|
+Artikel 5 bis Specifieke definities voor cryptoactiva |
Artikel 5 bis Specifieke definities voor cryptoactivaArtikel 5 bis Specifieke definities voor cryptoactiva Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
1)
„cryptoactivum”: een cryptoactivum zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 5, van Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad ( 20 ) dat geen digitale valuta van een centrale bank is;
2)
„elektronischgeldtoken” of „e-moneytoken”: een elektronischgeldtoken of e-moneytoken zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 7, van Verordening (EU) 2023/1114;
3)
„blootstelling aan cryptoactiva”: een activumpost of een post buiten de balanstelling die verband houdt met een cryptoactivum dat aanleiding geeft tot kredietrisico, tegenpartijkredietrisico, marktrisico, operationeel risico of liquiditeitsrisico;
4)
„traditioneel activum”: een ander activum dan een cryptoactivum, met inbegrip van:
a)
financiële instrumenten zoals gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punt 50, van deze verordening;
b)
geldmiddelen zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 25, van Richtlijn (EU) 2015/2366;
c)
deposito’s zoals gedefinieerd in artikel 2, lid 1, punt 3, van Richtlijn 2014/49/EU van het Europees Parlement en van de Raad ( 21 ), met inbegrip van gestructureerde deposito’s;
d)
securitisatieposities in het kader van een securitisatie zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 1, van Verordening (EU) 2017/2402;
e)
schade- of levensverzekeringsproducten die vallen onder de in de bijlagen I en II bij Richtlijn 2009/138/EG genoemde verzekeringsbranches of in die richtlijn bedoelde herverzekerings- en retrocessieovereenkomsten;
f)
pensioenproducten die naar nationaal recht worden geacht voornamelijk tot doel te hebben de belegger van een pensioeninkomen te voorzien, en die de belegger het recht geven op bepaalde uitkeringen;
g)
officieel erkende bedrijfspensioenregelingen die binnen het toepassingsgebied van Richtlijn (EU) 2016/2341 van het Europees Parlement en de Raad ( 22 ) of Richtlijn 2009/138/EG vallen;
h)
individuele pensioenproducten waarvoor naar nationaal recht een financiële bijdrage van de werkgever is vereist en waarbij de werkgever of de werknemer geen vrijheid heeft in de keuze van het pensioenproduct of de aanbieder;
i)
een pan-Europees persoonlijk pensioenproduct zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 2, van Verordening (EU) 2019/1238 van het Europees Parlement en de Raad ( 23 );
5)
„getokeniseerd traditioneel activum”: een type cryptoactivum dat een traditioneel activum, met inbegrip van een e-moneytoken, vertegenwoordigt;
6)
„activagerelateerde token”: een activagerelateerde token zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 6, van Verordening (EU) 2023/1114;
7)
„cryptoactivadienst”: een cryptoactivadienst zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 16, van Verordening (EU) 2023/1114. 1. Overzicht
1.1 Referenties1.2 Geïdentificeerde eisen1.3 Gerelateerde standaarden2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|