+Artikel 76 5
|
Artikel 76 5
5. De meldingsplichtige entiteiten mogen besluiten vaststellen die voortvloeien uit geautomatiseerde verwerking, met inbegrip van profilering zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 4, van Verordening (EU) 2016/679, of uit processen waarbij wordt gebruikgemaakt van AI-systemen zoals gedefinieerd in artikel 3, punt 1, van Verordening (EU) 2024/xxx van het Europees Parlement en de Raad (45), op voorwaarde dat:
|
a)
|
de door die systemen verwerkte gegevens beperkt zijn tot gegevens die op grond van hoofdstuk III van deze verordening zijn verkregen;
|
|
b)
|
elk besluit om een zakelijke relatie met een cliënt aan te gaan of te weigeren, te onderhouden of een occasionele transactie voor een cliënt te verrichten of te weigeren, of om de omvang van de op grond van artikel 20 van deze verordening toegepaste cliëntenonderzoeksmaatregelen te vergroten of te verkleinen, onderworpen is aan beduidende menselijke tussenkomst om de nauwkeurigheid en geschiktheid van een dergelijk besluit te waarborgen, en
|
|
c)
|
de cliënt uitleg kan krijgen over het door de meldingsplichtige entiteit genomen besluit en dat besluit kan aanvechten, met uitzondering van een melding als bedoeld in artikel 69 van deze verordening.
|
1. Overzicht
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|