|
1.1. Ingevolge artikel 47, lid 6, van Richtlijn 2014/59/EU (Richtlijn betreffende het herstel en de afwikkeling van banken, hierna "de Richtlijn")2 , schetsen deze richtsnoeren de omstandigheden waarin het gepast is om, bij de toepassing van het instrument van bail-in zoals beschreven in artikel 43, of de afschrijving of omzetting van kapitaalinstrumenten zoals beschreven in artikel 59, een of meer van de volgende maatregelen te treffen: - (a) bestaande aandelen of andere eigendomsinstrumenten intrekken, of ze overdragen aan schuldeisers waarop het instrument van bail-in is toegepast;
- (b) het doen verwateren van bestaande aandeelhouders en houders van andere eigendomsinstrumenten als gevolg van de omzetting van:
- (i) relevante kapitaalinstrumenten die door de instelling zijn uitgegeven op grond van de in artikel 59, lid 2, van de Richtlijn bedoelde bevoegdheid; of
- (ii) in aanmerking komende passiva in aandelen of andere eigendomsinstrumenten die zijn uitgegeven door de instelling in afwikkeling op grond van de in artikel 63, lid 1, onder f) van de Richtlijn bedoelde bevoegdheid.
Krachtens artikel 47, lid 1, mag maatregel (b) enkel genomen worden als de nettowaarde van de activa van de instelling in afwikkeling volgens de uit hoofde van artikel 36 verrichte waardering positief is, en de omzetting uitgevoerd wordt tegen een omzettingskoers die de bestaande aandelen of andere eigendomsinstrumenten sterk verwatert. 2. Definities In de context van deze richtsnoeren gelden de volgende definities: - (a) ‘intrekking’ van aandelen betekent dat aandelen geannuleerd worden en de economische aanspraken en andere eigendomsrechten op deze aandelen volledig verdwijnen;
- (b) 'overdracht' van aandelen betekent dat aandelen of andere eigendomsinstrumenten overgedragen worden aan schuldeisers en dat de toekomstige economische aanspraken en andere eigendomsrechten van de oorspronkelijke aandeelhouders op deze aandelen verdwijnen;
- (c) 'verwatering' betekent dat nieuwe aandelen of andere eigendomsinstrumenten uitgegeven worden en bijgevolg de toekomstige economische aanspraken en andere rechten van bestaande aandeelhouders verhoudingsgewijs verminderd, maar niet noodzakelijk gewist worden. Eventueel behouden ze enkele economische en administratieve eigendomsrechten (stemrecht)3 .
3. Toepassingsgebied en –niveau Deze richtsnoeren zijn bestemd voor afwikkelingsautoriteiten die het instrument van bail-in of de bevoegdheid om relevante kapitaalinstrumenten af te schrijven of om te zetten toepassen op het moment van niet-levensvatbaarheid van een instelling of een entiteit zoals bedoeld in artikel 1, b), c) of d) van Richtlijn 2014/59/EU ("de Richtlijn").
2 Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190–348) 3 Verwatering kan gecombineerd worden met 'intrekking' of 'overdracht' met als gevolg dat een deel maar niet alle aandelen ingetrokken of overgedragen worden.
|