+Artikel 220 3.

Artikel 220 3.

De instellingen berekenen E * volgens de onderstaande formule:

image

waarbij:

i

= de index die alle onder de overeenkomst vallende afzonderlijke effecten, grondstoffen of kasposities aangeeft, die ofwel zijn uitgeleend, verkocht met een overeenkomst om deze terug te kopen, of die door de instelling bij de tegenpartij worden gedeponeerd;

j

= de index die voor alle onder de overeenkomst vallende afzonderlijke effecten, grondstoffen of kasposities aangeeft, die ofwel zijn ontleend, gekocht met een overeenkomst om deze opnieuw te verkopen, of die door de instelling worden gehouden;

k

= de index die alle afzonderlijke valuta aangeeft waarin onder de overeenkomst vallende effecten, grondstoffen of kasposities luiden;

Ei

= de blootstellingswaarde van effect, grondstof of kaspositie i die ofwel is uitgeleend, verkocht met een overeenkomst om deze terug te kopen, of bij de tegenpartij is gedeponeerd op grond van de overeenkomst die bij gebreke van kredietprotectie van toepassing zou zijn indien instellingen de risicogewogen posten berekenen overeenkomstig hoofdstuk 2 of 3, naargelang het geval;

Cj

= de waarde van effect, grondstof of kaspositie j die ofwel is ontleend, gekocht met een overeenkomst om deze opnieuw te verkopen, of die door de instelling wordt gehouden krachtens de overeenkomst;

image

= de nettopositie (positief of negatief) in een bepaalde valuta k niet zijnde de vereffeningsvaluta van de overeenkomst, als berekend overeenkomstig lid 2, punt b);

image

= wisselkoers-volatiliteitsaanpassing voor valuta k;

Enetto

= de nettoblootstelling van de overeenkomst, als volgt berekend:

image

waarbij:

l

= de index die alle onderscheiden groepen van dezelfde effecten en alle onderscheiden typen van dezelfde grondstoffen aangeeft die onder de overeenkomst vallen;

image

= de nettopositie (positief of negatief) in een bepaalde onder de overeenkomst vallende groep effecten l of soort grondstoffen l, berekend overeenkomstig lid 2, punt a);

image

= de volatiliteitsaanpassing die passend is voor een bepaalde groep effecten l of voor een bepaalde soort grondstoffen l, bepaald overeenkomstig lid 2, punt c); het teken van image wordt als volgt bepaald:

a) 

het teken is positief indien de groep effecten l wordt uitgeleend, verkocht met een overeenkomst om deze terug te kopen, of de transacties daarin vergelijkbaar zijn met ofwel een verstrekte effectenlening of een retrocessieovereenkomst;

b) 

het teken is negatief indien de groep effecten l wordt ontleend, gekocht met een overeenkomst om deze terug te verkopen, of de transacties daarin vergelijkbaar zijn met ofwel een opgenomen effectenlening of een omgekeerde retrocessieovereenkomst;

N

= het totale aantal onderscheiden groepen van dezelfde effecten en onderscheiden soorten dezelfde grondstoffen die onder de overeenkomst vallen; ten behoeve van deze berekening worden groepen en soorten image waarvoor image minder dan image bedraagt, niet meegerekend;

Ebruto

= de brutoblootstelling van de overeenkomst, als volgt berekend:

image.

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis