+TITLE I SUBJECT MATTER, SCOPE AND DEFINITIONS
---+Artikel 1 Toepassingsgebied
---+Artikel 2 Toezichtsbevoegdheden
------+Artikel 2 1.
------+Artikel 2 2.
------+Artikel 2 3.
------+Artikel 2 4.
------+Artikel 2 5.
---+Artikel 3 Toepassing van striktere vereisten door instellingen
---+Artikel 4 Definities
------+Artikel 4 1.
------+Article 4 2.
------+Artikel 4 3.
------+Artikel 4 4.
------+Artikel 4 5.
---+Artikel 5 Specifieke definities voor kapitaalvereisten voor kredietrisico
---+Artikel 5 bis Specifieke definities voor cryptoactiva

TITLE I SUBJECT MATTER, SCOPE AND DEFINITIONS

TITLE I SUBJECT MATTER, SCOPE AND DEFINITIONS

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
Artikel 1 Toepassingsgebied

Artikel 1

Toepassingsgebied

In deze verordening worden uniforme regels vastgesteld betreffende algemene prudentiële vereisten waaraan instellingen, financiële holdings en gemengde financiële holdings waarop overeenkomstig Richtlijn 2013/36/EU toezicht wordt uitgeoefend, moeten voldoen op de volgende gebieden:

a) 

eigenvermogensvereisten met betrekking tot volledig kwantificeerbare, uniforme en gestandaardiseerde elementen van kredietrisico, marktrisico, operationeel risico, afwikkelingsrisico en hefboomfinanciering;

b) 

vereisten ter beperking van grote blootstellingen;

c) 

liquiditeitsvereisten met betrekking tot volledig kwantificeerbare, uniforme en gestandaardiseerde elementen van liquiditeitsrisico;

d) 

rapportagevereisten met betrekking tot de punten a), b) en c);

e) 

openbaarmakingsvereisten.

In deze verordening worden uniforme regels vastgesteld betreffende de vereisten inzake eigen vermogen en in aanmerking komende passiva die af te wikkelen entiteiten die mondiaal systeemrelevante instellingen (MSI's) zijn of onderdeel zijn van MSI's en dochterondernemingen van wezenlijk belang van niet-EU-MSI's, in acht moeten nemen.

Deze verordening is niet van toepassing op de in Richtlijn 2013/36/EU bepaalde openbaarmakingsvereisten voor bevoegde autoriteiten op het gebied van prudentiële regelgeving voor en prudentieel toezicht op de instellingen.

Artikel 2 Toezichtsbevoegdheden -
Artikel 3 Toepassing van striktere vereisten door instellingen

Artikel 3

Toepassing van striktere vereisten door instellingen

Deze verordening belet instellingen niet hogere bedragen aan eigen vermogen en bestanddelen ervan aan te houden dan, of maatregelen toe te passen die strikter zijn dan die welke bij deze verordening worden voorgeschreven.

Artikel 4 Definities -
Artikel 5 Specifieke definities voor kapitaalvereisten voor kredietrisico

Artikel 5

Specifieke definities voor kapitaalvereisten voor kredietrisico

Voor de toepassing van deel 3, titel II, zijn de volgende definities van toepassing:

(1)

"blootstelling" : een actiefpost of een post buiten de balanstelling;

(2)

"verlies" : economisch verlies, met inbegrip van substantiële disconteringseffecten, en substantiële directe en indirecte incassokosten met betrekking tot het instrument;

▼M17

(3)

"verwacht verlies (

expected loss

 — EL)" : de verhouding, wat betreft één faciliteit, tussen het verlies op een blootstelling

a) 

dat bij een eventuele wanbetaling van een debiteur over een periode van één jaar te verwachten is, en het uitstaande bedrag bij wanbetaling;

b) 

dat bij een eventuele verwateringsgebeurtenis over een periode van één jaar te verwachten is, en het uitstaande bedrag op de datum dat de verwateringsgebeurtenis zich voordoet;

▼M17

(4)

"kredietverplichting" : uit een kredietovereenkomst voortvloeiende verplichting, met inbegrip van hoofdsom, opgelopen rente en provisies, die een debiteur verschuldigd is;

(5)

"kredietblootstelling" : een post binnen of buiten de balanstelling, die in een kredietverplichting resulteert of kan resulteren;

(6)

"faciliteit" of "kredietfaciliteit" : een kredietblootstelling die voortvloeit uit een overeenkomst of een reeks overeenkomsten tussen een debiteur en een instelling;

(7)

"voorzichtigheidsmarge" : een in risicoparameterschattingen opgenomen opslagfactor om rekening te houden met de verwachte range van schattingsfouten als gevolg van geconstateerde tekortkomingen in gegevens, methoden, modellen en veranderingen in overnemingsnormen, risicobereidheid, inning- en verhaalsbeleid en andere verdere bronnen van onzekerheid, alsmede van algemene schattingsfouten;

(8)

"adequate aanpassing" : het effect op risicoparameterschattingen door de toepassing van methodieken bij de schatting van risicoparameters om de in gegevens en in schattingsmethoden geconstateerde tekortkomingen te verhelpen en in de mate van het mogelijke rekening te houden met veranderingen in overnemingsnormen, risicobereidheid, inning- en verhaalsbeleid en andere verdere bronnen van onzekerheid teneinde vertekeningen in risicoparameterschattingen te vermijden;

(9)

"kleine en middelgrote onderneming" : (kmo): een vennootschap die, een bedrijf dat of een onderneming die, volgens zijn of haar meest recente geconsolideerde jaarrekening, een jaaromzet van ten hoogste 50 000 000 EUR heeft;

(10)

"kredietlijn" : een door een instelling aan een cliënt aangeboden en door die cliënt geaccepteerde contractuele regeling om krediet toe te kennen, activa te verwerven of kredietvervangingen uit te geven, en regelingen die te allen tijde door een instelling onvoorwaardelijk zonder voorafgaande kennisgeving aan een debiteur kunnen worden opgezegd of regelingen die door een instelling kunnen worden opgezegd indien een debiteur de in de documentatie van de faciliteit opgenomen voorwaarden niet nakomt, met inbegrip van voorwaarden die door een debiteur moeten worden vervuld vóór een eerste of latere opname in het kader van de regeling, tenzij voor de contractuele regelingen aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan:
a) 

de instelling ontvangt geen vergoedingen of provisies om die contractuele regelingen tot stand te brengen of in stand te houden;

b) 

de cliënt moet zich tot de instelling wenden voor de eerste en iedere volgende opname in het kader van die contractuele regelingen;

c) 

de instelling heeft, ongeacht of de cliënt de in de documentatie van de contractuele regeling opgenomen voorwaarden nakomt, de volledige bevoegdheid over de uitvoering van iedere opname;

d) 

de contractuele regelingen laten de instelling toe bij iedere opname onmiddellijk voordat zij een besluit neemt over de uitvoering ervan, de kredietwaardigheid van de cliënt te beoordelen en de instelling heeft interne procedures ingevoerd die ervoor zorgen dat dergelijke beoordeling wordt uitgevoerd vóór de uitvoering van iedere opname en past die procedures toe;

e) 

de contractuele regelingen worden aangeboden aan een zakelijke entiteit, daaronder begrepen kmo’s, die op doorlopende basis nauwgezet worden gemonitord;

(11)

"onvoorwaardelijk opzegbare kredietlijn" : een kredietlijn waarvan de voorwaarden de instelling toestaan om die kredietlijn te allen tijde, zonder voorafgaande kennisgeving aan de debiteur, op te zeggen voor zover toegestaan door de rechtshandelingen inzake consumentenbescherming en aanverwante rechtshandelingen, indien van toepassing, of die daadwerkelijk voorzien in automatische opzegging als gevolg van een verslechtering van de kredietwaardigheid van een kredietnemer.

Artikel 5 bis Specifieke definities voor cryptoactiva

Artikel 5 bis

Specifieke definities voor cryptoactiva

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

1) 

„cryptoactivum”: een cryptoactivum zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 5, van Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad ( 20 ) dat geen digitale valuta van een centrale bank is;

2) 

„elektronischgeldtoken” of „e-moneytoken”: een elektronischgeldtoken of e-moneytoken zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 7, van Verordening (EU) 2023/1114;

3) 

„blootstelling aan cryptoactiva”: een activumpost of een post buiten de balanstelling die verband houdt met een cryptoactivum dat aanleiding geeft tot kredietrisico, tegenpartijkredietrisico, marktrisico, operationeel risico of liquiditeitsrisico;

4) 

„traditioneel activum”: een ander activum dan een cryptoactivum, met inbegrip van:

a) 

financiële instrumenten zoals gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punt 50, van deze verordening;

b) 

geldmiddelen zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 25, van Richtlijn (EU) 2015/2366;

c) 

deposito’s zoals gedefinieerd in artikel 2, lid 1, punt 3, van Richtlijn 2014/49/EU van het Europees Parlement en van de Raad ( 21 ), met inbegrip van gestructureerde deposito’s;

d) 

securitisatieposities in het kader van een securitisatie zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 1, van Verordening (EU) 2017/2402;

e) 

schade- of levensverzekeringsproducten die vallen onder de in de bijlagen I en II bij Richtlijn 2009/138/EG genoemde verzekeringsbranches of in die richtlijn bedoelde herverzekerings- en retrocessieovereenkomsten;

f) 

pensioenproducten die naar nationaal recht worden geacht voornamelijk tot doel te hebben de belegger van een pensioeninkomen te voorzien, en die de belegger het recht geven op bepaalde uitkeringen;

g) 

officieel erkende bedrijfspensioenregelingen die binnen het toepassingsgebied van Richtlijn (EU) 2016/2341 van het Europees Parlement en de Raad ( 22 ) of Richtlijn 2009/138/EG vallen;

h) 

individuele pensioenproducten waarvoor naar nationaal recht een financiële bijdrage van de werkgever is vereist en waarbij de werkgever of de werknemer geen vrijheid heeft in de keuze van het pensioenproduct of de aanbieder;

i) 

een pan-Europees persoonlijk pensioenproduct zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 2, van Verordening (EU) 2019/1238 van het Europees Parlement en de Raad ( 23 );

j) 

socialezekerheidsstelsels waarop Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad ( 24 ) en Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad ( 25 ) van toepassing zijn;

5) 

„getokeniseerd traditioneel activum”: een type cryptoactivum dat een traditioneel activum, met inbegrip van een e-moneytoken, vertegenwoordigt;

6) 

„activagerelateerde token”: een activagerelateerde token zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 6, van Verordening (EU) 2023/1114;

7) 

„cryptoactivadienst”: een cryptoactivadienst zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 16, van Verordening (EU) 2023/1114.

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis