|
+Artikel 18 Wijzigingen van Verordening (EU) nr. 525/2013 |
Artikel 18 Wijzigingen van Verordening (EU) nr. 525/2013Artikel 18 Wijzigingen van Verordening (EU) nr. 525/2013 Verordening (EU) nr. 525/2013 wordt als volgt gewijzigd:
1)
In artikel 7 wordt lid 1 als volgt gewijzigd:
a)
het volgende punt wordt ingevoegd:
„d bis)
vanaf 2023 hun emissies en verwijderingen die vallen onder artikel 2 van Verordening (EU) 2018/841 van het Europees Parlement en de Raad ( 6 ) overeenkomstig de in bijlage III bis bij deze verordening gespecificeerde methoden;
b)
de volgende alinea wordt toegevoegd: „Een lidstaat kan de Commissie om afwijking van punt d bis) van de eerste alinea verzoeken teneinde een andere dan in bijlage III bis gespecificeerde methode toe te passen indien de vereiste verbetering van de methode niet tijdig kan worden bereikt om in de broeikasgasinventarissen voor de periode van 2021 tot en met 2030 in aanmerking te worden genomen, of indien de verbeterde methode onevenredig hoge kosten zou meebrengen in vergelijking met de baten van de toepassing van die methode voor een betere boekhouding van emissies en verwijderingen wegens het geringe belang van de emissies en verwijderingen door de betrokken koolstofreservoirs. De lidstaten die gebruik willen maken van deze afwijking, dienen bij de Commissie uiterlijk op 31 december 2020 een met redenen omkleed verzoek in, waarbij zij de termijn waarin de verbeterde methode zou kunnen worden toegepast, de voorgestelde alternatieve methode, of beide, aangeven, samen met een beoordeling van de potentiële effecten op de nauwkeurigheid van de boekhouding. De Commissie kan om aanvullende informatie verzoeken, die binnen een specifieke redelijke termijn moet worden ingediend. Wanneer de Commissie het verzoek gegrond acht, staat zij de afwijking toe. Indien de Commissie het verzoek afwijst, motiveert zij haar besluit.”.
2)
In artikel 13, lid 1, onder c), wordt het volgende punt toegevoegd:
„viii)
vanaf 2023, informatie over nationale beleidsinitiatieven en maatregelen die zijn uitgevoerd om hun verplichtingen uit hoofde van Verordening (EU) 2018/841 na te komen en informatie over aanvullende nationale beleidsinitiatieven en maatregelen die zijn gepland om broeikasgasemissies verder te beperken of putten verder uit te breiden dan hun toezeggingen uit hoofde van deze verordening;”.
3)
In artikel 14, lid 1, wordt het volgende punt ingevoegd:
„b bis)
vanaf 2023, de totale prognoses van broeikasgassen en afzonderlijke ramingen voor de geschatte broeikasgasemissies en verwijderingen die vallen onder Verordening (EU) 2018/841;”.
4)
De volgende bijlage wordt toegevoegd:
„BIJLAGE III BIS In artikel 7, lid 1, onder d bis), bedoelde methoden voor bewaking en rapportage Aanpak 3: Geografisch gespecificeerde gegevens inzake de conversie van landgebruik overeenkomstig de door de IPCC opgestelde richtsnoeren voor nationale broeikasgasinventarissen uit 2006. Een methode van niveau 1 overeenkomstig de door de IPCC opgestelde richtsnoeren voor nationale broeikasgasinventarissen uit 2006. Bij emissies en verwijderingen voor een koolstofreservoir dat goed is voor ten minste 25 tot 30 % van de emissies of verwijderingen in een categorie bron of put die in het nationale inventarisatiesysteem van een lidstaat als prioriteit is aangeduid omdat de raming ervan een significante invloed heeft op de totale inventaris aan broeikasgassen van een land wat betreft het absolute emissie- en verwijderingsniveau, op de tendens in emissies en verwijderingen of op de onzekerheid inzake emissies en verwijderingen in de categorieën landgebruik, een methode van ten minste niveau 2 overeenkomstig de door de IPCC opgestelde richtsnoeren voor nationale broeikasgasinventarissen uit 2006. De lidstaten worden aangemoedigd om een methode van niveau 3 toe te passen overeenkomstig de door de IPCC opgestelde richtsnoeren voor nationale broeikasgasinventarissen uit 2006.”. 1. Overzicht
1.1 Referenties1.2 Geïdentificeerde eisen1.3 Gerelateerde standaarden2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|