2. Voor de toepassing van artikel 55, lid 1, eerste alinea, onder d), van Richtlijn 2014/59/EU omvatten passiva die zijn uitgegeven of aangegaan na de datum van toepassing van de bepalingen die door de lidstaten zijn vastgesteld voor de omzetting van afdeling 5 van hoofdstuk IV van titel IV van Richtlijn 2014/59/EU in een lidstaat:
|
a)
|
na die datum gecreëerde passiva, ongeacht of zij zijn gecreëerd onder vóór die datum gesloten relevante overeenkomsten, inclusief kaderovereenkomsten tussen de overeenkomstsluitende partijen die voor meerdere passiva gelden;
|
|
b)
|
vóór of na die datum gecreëerde passiva onder relevante overeenkomsten die vóór die datum zijn aangegaan en die aan een materiële wijziging zijn onderworpen;
|
|
c)
|
passiva onder na die datum uitgegeven schuldinstrumenten;
|
|
d)
|
passiva onder schuldinstrumenten die vóór of na die datum zijn uitgegeven onder relevante overeenkomsten die vóór die datum zijn aangegaan en die aan een materiële wijziging zijn onderworpen.
|