Binnen het kader van lid 7 wordt de totale activawaarde van de minder belangrijke kredietinstelling en het minder belangrijke bijkantoor vastgesteld op basis van prudentiële rapportage overeenkomstig toepasselijk recht. Indien de totale activawaarde van een minder belangrijke kredietinstelling niet op basis van prudentiële rapportage vastgesteld kan worden, wordt de totale activawaarde vastgesteld op basis van de meest recentelijk gecontroleerde jaarrekeningen, en indien die jaarrekeningen niet beschikbaar zijn, op basis van de in overeenstemming met het toepasselijke nationale jaarrekeningenrecht opgestelde jaarrekeningen. Indien de totale activawaarde van een minder belangrijk bijkantoor niet op basis van prudentiële rapportage vastgesteld kan worden, wordt de totale activawaarde vastgesteld op basis van de krachtens Verordening (EU) nr. 1071/2013 van de Europese Centrale Bank gerapporteerde statistische gegevens (
2
).