+115. Dochterondernemingen die zelf niet onderworpen zijn aan Richtlijn (EU) 2019/2034, hoeven op …
|
115. Dochterondernemingen die zelf niet onderworpen zijn aan Richtlijn (EU) 2019/2034, hoeven op …
Dochterondernemingen die zelf niet onderworpen zijn aan Richtlijn (EU) 2019/2034, hoeven op individueel niveau geen aanwijzingsprocedure uit te voeren, tenzij zij daartoe verplicht zijn op grond van sectorspecifieke beloningsvereisten. Voor dochterondernemingen die niet onder de richtlijn of andere specifieke beloningsvereisten vallen, dient de beoordeling te worden uitgevoerd door de EU-moederonderneming op geconsolideerde basis, op basis van door de dochteronderneming verstrekte informatie. Beleggingsondernemingen die binnen het toepassingsgebied van Richtlijn (EU) 2019/2034 vallen, dienen hun eigen zelfbeoordeling voor het identificeren van personeelsleden op individueel niveau te verrichten. Beleggingsondernemingen die zijn opgenomen in een aanwijzingsprocedure op EBA Public geconsolideerde basis, mogen de praktische uitvoering van de aanwijzingsprocedure op individueel niveau delegeren aan de EU-moederonderneming.
1. Overzicht
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
- EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/
|