|
+Artikel 8 11. |
Artikel 8 11.Het groepsafwikkelingsplan:
a)
beschrijft de afwikkelingsmaatregelen die getroffen moeten worden ten aanzien van af te wikkelen entiteiten in de scenario's als bedoeld in lid 6 en de gevolgen van die afwikkelingsmaatregelen voor andere groepsentiteiten, de moederonderneming en de dochterinstellingen als bedoeld in lid 1;
a bis)
beschrijft, indien een in lid 1 bedoelde groep uit meer dan één af te wikkelen groep bestaat, de afwikkelingsmaatregelen die getroffen moeten worden ten aanzien van de af te wikkelen entiteiten van elke af te wikkelen groep en de gevolgen van die maatregelen voor zowel:
i)
andere entiteiten van de groep die tot dezelfde af te wikkelen groep behoren;
ii)
andere af te wikkelen groepen;
b)
onderzoekt in welke mate, op een gecoördineerde wijze, de afwikkelingsinstrumenten kunnen worden toegepast en de afwikkelingsbevoegdheden kunnen worden- uitgeoefend ten aanzien van in de Unie gevestigde af te wikkelen entiteiten, met inbegrip van maatregelen die de overname door een derde van de groep als geheel, van afzonderlijke bedrijfsonderdelen of -activiteiten van een aantal groepsentiteiten, of van bepaalde groepsentiteiten of af te wikkelen groepen, faciliteren, en vermeldt mogelijke belemmeringen voor een gecoördineerde afwikkeling;
c)
bevat een gedetailleerde beschrijving van de overeenkomstig artikel 10 uitgevoerde beoordeling van de afwikkelbaarheid;
d)
stelt, indien een groep in derde landen gevestigde entiteiten omvat, passende regelingen vast voor de samenwerking en coördinatie met de betrokken autoriteiten van die derde landen en de gevolgen voor afwikkeling binnen de Unie;
e)
geeft aan welke maatregelen, waaronder de juridische en economische afsplitsing van bepaalde functies of bedrijfsonderdelen, nodig zijn om de afwikkeling van de groep te vergemakkelijken indien aan de voorwaarden voor groepsafwikkeling is voldaan;
f)
geeft aan hoe de groepsafwikkelingsmaatregelen kunnen worden gefinancierd en zet, indien het Fonds en de de overeenkomstig artikel 100 van Richtlijn 2014/59/EU opgezette financieringsregelingen vereist zijn, de beginselen uiteen voor de verdeling van de verantwoordelijkheid voor deze financiering over de financieringsbronnen in de verschillende deelnemende en niet-deelnemende lidstaten. In het afwikkelingsplan wordt niet uitgegaan van het volgende:
i)
elke buitengewone openbare financiële steun, afgezien van het gebruik van het overeenkomstig artikel 67 van deze verordening opgericht Fonds en de overeenkomstig artikel 100 van Richtlijn 2014/59/EU opgezette financieringsregelingen van niet-deelnemende lidstaten;
ii)
elke noodliquiditeitssteun van een centrale bank, of
iii)
elke liquiditeitssteun van een centrale bank onder niet-standaardvoorwaarden inzake zekerheidstelling, looptijd en rentevoet. Deze beginselen worden vastgesteld op basis van billijke en evenwichtige criteria en houden met name rekening met artikel 107, lid 5, van Richtlijn 2014/59/EU en met het effect op de financiële stabiliteit in alle betrokken lidstaten. Het groepsafwikkelingsplan mag geen onevenredige gevolgen hebben voor een lidstaat. 1. Overzicht
1.1 Referenties1.2 Geïdentificeerde eisen1.3 Gerelateerde standaarden2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|