1. Voor het bepalen van de reputatieschade door het incident als bedoeld in artikel 18, lid 1, punt a), van Verordening (EU) 2022/2554, gaan financiële entiteiten ervan uit dat zich een reputatieschade heeft voorgedaan wanneer aan ten minste een van de volgende criteria is voldaan:
|
a)
|
over het incident is bericht in de media;
|
|
b)
|
het incident heeft geleid tot herhaalde klachten van verschillende cliënten of financiële tegenpartijen over diensten of kritieke zakelijke relaties;
|
|
c)
|
de financiële entiteit zal als gevolg van het incident niet of wellicht niet in staat zijn aan de wettelijke vereisten te voldoen;
|
|
d)
|
de financiële entiteit zal als gevolg van het incident cliënten of financiële tegenpartijen met een wezenlijke impact op haar bedrijfsactiviteiten verliezen of wellicht verliezen.
|