+Artikel 3 1.
|
Artikel 3 1.
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
|
1.
|
„put” : elk proces, elke activiteit of elk mechanisme waarbij broeikasgas, aerosol of een precursor van een broeikasgas wordt verwijderd uit de atmosfeer;
|
|
2.
|
„bron” : elk proces, elke activiteit of elk mechanisme waarbij broeikasgas, aerosol of een precursor van een broeikasgas wordt uitgestoten in de atmosfeer;
|
|
3.
|
„koolstofreservoir” : het geheel of deel van een biogeochemische voorziening of systeem binnen het grondgebied van een lidstaat waarbinnen koolstof en elke koolstofhoudende precursor van een broeikasgas, of elk koolstofhoudend broeikasgas wordt opgeslagen;
|
|
4.
|
„koolstofvoorraad” : de massa koolstof die is opgeslagen in een koolstofreservoir;
|
|
5.
|
„geoogst houtproduct” : elk van houtkap afkomstig product, dat na de kap is afgevoerd;
|
|
6.
|
„bos” : een grondgebied dat voldoet aan de minimumwaarden voor grondoppervlak, kroonbedekking, of een gelijkwaardige staande voorraad, waarvan de potentiële boomhoogte in volwassen staat in situ voor iedere lidstaat is aangegeven in bijlage II. Het omvat gebieden met bomen, inclusief groepen groeiende jonge natuurlijke bomen, of aanplanten die nog de minimumwaarden voor kroonbedekking of een gelijkwaardige staande voorraad of minimumboomhoogte moeten bereiken, zoals aangegeven in bijlage II, inclusief elk gebied dat normaal gesproken deel uitmaakt van het bosgebied maar waarop tijdelijk geen bomen staan als gevolg van menselijk ingrijpen, zoals kap, of als gevolg van natuurlijke oorzaken, maar waarvan verwacht kan worden dat het weer bos zal worden;
|
|
7.
|
„referentieniveau voor bossen” : een raming, uitgedrukt in tonnen CO2-equivalent per jaar, van de gemiddelde jaarlijkse netto-emissies of -verwijderingen afkomstig van beheerde bosgrond op het grondgebied van een lidstaat tijdens de perioden van 2021 tot en met 2025 en van 2026 tot en met 2030, op basis van de criteria van deze verordening;
|
|
8.
|
„halfwaardetijd” : het aantal jaren voordat de hoeveelheid koolstof die is opgeslagen in een categorie geoogste houtproducten is afgenomen tot de helft van de oorspronkelijke waarde;
|
▼M2
|
9.
|
„natuurlijke verstoringen” : elke niet-antropogene gebeurtenis of omstandigheid die aanzienlijke emissies in de LULUCF-sector veroorzaakt, plaatsvindt buiten de wil van de betrokken lidstaat, en waarvan de lidstaat objectief niet in staat is de effecten op emissies aanzienlijk te beperken, zelfs niet nadat die zich hebben voorgedaan;
|
▼B
|
10.
|
„instantane oxidatie” : een boekhoudmethode die ervan uitgaat dat op het moment van de kap de volledige hoeveelheid koolstof die in geoogste houtproducten is opgeslagen, in de atmosfeer vrijkomt,
|
▼M2
|
11.
|
„klimaatverandering” : een verandering in het klimaat die direct of indirect wordt toegeschreven aan menselijke activiteit, die de samenstelling van de atmosfeer wijzigt en die naast natuurlijke klimaatwisselingen wordt waargenomen gedurende vergelijkbare perioden.
|
▼B
1. Overzicht
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|