|
+14.1.1 Risicobeoordelingen |
14.1.1 Risicobeoordelingen220.Instellingen dienen de doelstellingen van de instelling, bedrijfseenheden en personeelsleden vast te leggen. Deze doelstellingen behoren te worden afgeleid van haar bedrijfs- en risicostrategie, haar bedrijfswaarden, haar risicobereidheid en haar langetermijnbelangen, waarbij ook rekening dient te worden gehouden met de kosten van kapitaal en de liquiditeit van de instelling. Instellingen dienen de prestaties van de bedrijfseenheden van de instelling en van aangewezen personeelsleden tijdens de opbouwperiode te beoordelen door deze te vergelijken met hun doelstellingen. 221.Instellingen dienen rekening te houden met alle bestaande en toekomstige risico’s, zowel op als buiten de balans, en daarbij onderscheid te maken tussen risico’s die relevant zijn voor de instelling, de bedrijfseenheden en de individuele personeelsleden. Over het algemeen lopen instellingen allerlei risico’s op instellingsniveau. Op het niveau van individuele aangewezen personeelsleden of bedrijfseenheden zijn daarentegen mogelijk slechts enkele soorten risico relevant. 222.Instellingen dienen ook maatstaven te hanteren voor de risicoafstemming van beloning wanneer de risicoblootstelling moeilijk exact kan worden gekwantificeerd, zoals bijvoorbeeld bij reputatierisico en operationeel risico. In dergelijke gevallen wordt de risicobeoordeling gebaseerd op geschikte vervangende gegevens, zoals risico-indicatoren, kapitaalvereisten of scenarioanalyse. 223.Om op conservatieve wijze rekening te houden met alle materiële risico’s op het niveau van de instelling en de bedrijfseenheden, dienen instellingen dezelfde methoden voor risicometing te hanteren als die welke zij gebruiken voor interne risicometing, bijvoorbeeld binnen hun interne beoordelingsproces van de kapitaaltoereikendheid (ICAAP) en hun individuele beoordeling van de liquiditeitstoereikendheid. Instellingen dienen rekening te houden met verwachte en onverwachte verliezen en stressomstandigheden. Als een instelling bijvoorbeeld een geavanceerde meetbenadering hanteert voor de berekening van haar operationele kapitaalvereisten, omvat deze methode al een analyse van zeer ernstige verliezen en een scenario-analyse. Ook in kredietrisico-, marktrisico- of economisch-kapitaalmodellen van instellingen worden stressomstandigheden opgenomen. 224.Instellingen dienen in staat te zijn tegenover de bevoegde autoriteit aan te tonen hoe de risicoberekeningen zijn opgesplitst naar bedrijfseenheden en verschillende soorten risico. De omvang en de kwaliteit van de binnen het ICAAP gebruikte methoden en modellen dienen op proportionele wijze tot uiting te komen in het beloningsbeleid van de instelling . Geavanceerdere ICAAP-methoden leiden tot een geavanceerder beleid voor variabele beloning, met inbegrip van risicogevoelige aanpassingstechnieken. 1. Overzicht
1.1 Referenties1.2 Geïdentificeerde eisen1.3 Gerelateerde standaarden2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
|