3. Meldingsplichtige entiteiten stellen voor het vervullen van de nalevingsfuncties adequate middelen, waaronder personeel en technologie, ter beschikking die evenredig zijn aan de omvang, de aard en de risico’s van de meldingsplichtige entiteit zodat die taken doeltreffend kunnen worden verricht, en zorgen ervoor dat de met die functies belaste personen de bevoegdheid krijgen om alle maatregelen voor te stellen die nodig zijn om de doeltreffendheid van de interne gedragslijnen, procedures en controles van de meldingsplichtige entiteiten te waarborgen.