4. In de in lid 3 van dit artikel genoemde gevallen verstrekken de juridische entiteiten overeenkomstig artikel 20 van deze verordening en artikel 10 van Richtlijn (EU) 2024/1640 de volgende informatie over de uiteindelijk begunstigden:
|
a)
|
een verklaring dat er geen uiteindelijk begunstigden zijn of dat de uiteindelijk begunstigden niet konden worden bepaald, vergezeld van een motivering waarom het niet mogelijk was om de uiteindelijk begunstigde te bepalen overeenkomstig de artikelen 51 tot en met 57 van dit artikel en waarom onzekerheid bestaat over de verkregen informatie;
|
|
b)
|
de gegevens van alle natuurlijke personen die de functie van hogere leidinggevenden in de juridische entiteit bekleden, gelijkwaardig aan de krachtens artikel 62, lid 1, tweede alinea, punt a), van deze verordening vereiste informatie.
|
Voor de toepassing van dit lid wordt onder “hogere leidinggevende” verstaan de natuurlijke personen die de uitvoerende leden van het leidinggevend orgaan zijn, alsmede de natuurlijke personen die uitvoerende functies in een juridische entiteit uitoefenen en verantwoordelijk zijn voor, en aan het leidinggevend orgaan verantwoording afleggen voor, de dagelijkse leiding van de entiteit.