|
+Artikel 67 2. |
Artikel 67 2.De ESMA baseert haar advies over de toepassing van het paspoort op de verhandeling van niet-EU-abi's door EU abi-beheerders in de lidstaten en het beheer en/of de verhandeling van abi’s door niet-EU abi-beheerders in de lidstaten met name op:
a)
wat de werking van het paspoort voor EU abi-beheerders die EU-abi's beheren en/of verhandelen, betreft:
i)
het gebruik dat van het paspoort wordt gemaakt;
ii)
de problemen die opduiken met betrekking tot:
—
de effectieve samenwerking tussen bevoegde autoriteiten,
—
de effectieve werking van het systeem van inkennisstelling,
—
bescherming van beleggers,
—
de bemiddeling door de ESMA, inclusief het aantal gevallen en de doeltreffendheid van de bemiddeling;
iii)
de doeltreffendheid van de verzameling en terbeschikkingstelling van de informatie met betrekking tot het toezicht op de systeemrisico’s door de nationale bevoegde autoriteiten, de ESMA en het ESRB;
b)
wat de werking betreft van de verhandeling van niet-EU-abi's door EU abi-beheerders in de lidstaten en het beheer en/of de verhandeling van abi’s door niet-EU abi-beheerders in de lidstaten overeenkomstig de toepasselijke nationale regelingen:
i)
de naleving door de EU abi-beheerder van alle bij deze richtlijn vastgestelde voorschriften, uitgezonderd artikel 21;
ii)
de naleving door niet-EU abi-beheerders van de artikelen 22, 23 en 24 met betrekking tot elke abi die door de abi-beheerder wordt verhandeld en, indien van toepassing, van de artikelen 26 tot en met 30;
iii)
het bestaan en de doeltreffendheid van samenwerkingsregelingen voor toezicht op systeemrisico’s die met de internationale normen stroken tussen de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de abi’s worden verhandeld, indien van toepassing, de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van herkomst van de EU-abi en de toezichthoudende autoriteiten van het derde land waar de niet-EU abi-beheerder is gevestigd en, indien van toepassing, de toezichthoudende autoriteiten van het derde land waar de niet-EU-abi is gevestigd;
iv)
kwesties in verband met bescherming van beleggers die zich eventueel hebben voorgedaan;
v)
kenmerken van het regelgevings- en toezichtkader van een derde land die de effectieve uitoefening door de bevoegde autoriteiten van hun toezichtfuncties overeenkomstig deze richtlijn kunnen verhinderen;
c)
wat de werking van beide systemen betreft, de potentiële marktverstoringen op het gebied van de mededinging (gelijk speelveld) of elke algemene of specifieke moeilijkheid waarmee EU abi-beheerders te maken krijgen bij hun vestiging of de verhandeling van abi’s die zij beheren in een derde land. 1. Overzicht
1.1 Referenties1.2 Geïdentificeerde eisen1.3 Gerelateerde standaarden2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|