+BIJLAGE III

BIJLAGE III

BIJLAGE III

1. De technische voorschriften zijn die van:

a) de punten 2, 6.1, 6.2.1 en 6.3 van VN/ECE-Reglement nr. 51 ( 14 ) en de bijlagen 3 tot en met 10 bij dat reglement;

b) de punten 2 en 6 van VN/ECE-Reglement nr. 59 ( 15 ) en de bijlagen 3 tot en met 5 bij dat reglement.

2. Voor de toepassing van de in punt 1 bedoelde bepalingen geldt het volgende:

a) onder „onbeladen voertuig” wordt verstaan: een voertuig waarvan de massa is beschreven in punt 2.6 van aanhangsel 1 van bijlage I bij deze richtlijn, zonder bestuurder;

b) „het inlichtingenblad” betekent het typegoedkeuringscertificaat in aanhangsel 2 van de bijlagen I en II;

c) „partijen bij de respectieve reglementen” betekent de lidstaten;

d) de verwijzingen naar de Reglementen nr. 51 en nr. 59 worden gelezen als verwijzingen naar Richtlijn 70/157/EEG;

e) voetnoot 1 in punt 2.2.6 wordt gelezen als: „Voor een definitie van de voertuigcategorieën, zie bijlage II, deel A, bij Richtlijn 70/156/EEG.”.

▼M12 —————


( 1 ) PB nr. C 160 van 18. 12. 1969, blz. 7.

( 2 ) PB nr. C 48 van 16. 4. 1969, blz. 16.

( 3 ) Zie blz. 1 van dit Publikatieblad.

( 4 ) De nummers van de punten en voetnoten in dit inlichtingenformulier komen overeen met die van bijlage I van Richtlijn 70/156/EEG. Punten die voor deze richtlijn niet relevant zijn, zijn weggelaten.

( 5 ) Doorhalen wat niet van toepassing is.

( 6 ) Doorhalen wat niet van toepassing is.

( 7 ) Indien het middel tot identificatie van het type tekens bevat die niet relevant zijn voor de typebeschrijving van het voertuig, het onderdeel of de technische eenheid waarop dit typegoedkeuringscertificaat betrekking heeft, worden deze tekens in de documenten weergegeven door het symbool „?” (bv. ABC??123??).

( 8 ) Zoals gedefinieerd in bijlage II, deel A, bij Richtlijn 70/156/EEG.

( 9 ) Doorhalen wat niet van toepassing is.

( 10 ) Doorhalen wat niet van toepassing is.

( 11 ) Indien het middel tot identificatie van het type tekens bevat die niet relevant zijn voor de typebeschrijving van het voertuig, het onderdeel of de technische eenheid waarop dit typegoedkeuringscertificaat betrekking heeft, worden deze tekens in de documenten weergegeven door het symbool „?” (bv. ABC??123??).

( 12 ) Zoals gedefinieerd in bijlage II, deel A, bij Richtlijn 70/156/EEG.

( 13 ) Indien meerdere typen zijn aangegeven, moeten de punten 1.3 tot en met 1.10 voor elk type worden ingevuld.

( 14 ) PB L 137 van 30.5.2007, blz. 68.

( 15 ) PB L 326 van 24.11.2006, blz. 43.

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis