+Artikel 3 Leden van het gezamenlijke onderzoeksteam
---+Artikel 3 1
---+Artikel 3 2
---+Artikel 3 3
---+Artikel 3 4
|
Artikel 3 Leden van het gezamenlijke onderzoeksteam
-
1. Overzicht
| Titel |
Regelgeving |
|
Artikel 3 1
|
1. De lead overseer bepaalt het aantal leden van het gezamenlijke onderzoeksteam en de samenstelling ervan in overleg met het in artikel 34, lid 1, van Verordening (EU) 2022/2554 bedoelde gezamenlijk oversightnetwerk en in overleg met het in artikel 32, lid 1, van die verordening bedoelde oversightforum.
|
|
Artikel 3 2
|
2. De lead overseer stelt dat aantal vast in het kader van de oprichting van het gezamenlijke onderzoeksteam, en zoals nodig in de loop van de tijd, rekening houdend met:
|
a)
|
de taken die zijn opgenomen in de individuele jaarlijkse oversightplannen die zijn opgesteld voor elke kritieke derde aanbieder van ICT-diensten waarvoor het gezamenlijke onderzoeksteam oversight verricht;
|
|
b)
|
de strategische doelstellingen van het meerjarige oversightplan dat is opgesteld voor alle kritieke derde aanbieders van ICT-diensten waarvoor door alle gezamenlijke onderzoeksteams oversightactiviteiten worden verricht.
|
|
|
Artikel 3 3
|
3. Om het aantal en de samenstelling van de leden van het gezamenlijke onderzoeksteam te bepalen, houdt de lead overseer ten minste rekening met al het volgende:
|
a)
|
het beoogde niveau van intensiteit van de met betrekking tot alle kritieke derde aanbieders van ICT-diensten uit te voeren oversightactiviteiten;
|
|
b)
|
de omvang en complexiteit van de derde aanbieder van ICT-diensten waarop oversight wordt verricht door het gezamenlijke onderzoeksteam en door de ETA’s als lead overseer;
|
|
c)
|
de specifieke individuele oversightbehoeften met betrekking tot de specifieke kritieke derde aanbieder van ICT-diensten, zoals beoordeeld door de lead overseer;
|
|
d)
|
de stabiliteit van de samenstelling van het gezamenlijke onderzoeksteam, waarbij ervoor wordt gezorgd dat de kennis naar behoren wordt bewaard;
|
|
e)
|
de vaardigheden die nodig zijn voor de uitvoering van de taken door het gezamenlijke onderzoeksteam, rekening houdend met de technische en niet-technische ICT-kennisvereisten;
|
|
f)
|
de lidstaten waar de kritieke derde aanbieder van ICT-diensten ICT-diensten verleent ter ondersteuning van kritieke of belangrijke functies van de financiële entiteiten, en de bevoegde autoriteiten die toezicht houden op de financiële entiteiten die van die diensten gebruikmaken;
|
|
g)
|
de verschillende soorten, omvang en aantallen financiële entiteiten waaraan de kritieke derde aanbieder van ICT-diensten ICT-diensten verleent ter ondersteuning van kritieke of belangrijke functies;
|
|
h)
|
de bevoegde autoriteiten die toezicht houden op de financiële entiteiten die het meest afhankelijk zijn van de ICT-diensten die door de cruciale derde aanbieders van ICT-diensten worden verleend;
|
|
i)
|
een evenredige sectoroverschrijdende vertegenwoordiging van de aanwijzende autoriteiten van het gezamenlijke onderzoeksteam.
|
|
|
Artikel 3 4
|
4. Bij het voordragen van leden van het gezamenlijke onderzoeksteam houden de in artikel 40, lid 2, van Verordening (EU) 2022/2554 bedoelde autoriteiten ten minste rekening met lid 3, punten c), d), e), g) en h).
|
,
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|