2. De bedrijfsbrede risicobeoordeling die de meldingsplichtige entiteit op grond van lid 1 heeft opgesteld, wordt gedocumenteerd, actueel gehouden en regelmatig geëvalueerd, onder meer wanneer een interne of externe gebeurtenis aanzienlijke gevolgen heeft voor de risico’s op witwassen en terrorismefinanciering die verbonden zijn aan de activiteiten, producten, transacties, leveringskanalen, cliënten of geografische zones van activiteiten van de meldingsplichtige entiteit. Ze wordt op verzoek ter beschikking gesteld van toezichthouders.
De bedrijfsbrede risicobeoordeling wordt opgesteld door de nalevingsfunctionaris en goedgekeurd door het leidinggevend orgaan in zijn leidinggevende functie en, indien een dergelijk orgaan bestaat, medegedeeld aan het leidinggevend orgaan in zijn toezichthoudende functie.