+108. Wanneer instellingen ten behoeve van renterisicobeheer gedragsaannames doen met betrekking tot …

108. Wanneer instellingen ten behoeve van renterisicobeheer gedragsaannames doen met betrekking tot …

Wanneer instellingen ten behoeve van renterisicobeheer gedragsaannames doen met betrekking tot rekeningen zonder specifieke renteherzieningsdata:

  • (a) zijn zij in staat 'kern'saldi te identificeren, d.w.z. deposito's die stabiel zijn en waarvan het onwaarschijnlijk is dat de rente wordt herzien, zelfs bij significante veranderingen in het renteklimaat, en/of andere deposito's waarvan de beperkte elasticiteit voor renteveranderingen door banken zou kunnen worden gemodelleerd;
  • (b) zorgen zij ervoor dat modelleringsaannames voor deze deposito's de kenmerken van de deposant (bijv. retail/wholesale) en de kenmerken van de rekening (bijv. transactioneel/niet-transactioneel) weerspiegelen. Hieronder volgt een beschrijving op hoog niveau van de genoemde categorieën:
  • i. Transactionele retaildeposito's omvatten niet-rentedragende en andere retailrekeningen waarvan de beloningscomponent niet relevant is voor de beslissing van de cliënt om geld op de rekening te houden.
  • ii. Niet-transactionele retaildeposito's omvatten retailrekeningen (waaronder gereguleerde retailrekeningen) waarvan de beloningscomponent relevant is voor de beslissing van de cliënt om geld op de rekening te houden.
  • iii. Wholesaledeposito's omvatten rekeningen van bedrijven en andere wholesalecliënten, met uitzondering van interbancaire rekeningen of andere volledig rentegevoelige rekeningen;
  • (c) beoordelen zij de potentiële migratie tussen deposito's zonder specifieke renteherzieningsdata en andere deposito's die onder verschillende rentescenario's zouden kunnen leiden tot een verandering van kernaannames voor gedragsmodellering;
  • (d) nemen zij potentiële beperkingen voor de renteherziening van retaildeposito's in een klimaat met een lage of negatieve rente in beschouwing;
  • (e) zorgen zij ervoor dat aannames over de vermindering van kern- en andere gemodelleerde saldi prudent zijn en uitgaan van een passende balans tussen de voordelen voor de inkomsten en het extra risico voor de economische waarde als gevolg van het vastzetten van toekomstig renterendement op de met deze saldi gefinancierde activa en de potentiële inkomstenderving in een situatie van stijgende rentetarieven;
  • (f) baseren zij zich niet uitsluitend op statistische of kwantitatieve methoden om de door gedrag tot stand gekomen renteherzieningsdata en het kasstroomprofiel van DzVL's vast te stellen. Bovendien kan de bepaling van passende modelleringsaannames voor DzVL's samenwerking van verschillende experts binnen een instelling vereisen (bijv. afdeling risicobeheer en risicocontrole, verkoop en financiën);
  • (g) beschikken zij over passende documentatie van deze aannames in hun beleid en procedures, en over een procedure voor de continue toetsing daarvan;
  • (h) hebben zij inzicht in de impact van de aannames op de risicometingsoutputs die de instelling zelf heeft gekozen en op interne besluiten over kapitaaltoewijzing, onder meer door periodiek gevoeligheidsanalyses uit te voeren voor kernparameters (bijv. percentage en looptijd van kernsaldi op rekeningen en doorwerking), en in de metingen met contractuele looptijden in plaats van gedragsaannames, om de impact van aannames op zowel economische waarde als inkomsten te isoleren;
  • (i) voeren zij stresstests uit om inzicht te krijgen in de gevoeligheid van de gekozen risicometingen voor veranderingen in essentiële aannames, en houden zij bij besluiten over de interne toewijzing van kapitaal rekening met de uitkomsten van die stresstests.

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis
  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/