+BIJLAGE IV DE OPNEMING VAN GEGEVENS BETREFFENDE HET BRANDSTOFVERBRUIK EN DE CO2-UITSTOOT IN RECLAMEMATERIAAL

BIJLAGE IV DE OPNEMING VAN GEGEVENS BETREFFENDE HET BRANDSTOFVERBRUIK EN DE CO2-UITSTOOT IN RECLAMEMATERIAAL

BIJLAGE IV

DE OPNEMING VAN GEGEVENS BETREFFENDE HET BRANDSTOFVERBRUIK EN DE CO2-UITSTOOT IN RECLAMEMATERIAAL

De lidstaten dienen erop toe te zien dat in al het reclamemateriaal de gegevens betreffende het officiële brandstofverbruik en de officiële specifieke CO2-uitstoot van de betrokken voertuigen worden vermeld. Deze informatie zou minimaal aan de volgende vereisten moeten voldoen.

1. Zij moet gemakkelijk leesbaar zijn en mag niet minder opvallen dan het hoofdbestanddeel van de in het reclamemateriaal verstrekte informatie.

2. Zij moet, zelfs bij vluchtige inzage van het materiaal, gemakkelijk te begrijpen zijn.

3. Officiële brandstofverbruiksgegevens moeten worden verschaft voor alle verschillende automodellen waarop het reclamemateriaal betrekking heeft. Indien het om meer dan één model gaat, worden óf de officiële brandstofverbruiksgegevens voor alle vermelde modellen óf een reeks gegevens variërend van het slechtste tot het beste brandstofverbruik opgenomen. Het brandstofverbruik moet worden uitgedrukt in liters per 100 kilometer (l/100 km), kilometers per liter (km/l) of een geschikte combinatie hiervan. Alle cijfergegevens moeten tot op één decimaal nauwkeurig zijn.

Die waarden kunnen, voorzover verenigbaar met het bepaalde in Richtlijn 80/181/EEG, in andere eenheden (gallon en mijl) worden uitgedrukt.

Indien het reclamemateriaal alleen betrekking heeft op het merk en niet op bepaalde modellen in het bijzonder, behoeven geen brandstofverbruiksgegevens te worden vermeld.


( 1 ) PB C 305 van 3.10.1998, blz. 2, en PB C 83 van 25.3.1999, blz. 1.

( 2 ) PB C 40 van 15.2.1999, blz. 45.

( 3 ) Advies van het Europees Parlement van 17 december 1998 (PB C 98 van 9.4.1999, blz. 252). Gemeenschappelijk standpunt van de Raad van 23 februari 1999 (PB C 123 van 4.5.1999, blz. 1) en besluit van het Europees Parlement van 4 november 1999 (nog niet verschenen in het Publicatieblad).

( 4 ) PB L 329 van 30.12.1993, blz. 39.

( 5 ) PB L 375 van 31.12.1980, blz. 36. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 93/116/EG van de Commissie.

( 6 ) Richtlijn 70/156/EEG van de Raad van 6 februari 1970 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan (PB L 42 van 23.2.1970, blz. 1). Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 98/91/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 11 van 16.1.1999, blz. 25).

( 7 ) Richtlijn 92/61/EEG van de Raad van 30 juni 1992 betreffende de goedkeuring van twee- of driewielige motorvoertuigen (PB L 225 van 10.8.1992, blz. 72). Richtlijn gewijzigd bij de Toetredingsakte van 1994.

( 8 ) Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden (PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23).

( 9 ) Richtlijn 80/181/EEG van de Raad van 20 december 1979 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten op het gebied van de meeteenheden, en tot intrekking van Richtlijn 71/354/EEG (PB L 39 van 15.2.1980, blz. 40). Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 89/617/EEG (PB L 357 van 7.12.1989, blz. 28).

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis