nr. 648/2012 door de GCTP aan de instelling meegedeelde som van de voorgefinancierde bijdragen van alle clearingleden van de GCTP.
|