1. De meldingsplichtige entiteiten verrichten een doorlopende monitoring van zakelijke relaties, met inbegrip van de tijdens de gehele duur van een zakelijke relatie door de cliënt verrichte transacties, met als doel ervoor te zorgen dat die transacties stroken met de kennis van de meldingsplichtige entiteit over de cliënt en diens bedrijfsactiviteit en risicoprofiel, en indien nodig, met de informatie over de oorsprong en bestemming van de geldmiddelen, en met als doel de transacties op te sporen die op grond van artikel 69, lid 2, grondiger zullen worden beoordeeld.
Indien zakelijke relaties betrekking hebben op meer dan één product of dienst, zorgen de meldingsplichtige entiteiten ervoor dat de cliëntenonderzoeksmaatregelen al die producten en diensten dekken.
Indien de tot een groep behorende meldingsplichtige entiteiten zakelijke relaties onderhouden met cliënten die ook cliënt zijn van andere entiteiten binnen die groep, ongeacht of het gaat om meldingsplichtige entiteiten of ondernemingen die niet aan AML/CFT-vereisten onderworpen zijn, houden zij bij het monitoren van de zakelijke relatie met hun cliënten rekening met informatie over die andere zakelijke relaties.