+Richtsnoer 5: Berekening van het risicoprofielcriterium

Richtsnoer 5: Berekening van het risicoprofielcriterium

Waarde van ontvangen verzoeken om terugbetaling

5.1 Wanneer bevoegde autoriteiten de waarde van de indicator 'ontvangen verzoeken om terugbetaling’ berekenen, gebruiken zij de totale waarde van alle verzoeken om terugbetaling die de gebruikers van de betalingsdienst van de onderneming en RBDA's in de voorgaande 12 kalendermaanden hebben ingediend wegens verliezen als gevolg van een of meer van de in artikel 5, leden 2 en 3, van PSD2 bedoelde aansprakelijkheden.

5.2 Als in de voorgaande 12 maanden geen verzoeken om terugbetaling bij de onderneming zijn ingediend, stellen bevoegde autoriteiten de waarde voor deze indicator in de formule op 0.

5.3 Voor ondernemingen die in de voorgaande 12 maanden op geen enkel tijdstip diensten hebben aangeboden, gebruiken bevoegde autoriteiten de totale waarde van alle verzoeken om terugbetaling die de onderneming heeft geprognosticeerd ten behoeve van haar vergunnings-/registratieaanvraag.

5.4 Als de onderneming geen prognoses verstrekt betreffende verzoeken om terugbetaling, of als het bedrag dat voortvloeit uit de toepassing van de geprognosticeerde totale waarde van verzoeken om terugbetaling lager is dan 50 000 EUR, stellen bevoegde autoriteiten de waarde voor deze indicator in de formule op 50 000.

Aantal betalingstransacties dat is geïnitieerd door ondernemingen die BID aanbieden

5.5 Bevoegde autoriteiten berekenen de waarde van de indicator ‘aantal geïnitieerde betalingstransacties’ als de som van de volgende elementen, waarbij N staat voor het aantal betalingstransacties dat de onderneming in de voorgaande 12 maanden heeft geïnitieerd:

  • (a) 40% van het gedeelte van N tot en met 10 000 geïnitieerde betalingen;

plus

  • (b) 25% van het gedeelte van N boven 10 000 geïnitieerde betalingen tot en met 100 000 geïnitieerde betalingen;

plus

  • (c) 10% van het gedeelte van N boven 100 000 geïnitieerde betalingen tot en met 1 miljoen geïnitieerde betalingen;

plus

  • (d) 5% van het gedeelte van N boven 1 miljoen geïnitieerde betalingen tot en met 10 miljoen geïnitieerde betalingen;

plus

  • (e) 0,025% van het gedeelte van N boven 10 miljoen geïnitieerde betalingen. 5.6 Voor ondernemingen die in de voorgaande 12 maanden op geen enkel tijdstip diensten hebben aangeboden, gebruiken bevoegde autoriteiten het aantal geïnitieerde betalingstransacties dat de onderneming heeft geprognosticeerd ten behoeve van haar vergunningsaanvraag.

5.7 Als de onderneming geen prognoses verstrekt betreffende het aantal geïnitieerde betalingstransacties, of als het bedrag dat voortvloeit uit de toepassing van het geprognosticeerde aantal geïnitieerde betalingstransacties lager is dan 50 000, stellen bevoegde autoriteiten de waarde voor deze indicator in de formule op 50 000.

Aantal betaalrekeningen waartoe een onderneming die RID aanbiedt, toegang heeft

5.8 Bevoegde autoriteiten berekenen de waarde van de indicator ‘aantal betaalrekeningen waartoe een onderneming toegang heeft’ als de som van de volgende elementen, waarbij N staat voor het aantal verschillende betaalrekeningen waartoe een onderneming die RID aanbiedt, in de voorgaande 12 maanden toegang heeft gehad:

  • (a) 40% van het gedeelte van N tot en met 10 000 rekeningen;

plus

  • (b) 25% van het gedeelte van N boven 10 000 rekeningen tot en met 100 000 rekeningen;

plus

  • (c) 10% van het gedeelte van N boven 100 000 rekeningen tot en met 1 miljoen rekeningen;

plus

  • (d) 5% van het gedeelte van N boven 1 miljoen rekeningen tot en met 10 miljoen rekeningen;

plus

  • (e) 0,025% van het gedeelte van N boven 10 miljoen rekeningen.

5.9 Voor ondernemingen die in de voorgaande 12 maanden op geen enkel tijdstip diensten hebben aangeboden, gebruiken bevoegde autoriteiten het aantal betaalrekeningen waarvan de onderneming ten behoeve van haar registratie- of vergunningsaanvraag heeft geprognosticeerd dat zij er toegang toe zal hebben.

5.10 Als de onderneming geen prognoses verstrekt betreffende het aantal betaalrekeningen waartoe zij toegang zal hebben, of als het bedrag dat voortvloeit uit de toepassing van het geprognosticeerde aantal betaalrekeningen lager is dan 50 000, stellen bevoegde autoriteiten de waarde voor deze indicator in de formule op 50 000.

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis
  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/