+RICHTLIJN (EU) 2025/1 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 27 november 2024 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2007/36/EG, 2014/59/EU en (EU) 2017/1132 en de Verordeningen (EU) nr. 1094/2010, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 806/2014 en (EU) 2017/1129 (Voor de EER relevante tekst)
---+Preamble: 1
---+TITEL I ONDERWERP EN TOEPASSINGSGEBIED, DEFINITIES EN AANWIJZING VAN AFWIKKELINGSAUTORITEITEN
------+Artikel 1 Onderwerp en toepassingsgebied
---------+Artikel 1 1
---------+Artikel 1 2
------+Artikel 2 Definities
---------+Artikel 2 1)
---------+Artikel 2 2)
---------+Artikel 2 3)
---------+Artikel 2 4)
---------+Artikel 2 5)
---------+Artikel 2 6)
---------+Artikel 2 7)
---------+Artikel 2 8)
---------+Artikel 2 9)
---------+Artikel 2 10)
---------+Artikel 2 11)
---------+Artikel 2 12)
---------+Artikel 2 13)
---------+Artikel 2 14)
---------+Artikel 2 15)
---------+Artikel 2 16)
---------+Artikel 2 17)
---------+Artikel 2 18)
---------+Artikel 2 19)
---------+Artikel 2 20)
---------+Artikel 2 21)
---------+Artikel 2 22)
---------+Artikel 2 23)
---------+Artikel 2 24)
---------+Artikel 2 25)
---------+Artikel 2 26)
---------+Artikel 2 27)
---------+Artikel 2 28)
---------+Artikel 2 29)
---------+Artikel 2 30)
---------+Artikel 2 31)
---------+Artikel 2 32)
---------+Artikel 2 33)
---------+Artikel 2 34)
---------+Artikel 2 35)
---------+Artikel 2 36)
---------+Artikel 2 37)
---------+Artikel 2 38)
---------+Artikel 2 39)
---------+Artikel 2 40)
---------+Artikel 2 41)
---------+Artikel 2 42)
---------+Artikel 2 43)
---------+Artikel 2 44)
---------+Artikel 2 45)
---------+Artikel 2 46)
---------+Artikel 2 47)
---------+Artikel 2 48)
---------+Artikel 2 49)
---------+Artikel 2 50)
---------+Artikel 2 51)
---------+Artikel 2 52)
---------+Artikel 2 53)
---------+Artikel 2 54)
---------+Artikel 2 55)
---------+Artikel 2 56)
---------+Artikel 2 57)
---------+Artikel 2 58)
---------+Artikel 2 59)
---------+Artikel 2 60)
---------+Artikel 2 61)
---------+Artikel 2 62)
---------+Artikel 2 63)
---------+Artikel 2 64)
---------+Artikel 2 65)
---------+Artikel 2 66)
---------+Artikel 2 67)
---------+Artikel 2 68)
---------+Artikel 2 69)
---------+Artikel 2 70)
---------+Artikel 2 71)
---------+Artikel 2 72)
---------+Artikel 2 73)
---------+Artikel 2 74)
---------+Artikel 2 75)
---------+Artikel 2 76)
---------+Artikel 2 77)
---------+Artikel 2 78)
---------+Artikel 2 79)
---------+Artikel 2 80)
---------+Artikel 2 81)
---------+Artikel 2 82)
---------+Artikel 2 83)
---------+Artikel 2 84)
---------+Artikel 2 85)
---------+Artikel 2 86)
---------+Artikel 2 87)
---------+Artikel 2 88)
---------+Artikel 2 89)
---------+Artikel 2 90)
---------+Artikel 2 91)
------+Artikel 3 Aanwijzing van afwikkelingsautoriteiten en bevoegde ministeries
---------+Artikel 3 1
---------+Artikel 3 2
---------+Artikel 3 3
---------+Artikel 3 4
---------+Artikel 3 5
---------+Artikel 3 6
---------+Artikel 3 7
---------+Artikel 3 8
---------+Artikel 3 9
---------+Artikel 3 10
---------+Artikel 3 11
---+TITEL II VOORBEREIDING
------+HOOFDSTUK I Preventiefherstelplanning en afwikkelingsplanning
---------+Afdeling 1 Algemene bepalingen
------------+Artikel 4 Vereenvoudigde verplichtingen voor bepaalde ondernemingen
---------------+Artikel 4 1
---------------+Artikel 4 2
---------------+Artikel 4 3
---------------+Artikel 4 4
---------+Afdeling 2 Preventiefherstelplannen voor de groep
------------+Artikel 5 Preventiefherstelplannen voor de groep
---------------+Artikel 5 1
---------------+Artikel 5 2
---------------+Artikel 5 3
---------------+Artikel 5 4
---------------+Artikel 5 5
---------------+Artikel 5 6
---------------+Artikel 5 7
---------------+Artikel 5 8
---------------+Artikel 5 9
---------------+Artikel 5 10
---------------+Artikel 5 11
---------------+Artikel 5 12
------------+Artikel 6 Toetsing en beoordeling van preventiefherstelplannen door toezichthoudende autoriteiten
---------------+Artikel 6 1
---------------+Artikel 6 2
---------------+Artikel 6 3
---------------+Artikel 6 4
---------------+Artikel 6 5
------------+Artikel 7 Preventiefherstelplannen voor de groep
---------------+Artikel 7 1
---------------+Artikel 7 2
---------------+Artikel 7 3
---------------+Artikel 7 4
---------------+Artikel 7 5
---------------+Artikel 7 6
---------------+Artikel 7 7
---------------+Artikel 7 8
------------+Artikel 8 Evaluatie en beoordeling door de groepstoezichthouder van preventiefherstelplannen voor de groep
---------------+Artikel 8 1
---------------+Artikel 8 2
---------+Afdeling 3 Planning Van De Afwikkeling
------------+Artikel 9 Afwikkelingsplannen
---------------+Artikel 9 1
---------------+Artikel 9 2
---------------+Artikel 9 3
---------------+Artikel 9 4
---------------+Artikel 9 5
---------------+Artikel 9 6
---------------+Artikel 9 7
---------------+Artikel 9 8
---------------+Artikel 9 9
------------+Artikel 10 Groepsafwikkelingsplannen
---------------+Artikel 10 1
---------------+Artikel 10 2
---------------+Artikel 10 3
---------------+Artikel 10 4
---------------+Artikel 10 5
---------------+Artikel 10 6
------------+Artikel 11 Vereisten en procedure voor groepsafwikkelingsplannen
---------------+Artikel 11 1
---------------+Artikel 11 2
---------------+Artikel 11 3
---------------+Artikel 11 4
------------+Artikel 12 Informatie ten behoeve van de afwikkelingsplannen en medewerking van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming
---------------+Artikel 12 1
---------------+Artikel 12 2
---------------+Artikel 12 3
------+HOOFDSTUK II Afwikkelbaarheid
---------+Artikel 13 Beoordeling van de afwikkelbaarheid
------------+Artikel 13 1
------------+Artikel 13 2
------------+Artikel 13 3
------------+Artikel 13 4
------------+Artikel 13 5
---------+Artikel 14 Beoordeling van de afwikkelbaarheid voor groepen
------------+Artikel 14 1
------------+Artikel 14 2
------------+Artikel 14 3
------------+Artikel 14 4
------------+Artikel 14 5
---------+Artikel 15 Bevoegdheid voor het aanpakken of wegnemen van belemmeringen voor de afwikkelbaarheid
------------+Artikel 15 1
------------+Artikel 15 2
------------+Artikel 15 3
------------+Artikel 15 4
------------+Artikel 15 5
------------+Artikel 15 6
------------+Artikel 15 7
------------+Artikel 15 8
---------+Artikel 16 Bevoegdheden voor het aanpakken of wegnemen van belemmeringen voor de afwikkelbaarheid: groepsbehandeling
------------+Artikel 16 1
------------+Artikel 16 2
------------+Artikel 16 3
------------+Artikel 16 4
------+HOOFDSTUK III Gezamenlijke besluiten
---------+Artikel 17 Gezamenlijke besluiten
------------+Artikel 17 1
------------+Artikel 17 2
------------+Artikel 17 3
------------+Artikel 17 4
------------+Artikel 17 5
------------+Artikel 17 6
------------+Artikel 17 7
------------+Artikel 17 8
------------+Artikel 17 9
---+TITEL III AFWIKKELING
------+HOOFDSTUK I Afwikkelingsdoelstellingen, afwikkelingsvoorwaarden en algemene beginselen
---------+Artikel 18 Afwikkelingsdoelstellingen
------------+Artikel 18 1
------------+Artikel 18 2
------------+Artikel 18 3
---------+Artikel 19 Afwikkelingsvoorwaarden
------------+Artikel 19 1
------------+Artikel 19 2
------------+Artikel 19 3
------------+Artikel 19 4
------------+Artikel 19 5
---------+Artikel 20 Afwikkelingsvoorwaarden voor moederondernemingen en holdings
------------+Artikel 20 1
------------+Artikel 20 2
------------+Artikel 20 3
---------+Artikel 21 Procedures ten aanzien van ondernemingen die niet aan een afwikkelingsmaatregel onderworpen zijn
---------+Artikel 22 Algemene beginselen met betrekking tot afwikkeling
------------+Artikel 22 1
------------+Artikel 22 2
------------+Artikel 22 3
------------+Artikel 22 4
------------+Artikel 22 5
------------+Artikel 22 6
------+HOOFDSTUK II Waardering
---------+Artikel 23 Waardering met het oog op afwikkeling
------------+Artikel 23 1
------------+Artikel 23 2
------------+Artikel 23 3
------------+Artikel 23 4
------------+Artikel 23 5
---------+Artikel 24 Vereisten voor de waardering
------------+Artikel 24 1
------------+Artikel 24 2
------------+Artikel 24 3
------------+Artikel 24 4
------------+Artikel 24 5
------------+Artikel 24 6
---------+Artikel 25 Voorlopige en definitieve waarderingen
------------+Artikel 25 1
------------+Artikel 25 2
------------+Artikel 25 3
------------+Artikel 25 4
------+HOOFDSTUK III Afwikkelingsinstrumenten
---------+Afdeling 1 Algemene beginselen
------------+Artikel 26 Algemene beginselen met betrekking tot afwikkelingsinstrumenten
---------------+Artikel 26 1
---------------+Artikel 26 2
---------------+Artikel 26 3
---------------+Artikel 26 4
---------------+Artikel 26 5
---------------+Artikel 26 6
---------------+Artikel 26 7
---------------+Artikel 26 8
---------+Afdeling 2 Het instrument van solvabele run-off
------------+Artikel 27 Het instrument van solvabele run-off
---------------+Artikel 27 1
---------------+Artikel 27 2
---------------+Artikel 27 3
---------------+Artikel 27 4
---------------+Artikel 27 5
---------------+Artikel 27 6
---------------+Artikel 27 7
---------------+Artikel 27 8
---------------+Artikel 27 9
---------+Afdeling 3 Instrument van afsplitsing van activa en passiva, instrument van verkoop van de onderneming en instrument van de overbruggingsonderneming
------------+Artikel 28 Beginselen voor de toepassing van het instrument van afsplitsing van activa en passiva, het instrument van verkoop van de onderneming en het instrument van de overbruggingsonderneming
---------------+Artikel 28 1
---------------+Artikel 28 2
---------------+Artikel 28 3
---------------+Artikel 28 4
---------------+Artikel 28 5
---------------+Artikel 28 6
---------------+Artikel 28 7
------------+Artikel 29 Procedurevoorschriften voor verkopen van ondernemingen, activa, rechten of passiva in afwikkeling
---------------+Artikel 29 1
---------------+Artikel 29 2
---------------+Artikel 29 3
------------+Artikel 30 Instrument van afsplitsing van activa en passiva
---------------+Artikel 30 1
---------------+Artikel 30 2
---------------+Artikel 30 3
---------------+Artikel 30 4
---------------+Artikel 30 5
---------------+Artikel 30 6
---------------+Artikel 30 7
---------------+Artikel 30 8
---------------+Artikel 30 9
------------+Artikel 31 Instrument van verkoop van de onderneming
---------------+Artikel 31 1
---------------+Artikel 31 2
---------------+Artikel 31 3
---------------+Artikel 31 4
---------------+Artikel 31 5
---------------+Artikel 31 6
---------------+Artikel 31 7
------------+Artikel 32 Instrument van de overbruggingsonderneming
---------------+Artikel 32 1
---------------+Artikel 32 2
---------------+Artikel 32 3
---------------+Artikel 32 4
---------------+Artikel 32 5
---------------+Artikel 32 6
---------------+Artikel 32 7
------------+Artikel 33 Functioneren van een overbruggingsonderneming
---------------+Artikel 33 1
---------------+Artikel 33 2
---------------+Artikel 33 3
---------------+Artikel 33 4
------------+Artikel 34 Overdracht naar verzekeringsgarantiestelsels
---------------+Artikel 34 1
---------------+Artikel 34 2
---------------+Artikel 34 3
---------+Afdeling 4 Afschrijvings- of omzettingsinstrument
------------+Artikel 35 Doel en toepassingsgebied van het afschrijvings- of omzettingsinstrument
---------------+Artikel 35 1
---------------+Artikel 35 2
---------------+Artikel 35 3
---------------+Artikel 35 4
---------------+Artikel 35 5
---------------+Artikel 35 6
---------------+Artikel 35 7
---------------+Artikel 35 8
---------------+Artikel 35 9
------------+Artikel 36 Behandeling van aandeelhouders bij toepassing van het afschrijvings- of omzettingsinstrument
---------------+Artikel 36 1
---------------+Artikel 36 2
---------------+Artikel 36 3
---------------+Artikel 36 4
------------+Artikel 37 Koers voor de omzetting van vreemd vermogen in eigen vermogen
---------------+Artikel 37 a)
---------------+Artikel 37 b)
------------+Artikel 38 Aanvullende bepalingen betreffende het afschrijvings- of omzettingsinstrument
---------------+Artikel 38 1
---------------+Artikel 38 2
---------------+Artikel 38 3
---------------+Artikel 38 4
------------+Artikel 39 Gevolgen van afschrijving of omzetting
---------------+Artikel 39 1
---------------+Artikel 39 2
---------------+Artikel 39 3
---------------+Artikel 39 4
------------+Artikel 40 Afschrijving of omzetting van uit derivaten voortvloeiende passiva
---------------+Artikel 40 1
---------------+Artikel 40 2
---------------+Artikel 40 3
---------------+Artikel 40 4
------------+Artikel 41 Wegnemen van procedurele belemmeringen voor afschrijving of omzetting
---------------+Artikel 41 1
---------------+Artikel 41 2
------+HOOFDSTUK IV Afwikkelingsbevoegdheden
---------+Artikel 42 Algemene bevoegdheden
------------+Artikel 42 1
------------+Artikel 42 2
------------+Artikel 42 3
------------+Artikel 42 4
------------+Artikel 42 5
---------+Artikel 43 Bijkomende bevoegdheden
------------+Artikel 43 1
------------+Artikel 43 2
------------+Artikel 43 3
------------+Artikel 43 4
---------+Artikel 44 Bijzonder bestuur
------------+Artikel 44 1
------------+Artikel 44 2
------------+Artikel 44 3
------------+Artikel 44 4
------------+Artikel 44 5
------------+Artikel 44 6
---------+Artikel 45 Bevoegdheden met betrekking tot het verstrekken van operationele diensten en faciliteiten te verlangen
------------+Artikel 45 1
------------+Artikel 45 2
------------+Artikel 45 3
------------+Artikel 45 4
---------+Artikel 46 Bevoegdheid om crisisbeheersingsmaatregelen van andere lidstaten af te dwingen
------------+Artikel 46 1
------------+Artikel 46 2
------------+Artikel 46 3
------------+Artikel 46 4
------------+Artikel 46 5
------------+Artikel 46 6
---------+Artikel 47 Bevoegdheid met betrekking tot activa, rechten, passiva, aandelen en andere eigendomsinstrumenten die zich in derde landen bevinden of onder het recht van derde landen vallen
------------+Artikel 47 1
------------+Artikel 47 2
------------+Artikel 47 3
---------+Artikel 48 Uitsluiting van bepaalde contractuele bepalingen
------------+Artikel 48 1
------------+Artikel 48 2
------------+Artikel 48 3
------------+Artikel 48 4
------------+Artikel 48 5
------------+Artikel 48 6
---------+Artikel 49 Bevoegdheid om bepaalde verplichtingen op te schorten
------------+Artikel 49 1
------------+Artikel 49 2
------------+Artikel 49 3
------------+Artikel 49 4
------------+Artikel 49 5
---------+Artikel 50 Bevoegdheid om de afdwinging van zekerheidsrechten te beperken
------------+Artikel 50 1
------------+Artikel 50 2
------------+Artikel 50 3
---------+Artikel 51 Bevoegdheid tot tijdelijke opschorting van beëindigingsrechten
------------+Artikel 51 1
------------+Artikel 51 2
------------+Artikel 51 3
------------+Artikel 51 4
------------+Artikel 51 5
---------+Artikel 52 Contractuele erkenning van bevoegdheden in verband met de opschorting van de afwikkeling
------------+Artikel 52 1
------------+Artikel 52 2
------------+Artikel 52 3
------------+Artikel 52 4
------------+Artikel 52 5
---------+Artikel 53 Bevoegdheid tot tijdelijke opschorting van terugbetalingsrechten
------------+Artikel 53 1
------------+Artikel 53 2
---------+Artikel 54 Uitoefening van de afwikkelingsbevoegdheden
------------+Artikel 54 1
------------+Artikel 54 2
------------+Artikel 54 3
------------+Artikel 54 4
------+HOOFDSTUK V Waarborgen
---------+Artikel 55 Behandeling van aandeelhouders, verzekeringnemers, begunstigden, indieners van vorderingen, en andere schuldeisers in het geval van gedeeltelijke overdrachten en toepassing van het afschrijvings- of omzettingsinstrument
------------+Artikel 55 1
------------+Artikel 55 2
---------+Artikel 56 Waardering van verschillen in behandeling
------------+Artikel 56 1
------------+Artikel 56 2
------------+Artikel 56 3
------------+Artikel 56 4
---------+Artikel 57 Waarborg voor aandeelhouders, verzekeringnemers, begunstigden, indieners van vorderingen en andere schuldeisers
---------+Artikel 58 Waarborg voor tegenpartijen bij gedeeltelijke overdrachten
------------+Artikel 58 1
------------+Artikel 58 2
------------+Artikel 58 3
---------+Artikel 59 Bescherming van financiëlezekerheidsovereenkomsten die leiden tot overdracht, verrekeningsovereenkomsten, salderingsovereenkomsten en herverzekeringsovereenkomsten
------------+Artikel 59 1
------------+Artikel 59 2
---------+Artikel 60 Bescherming voor zekerheidsregelingen
------------+Artikel 60 1
------------+Artikel 60 2
---------+Artikel 61 Bescherming voor gestructureerde financieringsregelingen en andere geoormerkte portefeuilles
------------+Artikel 61 1
------------+Artikel 61 2
---------+Artikel 62 Gedeeltelijke overdrachten: bescherming van handels-, clearing- en afwikkelingssystemen
------------+Artikel 62 1
------------+Artikel 62 2
------+HOOFDSTUK VI Procedurele verplichtingen
---------+Artikel 63 Kennisgevingsvereisten
------------+Artikel 63 1
------------+Artikel 63 2
------------+Artikel 63 3
---------+Artikel 64 Besluit van de afwikkelingsautoriteit
------------+Artikel 64 1
------------+Artikel 64 2
---------+Artikel 65 Procedurele verplichtingen van afwikkelingsautoriteiten
------------+Artikel 65 1
------------+Artikel 65 2
------------+Artikel 65 3
------------+Artikel 65 4
---------+Artikel 66 Vertrouwelijkheid
------------+Artikel 66 1
------------+Artikel 66 2
------------+Artikel 66 3
------------+Artikel 66 4
------------+Artikel 66 5
------------+Artikel 66 6
------------+Artikel 66 7
------+HOOFDSTUK VII Recht van beroep en uitsluiting van andere maatregelen
---------+Artikel 67 Voorafgaande rechterlijke goedkeuring en het recht van betwisting van besluiten
------------+Artikel 67 1
------------+Artikel 67 2
------------+Artikel 67 3
------------+Artikel 67 4
---------+Artikel 68 Beperkingen op andere procedures
------------+Artikel 68 1
------------+Artikel 68 2
------------+Artikel 68 3
---+TITEL IV GRENSOVERSCHRIJDENDE GROEPSAFWIKKELING
------+Artikel 69 Algemene beginselen inzake besluitvorming waarbij verscheidene lidstaten betrokken zijn
---------+Artikel 69 a)
---------+Artikel 69 b)
---------+Artikel 69 c)
---------+Artikel 69 d)
---------+Artikel 69 e)
---------+Artikel 69 f)
---------+Artikel 69 g)
---------+Artikel 69 h)
------+Artikel 70 Afwikkelingscolleges
---------+Artikel 70 1
---------+Artikel 70 2
---------+Artikel 70 3
---------+Artikel 70 4
---------+Artikel 70 5
---------+Artikel 70 6
---------+Artikel 70 7
------+Artikel 71 Europese afwikkelingscolleges
---------+Artikel 71 1
---------+Artikel 71 2
---------+Artikel 71 3
------+Artikel 72 Uitwisseling van informatie
---------+Artikel 72 1
---------+Artikel 72 2
---------+Artikel 72 3
------+Artikel 73 Groepsafwikkeling waarbij een dochteronderneming van de groep is betrokken
---------+Artikel 73 1
---------+Artikel 73 2
---------+Artikel 73 3
---------+Artikel 73 4
---------+Artikel 73 5
---------+Artikel 73 6
---------+Artikel 73 7
---------+Artikel 73 8
---------+Artikel 73 9
---------+Artikel 73 10
---------+Artikel 73 11
---------+Artikel 73 12
---------+Artikel 73 13
---------+Artikel 73 14
------+Artikel 74 Groepsafwikkeling waarbij een uiteindelijke moederonderneming is betrokken
---------+Artikel 74 1
---------+Artikel 74 2
---------+Artikel 74 3
---------+Artikel 74 4
---------+Artikel 74 5
---------+Artikel 74 6
---------+Artikel 74 7
---------+Artikel 74 8
---------+Artikel 74 9
---+TITEL V BETREKKINGEN MET DERDE LANDEN
------+Artikel 75 Overeenkomsten met derde landen
---------+Artikel 75 1
---------+Artikel 75 2
---------+Artikel 75 3
------+Artikel 76 Erkenning en handhaving van afwikkelingsprocedures van derde landen
---------+Artikel 76 1
---------+Artikel 76 2
---------+Artikel 76 3
---------+Artikel 76 4
---------+Artikel 76 5
------+Artikel 77 Recht tot weigering van de erkenning of handhaving van afwikkelingsprocedures van derde landen
---------+Artikel 77 a)
---------+Artikel 77 b)
---------+Artikel 77 c)
---------+Artikel 77 d)
---------+Artikel 77 e)
------+Artikel 78 Afwikkeling van Uniebijkantoren van ondernemingen van derde landen
---------+Artikel 78 1
---------+Artikel 78 2
---------+Artikel 78 3
------+Artikel 79 Samenwerking met autoriteiten van derde landen
---------+Artikel 79 1
---------+Artikel 79 2
---------+Artikel 79 3
---------+Artikel 79 4
------+Artikel 80 Uitwisseling van vertrouwelijke informatie
---------+Artikel 80 1
---------+Artikel 80 2
------+Artikel 81 Financieringsregelingen
---------+Artikel 81 1
---------+Artikel 81 2
---------+Artikel 81 3
---------+Artikel 81 4
---+TITEL VI SANCTIES
------+Artikel 82 Administratieve sancties en andere administratieve maatregelen
---------+Artikel 82 1
---------+Artikel 82 2
---------+Artikel 82 3
---------+Artikel 82 4
---------+Artikel 82 5
------+Artikel 83 Specifieke bepalingen betreffende administratieve sancties en andere administratieve maatregelen
---------+Artikel 83 1
---------+Artikel 83 2
------+Artikel 84 Bekendmaking van administratieve sancties en andere administratieve maatregelen
---------+Artikel 84 1
---------+Artikel 84 2
------+Artikel 85 Door de Eiopa bijgehouden centrale database
---------+Artikel 85 1
---------+Artikel 85 2
------+Artikel 86 Effectieve toepassing van sancties en uitoefening van sanctiebevoegdheden door toezichthoudende autoriteiten en afwikkelingsautoriteiten
---------+Artikel 86 a)
---------+Artikel 86 b)
---------+Artikel 86 c)
---------+Artikel 86 d)
---------+Artikel 86 e)
---------+Artikel 86 f)
---------+Artikel 86 g)
---------+Artikel 86 2
---+TITEL VII WIJZIGING VAN DE RICHTLIJNEN 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2007/36/EG, 2014/59/EU EN (EU) 2017/1132 EN VAN DE VERORDENINGEN (EU) NR. 1094/2010, (EU) NR. 648/2012, (EU) NR. 806/2014 EN (EU) NR. 2017/1129
------+Artikel 87 Wijziging van Richtlijn 2002/47/EG
---------+Artikel 87 1)
---------+Artikel 87 2)
------+Artikel 88 Wijziging van Richtlijn 2004/25/EG
------+Artikel 89 Wijziging van Richtlijn 2007/36/EG
------+Artikel 90 Wijziging van Richtlijn 2014/59/EU
---------+Artikel 90 1)
---------+Artikel 90 2)
---------+Artikel 90 3)
---------+Artikel 90 4)
---------+Artikel 90 5)
---------+Artikel 90 6)
---------+Artikel 90 7)
------+Artikel 91 Wijziging van Richtlijn (EU) 2017/1132
---------+Artikel 91 1)
---------+Artikel 91 2)
---------+Artikel 91 3)
---------+Artikel 91 4)
---------+Artikel 91 5)
------+Artikel 92 Wijziging van Verordening (EU) nr. 1094/2010
---------+Artikel 92 1)
---------+Artikel 92 2)
------+Artikel 93 Wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012
------+Artikel 94 Wijziging van Verordening (EU) nr. 806/2014
------+Artikel 95 Wijziging van Verordening (EU) 2017/1129
---+TITEL VIII SLOTBEPALINGEN
------+Artikel 96 Afwikkelingscomité van de Eiopa
---------+Artikel 96 1
---------+Artikel 96 2
---------+Artikel 96 3
------+Artikel 97 Samenwerking met de Eiopa
---------+Artikel 97 1
---------+Artikel 97 2
------+Artikel 98 Verzekeringsgarantiestelsels
---------+Artikel 98 a)
---------+Artikel 98 b)
---------+Artikel 98 c)
---------+Artikel 98 2
------+Artikel 99 Evaluatie
---------+Artikel 99 a)
---------+Artikel 99 b)
---------+Artikel 99 c)
---------+Artikel 99 d)
---------+Artikel 99 e)
---------+Artikel 99 f)
---------+Artikel 99 2
------+Artikel 100 Omzetting
---------+Artikel 100 1
---------+Artikel 100 2
------+Artikel 101 Inwerkingtreding en toepassing
---------+Artikel 101 1
---------+Artikel 101 2
------+Artikel 102 Adressaten
---+BIJLAGE Afwikkelbaarheidsdimensies
------+1. Operationele continuïteit a) de mate waarin alle desbetreffende interne en externe, financiële …
------+2. Toegang tot de infrastructuren van de financiële markten de mate waarin ondernemingen of groepen …
------+3. Scheidbaarheid a) de mate waarin ondernemingen of groepen bronnen van onnodige complexiteit in …
------+4. Verliesabsorptie- en herkapitalisatiecapaciteit a) de mate waarin er sprake is van …
------+5. Liquiditeit en financiering bij afwikkeling a) de mate waarin het bedrijfsmodel van de …
------+6. Informatiesystemen en gegevensvereisten de mate waarin ondernemingen of groepen beschikken over …
------+7. Communicatie de mate waarin ondernemingen of groepen beschikken over communicatieplannen om …
------+8. Governance De mate waarin er sprake is van betrouwbare governanceprocessen ter ondersteuning van …
------+9. Geloofwaardigheid en gevolgen a) de mate waarin de afwikkelingsmaatregel voldoet aan de …
English - European Union - Financial Industry - Insurance -

RICHTLIJN (EU) 2025/1 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 27 november 2024 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2007/36/EG, 2014/59/EU en (EU) 2017/1132 en de Verordeningen (EU) nr. 1094/2010, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 806/2014 en (EU) 2017/1129 (Voor de EER relevante tekst)

RICHTLIJN (EU) 2025/1 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 27 november 2024

betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2007/36/EG, 2014/59/EU en (EU) 2017/1132 en de Verordeningen (EU) nr. 1094/2010, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 806/2014 en (EU) 2017/1129

(Voor de EER relevante tekst)

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
Preamble: 1

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 114,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Na toezending van het ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen,

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité (1),

Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure (2),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In financiële problemen verkerende verzekeringsondernemingen kunnen een aanzienlijke impact hebben op de economie en het maatschappelijk welzijn in de lidstaten wanneer deze problemen leiden tot minder bescherming voor verzekeringnemers, begunstigden of benadeelde partijen. De rol van herverzekeringsondernemingen in de economie, hun verwevenheid met directe verzekeraars en de financiële markten in ruimere zin, en ook de relatief geconcentreerde herverzekeringsmarkt, vereisen een passend kader voor de ordelijke omgang met hun noodlijdende situatie of hun falen. Daarom moet er maatregelen komen voor het herstel en de afwikkeling van zowel directe verzekeraars als herverzekeringsondernemingen, die rekening houden met hun respectieve specifieke kenmerken.

(2)

De wereldwijde financiële crisis van 2008 heeft de kwetsbaarheden van de financiële sector en de onderlinge verwevenheid ervan blootgelegd. Oorzaken van financiële problemen en falen leken onder meer verband te houden met de ontwikkeling van de financiële markten en met de intrinsieke aard van verzekerings- of herverzekeringsactiviteiten. In dat verband worden verzekeringstechnische risico’s (d.w.z. te lage voorzieningen), onjuiste waardering (d.w.z. te lage premies), wanbeheer van activa en passiva, en beleggingsverliezen, vaak genoemd als voornaamste bronnen van zorg voor verzekerings- en herverzekeringsondernemingen. In die context is geld van de belastingbetaler gebruikt om de verslechterde financiële situatie van verschillende verzekeringsondernemingen te herstellen. Hoewel Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad (3) tot doel had om het financiële stelsel in de Unie en de veerkracht van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen te versterken, heeft zij het risico op falen van dergelijke verzekerings- en herverzekeringsondernemingen niet volledig weggenomen. Hoge marktvolatiliteit en langdurig lage rentevoeten kunnen bijzonder schadelijk zijn voor de winstgevendheid en de solvabiliteitspositie van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen. De gevoeligheid van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen voor ontwikkelingen op de markt en in de economie vraagt daarom om bijzondere voorzichtigheid en een passend kader waarmee mogelijke verslechtering van de financiële positie van dergelijke ondernemingen, ook preventief, in goede banen kan worden geleid. Enkele recente gevallen van falen en bijna-falen, met name van grensoverschrijdende aard, hebben zwakke punten in het huidige kader aan het licht gebracht. Deze moeten worden aangepakt om verzekerings- en herverzekeringsondernemingen ordelijk uit de markt te kunnen laten treden.

(3)

Activiteiten, diensten of bedrijfsactiviteiten van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen die niet gemakkelijk binnen een redelijke termijn of tegen redelijke kosten voor verzekeringnemers, begunstigden of benadeelde partijen kunnen worden vervangen, moeten worden beschouwd als kritieke functies die moeten worden voortgezet. Dergelijke activiteiten, diensten of bedrijfsactiviteiten kunnen op Unie, nationaal of regionaal niveau van cruciaal belang zijn. Continuïteit van de verzekerings- en herverzekeringsbescherming verdient vaak de voorkeur boven liquidatie van een falende onderneming, aangezien die continuïteit verzekeringnemers, begunstigden en benadeelde partijen het gunstigste resultaat biedt. Het is daarom van cruciaal belang dat er adequate instrumenten beschikbaar zijn om falen te voorkomen en, indien deze situaties zich toch voordoen, om de negatieve gevolgen tot een minimum te beperken door de continuïteit van die kritieke functies te waarborgen.

(4)

Waarborging van een doeltreffende afwikkeling van falende verzekerings- en herverzekeringsondernemingen binnen de Unie is een essentieel onderdeel van de voltooiing van de interne markt. Het falen van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen heeft niet alleen gevolgen voor de verzekeringnemers en mogelijk voor de reële economie en de financiële stabiliteit van de markten waarop die verzekerings- en herverzekeringsondernemingen rechtstreeks actief zijn, maar ook voor het vertrouwen in de interne markt voor verzekeringen. De voltooiing van de interne markt voor financiële diensten heeft de onderlinge verwevenheid van de verschillende nationale financiële systemen versterkt. Verzekerings- en herverzekeringsondernemingen opereren op de financiële markten om hun beleggingsportefeuille en de risico’s in verband met hun activiteiten te beheren. In die context kan het onvermogen van de lidstaten om het falen van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming te ondervangen en die onderneming op een voorspelbare en geharmoniseerde wijze zodanig af te wikkelen dat bredere systeemschade effectief wordt voorkomen, de stabiliteit van de financiële markten en bijgevolg de interne markt voor financiële diensten ondermijnen.

(5)

De wereldwijde financiële crisis van 2008 heeft aangetoond dat er een passend herstel- en afwikkelingskader voor verzekerings- en herverzekeringsondernemingen moet worden ontwikkeld. Op internationaal niveau heeft de Raad voor financiële stabiliteit (Financial Stability Board) het document “Kernelementen voor doeltreffende afwikkelingsregelingen” (Key Attributes of Effective Resolution Regimes for Financial Institutions), dat overwegingen bevat over de afwikkeling van verzekeringsondernemingen die een groot of kritiek systeemrisico opleveren als zij falen, in oktober 2011 bekendgemaakt en in oktober 2014 bijgewerkt. De Financial Stability Board heeft in juni 2016 verdere houvast gepubliceerd voor het ontwikkelen van doeltreffende afwikkelingsstrategieën en -plannen voor systeemrelevante verzekeraars. Tegelijkertijd heeft de Internationale vereniging van verzekeringstoezichthouders (International Association of Insurance Supervisors) in november 2019 voor alle verzekerings- en herverzekeringsondernemingen “Kernbeginselen inzake verzekeringen” (Insurance Core Principles) vastgesteld, een Gemeenschappelijk kader voor het toezicht op internationaal actieve verzekeringsgroepen ( “Common Framework for the Supervision of Internationally Active Insurance Groups” ) waarin de normen voor preventiefherstelplanning en de maatregelen die autoriteiten geacht worden te nemen voor een verzekerings- of herverzekeringsonderneming die de markt verlaat of wordt afgewikkeld, nader worden uitgewerkt. Met deze ontwikkelingen moet rekening worden gehouden bij het vaststellen van een kader voor het herstel en de afwikkeling van falende verzekerings- en herverzekeringsondernemingen.

(6)

Veel verzekerings- en herverzekeringsondernemingen zijn buiten de landsgrenzen actief. Een gebrek aan coördinatie en samenwerking tussen overheidsinstanties bij de voorbereiding op en het beheer van de moeilijkheden of het falen van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming die buiten de landsgrenzen actief is, zal het wederzijds vertrouwen van de lidstaten ondermijnen, tot een suboptimaal resultaat voor verzekeringnemers, begunstigden en benadeelde partijen leiden en ook de geloofwaardigheid van de interne markt voor verzekeringen aantasten.

(7)

In de Europese Unie bestaan er momenteel geen geharmoniseerde procedures voor een gecoördineerde afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen. In plaats daarvan bestaan er tussen de lidstaten grote materiële en procedurele verschillen in de nationale wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen ten aanzien van falende verzekerings- en herverzekeringsondernemingen. Daarnaast zijn insolventieprocedures voor ondernemingen mogelijk niet altijd geschikt voor verzekerings- of herverzekeringsondernemingen, omdat deze procedures mogelijk niet altijd de continuïteit kunnen waarborgen van de kritieke functies ten behoeve van verzekeringnemers, begunstigden en benadeelde partijen, de reële economie of de financiële stabiliteit als geheel.

(8)

De continuïteit van de kritieke functies van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen die falen of dreigen te falen, moet worden gewaarborgd, waarbij de gevolgen van het falen van een dergelijke onderneming voor de economie of het financiële stelsel tot een minimum moeten worden beperkt. Daarom moet een kader worden vastgesteld dat de autoriteiten een geloofwaardig instrumentarium biedt waarmee zij vroegtijdig en snel kunnen ingrijpen als een verzekerings- of herverzekeringsonderneming faalt of waarschijnlijk zal falen. Een dergelijk kader moet ervoor zorgen dat aandeelhouders de eerste verliezen dragen en dat schuldeisers verliezen dragen na de aandeelhouders, waarbij geen enkele schuldeiser grotere verliezen lijdt dan de verliezen die hij had geleden indien de verzekerings- of herverzekeringsonderneming volgens een normale insolventieprocedure was geliquideerd, in overeenstemming met het beginsel dat geen enkele schuldeiser slechter af mag zijn dan bij een normale insolventieprocedure (het beginsel “geen enkele schuldeiser slechter af”). Teneinde terdege rekening te houden met de behandeling die de getroffen aandeelhouders, verzekeringnemers, begunstigden, eisers en andere schuldeisers zou hebben genoten indien de onderneming in afwikkeling aan een normale insolventieprocedure was onderworpen, moet rekening worden gehouden met alle relevante gebeurtenissen die door of vóór opening van de normale insolventieprocedure in gang zouden zijn gezet, alsook alle relevante gebeurtenissen die met de opening van een dergelijke procedure verband houden, met inbegrip van die welke verband houden met de bescherming, uit hoofde van Richtlijn 2009/103/EG van het Europees Parlement en de Raad (4), van benadeelde partijen met betrekking tot schade door ongevallen in geval van insolventie van een verzekeringsonderneming.

(9)

Het vast te stellen kader moet voortbouwend op Richtlijn 2009/138/EG de autoriteiten in staat stellen om de continuïteit van de bescherming van de verzekeringen voor verzekeringnemers, begunstigden en benadeelde partijen te waarborgen, in voorkomend geval levensvatbare activiteiten en portefeuilles van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming over te dragen, en verliezen op een billijke en voorspelbare wijze te verdelen. Deze doelstellingen moeten helpen voorkomen dat verzekeringnemers, begunstigden en benadeelde partijen onnodig verlies lijden of sociale problemen ondervinden, moeten negatieve gevolgen voor de reële economie beperken en moeten de negatieve effecten op financiële markten en de kosten voor de belastingbetaler tot een minimum beperken.

(10)

De herziening van Richtlijn 2009/138/EG, en met name de invoering van risicogevoeligere kapitaalvereisten, versterkt toezicht, verscherpte liquiditeitsmonitoring en betere instrumenten voor macroprudentieel beleid, moet de waarschijnlijkheid van een falen van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen verder verkleinen en deze ondernemingen beter weerbaar maken tegen economische stress, ongeacht of deze wordt veroorzaakt door systeemverstoringen of door gebeurtenissen die specifiek zijn voor de individuele onderneming. Ondanks een solide en robuust prudentieel kader kunnen financiële moeilijkheden echter niet volledig worden uitgesloten. De lidstaten moeten daarom voorbereid zijn en over adequate herstel- en afwikkelingsinstrumenten beschikken om het hoofd te kunnen bieden aan zowel systeemcrises als falen van individuele ondernemingen. Dergelijke instrumenten moeten mechanismen bevatten waarmee die autoriteiten doeltreffend kunnen omgaan met ondernemingen die falen of waarschijnlijk zullen falen. Bij het gebruik van dergelijke instrumenten en de uitoefening van dergelijke bevoegdheden moet rekening worden gehouden met de omstandigheden waarin het falen zich voordoet.

(11)

Sommige lidstaten beschikken reeds over vereisten inzake preventiefherstelplanning en mechanismen voor de afwikkeling van falende verzekerings- of herverzekeringsondernemingen. Het ontbreken van gemeenschappelijke voorwaarden, bevoegdheden en procedures voor het herstel en de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen binnen de Unie zal naar alle waarschijnlijkheid echter een belemmering vormen voor het soepele functioneren van de interne markt en voor de samenwerking tussen nationale autoriteiten bij het omgaan met in financiële moeilijkheden verkerende of falende grensoverschrijdende groepen van ondernemingen. Dat geldt in het bijzonder in gevallen waarin nationale autoriteiten als gevolg van verschillende manieren van aanpak niet over dezelfde mate van controle of dezelfde mogelijkheden beschikken om verzekerings- of herverzekeringsondernemingen af te wikkelen. Deze verschillen in herstel- en afwikkelingsregelingen kunnen van invloed zijn op het gelijke speelveld en de mededinging tussen ondernemingen mogelijk verstoren. Die belemmering moet worden weggenomen, en er moeten regels worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat de interne markt niet wordt ondermijnd. Dit alles betekent dat de regels betreffende de preventiefherstelplanning en de afwikkeling van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen aan gemeenschappelijke minimale harmonisatieregels moeten worden onderworpen. Om te zorgen voor consistentie met de bestaande Uniewetgeving op het gebied van verzekeringsdiensten, moet de preventieve herstelregeling en de afwikkelingsregeling van toepassing zijn op verzekerings- en herverzekeringsondernemingen die vallen onder de prudentiële vereisten van Richtlijn 2009/138/EG.

(12)

Het falen van een aan een groep verbonden entiteit kan snel de solvabiliteit en de bedrijfsactiviteiten van de hele groep onder druk zetten. Om die reden moeten er vereisten inzake preventiefherstelplanning en afwikkelingsplanning voor groepen voorhanden zijn. Daarnaast moeten de autoriteiten beschikken over doeltreffende middelen om deze entiteiten corrigerende maatregelen op te leggen waarin rekening wordt gehouden met de financiële soliditeit van alle groepsentiteiten, om belemmeringen voor de afwikkelbaarheid in een groepscontext weg te nemen, en om een consistente afwikkelingsregeling voor de groep als geheel op te stellen, met name in een grensoverschrijdende context. De vereisten inzake preventiefherstelplanning en afwikkelbaarheid en de afwikkelingsregelingen moeten daarom eveneens van toepassing zijn op moederondernemingen, holdings en andere groepsentiteiten, met inbegrip van bijkantoren van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen die buiten de Unie zijn gevestigd.

(13)

Ten behoeve van een soepele herstel- en afwikkelingsplanning en een soepele feitelijke afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen die deel uitmaken van financiële conglomeraten, of van verzekeringsgroepen die zelf financiële conglomeraten zijn of deel van financiële conglomeraten uitmaken, alsmede ter vermindering van de administratieve lasten, moeten verplichtingen ten aanzien van de informatie-uitwisseling tussen verzekerings- en bankenafwikkelingsautoriteiten en toezichthoudende autoriteiten worden vastgesteld, en moet de bankenafwikkelingsautoriteit de status van waarnemer worden verleend in het verzekeringsafwikkelingscollege voor een verzekeringsgroep die overeenkomstig Richtlijn 2002/87/EG van het Europees Parlement en de Raad (5) een financieel conglomeraat is of daarvan deel uitmaakt, en vice versa.

(14)

Dankzij de nieuwe bij deze richtlijn ingevoerde regels zullen zowel de verzekerings- en herverzekeringsafwikkelingsautoriteiten als de bankenafwikkelingsautoriteiten elk over een eigen afwikkelingskader beschikken dat is aangepast aan de specifieke kenmerken van de verzekerings- en herverzekeringssector enerzijds en de banksector anderzijds. Afwikkelingen in een verzekerings- en herverzekeringscontext enerzijds en die in een bancaire context anderzijds kennen een verschillend tijdsverloop. Bij banken moeten de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad en de nationale bankenafwikkelingsautoriteiten doorgaans snel optreden om een bankrun te voorkomen. Bij de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsmaatschappijen hebben de autoriteiten vaak het voordeel van meer tijd om naar de juiste oplossingen te zoeken die het gunstigst zijn voor verzekeringnemers. Een met een bankrun vergelijkbare gebeurtenis is minder waarschijnlijk in de verzekerings- en herverzekeringssector en de gevolgen ervan zouden anders zijn dan in de banksector.

(15)

Met beide sectorale wetgevingskaders zijn onafhankelijke besluitvormingsbevoegdheden voor de respectieve autoriteiten in het leven geroepen. Bijgevolg moeten de verzekerings-, herverzekerings- en bankenafwikkelingsautoriteiten handelen op voet van gelijkheid. Voor de uitvoering van de afwikkelingstaken is het van het grootste belang dat de verzekerings-, herverzekerings- en bankenafwikkelingsautoriteiten elkaar informeren en dat zij te goeder trouw samenwerken. Doel van de in deze richtlijn voorgeschreven voorschriften inzake informatie-uitwisseling is die samenwerking te vergemakkelijken. De verzekerings-, herverzekerings- en bankenafwikkelingsautoriteiten, en ook de respectieve toezichthoudende autoriteiten, dienen onverwijld informatie die nodig wordt geacht voor de uitvoering van hun respectieve taken met elkaar uit te wisselen.

(16)

Om ervoor te zorgen dat afwikkelingsautoriteiten voldoende vroeg in het proces en op gestructureerde wijze worden geïnformeerd en geraadpleegd en zij aldus hun mandaat op geïnformeerde en consistente wijze kunnen uitoefenen, moeten de verzekerings-, herverzekerings- en bankenafwikkelingsautoriteiten als waarnemers zitting kunnen nemen in elkaars afwikkelingscolleges. Dit is met name van belang in de context van preventiefherstelplanning en afwikkelingsplanning, voor de beoordeling of aan de afwikkelingsvoorwaarden is voldaan, en ook voor het treffen van afwikkelingsmaatregelen met betrekking tot een of meer entiteiten die deel uitmaken van een financieel conglomeraat. Om opgedane ervaring te kunnen benutten, moet de Commissie de desbetreffende bepalingen van deze richtlijn uiterlijk vijf jaar na inwerkingtreding herzien.

(17)

De geschiktheid en doeltreffendheid van het herstel- en afwikkelingskader moeten worden gewaarborgd en tegelijkertijd moeten onnodige administratieve lasten en kosten voor ondernemingen en autoriteiten worden vermeden. De uitvoering van een dergelijk herstel- en afwikkelingskader moet derhalve in verhouding staan tot de aard, de omvang en de complexiteit van de betrokken onderneming en haar activiteiten en diensten. Daarnaast moet rekening worden gehouden met de verschillen tussen herstel enerzijds en afwikkeling anderzijds. Wat het toepassingsgebied van de vereisten inzake herstel- en afwikkelingsplanning betreft, moeten de autoriteiten op basis van een reeks risicogebaseerde criteria bepalen welke ondernemingen aan de volledige en welke aan de vereenvoudigde planningsvereisten worden onderworpen. Om het vertrouwen in de interne markt voor verzekeringen en herverzekeringen te vergroten en een gelijk speelveld te bevorderen, moet een minimale mate van paraatheid worden bereikt door het vaststellen van een minimaal marktdekkingsniveau voor de markt voor levensverzekering en herverzekering en voor de schadeverzekerings- en herverzekeringsmarkt. Wat de reikwijdte van de afwikkelingsplanningsvereisten betreft, moeten de autoriteiten bepalen voor welke ondernemingen het ten opzichte van andere ondernemingen die onder hun bevoegdheid vallen waarschijnlijker is dat in het geval van een faillissement afwikkelingsmaatregelen het algemeen belang dienen of welke ondernemingen kritieke functies vervullen.

(18)

Om dezelfde reden moeten de autoriteiten, waar passend, op ondernemingsspecifieke basis verschillende of beperkte vereisten inzake preventiefherstelplanning en afwikkelingsplanning en informatieverstrekking toepassen, en actualiseringen met een lagere frequentie vereisen. Bij het toepassen van deze vereenvoudigde verplichtingen moeten de autoriteiten rekening houden met de aard, de omvang, de complexiteit en de vervangbaarheid van de activiteiten van een onderneming, haar aandeelhoudersstructuur en rechtsvorm, haar risicoprofiel en de mate van verwevenheid met andere gereglementeerde ondernemingen of met het financiële stelsel in het algemeen. Ook moeten de autoriteiten rekening houden met de vraag of het falen en de daaropvolgende liquidatie van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming volgens een normale insolventieprocedure naar alle waarschijnlijkheid aanzienlijke negatieve gevolgen zal hebben voor verzekeringnemers, financiële markten, andere ondernemingen of de economie in ruimere zin. De autoriteiten moeten de Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen) (Eiopa), opgericht bij Verordening (EU) nr. 1094/2010 van het Europees Parlement en de Raad (6), jaarlijks verslag uitbrengen over de toepassing van deze vereenvoudigde verplichtingen.

(19)

Voor een ordelijk afwikkelingsproces, en om belangenconflicten te vermijden, moeten de lidstaten ten behoeve van de uitvoering van de functies en taken met betrekking tot het herstel- en afwikkelingskader, overheidsorganen aanwijzen of met bevoegdheden van openbaar bestuur belaste autoriteiten. De lidstaten moeten ervoor zorgen dat er voldoende middelen aan deze afwikkelingsautoriteiten worden toegekend. Indien een lidstaat een afwikkelingsautoriteit met ook andere functies aanwijst, moeten er passende structurele regelingen worden getroffen om die functies te scheiden van de afwikkelingsgerelateerde functies open om de operationele onafhankelijkheid te waarborgen. Een dergelijke functiescheiding mag er niet toe leiden dat de afwikkelingsfunctie wordt belemmerd in haar toegang tot informatie die nodig is voor het uitoefenen van haar verplichtingen krachtens het herstel- en afwikkelingskader, of dat de samenwerking tussen de verschillende autoriteiten die betrokken zijn bij de toepassing van het herstel- en afwikkelingskader wordt gehinderd.

(20)

Gezien de gevolgen die het falen van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming kan hebben voor verzekeringnemers, het financiële stelsel en de economie van een lidstaat, en gezien de mogelijke noodzaak om overheidsmiddelen te gebruiken om het hoofd te bieden aan een dergelijk falen, moeten de ministeries van Financiën of andere betrokken ministeries in de lidstaten in een vroeg stadium nauw bij het proces van crisisbeheer en afwikkeling worden betrokken.

(21)

Het is van essentieel belang dat groepen of, in voorkomend geval, individuele ondernemingen een preventiefherstelplan opstellen en deze regelmatig bijwerken, met daarin maatregelen die zij moeten nemen om na een aanzienlijke verslechtering van die positie die een risico voor hun levensvatbaarheid kan vormen hun financiële positie te herstellen. Verzekerings- en herverzekeringsondernemingen moeten daarom een reeks kwantitatieve en kwalitatieve indicatoren vaststellen die aanleiding geven tot de activering van corrigerende maatregelen waarin hun preventiefherstelplan voorziet. Deze indicatoren moeten verzekerings- en herverzekeringsondernemingen helpen om in het belang van hun verzekeringnemers corrigerende maatregelen te nemen in lijn met hun risicobeheersysteem, en mogen geen nieuwe prudentiële regelgevingsvereisten behelzen. Deze richtlijn mag ondernemingen derhalve niet verbieden maar ook niet verplichten om elementen in hun preventiefherstelplan op te nemen ten aanzien van een verslechtering van de kapitaalpositie die een voorbode kan zijn van niet-naleving van het in titel I, hoofdstuk VI, afdeling 4, van Richtlijn 2009/138/EG vastgestelde solvabiliteitskapitaalvereiste. Preventiefherstelplannen die alle juridische entiteiten van wezenlijk belang binnen de groep bestrijken, moeten gedetailleerd zijn en gebaseerd op realistische aannames die in verschillende robuuste en ernstige scenario’s van toepassing zijn. Deze preventiefherstelplannen moeten integraal onderdeel uitmaken van het governancesysteem van de onderneming. Voor het opstellen van preventiefherstelplannen kan rekening worden gehouden met bestaande instrumenten, met inbegrip van de eigen risico- en solvabiliteitsbeoordeling, noodplannen of plannen voor het beheer van het liquiditeitsrisico. De verplichting om een preventiefherstelplan op te stellen, moet echter evenredig worden toegepast en mag geen afbreuk doen aan de opstelling en indiening van een realistisch saneringsplan zoals voorgeschreven bij artikel 138, lid 2, van Richtlijn 2009/138/EG. In voorkomend geval kunnen de elementen van het preventiefherstelplan informatie bieden of als basis dienen voor het krachtens Richtlijn 2009/138/EG, artikel 138, lid 2, vereiste saneringsplan.

(22)

Er moet worden gezorgd voor een adequate mate van paraatheid voor crisissituaties. Van uiteindelijke moederondernemingen of individuele verzekerings- of herverzekeringsondernemingen moet daarom worden geëist dat zij hun preventiefherstelplan voor volledige beoordeling indienen bij toezichthouders, waarbij onder meer moet worden gekeken of het plan allesomvattend is en de levensvatbaarheid van de onderneming of de groep daadwerkelijk en tijdig kan herstellen, zelfs in perioden van ernstige financiële stress. Indien een onderneming geen deugdelijk preventiefherstelplan presenteert, moeten toezichthouders de bevoegdheid hebben om te verlangen dat die onderneming de nodige maatregelen treft om de materiële tekortkomingen van het plan te verhelpen.

(23)

Voor een doeltreffend afwikkelingsproces is afwikkelingsplanning essentieel. Afwikkelingsautoriteiten moeten derhalve beschikken over alle informatie die nodig is om te kunnen bepalen wat de kritieke functies zijn en om de voortzetting van die functies te garanderen. Verzekerings- en herverzekeringsondernemingen hebben bevoorrechte kennis over hun eigen functioneren en daaruit voortvloeiende problemen, reden waarom afwikkelingsautoriteiten afwikkelingsplannen moeten opstellen op basis van onder meer de door de betrokken ondernemingen verstrekte informatie. Om onnodige administratieve lasten te vermijden, moeten de afwikkelingsautoriteiten in de eerste plaats de nodige informatie opvragen bij de toezichthoudende autoriteiten.

(24)

Kleine en niet-complexe ondernemingen mogen niet worden verplicht afzonderlijke preventiefherstelplannen op te stellen en mogen evenmin aan afwikkelingsplanning worden onderworpen, tenzij een dergelijke onderneming op nationaal of regionaal niveau een bijzonder risico vormt.

(25)

Om te anticiperen op de mogelijke interactie tussen corrigerende en afwikkelingsmaatregelen en om de crisisparaatheid en de afwikkelbaarheid van groepen te verbeteren, moet elke groepsbehandeling voor preventiefherstelplanning en voor afwikkelingsplanning gelden voor alle groepsentiteiten die onder groepstoezicht staan. In het preventiefherstelplan en het afwikkelingsplan moet rekening worden gehouden met de financiële, technische en bedrijfsstructuur van de betrokken groep en de mate van interne onderlinge verwevenheid.

(26)

Preventiefherstelplannen voor de groep en groepsafwikkelingsplannen moeten worden opgesteld voor groepen als geheel en moeten maatregelen bevatten met betrekking tot zowel de uiteindelijke moederonderneming als de afzonderlijke dochterondernemingen die deel uitmaken van die groep. De mate waarin dochterondernemingen in aanmerking worden genomen in het groepsherstel- en groepsafwikkelingsplan moet echter in verhouding staan tot de relevantie ervan voor de groep en de verzekeringnemers, de reële economie en het financiële stelsel in de lidstaten waar deze dochterondernemingen actief zijn. De afwikkelingsautoriteiten van de lidstaten waar een groep dochterondernemingen heeft, moeten bij het opstellen van het afwikkelingsplan worden betrokken. De betrokken autoriteiten, handelend in toezicht- of afwikkelingscolleges, moeten alles in het werk stellen om te komen tot een gezamenlijk besluit over de beoordeling en de vaststelling van die plannen. Adequate crisisparaatheid mag echter niet worden beïnvloed door het ontbreken van een gezamenlijk besluit binnen de toezicht- en afwikkelingscolleges. In dergelijke gevallen moet elke toezichthoudende autoriteit die voor een dochteronderneming verantwoordelijk is, een preventiefherstelplan voor de onder haar rechtsgebied vallende dochterondernemingen kunnen eisen en het preventiefherstelplan zelf kunnen beoordelen. Om dezelfde redenen moet elke voor een dochteronderneming verantwoordelijke afwikkelingsautoriteit voor de onder haar rechtsgebied vallende dochterondernemingen een afwikkelingsplan opstellen en bijhouden. Het opstellen van individuele preventiefherstelplannen en afwikkelingsplannen voor ondernemingen die deel uitmaken van een groep, moet uitzonderlijk blijven en naar behoren worden gemotiveerd, en de plannen moeten dezelfde normen toepassen als die welke van toepassing zijn op vergelijkbare ondernemingen in de betrokken lidstaat. Wanneer er individuele preventiefherstelplannen en afwikkelingsplannen voor ondernemingen die deel uitmaken van een groep worden opgesteld, moeten de betrokken autoriteiten streven naar een zo groot mogelijke samenhang met de preventiefherstelplannen en de afwikkelingsplannen voor de rest van de groep.

(27)

Afwikkelingsautoriteiten die niet tegen een gezamenlijk besluit zijn, kunnen onderling tot een gezamenlijk besluit komen over een groepsafwikkelingsplan, alsook over het in kaart brengen van wezenlijke belemmeringen en, indien nodig, over de beoordeling van de door de uiteindelijke moederonderneming voorgestelde maatregelen en de door de autoriteiten vereiste maatregelen om de belemmeringen aan te pakken of weg te nemen.

(28)

Om alle betrokken autoriteiten volledig en permanent op de hoogte te houden, moeten de toezichthoudende autoriteiten alle preventiefherstelplannen en eventuele wijzigingen daarvan doorgeven aan de betrokken afwikkelingsautoriteiten, en de afwikkelingsautoriteiten aan de betrokken toezichthoudende autoriteiten.

(29)

Op basis van een beoordeling van de afwikkelbaarheid van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen moeten afwikkelingsautoriteiten de bevoegdheid hebben om — hetzij direct, hetzij indirect via de toezichthoudende autoriteit — te eisen dat verzekerings- of herverzekeringsondernemingen hun structuur en organisatie wijzigen. Afwikkelingsautoriteiten moeten ook de mogelijkheid hebben om noodzakelijke, doch evenredige maatregelen te treffen om wezenlijke belemmeringen voor de toepassing van afwikkelingsinstrumenten te beperken of weg te nemen en om de afwikkelbaarheid van de betrokken entiteiten te waarborgen. Afwikkelingsautoriteiten moeten de afwikkelbaarheid van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen beoordelen op het niveau van die ondernemingen waar naar verwachting, overeenkomstig het groepsafwikkelingsplan, afwikkelingsmaatregelen zullen worden genomen. De bevoegdheid van de afwikkelingsautoriteiten om wijzigingen in de structuur en organisatie van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming te eisen, of om maatregelen te treffen om wezenlijke belemmeringen voor de toepassing van afwikkelingsinstrumenten te beperken of weg te nemen en om de afwikkelbaarheid van de betrokken entiteiten te waarborgen, mag niet verder gaan dan hetgeen noodzakelijk is om de structuur en bedrijfsactiviteiten van de betrokken verzekerings- of herverzekeringsonderneming te vereenvoudigen ter verbetering van de afwikkelbaarheid van de onderneming.

(30)

De uitvoering van in een preventiefherstelplan of in een afwikkelingsplan beschreven maatregelen kan gevolgen hebben voor het personeel van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming. Die plannen moeten daarom procedures bevatten voor het in voorkomend geval informeren en raadplegen van werknemersvertegenwoordigers tijdens het herstel- en afwikkelingsproces. In die procedures moet rekening worden gehouden met collectieve overeenkomsten, andere overeenkomsten tussen de sociale partners, het nationale recht en het Unierecht betreffende inspraak van vakbonden en werknemersvertegenwoordigers bij de herstructurering van ondernemingen.

(31)

Voor een doeltreffend herstel en afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen of groepsentiteiten die in de hele Unie actief zijn, is in alle fasen van het proces — van de voorbereiding van preventiefherstelplannen en van afwikkelingsplannen tot de feitelijke afwikkeling van een onderneming — samenwerking vereist tussen toezichthoudende autoriteiten en afwikkelingsautoriteiten in colleges van toezichthouders en afwikkelingscolleges. Indien autoriteiten het oneens zijn over de met betrekking tot groepen en ondernemingen te nemen besluiten moet de Eiopa als laatste redmiddel als bemiddelaar optreden.

(32)

Tijdens de afwikkelingsfase en de preventieve fase moeten de aandeelhouders de volledige verantwoordelijkheid voor en controle over de verzekerings- of herverzekeringsonderneming behouden. Deze verantwoordelijkheid moet vervallen zodra de onderneming wordt afgewikkeld. Het afwikkelingskader moet garanderen dat tijdig tot afwikkeling wordt overgegaan, d.w.z. nog voordat een verzekerings- of herverzekeringsonderneming balans- of kasstroommatig insolvent is, voordat het volledige aandelenkapitaal is weggevaagd, of voordat de verzekerings- of herverzekeringsonderneming niet meer aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen wanneer die betalingen verschuldigd worden. De afwikkeling moet worden geïnitieerd wanneer een toezichthoudende autoriteit, na raadpleging van de afwikkelingsautoriteit, of een afwikkelingsautoriteit na te zijn geraadpleegd door toezichthoudende autoriteit, vaststelt dat een verzekerings- of herverzekeringsonderneming faalt of waarschijnlijk zal falen, en alternatieve maatregelen een dergelijk falen niet binnen een redelijk tijdsbestek zal kunnen voorkomen. Een verzekerings- of herverzekeringsonderneming moet geacht worden te falen of waarschijnlijk te falen in een of meer van de volgende omstandigheden: i) de onderneming maakt inbreuk of zal waarschijnlijk inbreuk maken op het in titel I, hoofdstuk VI, afdeling 5, van Richtlijn 2009/138/EG vastgestelde minimumkapitaalvereiste, waarbij er geen redelijk vooruitzicht is op herstel van de naleving; ii) de onderneming voldoet niet meer aan de vergunningsvoorwaarden of schiet ernstig tekort bij het voldoen aan haar wettelijke verplichtingen uit hoofde van de op haar van toepassing zijnde wet- en regelgeving of zal haar wettelijke verplichtingen uit hoofde van de op haar van toepassing zijnde wet- en regelgeving waarschijnlijk in de nabije toekomst in dusdanig ernstige mate niet kunnen naleven dat intrekking van de vergunning gerechtvaardigd is; iii) de activa van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming zijn geringer dan haar passiva, of zullen dat beoordeeld op basis van objectieve elementen in de nabije toekomst waarschijnlijk zijn; iv) de verzekerings- of herverzekeringsonderneming is niet in staat of zal waarschijnlijk in de nabije toekomst niet in staat zijn haar schulden of andere verplichtingen, met inbegrip van betalingen aan verzekeringnemers of begunstigden, te voldoen wanneer deze opeisbaar worden, of v) de verzekerings- of herverzekeringsonderneming heeft buitengewone openbare financiële steun nodig.

(33)

Voor een duidelijke afbakening van de verantwoordelijkheden tussen toezichthoudende autoriteiten en afwikkelingsautoriteiten moet worden gespecificeerd dat zodra de afwikkelingsautoriteit een afwikkelingsmaatregel heeft getroffen, zij uiteindelijk verantwoordelijk wordt voor de effectieve uitvoering ervan. De toezichthoudende autoriteit dient daarom vanaf dat moment geen maatregelen meer met betrekking tot de onderneming in afwikkeling te nemen zonder de afwikkelingsautoriteit eerst om toestemming te vragen. Evenzo moet de afwikkelingsautoriteit in het kader van afwikkelingsmaatregelen de bevoegdheid hebben om alle door de toezichthoudende autoriteit getroffen maatregelen stop te zetten indien voortzetting van die maatregel de toepassing van afwikkelingsinstrumenten zou belemmeren.

(34)

Het gebruik van de afwikkelingsinstrumenten en -bevoegdheden kan de rechten van aandeelhouders en schuldeisers van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen verstoren. Met name de bevoegdheid van de afwikkelingsautoriteiten om de aandelen of alle activa van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming, of een deel daarvan, zonder toestemming van de aandeelhouders aan een particuliere verkrijger over te dragen, doet afbreuk aan de eigendomsrechten van aandeelhouders. Daarnaast kan de bevoegdheid om te bepalen welke passiva van een falende onderneming moeten worden overgedragen om de continuïteit van de diensten te waarborgen en nadelige gevolgen voor verzekeringnemers, begunstigden en benadeelden, de reële economie of de financiële stabiliteit als geheel te voorkomen, de gelijke behandeling van schuldeisers schaden. Een afwikkelingsinstrument dient daarom alleen te worden toegepast op verzekerings- of herverzekeringsondernemingen die falen of waarschijnlijk zullen falen, en alleen wanneer zulks noodzakelijk en evenredig is ter verwezenlijking van de afwikkelingsdoelstellingen in het algemeen belang en dan met name de doelstelling van bescherming van het collectieve belang van verzekeringnemers, begunstigden en eisers. Het individuele belang van een bepaalde personen of groep mag niet zwaarder wegen dan het algehele evenwicht van het collectieve belang van verzekeringnemers, begunstigden en eisers van de betrokken onderneming.

(35)

Met name mogen afwikkelingsinstrumenten uitsluitend worden toegepast ingeval de verzekerings- of herverzekeringsonderneming niet volgens een normale insolventieprocedure kan worden geliquideerd zonder de bescherming van verzekeringnemers, begunstigden en eisers onnodig in het gedrang te brengen, het financiële stelsel te destabiliseren of snelle overdracht en voortzetting van kritieke functies in de weg te staan, en ingeval er geen redelijk vooruitzicht is op een alternatieve particuliere oplossing, waaronder kapitaalverhoging door de bestaande aandeelhouders of een derde waarmee de volledige levensvatbaarheid van de entiteit kan worden hersteld zonder dat dit gevolgen heeft voor schuldvorderingen uit hoofde van verzekering of herverzekering. Bij de beoordeling of de toepassing van afwikkelingsinstrumenten noodzakelijk is in het algemeen belang moeten ingeval een onderneming aan de voorwaarden voor insolventieprocedures of afwikkeling voldoet, op die onderneming van toepassing zijnde verzekeringsgarantiestelsels in aanmerking worden genomen. Elke aantasting van de rechten van aandeelhouders en schuldeisers die voortvloeit uit afwikkelingsmaatregelen dient verenigbaar te zijn met het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (het “Handvest”). Met name wanneer schuldeisers die tot dezelfde categorie behoren in het kader van een afwikkelingsmaatregel verschillend worden behandeld, moeten dergelijke verschillen door het algemeen belang worden gerechtvaardigd en evenredig zijn met de aan te pakken risico’s, waarbij direct noch indirect onderscheid mag worden gemaakt op grond van nationaliteit.

(36)

Afwikkelingsautoriteiten moeten over een zekere mate van flexibiliteit beschikken om de afwikkelingsdoelstellingen evenwichtig op elkaar af te stemmen door op gepaste wijze rekening te houden met de aard en de omstandigheden van elk individueel geval.

(37)

De afwikkelingsautoriteiten moeten bij het nastreven van de afwikkelingsdoelstellingen beoordelen op welke manier de afwikkelingskosten het best tot een minimum kunnen worden beperkt. Minimale inzet van buitengewone openbare financiële steun is een afwikkelingsdoelstelling en tegelijkertijd brengt het gebruik van dergelijke steun ook afwikkelingskosten met zich mee. Kostenminimalisering moet echter niet als zelfstandige afwikkelingsdoelstelling worden beschouwd maar als een beginsel waardoor afwikkelingsautoriteiten zich moeten laten leiden bij hun besluitvorming over de best mogelijke manier om de afwikkelingsdoelstellingen te verwezenlijken.

(38)

Bij het toepassen van afwikkelingsinstrumenten en het uitoefenen van afwikkelingsbevoegdheden moeten afwikkelingsautoriteiten alle passende maatregelen treffen om ervoor te zorgen dat de afwikkelingsmaatregel genomen wordt overeenkomstig het beginsel dat schuldvorderingen uit hoofde van verzekeringen en herverzekeringen pas getroffen worden nadat aandeelhouders en andere schuldeisers een passend aandeel van de verliezen hebben gedragen. Bovendien dienen de afwikkelingsautoriteiten ervoor te zorgen dat de kosten voor de afwikkeling van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming tot een minimum worden beperkt en dat schuldeisers van dezelfde categorie op gelijkwaardige wijze worden behandeld.

(39)

De afschrijving of omzetting van kapitaalinstrumenten, schuldinstrumenten en andere in aanmerking komende passiva moet een intern mechanisme voor verliesabsorptie omvatten. Dit mechanisme moet — in combinatie met overdrachtsinstrumenten die zijn gericht op handhaving van de continuïteit van de verzekeringsdekking ten bate van de verzekeringnemers, begunstigden en benadeelden — de verwezenlijking van de afwikkelingsdoelstellingen mogelijk maken en het effect van het falen van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming op verzekeringnemers sterk beperken. In sommige extreme gevallen echter kan het voor de afwikkeling van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming nodig zijn specifieke nationale regelingen in te zetten en dan met name een verzekeringsgarantiestelsel of een afwikkelingsfonds, die aanvullende middelen verstrekken voor doeleinden van absorptie van verliezen en van herstructurering, of om, als ultiem redmiddel, buitengewone openbare financiële steun te verstrekken. De nodige waarborgen ter bescherming van de schuldeisers moeten ook het bestaan van dergelijke specifieke nationale regelingen weerspiegelen, welke regelingen op hun beurt voldoen moeten aan de staatssteunregels van de Unie. Het afschrijvings- of omzettingsinstrument moet worden toegepast voordat van buitengewone openbare financiële steun gebruik wordt gemaakt.

(40)

Er mag niet onevenredig worden ingegrepen in eigendomsrechten. Getroffen aandeelhouders, verzekeringnemers begunstigden en eisers, alsmede andere schuldeisers van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen mogen derhalve geen grotere verliezen lijden dan de verliezen die zij geleden zouden hebben indien de verzekerings- of herverzekeringsonderneming was geliquideerd op het moment waarop het afwikkelingsbesluit werd genomen. Dat beginsel “geen enkele schuldeiser slechter af” weerspiegelt het bij artikel 17 van het Handvest beschermde grondrecht op eigendom. Dat recht moet in de administratieve afwikkelingsprocedure worden beschermd door ervoor te zorgen dat een getroffen aandeelhouder, verzekeringnemer, begunstigde, eiser of andere schuldeiser niet slechter af is dan bij normale insolventieprocedures. Bij het waarderen van de behandeling die verzekeringnemers, begunstigden en benadeelden in een dergelijk geval gekregen zouden hebben, moeten alle betalingen worden meegenomen die verzekeringnemers, begunstigden en benadeelde partijen in voorkomend geval ontvangen zouden hebben van verzekeringsgarantiestelsels en van schadevergoedingsorganen uit hoofde van Richtlijn 2009/103/EG. Bij gedeeltelijke overdracht van activa en passiva van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming in afwikkeling aan een particuliere verkrijger of aan een overbruggingsonderneming, dient het resterende deel van de onderneming in afwikkeling te worden geliquideerd volgens de normale insolventieprocedure. De nog in de liquidatieprocedure van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming verwikkelde aandeelhouders en schuldeisers moeten het recht hebben om ter betaling van, of als compensatie voor, hun vorderingen in het kader van de liquidatieprocedure niet minder te ontvangen dan wat zij naar schatting hadden teruggekregen indien de gehele verzekerings- of herverzekeringsonderneming geliquideerd was volgens de normale insolventieprocedure.

(41)

Ter bescherming van de rechten van aandeelhouders en schuldeisers, met inbegrip van verzekeringnemers, begunstigden en eisers, moeten duidelijke verplichtingen betreffende de waardering van de activa en passiva van de onderneming in afwikkeling worden vastgelegd, alsmede verplichtingen betreffende de waardering van de behandeling die de aandeelhouders en schuldeisers, met inbegrip van verzekeringnemers, begunstigden en eisers, genoten zouden hebben indien de onderneming geliquideerd was volgens de normale insolventieprocedure. Derhalve moet worden vastgelegd dat voordat er een afwikkelingsmaatregel wordt getroffen, de activa en passiva van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming eerlijk en realistisch moeten worden gewaardeerd. Tegen een dergelijke waardering moet beroep kunnen worden aangetekend. Vanwege de aard van een afwikkelingsmaatregel en de nauwe band ervan met de waardering, dient een dergelijk beroep echter alleen mogelijk te zijn wanneer dit gelijktijdig tegen het afwikkelingsbesluit is gericht. Bovendien moet worden vastgelegd dat er, na toepassing van de afwikkelingsinstrumenten, een vergelijking moet worden gemaakt tussen enerzijds de behandeling die aandeelhouders en schuldeisers, met inbegrip van verzekeringnemers, begunstigden en eisers, daadwerkelijk hebben genoten en anderzijds de behandeling die zij volgens de normale insolventieprocedure zouden hebben genoten. Deze achteraf uitgevoerde vergelijking moet los van het afwikkelingsbesluit kunnen worden betwist. Aandeelhouders en schuldeisers die minder hebben ontvangen dan het bedrag dat zij volgens de normale insolventieprocedure zouden hebben ontvangen, dienen recht te hebben op uitbetaling van het verschil.

(42)

In het geval er afwikkelingsmaatregelen worden getroffen, kunnen verzekeringnemers sommige of alle voordelen van hun verzekeringsovereenkomst behouden en hoeven zij niet noodzakelijkerwijs een nieuwe overeenkomst te sluiten. In het geval waarin een onderneming volgens een normale insolventieprocedure wordt geliquideerd, kan wijziging van de overeenkomst vervangingskosten voor verzekeringnemers met zich meebrengen. Met name bij langlopende verzekeringsovereenkomsten kunnen de marktomstandigheden, de individuele kenmerken van de polishouders, en ook extra kosten zoals makelaardij en sluitingsvergoedingen, ervoor zorgen dat verzekeringnemers die hun overeenkomsten moeten vervangen met aanzienlijke kosten te maken krijgen. Bij de raming van dergelijke vervangingskosten moet gezien het beginsel “geen enkele schuldeiser slechter af” ervan worden uitgegaan dat de nieuwe verzekeringsovereenkomst met een vergelijkbare dekking die op de markt beschikbaar is tegen de geldende markttarieven gesloten wordt binnen een redelijke termijn vanaf de datum van afwikkelingsmaatregel.

(43)

Het is belangrijk dat de verliezen bij het falen van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming worden onderkend. De waardering van de activa en passiva van falende verzekerings- of herverzekeringsondernemingen moet berusten op eerlijke, prudente en realistische aannames op het moment dat afwikkelingsinstrumenten worden toegepast. De financiële toestand van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming mag echter geen gevolgen hebben voor de waardering van de passiva van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming. Waarderingen ter onderbouwing van de selectie en vorm van afwikkelingsmaatregelen, moeten in overeenstemming zijn met het toepasselijke prudentiële regelgevingskader, wat gerichte wijzigingen aan de aan dit kader ten grondslag liggende beginselen evenwel niet uitsluit, met name wanneer bij de afwikkeling in kwestie de veronderstelling dat de onderneming haar activiteiten als going concern zal voortzetten niet opgaat. In uitzonderlijke, spoedeisende situaties moeten afwikkelingsautoriteiten een snelle waardering van de activa of passiva van een falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming kunnen uitvoeren. Deze waardering dient voorlopig te zijn en te gelden totdat er een onafhankelijke waardering is uitgevoerd. De Eiopa moet een raamwerk van beginselen ontwikkelen die bij het verrichten van dergelijke waarderingen moeten worden gehanteerd, en moet toestaat dat afwikkelingsautoriteiten en onafhankelijke taxateurs verschillende specifieke methoden toepassen, naargelang het geval.

(44)

Wanneer de afwikkelingsautoriteiten afwikkelingsmaatregelen treffen, moeten zij rekening houden met en gevolg geven aan de in de afwikkelingsplannen opgenomen maatregelen, tenzij zij, rekening houdende met de omstandigheden van de zaak, van oordeel zijn dat de afwikkelingsdoelstellingen op doeltreffender wijze kunnen worden verwezenlijkt door middel van maatregelen die niet in de afwikkelingsplannen staan.

(45)

Afwikkelingsinstrumenten moeten zijn vormgegeven en geschikt zijn voor toepassing in een uiteenlopende reeks grotendeels onvoorspelbare scenario’s, rekening houdende met het feit dat er verschillen kunnen bestaan tussen één verzekerings- of herverzekeringsonderneming in crisis en een ruimere, systemische crisis. Afwikkelingsinstrumenten moeten daarom elk van deze scenario’s beslaan, met inbegrip van de “solvabele run-off” van de onderneming in afwikkeling tot aan de stopzetting ervan, de verkoop van de activiteiten of aandelen van de onderneming in afwikkeling, de oprichting van een overbruggingsonderneming, de afsplitsing van activa en passiva van de problematische of onrendabele portefeuilles van de falende onderneming, en de afschrijving of omzetting van kapitaalinstrumenten en andere in aanmerking komende passiva van de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming.

(46)

In specifieke gevallen waarin bepaalde groepsentiteiten aan een onderneming in afwikkeling diensten verlenen die essentieel zijn voor de continuïteit van de verzekeringsdekking, moet de afwikkelingsautoriteit bevoegd zijn ervoor te zorgen dat de door een dergelijke aanbieder van essentiële diensten geleverde goederen en diensten geleverd blijven worden indien als gevolg van het falen van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming binnen dezelfde groep zijn financiële positie verslechtert en indien het gebruik van die bevoegdheid noodzakelijk is om de continuïteit van de door overige groepsentiteiten geboden verzekeringsdekking te kunnen waarborgen. Die bevoegdheden kunnen de uitoefening van afwikkelingsbevoegdheden ten aanzien van, en de toepassing van afwikkelingsinstrumenten op, de aanbieder van essentiële diensten omvatten.

(47)

Wanneer er afwikkelingsinstrumenten zijn gebruikt om verzekeringsportefeuilles over te dragen aan een solide entiteit, bijvoorbeeld een verkrijger uit de particuliere sector of een overbruggingsonderneming, moet het resterende gedeelte van de onderneming binnen een passend tijdsbestek worden geliquideerd. De duur van dit tijdsbestek moet worden gebaseerd op de noodzaak voor de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming om diensten of steun te verlenen om de verkrijger uit de particuliere sector of de overbruggingsonderneming in staat te stellen de door die overdracht verworven activiteiten of diensten uit te oefenen.

(48)

In elke lidstaat moeten er financieringsregelingen worden vastgesteld voor de schadeloosstelling van verzekeringnemers, begunstigden en aanvragers van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen waaraan in die lidstaat vergunning is verleend. Om te voorkomen dat er een beroep wordt gedaan op overheidsmiddelen moeten er zo nodig financieringsregelingen voor handen zijn waarmee kan worden voldaan aan vorderingen van aandeelhouders en andere schuldeisers op grond van het beginsel “geen enkele schuldeiser slechter af”. Die vorderingen moeten worden berekend volgens de rangorde van schuldeisers in normale insolventieprocedures om te voorkomen dat aandeelhouders of andere schuldeisers schadeloos worden gesteld reeds voordat verzekeringnemers, begunstigden of eisers een volledige vergoeding hebben ontvangen. Rechtstreekse opvanging van de verliezen van een verzekeringsonderneming moet weliswaar worden vermeden, maar het moet desalniettemin mogelijk zijn dit soort financieringsregelingen als uiterste redmiddel te gebruiken ter financiering van andere kosten in verband met het gebruik van afwikkelingsinstrumenten, voor zover nodig voor de verwezenlijking van de afwikkelingsdoelstellingen en in zoverre de afwikkelingsbeginselen volledig in acht worden genomen. De lidstaten moeten kunnen besluiten dat financieringsregelingen kunnen worden aangewend ter dekking van verliezen van verzekeringnemers, begunstigden en aanvragers. In dat geval zou de falende onderneming de markt verlaten en zouden alle of een deel van de portefeuilles van verzekeringsovereenkomsten worden overgedragen als onderdeel van het instrument van verkoop van de onderneming of overgedragen aan een overbruggingsonderneming, of zouden deze portefeuilles in de in afwikkeling zijnde onderneming worden gehouden indien die aan een solvabele run-off wordt onderworpen. In ieder geval moeten aandeelhouders zijn afgeschreven alvorens er ter dekking van verliezen afwikkelingsfinancieringsregelingen worden gebruikt. Gezien de diversiteit op de verzekeringsmarkten moeten de lidstaten zelf met enige flexibiliteit kunnen bepalen hoe de regelingen voor externe financiering precies worden vormgegeven, zolang er maar voldoende liquiditeit beschikbaar is om binnen een redelijk tijdsbestek schadeloosstelling te bieden. De lidstaten kunnen louter een bijdrageverplichting opleggen aan verzekerings- en herverzekeringsondernemingen waaraan in die lidstaat vergunning is verleend en aan op zijn grondgebied gevestigde Unie-bijkantoren van een onderneming van een derde land.

(49)

Het instrument van verkoop van de onderneming moet de afwikkelingsautoriteiten in staat stellen om de verzekerings- of herverzekeringsonderneming of delen van de bedrijfsactiviteiten daarvan zonder toestemming van de aandeelhouders te verkopen aan een of meer verkrijgers. Wanneer het instrument van verkoop van de onderneming wordt toegepast, dienen de autoriteiten regelingen te treffen voor de verkoop van de betrokken verzekerings- of herverzekeringsonderneming of het betrokken deel van haar bedrijfsactiviteiten volgens een open, transparante en niet-discriminerende procedure, en moeten zij tegelijkertijd zo veel mogelijk naar een maximale verkoopprijs streven. Indien een dergelijke procedure om spoedeisende redenen niet mogelijk is, moeten de autoriteiten maatregelen treffen om nadelige effecten op de mededinging en de interne markt te verhelpen.

(50)

Alle netto-opbrengsten van een overdracht van activa of passiva van de onderneming in afwikkeling moeten bij toepassing van het instrument van verkoop van de onderneming, toevallen aan de onderneming die in de liquidatieprocedure is verwikkeld. Alle netto-opbrengsten uit de overdracht van aandelen of andere bij de toepassing van het instrument van verkoop van de onderneming door de in afwikkeling zijnde onderneming uitgegeven eigendomsinstrumenten, moeten toevallen aan de eigenaren van die aandelen of andere eigendomsinstrumenten, mits verzekeringnemers en andere schuldeisers als eerste schadeloos worden gesteld, voor zover hun vorderingen zijn afgeschreven zonder dat zij volledig schadeloos zijn gesteld. Bij de berekening dienen de uit het falen van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming en uit het afwikkelingsproces voortvloeiende kosten te worden afgetrokken van de opbrengsten.

(51)

Informatie over de verkoop van een falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming en onderhandelingen met potentiële verwervers voorafgaand aan de toepassing van het instrument van verkoop van de onderneming is waarschijnlijk gevoelig van aard en kan risico’s voor het vertrouwen in de verzekeringsmarkt inhouden. Het is daarom van belang dat de openbaarmaking van dergelijke informatie, zoals vereist door Verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad (7), kan worden uitgesteld gedurende de tijd die nodig is om de afwikkeling van de betrokken verzekerings- of herverzekeringsonderneming te plannen en structureren.

(52)

Een overbruggingsonderneming is een verzekerings- of herverzekeringsonderneming die geheel of gedeeltelijk eigendom is van een of meer overheidsinstanties of onder de zeggenschap van de afwikkelingsautoriteit staat. Het hoofddoel van een overbruggingsonderneming is ervoor te zorgen dat kritieke functies beschikbaar blijven voor de verzekeringnemers van de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming. Een overbruggingsonderneming moet derhalve als een levensvatbare going concern-entiteit worden geëxploiteerd en weer op de markt worden gebracht zodra de omstandigheden dit toelaten, of worden geliquideerd indien zij niet levensvatbaar is.

(53)

Het instrument van afsplitsing van activa en passiva moet de autoriteiten in staat stellen om activa, rechten of passiva van een onderneming in afwikkeling over te dragen aan een afzonderlijk vehikel met het oog op de verwijdering, het beheer en de afwikkeling van die activa, rechten of passiva. Om te voorkomen dat de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming een onrechtmatig concurrentievoordeel geniet, mag het instrument van afsplitsing van activa en passiva, dat als voornaamste doel heeft de overdracht van portfolio’s te faciliteren, uitsluitend gebruikt worden in combinatie met andere instrumenten.

(54)

Een doeltreffende afwikkelingsregeling moet ervoor zorgen dat verzekerings- of herverzekeringsondernemingen op een zodanige wijze kunnen worden afgewikkeld dat de negatieve gevolgen van het falen voor de verzekeringnemers, de belastingbetalers, de reële economie en de financiële stabiliteit tot een minimum beperkt blijven. De afschrijving of omzetting moet ervoor zorgen dat voordat de schuldvorderingen uit hoofde van verzekering en herverzekering worden getroffen, in de eerste plaats aandeelhouders en schuldeisers van een falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming verliezen lijden en dat zij een passend deel van de kosten die voortvloeien uit het falen van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming dragen zodra gebruik wordt gemaakt van een afwikkelingsbevoegdheid. Het afschrijvings- of omzettingsinstrument moet aandeelhouders en schuldeisers van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen en, tot op zekere hoogte verzekeringnemers dus een sterkere prikkel geven om de gezondheid van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming onder normale omstandigheden te monitoren.

(55)

Het is belangrijk ervoor te zorgen dat de afwikkelingsautoriteiten in een reeks uiteenlopende omstandigheden over de nodige flexibiliteit beschikken om de onderneming in afwikkeling in een solvabele run-off te plaatsen, haar activa, rechten en passiva onder de beste voorwaarden voor de verzekeringnemers over te dragen of resterende verliezen toe te delen. Daarom dient te worden bepaald dat afwikkelingsautoriteiten het afschrijvings- of omzettingsinstrument moeten kunnen toepassen zowel wanneer het doel is om de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming via een solvabele run-off af te wikkelen als wanneer kritieke verzekeringsdiensten worden overgedragen terwijl het resterende deel van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming ophoudt te bestaan en wordt geliquideerd. In dat verband zou de herstructurering van verzekeringsverplichtingen gerechtvaardigd kunnen zijn om de voortzetting van een wezenlijk deel van de verzekeringsdekking te waarborgen en wanneer dit in het belang van de verzekeringnemers wordt geacht.

(56)

Wanneer er een realistisch vooruitzicht is dat de levensvatbaarheid van de onderneming kan worden hersteld en de verzekeringnemers in het afwikkelingsproces geen verliezen lijden, kan het afschrijvings- of omzettingsinstrument worden gebruikt om van de onderneming in afwikkeling weer een going concern maken. In dat geval bij de afwikkeling door middel van het afschrijvings- of omzettingsinstrument het management worden vervangen, tenzij het aanhouden van het management passend en noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de afwikkelingsdoelstellingen.

(57)

Het is niet wenselijk om het afschrijvings- of omzettingsinstrument toe te passen op vorderingen voor zover deze gedekt zijn, een onderpand hebben of anderszins zijn gegarandeerd, aangezien een dergelijke afschrijving of omzetting ondoeltreffend zou kunnen zijn of potentiële negatieve gevolgen voor de financiële stabiliteit zou kunnen hebben. Om ervoor te zorgen dat het afschrijvings- of omzettingsinstrument doeltreffend is en zijn doelstellingen bereikt, is het echter wenselijk dat het kan worden toegepast op een zo breed mogelijk scala aan ongedekte passiva van een falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming. Niettemin is het passend om bepaalde soorten ongedekte passiva van het toepassingsgebied van het afschrijvings- of omzettingsinstrument uit te sluiten. Om de continuïteit van de kritieke functies te kunnen garanderen, mag het afschrijvings- of omzettingsinstrument daarom niet worden toegepast op bepaalde verplichtingen jegens werknemers van de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming of op commerciële vorderingen die betrekking hebben op goederen en diensten die kritiek zijn voor het dagelijkse functioneren van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming. Om aan pensioenfondsen en pensioenbeheerders verschuldigde pensioenrechten en om pensioenbedragen te honoreren, mag het afschrijvings- of omzettingsinstrument niet worden toegepast op de verplichtingen van de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming jegens een pensioenregeling. Om het risico op besmetting van het systeem te beperken, mag het afschrijvings- of omzettingsinstrument evenmin worden toegepast op passiva die voortvloeien uit deelneming aan betalingssystemen met een resterende looptijd van minder dan zeven dagen, noch op verplichtingen jegens verzekerings- of herverzekeringsondernemingen, kredietinstellingen en beleggingsondernemingen, met uitzondering van entiteiten die deel uitmaken van dezelfde groep, met een oorspronkelijke looptijd van minder dan zeven dagen.

(58)

Bij de afwikkeling van een onderneming is bescherming van de collectieve belangen van verzekeringnemers, begunstigden en benadeelden een van de voornaamste doelstellingen. Schuldvorderingen uit hoofde van verzekering en herverzekering mogen daarom alleen als ultieme redmiddel aan de toepassing van het afschrijvings- of omzettingsinstrument worden onderworpen, en afwikkelingsautoriteiten moeten zorgvuldig rekening houden met de gevolgen van een mogelijke afschrijving van schuldvorderingen uit hoofde van verzekering die worden aangehouden door natuurlijke personen en micro-, kleine en middelgrote ondernemingen.

(59)

Afwikkelingsautoriteiten moeten bepaalde passiva in een aantal situaties geheel of gedeeltelijk kunnen uitsluiten, zoals wanneer die passiva niet binnen een redelijk tijdsbestek kunnen worden afgeschreven of omgezet, de uitsluiting strikt noodzakelijk en evenredig is voor het bereiken van de afwikkelingsdoelstellingen, of de toepassing van het afschrijvings- of omzettingsinstrument zou leiden tot een waardevernietiging die voor de andere schuldeisers grotere verliezen met zich meebrengt dan wanneer die passiva zouden zijn uitgesloten. Wanneer deze uitsluitingen worden toegepast, kan het niveau van afschrijving of omzetting van andere in aanmerking komende passiva worden verhoogd om met die uitsluitingen rekening te houden, op voorwaarde dat het beginsel “geen enkele schuldeiser slechter af” in acht wordt genomen. Tegelijkertijd mag van de lidstaten niet worden verlangd dat zij de afwikkeling uit hun algemene begroting financieren.

(60)

In het geval afwikkelingsautoriteiten het afschrijvings- of omzettingsinstrument toepassen op verzekeringscontracten, moeten zij er rekening mee houden dat pas aan de verplichte minimumdekkingsniveaus krachtens het toepasselijke recht wordt voldaan wanneer het contract is geherstructureerd. Dit mag de afwikkelingsautoriteit niet beletten het afschrijvings- of omzettingsinstrument toe te passen op schuldvorderingen uit hoofde van verzekering, die vóór de datum van de afwikkelingsmaatregel zijn ontstaan.

(61)

In beginsel moeten de afwikkelingsautoriteiten het afschrijvings- of omzettingsinstrument op zodanige wijze toepassen dat de gelijke behandeling van schuldeisers en de wettelijke rangorde van vorderingen volgens het toepasselijke insolventierecht worden gerespecteerd. Verliezen moeten derhalve eerst door toetsingsvermogensinstrumenten worden opgevangen en op aandeelhouders worden verhaald, ofwel door intrekking of overdracht van aandelen, ofwel door ernstige verwatering. Indien dat niet voldoende is, moet achtergestelde schuld worden omgezet of afgeschreven. Niet-achtergestelde passiva mogen uitsluitend worden omgezet of afgeschreven wanneer de achtergestelde schuld volledig is omgezet of afgeschreven. De verlaging van de hoofdsom van het instrument of de verplichting of de omzetting ervan als gevolg van de uitoefening van afschrijvings- of omzettingsbevoegdheden moet uitsluitend mogen worden aangevochten krachtens het recht van de lidstaat van de afwikkelingsautoriteit die de afschrijvings- of omzettingsbevoegdheden uitoefende.

(62)

Vrijstellingen van passiva, onder meer voor betalings- en afwikkelingssystemen, werknemers of handelscrediteuren, of preferente vorderingen, moeten niet alleen in de Unie, maar ook in derde landen van toepassing zijn. Om ervoor te zorgen dat passiva in derde landen kunnen worden afgeschreven of omgezet, moet worden vastgelegd dat contractuele bepalingen die onder het recht van derde landen vallen, deze mogelijkheid erkennen. Dergelijke contractuele bepalingen dienen niet vereist te zijn voor passiva die zijn vrijgesteld van de toepassing van het afschrijvings- of omzettingsinstrument, of wanneer het recht van het derde land of een met dat derde land gesloten bindende overeenkomst de afwikkelingsautoriteit van de lidstaat in staat stelt haar afschrijvings- of omzettingsbevoegdheden uit te oefenen.

(63)

Aandeelhouders en schuldeisers moeten, voor zover nodig, bijdragen aan het mechanisme voor de toedeling van verliezen van een falende onderneming. De lidstaten moeten er daarom voor zorgen dat tier 1-, tier 2- en tier 3-kapitaalinstrumenten de verliezen volledig opvangen op het point of non-viability (PoNV) van de uitgevende verzekerings- of herverzekeringsonderneming. Afwikkelingsautoriteiten moeten dan ook verplicht worden om die instrumenten volledig af te schrijven, dan wel om deze, in voorkomend geval, in tier 1-instrumenten om te zetten op het point of non-viability en voordat er een afwikkelingsmaatregel wordt genomen. Daartoe moet het point of non-viability worden opgevat als het moment waarop de desbetreffende afwikkelingsautoriteit vaststelt dat de verzekerings- of herverzekeringsonderneming voldoet aan de afwikkelingsvoorwaarden, of het moment waarop de afwikkelingsautoriteit besluit dat de verzekerings- of herverzekeringsonderneming niet langer levensvatbaar zou zijn indien deze kapitaalinstrumenten niet zouden worden afgeschreven of omgezet. Deze vereisten moeten worden opgenomen in de voor het instrument geldende voorwaarden en in elk prospectus of aanbiedingsdocument dat in verband met de instrumenten wordt gepubliceerd of verstrekt.

(64)

Om een doeltreffende uitvoering van de afwikkeling te garanderen, moeten de afwikkelingsautoriteiten beschikken over alle nodige wettelijke bevoegdheden die, in diverse combinaties, bij het inzetten van de afwikkelingsinstrumenten kunnen worden uitgeoefend. Tot die wettelijke bevoegdheden dienen te behoren de bevoegdheid om aandelen, activa, rechten of passiva van een falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming over te dragen aan een andere entiteit, zoals een andere onderneming of een overbruggingsonderneming, de bevoegdheid om aandelen van een falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming af te schrijven of in te trekken of passiva van een falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming af te schrijven of om te zetten, de bevoegdheid om het bestuur te vervangen, en de bevoegdheid om de betaling van schuldvorderingen tijdelijk op te schorten. Daarbij zijn aanvullende bevoegdheden vereist, zoals de bevoegdheid om van andere onderdelen van de groep te eisen dat zij de continuïteit van essentiële diensten garanderen.

(65)

Het is niet nodig om exact voor te schrijven hoe de afwikkelingsautoriteiten moeten ingrijpen in de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming. De afwikkelingsautoriteiten moeten de keuze hebben tussen het overnemen van de zeggenschap door middel van een rechtstreekse interventie in de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming of door middel van een bestuursmaatregel. Zij dienen te beslissen op basis van de omstandigheden van de zaak.

(66)

Om ervoor te zorgen dat afwikkelingsmaatregelen naar behoren worden gemeld en openbaar worden gemaakt, moeten er procedurele vereisten worden vastgelegd. De informatie die de afwikkelingsautoriteiten en hun professionele adviseurs tijdens het afwikkelingsproces hebben verkregen, zal waarschijnlijk echter gevoelig zijn en moet daarom aan een effectieve vertrouwelijkheidsregeling worden onderworpen voordat het afwikkelingsbesluit openbaar wordt gemaakt. Alle informatie die met betrekking tot een besluit wordt verstrekt voordat het besluit wordt genomen — bijvoorbeeld over de vraag of aan de voorwaarden voor afwikkeling wordt voldaan, over het gebruik van een bepaald instrument of over een maatregel in de loop van de procedure — moet worden geacht gevolgen te hebben voor de publieke en particuliere belangen die bij de maatregel spelen. Daarom moet ervoor worden gezorgd dat er passende mechanismen zijn om dergelijke informatie, met inbegrip van informatie over de inhoud en de details van herstel- en afwikkelingsplannen en de resultaten van een beoordeling in dat verband, vertrouwelijk te houden.

(67)

Er mogen geen belemmeringen bestaan voor informatie-uitwisseling tussen afwikkelingsautoriteiten en belastingautoriteiten. Die informatie-uitwisseling moet in overeenstemming zijn met het nationale recht, en informatie die afkomstig is van een andere lidstaat, mag enkel worden uitgewisseld met de uitdrukkelijke toestemming van de betrokken autoriteit van wie de informatie afkomstig is.

(68)

De afwikkelingsautoriteiten moeten beschikken over aanvullende bevoegdheden om de effectiviteit van de overdracht van aandelen of schuldinstrumenten en activa, rechten en passiva aan een derde-verkrijger of aan een overbruggingsonderneming te waarborgen. Met name om de overdracht van schuldvorderingen uit hoofde van verzekering of herverzekering te vergemakkelijken zonder afbreuk te doen aan het algemene risicoprofiel van de desbetreffende portefeuille en van de bijbehorende technische voorzieningen en kapitaalvereisten, moeten de economische voordelen van herverzekeringsovereenkomsten behouden blijven. Afwikkelingsautoriteiten moeten daarom de mogelijkheid hebben om schuldvorderingen uit hoofde van verzekering of herverzekering samen met hun overeenkomstige herverzekeringsrechten over te dragen. Deze mogelijkheid moet ook de bevoegdheid omvatten om rechten van derden van de overgedragen instrumenten of activa te verwijderen, de naleving van contracten af te dwingen en de continuïteit van regelingen ten aanzien van de ontvanger van de overgedragen activa en aandelen te waarborgen. Het recht van een partij om een contract met een onderneming in afwikkeling of een groepsentiteit daarvan te beëindigen om andere redenen dan de afwikkeling van de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, moet eveneens onverlet blijven. Daarnaast moeten de afwikkelingsautoriteiten de aanvullende bevoegdheid hebben om van de resterende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, die volgens de normale insolventieprocedure wordt geliquideerd, te eisen dat deze de diensten levert die nodig zijn om de onderneming waaraan activa of aandelen uit hoofde van de toepassing van het instrument van verkoop van de onderneming of het instrument van de overbruggingsonderneming zijn overgedragen, in staat te stellen haar bedrijfsactiviteiten uit te voeren.

(69)

Volgens artikel 47 van het Handvest heeft eenieder wiens door het Unierecht gewaarborgde rechten en vrijheden zijn geschonden, recht op een doeltreffende voorziening in rechte. De besluiten van afwikkelingsautoriteiten moeten derhalve vatbaar zijn voor beroep.

(70)

De crisisbeheersingsmaatregelen van afwikkelingsautoriteiten kunnen complexe economische beoordelingen en een ruime beoordelingsmarge vergen. Afwikkelingsautoriteiten beschikken specifiek over de nodige deskundigheid om dergelijke beoordelingen te maken en om over het juiste gebruik van de beoordelingsmarge te beslissen. Daarom is het belangrijk om ervoor te zorgen dat de complexe economische beoordelingen die afwikkelingsautoriteiten in dit verband maken, door nationale rechterlijke instanties worden gebruikt wanneer zij de betrokken crisisbeheersingsmaatregelen evalueren. Dat deze beoordelingen complex zijn, mag de nationale rechterlijke instanties er echter niet van weerhouden te onderzoeken of de bewijselementen waarop de afwikkelingsautoriteit zich baseert, materieel juist, betrouwbaar en samenhangend zijn, en of die elementen het relevante feitenkader vormen voor de beoordeling van een complexe toestand en of zij de daaruit getrokken conclusies kunnen schragen.

(71)

Om op spoedeisende situaties te kunnen reageren, moet worden bepaald dat de instelling van beroep niet mag leiden tot automatische opschorting van de gevolgen van het betwiste besluit, alsmede dat het besluit van de afwikkelingsautoriteit onmiddellijk uitvoerbaar is, vanuit de veronderstelling dat opschorting ervan in strijd zou zijn met het algemeen belang.

(72)

Het is noodzakelijk bescherming te bieden aan derden die te goeder trouw activa, rechten en passiva van de onderneming in afwikkeling hebben verworven uit hoofde van de uitoefening van afwikkelingsbevoegdheden door de autoriteiten. Het is evenzeer noodzakelijk om de stabiliteit van de financiële markten te waarborgen. Een recht van beroep tegen een afwikkelingsbesluit moet derhalve alle latere, op grond van een vernietigd besluit genomen bestuurlijke handelingen of transacties onverlet laten. In dergelijke gevallen dienen de rechtsmiddelen ten aanzien van een onrechtmatig besluit beperkt te blijven tot de toekenning van schadevergoeding aan de getroffen personen.

(73)

Soms moeten er mogelijk dringend crisisbeheersingsmaatregelen worden getroffen wegens ernstige risico’s voor de financiële stabiliteit in de lidstaten en de Unie. Procedures naar nationaal recht betreffende de aanvraag van voorafgaande rechterlijke goedkeuring van een crisisbeheersingsmaatregel en de beoordeling van een dergelijke aanvraag door een rechterlijke instantie moeten derhalve snel verlopen. De lidstaten moeten ervoor zorgen dat de desbetreffende autoriteit haar beslissing kan nemen zodra een rechterlijke instantie haar goedkeuring heeft gegeven. Deze mogelijkheid mag geen afbreuk doen aan het recht van belanghebbenden om bij de rechter een verzoek tot nietigverklaring van de beslissing in te dienen. Om de toepassing van het afwikkelingsbesluit niet onnodig te vertragen, mag een dergelijke mogelijkheid echter slechts worden toegestaan voor een beperkte periode nadat de afwikkelingsautoriteit de crisisbeheersingsmaatregel heeft getroffen.

(74)

De efficiënte afwikkeling en de noodzaak om bevoegdheidsconflicten te voorkomen vereisen dat er geen normale insolventieprocedure ten aanzien van de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming wordt ingeleid of voortgezet zolang de afwikkelingsautoriteit haar afwikkelingsbevoegdheden uitoefent of afwikkelingsinstrumenten toepast, behalve op initiatief of met toestemming van de afwikkelingsautoriteit. Het is derhalve noodzakelijk om vast te leggen dat bepaalde contractuele verplichtingen gedurende een beperkte periode kunnen worden opgeschort om afwikkelingsautoriteiten in staat te stellen de afwikkelingsinstrumenten toe te passen. Deze mogelijkheid dient echter niet te gelden voor verplichtingen jegens door een lidstaat aangewezen systemen als bedoeld in Richtlijn 98/26/EG van het Europees Parlement en de Raad (8), met inbegrip van centrale tegenpartijen. Richtlijn 98/26/EG beperkt het aan deelname aan betalings- en afwikkelingssystemen verbonden risico, met name door de verstoring ten gevolge van de insolventie van een deelnemer in een dergelijk systeem te beperken. Deze bescherming moet in crisissituaties van toepassing blijven, en de exploitanten van betalings- en afwikkelingssystemen en andere marktdeelnemers moeten over de nodige zekerheid blijven beschikken. Een crisispreventie- of crisisbeheersingsmaatregel op zich hoeft dus niet te worden beschouwd als een insolventieprocedure in de zin van Richtlijn 98/26/EG, mits bij voortduring aan de materiële verplichtingen uit hoofde van de betrokken contracten wordt voldaan.

(75)

Het is noodzakelijk ervoor te zorgen dat afwikkelingsautoriteiten bij het overdragen van de activa en passiva aan een verkrijger uit de particuliere sector of een overbruggingsonderneming voldoende tijd krijgen om na te gaan welke contracten moeten worden overgedragen. Daarom moet het voor afwikkelingsautoriteiten mogelijk zijn de rechten van tegenpartijen te beperken om financiële contracten voortijdig, versneld of anderszins te beëindigen voordat de overdracht heeft plaatsgevonden. Dergelijke beperkingen moeten de afwikkelingsautoriteiten de gelegenheid bieden om een getrouw beeld te krijgen van de balans van de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming, zonder de wijzigingen in waarde en bereik die grootschalige uitoefening van beëindigingsrechten met zich mee zou brengen, en moeten helpen te voorkomen dat er marktinstabiliteit ontstaat. Ingrepen in de contractuele rechten van tegenpartijen moet echter worden beperkt tot het strikt noodzakelijke. Beperkingen op de door de afwikkelingsautoriteiten opgelegde beëindigingsrechten mogen daarom uitsluitend worden toegepast met betrekking tot crisisbeheersingsmaatregelen of gebeurtenissen die rechtstreeks verband houden met de toepassing van dergelijke maatregelen. Beëindigingsrechten die voortvloeien uit een andere wanbetaling, zoals onder meer het niet betalen of niet bijstorten bij onvoldoende marge, moeten derhalve behouden blijven.

(76)

Het is noodzakelijk om legitieme kapitaalmarktregelingen te behouden in het geval van een overdracht van sommige, doch niet alle activa, rechten en passiva van een falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming. Daarom is het passend te voorzien in waarborgen waarmee wordt voorkomen dat gekoppelde verplichtingen, rechten en contracten in voorkomend geval worden gesplitst, zoals contracten met dezelfde tegenpartij die onder zekerheidsregelingen vallen, financiëlezekerheidsovereenkomsten die tot overdracht leiden, salderingsovereenkomsten, overeenkomsten tot saldering bij vroegtijdige beëindiging en gestructureerde financieringsregelingen. Ingeval dergelijke waarborgen van toepassing zijn, moeten de afwikkelingsautoriteiten verplicht zijn alle gekoppelde contracten binnen een beschermde regeling over te dragen of deze allemaal bij de falende verzekerings- of herverzekeringsonderneming te laten. Deze waarborgen moeten garanderen dat de kapitaalvereisten die voor de toepassing van Richtlijn 2009/138/EG voor door een verrekeningsovereenkomst gedekte posities gelden, onverlet worden gelaten.

(77)

Om de verzekerings- of herverzekeringsonderneming financiële stabiliteit te bieden, moet een moratorium op de afkooprechten van verzekeringnemers worden ingesteld. Een dergelijk moratorium, en de daaruit voortvloeiende financiële stabiliteit voor de betrokken onderneming, moeten de afwikkelingsautoriteiten voldoende tijd geven om deze ondernemingen te waarderen en te beoordelen welke afwikkelingsinstrumenten moeten worden toegepast. Een dergelijk moratorium moet ook zorgen voor een gelijke behandeling van verzekeringnemers en zo mogelijke negatieve financiële gevolgen voor verzekeringnemers die hun verzekering niet als eersten lieten afkopen, voorkomen. Aangezien een van de doelstellingen van afwikkeling de voortzetting van de verzekeringsdekking is, moeten verzekeringnemers alle verplichte betalingen uit hoofde van de betrokken verzekerings- of herverzekeringsovereenkomsten blijven verrichten, ook in het geval van lijfrenten.

(78)

Door ervoor te zorgen dat afwikkelingsautoriteiten over dezelfde afwikkelingsinstrumenten en -bevoegdheden beschikken, wordt gecoördineerd optreden bij het falen van een grensoverschrijdende groep gemakkelijker gemaakt. Om de samenwerking te bevorderen en gefragmenteerde nationale reacties te voorkomen, zijn er echter verdere maatregelen nodig. Om bij de afwikkeling van groepsentiteiten overeenstemming over een groepsafwikkelingsregeling te bereiken, moeten afwikkelingsautoriteiten worden verplicht elkaar te raadplegen en samen te werken in afwikkelingscolleges. Om een forum voor discussie en het bereiken van een dergelijke overeenstemming te bieden, moeten afwikkelingscolleges rond de kern van de bestaande colleges van toezichthouders worden ingesteld door daarin afwikkelingsautoriteiten op te nemen en er bevoegde ministeries, de Eiopa en, in voorkomend geval, de voor verzekeringsgarantiestelsels verantwoordelijke autoriteiten bij te betrekken. Afwikkelingscolleges dienen geen besluitvormingsorganen te zijn, maar platforms die de besluitvorming door nationale autoriteiten vergemakkelijken, waarbij het aan de betrokken nationale autoriteiten is om de gezamenlijke besluiten te nemen.

(79)

Het is zaak dat de Commissie met het oog op de ontwikkelingen in de regelgeving naar aanleiding van de wereldwijde financiële crisis, op de sinds die crisis opgedane ervaringen en op de toepassing van deze richtlijn, na raadpleging van de Eiopa een verslag indient bij het Europees Parlement en de Raad, met daarin een analyse van de vraag of er in de Unie al dan niet gemeenschappelijke minimumnormen voor verzekeringsgarantiestelsels moeten worden ingevoerd. Dat verslag moet ten minste: een beoordeling bevatten van de huidige stand van de verzekeringsgarantiestelsels in de lidstaten (dekkingsniveau, soorten gedekte verzekeringen en voorwaarden); beleidsopties bespreken, zoals het gebruik van verzekeringsgarantiestelsels om verzekeringspolissen voort te zetten of te liquideren, waarbij terdege rekening wordt gehouden met de verschillen in verzekeringsproducten in de verschillende lidstaten; nagaan of het nodig is minimumvoorschriften in te voeren voor verzekeringsgarantiestelsels in de hele Unie, en zo ja, welke stappen er nodig zijn om die voorschriften in te voeren. Het verslag gaat zo nodig vergezeld van een wetgevingsvoorstel.

(80)

Bij de afwikkeling van grensoverschrijdende groepen dient een evenwicht te worden nagestreefd tussen, enerzijds, de behoefte aan procedures die met het kritieke karakter van de situatie rekening houden en efficiënte, rechtvaardige en tijdige oplossingen voor de groep als geheel mogelijk maken en, anderzijds, de noodzaak om de verzekeringnemers, de reële economie en de financiële stabiliteit te beschermen in alle lidstaten waar de groep actief is. De verschillende afwikkelingsautoriteiten dienen daarom in het afwikkelingscollege hun standpunten te delen, en de door de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau voorgestelde afwikkelingsmaatregelen moeten in het kader van de groepsafwikkelingsplannen tussen de verschillende afwikkelingsautoriteiten worden voorbereid en besproken. Om het nemen van gezamenlijke besluiten waar mogelijk te vergemakkelijken en te versnellen, moeten afwikkelingscolleges ook rekening houden met de standpunten van de afwikkelingsautoriteiten van alle lidstaten waar de groep actief is.

(81)

Afwikkelingsmaatregelen van de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau moeten altijd rekening houden met het effect ervan op de verzekeringnemers, de reële economie en de financiële stabiliteit in de lidstaten waar de groep actief is. De afwikkelingsautoriteiten van de lidstaat waar een dochteronderneming is gevestigd, moeten daarom in laatste instantie en in naar behoren gemotiveerde gevallen bezwaar kunnen maken tegen de besluiten van de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau wanneer die afwikkelingsautoriteiten van mening zijn dat de afwikkelingsmaatregelen niet geschikt zijn, hetzij vanwege de noodzaak om de verzekeringnemers, de reële economie en de financiële stabiliteit in de desbetreffende lidstaat te beschermen, hetzij vanwege de verplichtingen waaraan vergelijkbare ondernemingen in die lidstaten zijn onderworpen.

(82)

Groepsafwikkelingsregelingen moeten een gecoördineerde afwikkeling vergemakkelijken, aangezien dat de kans vergroot dat er een optimaal resultaat voor alle ondernemingen van een groep wordt bereikt. De afwikkelingsautoriteiten op groepsniveau moeten daarom groepsafwikkelingsregelingen voorstellen en deze voorleggen aan het afwikkelingscollege. Afwikkelingsautoriteiten die het oneens zijn met een groepsafwikkelingsregeling of die besluiten om onafhankelijke afwikkelingsmaatregelen te treffen, moeten de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau en de andere afwikkelingsautoriteiten die onder de groepsafwikkelingsregeling vallen, meedelen waarom zij het niet eens zijn en tevens nadere bijzonderheden verstrekken omtrent elke onafhankelijke afwikkelingsmaatregel die zij voornemens zijn te treffen. Elke afwikkelingsautoriteit die besluit af te wijken van de groepsafwikkelingsregeling, moet naar behoren rekening houden met de potentiële gevolgen van een dergelijke afwijking voor de verzekeringnemers, de reële economie en de financiële stabiliteit in de lidstaten waar de andere afwikkelingsautoriteiten gevestigd zijn en met de potentiële gevolgen van deze afwijking voor andere delen van de groep.

(83)

Om een gecoördineerd optreden op groepsniveau te waarborgen, moet de afwikkelingsautoriteiten worden verzocht om binnen een gegeven groepsafwikkelingsregeling hetzelfde instrument toe te passen op entiteiten die tot de groep behoren en die aan de afwikkelingsvoorwaarden voldoen. Afwikkelingsautoriteiten op groepsniveau moeten daarom de bevoegdheid hebben om het instrument van de overbruggingsonderneming op groepsniveau toe te passen om een groep als geheel te stabiliseren en de eigendom van dochterondernemingen over te dragen aan de overbruggingsonderneming met het oog op de verdere verkoop van dergelijke dochterondernemingen, hetzij als pakket, hetzij afzonderlijk, wanneer de marktomstandigheden daarvoor geschikt zijn. Daarnaast moet de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau de bevoegdheid hebben om het afschrijvings- of omzettingsinstrument op het niveau van de moederonderneming toe te passen.

(84)

Een doeltreffende afwikkeling van internationaal actieve verzekerings- en herverzekeringsondernemingen en groepen vereist samenwerking tussen afwikkelingsautoriteiten van de lidstaten en derde landen. Daartoe moet de Eiopa, wanneer de situatie zulks rechtvaardigt, worden gemachtigd om niet-bindende kaderregelingen voor samenwerking met autoriteiten van derde landen te ontwikkelen en aan te gaan overeenkomstig artikel 33 van Verordening (EU) nr. 1094/2010. Om dezelfde reden moet het nationale autoriteiten worden toegestaan om bilaterale regelingen te sluiten met autoriteiten van derde landen in overeenstemming met de kaderovereenkomsten voor samenwerking van de Eiopa. De ontwikkeling van dergelijke bilaterale regelingen moet zorgen voor een effectieve planning, besluitvorming en coördinatie met betrekking tot dergelijke internationaal actieve verzekerings- en herverzekeringsondernemingen. Om een gelijk speelveld te creëren, moeten dergelijke bilaterale regelingen wederkerig zijn, waarbij de afwikkelingsautoriteiten elkaars procedures erkennen en handhaven, tenzij er een uitzondering geldt op grond waarvan de erkenning van afwikkelingsprocedure van een derde land kan worden afgewezen.

(85)

Afwikkelingsautoriteiten moeten zowel met betrekking tot dochterondernemingen van groepen in de Unie of derde landen als met betrekking tot bijkantoren van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen in de Unie of derde landen met elkaar samenwerken. Dochterondernemingen van groepen uit derde landen zijn ondernemingen die in de Unie zijn gevestigd en derhalve volledig aan het Unierecht zijn onderworpen, met inbegrip van het recht inzake de toepassing van afwikkelingsinstrumenten. Het is echter noodzakelijk dat lidstaten het recht behouden om op te treden met betrekking tot bijkantoren van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen met hoofdkantoor in derde landen ingeval de erkenning en de toepassing van afwikkelingsprocedure van een derde land met betrekking tot een bijkantoor de reële economie of financiële stabiliteit in de Unie in gevaar zouden brengen, of ingeval verzekeringnemers uit de Unie niet op dezelfde wijze zouden worden behandeld als verzekeringnemers uit derde landen. In die omstandigheden moeten de lidstaten het recht hebben om, na raadpleging van hun afwikkelingsautoriteiten, de afwikkelingsprocedure van een derde land niet te erkennen.

(86)

De uitvoering van deze richtlijn mag de nationale verzekeringsgarantiestelsels niet beletten samen te werken met het herstel- en afwikkelingskader, ongeacht de financieringsbron van deze nationale stelsels. Het gebruik van afwikkelingsinstrumenten en -bevoegdheden voor een verzekerings- of herverzekeringsonderneming mag schadeloosstelling van verzekeringnemers, begunstigden en andere eisers via deze nationale verzekeringsgarantiestelsels niet in de weg staan.

(87)

De Eiopa moet de convergentie van de praktijken van afwikkelingsautoriteiten bevorderen door middel van richtsnoeren die overeenkomstig artikel 16 van Verordening (EU) nr. 1094/2010 worden uitgevaardigd. Meer in het bijzonder moet de Eiopa het volgende specificeren: a) nadere bijzonderheden over de criteria voor de toepassing van vereenvoudigde verplichtingen voor bepaalde ondernemingen; b) een reeks scenario’s voor preventiefherstelplannen en een minimumlijst van kwalitatieve en kwantitatieve indicatoren; c) de criteria voor de aanmerking als kritieke functie; d) verdere kwesties en criteria voor de beoordeling van de afwikkelbaarheid; e) de details van de maatregelen voor het aanpakken of wegnemen van belemmeringen voor de afwikkelbaarheid en de omstandigheden waarin elke maatregel mag worden toegepast, en f) de wijze waarop informatie in samengevatte of geaggregeerde vorm moet worden verstrekt in verband met de vertrouwelijkheidsvereisten.

(88)

Technische normen voor financiële diensten moeten een consistente harmonisatie en toereikende bescherming van verzekeringnemers, beleggers en consumenten in de hele Unie bevorderen. Het zou efficiënt en passend zijn om de Eiopa, als orgaan met hooggespecialiseerde expertise, te belasten met de uitwerking van aan de Commissie voor te leggen ontwerpen van technische regelgevings- en uitvoeringsnormen die geen beleidskeuzen inhouden.

(89)

De Commissie dient, voor zover daarin in deze richtlijn is voorzien, bij gedelegeerde handelingen op grond van artikel 290 VWEU, door de Eiopa in overeenstemming met de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1094/2010 ontwikkelde ontwerpen van technische reguleringsnormen vast te stellen tot nadere bepaling van de volgende elementen: a) de criteria om een onderneming te onderwerpen aan preventiefherstelplanning, alsmede de methoden die moeten worden gebruikt bij de bepaling van de marktaandelen ten behoeve van de herstelplanning, alsmede de in de preventiefherstelplannen op te nemen informatie; b) de inhoud van afwikkelingsplannen en groepsafwikkelingsplannen; c) verschillende elementen ten aanzien van waardering, waaronder de omstandigheden waarin een persoon geacht wordt voor doeleinden van uitvoering van een waardering onafhankelijk te zijn, de methoden ter beoordeling van de waarde van de activa en passiva in het kader van afwikkeling, de scheiding van verschillende waarderingen, een methode ter berekening van de buffer voor in voorlopige waarderingen op te nemen extra verliezen, methoden en beginselen ter waardering van uit derivaten voortvloeiende passiva, en de methode ter waardering van verschillen in behandeling; d) de inhoud van de contractuele looptijden die moeten worden opgenomen in financiële contracten die onder het recht van een derde land vallen; e) de operationele werking van afwikkelingscolleges. De Commissie moet, wanneer daarin in deze richtlijn is voorzien, door de Eiopa ontwikkelde ontwerpen van technische uitvoeringsnormen vaststellen door middel van uitvoeringshandelingen op grond van artikel 291 VWEU, overeenkomstig artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1094/2010, met het oog op nadere bepaling van de procedures, de inhoud en een minimumreeks standaardformulieren en -templates voor de verstrekking van informatie ten behoeve van afwikkelingsplannen en de samenwerking van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming.

(90)

Richtlijn 2004/25/EG van het Europees Parlement en de Raad (9), Richtlijn 2007/36/EG van het Europees Parlement en de Raad (10) en Richtlijn (EU) 2017/1132 van het Europees Parlement en de Raad (11) bevatten regels inzake de bescherming van aandeelhouders en schuldeisers van ondernemingen die binnen het toepassingsgebied van die richtlijnen vallen. In een situatie waarin afwikkelingsautoriteiten snel moeten handelen, zouden deze regels een doeltreffende afwikkelingsmaatregel en de toepassing van afwikkelingsinstrumenten en -bevoegdheden door afwikkelingsautoriteiten kunnen belemmeren. Afwijkingen uit hoofde van Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad (12) en Verordening (EU) 2021/23 van het Europees Parlement en de Raad (13) moeten daarom worden uitgebreid tot maatregelen die in het kader van de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen worden genomen. Om maximale rechtszekerheid voor de belanghebbende partijen te garanderen, moeten dergelijke afwijkingen duidelijk worden geformuleerd, restrictief zijn en mogen zij alleen worden gebruikt in het algemeen belang en wanneer aan de voorwaarden voor afwikkeling is voldaan.

(91)

Om alle betrokken autoriteiten een adequate uitwisseling van en toegang tot informatie te bieden, moet ervoor worden gezorgd dat de afwikkelingsautoriteiten in alle relevante fora vertegenwoordigd zijn en dat de Eiopa profiteert van de deskundigheid die nodig is om de taken in verband met het herstel en de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen uit te voeren. Daarom moet Verordening (EU) nr. 1094/2010 worden gewijzigd om afwikkelingsautoriteiten aan te wijzen als bevoegde autoriteiten in de zin van die verordening. Een dergelijke gelijkstelling van afwikkelingsautoriteiten en bevoegde autoriteiten is consistent met de op grond van artikel 25 van Verordening (EU) nr. 1094/2010 aan de Eiopa toevertrouwde functies om actief bij te dragen en deel te nemen aan de ontwikkeling van herstel- en afwikkelingsplannen.

(92)

Het is noodzakelijk om ervoor te zorgen dat verzekerings- en herverzekeringsondernemingen, de personen die de daadwerkelijke zeggenschap over hun bedrijf uitoefenen, en hun bestuurlijke, beleidsbepalende of toezichthoudende orgaan, hun verplichtingen met betrekking tot de afwikkeling van dergelijke ondernemingen nakomen. Ook is het noodzakelijk om ervoor te zorgen dat deze ondernemingen, de personen die de daadwerkelijke zeggenschap over hun bedrijf uitoefenen, en hun bestuurlijke, beleidsbepalende of toezichthoudende orgaan in de hele Unie op dezelfde wijze worden behandeld. Daarom moeten de lidstaten worden verplicht om te voorzien in administratieve sancties en andere administratieve maatregelen die doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. Dergelijke administratieve sancties en andere administratieve maatregelen moeten voldoen aan bepaalde essentiële vereisten ten aanzien van de adressaten ervan, aan in aanmerking te nemen criteria bij het opleggen van een administratieve sanctie of andere administratieve maatregel, bekendmaking van administratieve sancties of andere administratieve maatregelen, essentiële sanctiebevoegdheden en hoogte van administratieve geldboeten. De Eiopa moet, met strikte inachtneming van het ambtsgeheim, een centrale database bijhouden met alle administratieve sancties of andere administratieve maatregelen en informatie over de beroepen die haar door de toezichthoudende autoriteiten en de afwikkelingsautoriteiten zijn gemeld.

(93)

De lidstaten mogen niet worden verplicht regels vast te stellen voor administratieve sancties of andere administratieve maatregelen wegens inbreuken op deze richtlijn die onder het nationale strafrecht vallen. Het handhaven van strafrechtelijke sancties in plaats van administratieve sancties of andere administratieve maatregelen wegens inbreuken mag de afwikkelingsautoriteiten en de toezichthoudende autoriteiten evenwel niet beperken of anderszins beïnvloeden in hun vermogen om tijdig met afwikkelingsautoriteiten en toezichthoudende autoriteiten in andere lidstaten samen te werken, toegang te hebben tot informatie en informatie uit te wisselen, ook nadat de desbetreffende inbreuken voor vervolging naar de bevoegde rechterlijke instanties zijn verwezen.

(94)

Daar de doelstelling van deze richtlijn, namelijk de harmonisatie van de regels en procedures voor de afwikkeling van verzekerings- of herverzekeringsondernemingen, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt, maar vanwege de effecten van het falen van een onderneming in de hele Unie beter kan worden verwezenlijkt op het niveau van de Unie, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Overeenkomstig het in datzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze richtlijn niet verder dan nodig is om die doelstelling te verwezenlijken.

(95)

Bij het nemen van besluiten of maatregelen op grond van deze richtlijn moeten de toezichthoudende autoriteiten en afwikkelingsautoriteiten altijd terdege rekening houden met de gevolgen van hun besluiten en maatregelen voor verzekeringnemers, de reële economie en de financiële stabiliteit in andere lidstaten, en moeten zij rekening houden met het belang van een eventuele dochteronderneming of grensoverschrijdende activiteiten voor de verzekeringnemers, de financiële sector en de economie van de lidstaat waar die dochteronderneming is gevestigd of de activiteiten worden uitgevoerd, ook als de betrokken dochteronderneming of de grensoverschrijdende activiteiten van minder belang zijn voor de geconsolideerde groep.

(96)

Uiterlijk vijf jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn moet de Commissie, voortbouwend op de opgedane ervaring en na raadpleging van de Eiopa, verslag uitbrengen aan het Europees Parlement en de Raad met een uitvoerige evaluatie van de richtlijn waarin bijzondere aandacht wordt besteed aan bepaalde aspecten van de toepassing ervan,

HEBBEN DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:

Gedaan te Straatsburg, 27 november 2024.

Voor het Europees Parlement

De voorzitter

R. METSOLA

Voor de Raad

De voorzitter

BÓKA J.

TITEL I ONDERWERP EN TOEPASSINGSGEBIED, DEFINITIES EN AANWIJZING VAN AFWIKKELINGSAUTORITEITEN TITEL I ONDERWERP EN TOEPASSINGSGEBIED, DEFINITIES EN AANWIJZING VAN AFWIKKELINGSAUTORITEITEN
TITEL II VOORBEREIDING TITEL II VOORBEREIDING
TITEL III AFWIKKELING TITEL III AFWIKKELING
TITEL IV GRENSOVERSCHRIJDENDE GROEPSAFWIKKELING TITEL IV GRENSOVERSCHRIJDENDE GROEPSAFWIKKELING
TITEL V BETREKKINGEN MET DERDE LANDEN TITEL V BETREKKINGEN MET DERDE LANDEN
TITEL VI SANCTIES TITEL VI SANCTIES
TITEL VII WIJZIGING VAN DE RICHTLIJNEN 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2007/36/EG, 2014/59/EU EN (EU) 2017/1132 EN VAN DE VERORDENINGEN (EU) NR. 1094/2010, (EU) NR. 648/2012, (EU) NR. 806/2014 EN (EU) NR. 2017/1129 TITEL VII WIJZIGING VAN DE RICHTLIJNEN 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2007/36/EG, 2014/59/EU EN (EU) 2017/1132 EN VAN DE VERORDENINGEN (EU) NR. 1094/2010, (EU) NR. 648/2012, (EU) NR. 806/2014 EN (EU) NR. 2017/1129
TITEL VIII SLOTBEPALINGEN TITEL VIII SLOTBEPALINGEN
BIJLAGE Afwikkelbaarheidsdimensies

BIJLAGE

Afwikkelbaarheidsdimensies

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis