+Artikel 38 4)

Artikel 38 4)

de volgende artikelen worden ingevoegd:

“Artikel 19 bis

1.   De lidstaten verlangen van aanbieders van cryptoactivadiensten dat zij het risico op het witwassen van gel en terrorismefinanciering dat verbonden is aan overdrachten van cryptoactiva naar of vanuit een zelfgehost adres, vaststellen en beoordelen. Daartoe beschikken aanbieders van cryptoactivadiensten over interne beleidsregels, procedures en controles. De lidstaten verlangen van de aanbieders van cryptoactivadiensten dat zij risicobeperkende maatregelen nemen die in verhouding staan tot de vastgestelde risico’s. Daarbij gaat het om een of meer van de volgende risicobeperkende maatregelen:

a)

het nemen van risicogebaseerde maatregelen ter identificatie en ter verificatie van de identiteit van de initiator of de begunstigde van een overdracht naar of vanuit een zelfgehost adres, of van de uiteindelijke begunstigde eigenaar van de initiator of begunstigde, onder meer door een beroep te doen op derde partijen;

b)

het eisen van aanvullende informatie over de oorsprong en de bestemming van de overgemaakte cryptoactiva;

c)

het aanscherpen van de permanente monitoring van deze transacties;

d)

alle andere maatregelen om de risico’s op het witwassen van geld en terrorismefinanciering evenals het risico op niet-uitvoering en ontduiking van gerichte financiële sancties en van gerichte financiële sancties in verband met de financiering van proliferatie te beperken en te beheren.

2.   Uiterlijk op 30 december 2024 verstrekt de EBA richtsnoeren tot nadere bepaling van de in dit artikel bedoelde maatregelen, met inbegrip van de criteria en middelen ter identificatie en ter verificatie van de identiteit van de initiator of de begunstigde van een overdracht naar of vanuit een zelfgehost adres, met name door een beroep te doen op derde partijen, rekening houdend met de meest recente technologische ontwikkelingen.

Artikel 19 ter

1.   In afwijking van artikel 19, met betrekking tot grensoverschrijdende correspondentrelaties waarbij cryptoactivadiensten als gedefinieerd in artikel 3, lid 1, punt 16), van Verordening (EU) 2023/1114, met uitzondering van punt h) van dat punt, worden uitgevoerd met een respondent-entiteit die niet in de Unie is gevestigd en soortgelijke diensten levert, inclusief overdrachten van cryptoactiva, verlangen de lidstaten, bovenop de in artikel 13 van deze richtlijn vastgestelde cliëntenonderzoeksmaatregelen, dat aanbieders van cryptoactivadiensten, wanneer zij zakelijke relaties met een dergelijke entiteit aangaan:

a)

bepalen of de respondent-entiteit geregistreerd of vergunningshoudend is;

b)

voldoende informatie over de respondent-entiteit verzamelen om een volledig beeld te krijgen van de aard van de bedrijfsactiviteit van de respondent, en op basis van publiekelijk beschikbare informatie de reputatie van de entiteit en de kwaliteit van het toezicht bepalen;

c)

de AML/CFT-controles van de respondent-entiteit beoordelen;

d)

toestemming verkrijgen van het hoger leidinggevend personeel alvorens nieuwe correspondentrelaties aan te gaan;

e)

de respectieve verantwoordelijkheden van elke correspondentrelatie documenteren;

f)

met betrekking tot cryptoactiva-transitrekeningen zich ervan vergewissen dat de respondent-entiteit de identiteit heeft geverifieerd van, en doorlopend cliëntenonderzoek heeft verricht ten aanzien van, de cliënten die rechtstreeks toegang hebben tot de rekeningen van de correspondent-entiteit en dat zij in staat is om op verzoek de relevante cliëntenonderzoeksgegevens te verstrekken aan de correspondent-entiteit.

Wanneer aanbieders van cryptoactivadiensten besluiten correspondentrelaties te beëindigen om redenen die verband houden met het beleid ter bestrijding van witwassen van geld en terrorismefinanciering, documenteren zij hun besluit, en stellen zij dat besluit vast.

Aanbieders van cryptoactivadiensten actualiseren de informatie van het cliëntenonderzoek voor de correspondentrelatie op gezette tijden, of wanneer nieuwe risico’s met betrekking tot de respondent-entiteit ontstaan.

2.   De lidstaten zorgen ervoor dat aanbieders van cryptoactivadiensten rekening houden met de in de eerste alinea bedoelde informatie teneinde op basis van risicogevoeligheid te bepalen welke maatregelen moeten worden genomen om de risico’s die verbonden zijn aan de respondent-entiteit te beperken.

3.   Uiterlijk op 30 juni 2024 verstrekt de EBA richtsnoeren tot nadere bepaling van de criteria en elementen waarmee aanbieders van cryptoactivadiensten rekening moeten houden bij het uitvoeren van de in lid 1 bedoelde beoordeling en de in lid 2 bedoelde risicobeperkende maatregelen, met inbegrip van de minimale actie die aanbieders van cryptoactivadiensten moeten ondernemen wanneer de respondent-entiteit niet geregistreerd is of niet over een vergunning beschikt.”

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis