+8.3 Dividenden en rentebetalingen

8.3 Dividenden en rentebetalingen

140.Betalingen van “carried interest” in de zin van artikel 4, lid 1, onder d), van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen (AIFMD) zijn onderworpen aan de bepalingen van deze richtlijn ten aanzien van beloningen; in lid 2 van bijlage II van de AIFMD is “carried interest” specifiek opgenomen in de definitie van beloning30 . De ESMA-richtsnoeren voor een goed beloningsbeleid in het kader van de AIFMD zijn van toepassing31 . Voor de toepassing van deze EBA-richtsnoeren, en in het bijzonder wat betreft de berekening van de verhouding tussen de variabele en de vaste componenten van beloningen voor aangewezen personeelsleden overeenkomstig hoofdstuk 13 van deze richtsnoeren, geldt het volgende:

  • a. alle betalingen door de alternatieve beleggingsinstellingen aan deze personeelsleden via “carried interest”-vehikels die geen pro rata rendement op de door deze personeelsleden gedane beleggingen zijn, dienen te worden beschouwd als variabele beloning en te worden gewaardeerd op het moment dat ze worden toegekend;
  • b. alle betalingen door de alternatieve beleggingsinstellingen aan deze personeelsleden via “carried interest”-vehikels die een pro rata rendement zijn op de door deze personeelsleden gedane beleggingen (via het “carried interest”-vehikel) in de alternatieve beleggingsinstelling, dienen niet te worden opgenomen in de berekening.

141.Dividenden die worden uitgekeerd op verworven aandelen of gelijkwaardige eigendomsbelangen die personeelsleden hebben ontvangen als onderdeel van hun beloning, of andere aandelen die door personeelsleden als aandeelhouder of eigenaar van een instelling worden gehouden, maken in het kader van deze richtsnoeren geen deel uit van de beloning. Hetzelfde geldt voor rente die aan personeelsleden wordt betaald over andere verworven instrumenten of beleggingen.

142.Betalingen van dividenden en rente mogen echter niet worden aangewend als een betalingsmethode voor variabele beloning die zou leiden tot een omzeiling van de beloningsvereisten die zijn vastgelegd in de CRD.


30 In bijlage II, lid 2, van de AIFMD is het volgende bepaald: “De in lid 1 vermelde beginselen zijn van toepassing op alle soorten door de abi-beheerder uitgekeerde verloningen, op alle door de abi zelf uitgekeerde bedragen, met inbegrip van “carried interest”, en op alle overdrachten van rechten van deelneming of aandelen in de abi, ten gunste van de categorieën van medewerkers, inclusief hogere leidinggevende en risiconemende medewerkers en medewerkers met een [controlefunctie] en elke werknemer wiens totale beloning hem in dezelfde beloningsschaal als hogere leidinggevenden en risiconemers plaatst, wier beroepswerkzaamheden het risicoprofiel van de abi-beheerder of van de abi’s in zijn beheer materieel beïnvloeden” (onderstreping toegevoegd).

31 ESMA/2013/232, te vinden op: http://www.esma.europa.eu/system/files/2013-232_aifmd_guidelines_on_remuneration_-_en.pdf. Zie voor de specifieke behandeling van “carried interest” in het kader van de AIFMD met name de punten 10, 13, 16 en 159 van de ESMA-richtsnoeren.

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis
  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/