+38. Voor de toepassing van paragraaf 37 moeten instellingen, indien een bepaalde niet-volgestorte …

38. Voor de toepassing van paragraaf 37 moeten instellingen, indien een bepaalde niet-volgestorte …

Voor de toepassing van paragraaf 37 moeten instellingen, indien een bepaalde niet-volgestorte kredietprotectie de oorspronkelijke vordering niet volledig dekt, in staat zijn om het deel van de vordering dat niet onder die niet-volgestorte kredietprotectie valt, toe te wijzen aan de PD- en LGD-ramingen die van toepassing zijn op de oorspronkelijke vordering zonder het effect van die niet-volgestorte kredietprotectie in aanmerking te nemen. Bovendien moeten instellingen voor de berekening van de gerealiseerde LGD die van toepassing is op het deel van de vordering dat niet onder de niet-volgestorte kredietprotectie valt, de kasstromen en kosten op de volgende manier toerekenen:

  • (a) kasstromen die van de garantiegever worden ontvangen dienen te worden toegerekend aan het gegarandeerde deel van de vordering, terwijl kasstromen die afkomstig zijn uit een andere bron dienen te worden toegerekend aan het deel van de vordering dat niet door de niet-volgestorte kredietprotectie gedekt wordt. In het geval van vorderingen waarvoor ook volgestorte kredietprotectie is verleend, moeten de kasstromen die verband houden met de volgestorte kredietprotectie worden toegerekend aan het deel van de vordering dat door deze volgestorte kredietprotectie wordt gedekt, in overeenstemming met de richtsnoeren in paragraaf 46.
  • (b) Indirecte kosten moeten aan de verschillende delen van de vordering worden toegerekend overeenkomstig de richtsnoeren in punt 113 van de EBA-richtsnoeren inzake PD- en LGD-ramingen.
  • (c) Directe kosten die rechtstreeks verband houden met de uitoefening van de niet-volgestorte kredietprotectie, dienen te worden toegerekend aan het gegarandeerde deel van de vorderingen, terwijl de overige directe kosten dienen te worden toegerekend aan het deel van de vordering dat niet onder de niet-volgestorte kredietprotectie valt. In het geval van vorderingen waarvoor ook volgestorte kredietprotectie is verleend, dienen de directe kosten die verband houden met de realisatie van de volgestorte kredietprotectie te worden toegerekend aan het gegarandeerde deel van de vordering, in overeenstemming met de richtsnoeren in paragraaf 46.

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis
  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/