|
In deze richtsnoeren wordt ten eerste toegelicht hoe instellingen in hun herstelplannen en groepsherstelplannen een samenvatting van de totale herstelcapaciteit dienen op te nemen in overeenstemming met de artikelen 5 en 7 van alsook de bijlage, deel A, punt 1, bij Richtlijn 2014/59/EU2 en met hoofdstuk I, afdeling II, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/1075 van de Commissie3 , en ten tweede hoe bevoegde autoriteiten de totale herstelcapaciteit van instellingen dienen te beoordelen bij de beoordeling van herstelplannen en groepsherstelplannen in overeenstemming met de artikelen 6 en 8 van die richtlijn en met hoofdstuk I, afdeling III, van die gedelegeerde verordening.
2 Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de Richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en de Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190). 3 Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/1075 van de Commissie van 23 maart 2016 houdende aanvulling van Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot technische reguleringsnormen ter specificatie van de inhoud van herstelplannen, afwikkelingsplannen en groepsafwikkelingsplannen, de minimumcriteria die de bevoegde autoriteiten moeten beoordelen met betrekking tot herstelplannen en groepsherstelplannen, de voorwaarden voor financiële steun binnen de groep, de voorwaarden voor onafhankelijke taxateurs, de contractuele erkenning van afschrijvings- en omzettingsbevoegdheden, de procedures en de inhoud van de kennisgevingsvereisten en van de kennisgeving van opschorting en de operationele werking van de afwikkelingscolleges (PB L 184 van 8.7.2016, blz. 1).
|