+3. Kwaliteit van de activa
---+33. Naast de kernindicatoren voor het risico kunnen depositogarantiestelsels aanvullende …
---+34. Indien een lidstaat bij verordening aan instellingen binnen een bepaalde subsector zodanige …
---+35. Het depositogarantiestelsel kan de bijdragen van een aangesloten instelling die deel uitmaakt …
---+36. Het depositogarantiestelsel dient risico-indicatoren te gebruiken die in de berekeningsmethode …
---+37. Het depositogarantiestelsel dient de selectie van de risico-indicatoren af te stemmen op de …
---+38. Het depositogarantiestelsel dient de waarden van de risico-indicatoren voor elke aangesloten …
---+39. Het depositogarantiestelsel dient echter de waarden van risico-indicatoren op geconsolideerd …
---+40. Wanneer een aangesloten instelling, op grond van artikel 7, 8 of 21 van Verordening (EU) nr. …
---+41. Voor de berekening van de waarden van risico-indicatoren voor een bepaalde periode, dient het …
|
3. Kwaliteit van de activa
3.1 Niet-renderende NPL-ratio zoals gespecificeerd in artikel 11, lid 2, onder g), (+) Een hogere leningenratio (Non- punt ii), van Uitvoeringsverordening (EU) 2021/451 van de waarde geeft een performing loans ratio Commissie6 hoger risico aan
6 Uitvoeringsverordening (EU) 2021/451 van de Commissie van 17 december 2020 tot vaststelling van technische uitvoeringsnormen voor de toepassing van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de rapportage aan de toezichthoudende autoriteit door instellingen en tot intrekking van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014.
1. Overzicht
| Titel |
Regelgeving |
|
33. Naast de kernindicatoren voor het risico kunnen depositogarantiestelsels aanvullende …
|
Naast de kernindicatoren voor het risico kunnen depositogarantiestelsels aanvullende risico-indicatoren vaststellen en opnemen die relevant zijn voor de bepaling van de verschillen in het risicoprofiel van aangesloten instellingen.
|
|
34. Indien een lidstaat bij verordening aan instellingen binnen een bepaalde subsector zodanige …
|
Indien een lidstaat bij verordening aan instellingen binnen een bepaalde subsector zodanige beperkingen heeft opgelegd dat de kans op een tussenkomst van het depositogarantiestelsel aanzienlijk afneemt, kan het depositogarantiestelsel overeenkomstig artikel 13, lid 1, tweede alinea, van de richtlijn depositogarantiestelsels de bijdragen van de aangesloten instellingen die tot de respectieve laagrisicosector behoren, verlagen door een extra risico-indicator op te nemen, op voorwaarde dat de bevoegde en aangewezen autoriteit, na raadpleging van het depositogarantiestelsel, dit gezamenlijk hebben toegestaan op basis van empirisch bewijsmateriaal waaruit blijkt dat binnen deze laagrisicosectoren het aantal tussenkomsten van het depositogarantiestelsel consequent lager is dan in andere sectoren.
|
|
35. Het depositogarantiestelsel kan de bijdragen van een aangesloten instelling die deel uitmaakt …
|
Het depositogarantiestelsel kan de bijdragen van een aangesloten instelling die deel uitmaakt van een institutioneel protectiestelsel (IPS) overeenkomstig artikel 13, lid 1, derde alinea, van de richtlijn depositogarantiestelsels verlagen door een aanvullende risico-indicator in de berekeningsmethode op te nemen. De indicator van het IPS-lidmaatschap dient de aanvullende solvabiliteits- en liquiditeitsbescherming te weerspiegelen die het IPS de aangesloten instelling biedt. Daartoe dient de aanvullende risico-indicator het bedrag te meten van de ex ante-middelen van het IPS die vooraf onmiddellijk beschikbaar zijn voor zowel herkapitalisatie als liquiditeitsfinanciering. Dit kan ook aanvullende financieringsverplichtingen omvatten die op verzoek opvraagbaar zijn en gedekt worden door liquiditeitsreserves van IPS-leden. Om te meten of deze ex ante-middelen hoog genoeg zijn om een geloofwaardige en doeltreffende steun voor die aangesloten instelling te bieden, dient het depositogarantiestelsel ze vast te stellen in verhouding tot de omvang van de aangesloten instelling bij het IPS. Vereisten voor risico-indicatoren
|
|
36. Het depositogarantiestelsel dient risico-indicatoren te gebruiken die in de berekeningsmethode …
|
Het depositogarantiestelsel dient risico-indicatoren te gebruiken die in de berekeningsmethode een voldoende breed spectrum van risicobronnen omvatten. Indien en wanneer een depositogarantiestelsel voor aanvullende indicatoren kiest, kan dit onder meer, maar niet uitsluitend, risico’s omvatten die voortvloeien uit het witwassen van geld, slecht bestuur of slechte kwaliteit van de eenduidige klantenbeelden.
|
|
37. Het depositogarantiestelsel dient de selectie van de risico-indicatoren af te stemmen op de …
|
Het depositogarantiestelsel dient de selectie van de risico-indicatoren af te stemmen op de goede praktijken op het gebied van risicobeheer en op de bestaande prudentiële vereisten.
|
|
38. Het depositogarantiestelsel dient de waarden van de risico-indicatoren voor elke aangesloten …
|
Het depositogarantiestelsel dient de waarden van de risico-indicatoren voor elke aangesloten instelling te gebruiken die op individuele basis zijn berekend.
|
|
39. Het depositogarantiestelsel dient echter de waarden van risico-indicatoren op geconsolideerd …
|
Het depositogarantiestelsel dient echter de waarden van risico-indicatoren op geconsolideerd niveau te berekenen wanneer de lidstaat gebruik maakt van de in artikel 13, lid 1, van Richtlijn 2014/49/EU geboden mogelijkheid om het centrale orgaan en alle kredietinstellingen die blijvend bij het centrale orgaan zijn aangesloten als bedoeld in artikel 10, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, als één geheel te onderwerpen aan het risicogewicht dat voor het centrale orgaan en de daarbij aangesloten instellingen op geconsolideerde basis is bepaald.
|
|
40. Wanneer een aangesloten instelling, op grond van artikel 7, 8 of 21 van Verordening (EU) nr. …
|
Wanneer een aangesloten instelling, op grond van artikel 7, 8 of 21 van Verordening (EU) nr. 575/2013, een ontheffing heeft gekregen voor het op individuele basis voldoen aan de kapitaal-en/of liquiditeitsvereisten, dient het depositogarantiestelsel de bijbehorende kapitaal/liquiditeitsindicatoren op geconsolideerd of semi-geconsolideerd niveau te berekenen.
|
|
41. Voor de berekening van de waarden van risico-indicatoren voor een bepaalde periode, dient het …
|
Voor de berekening van de waarden van risico-indicatoren voor een bepaalde periode, dient het depositogarantiestelsel gebruik te maken van: - a. de waarde aan het einde van de verslagperiode voor posten op de winst-en-verliesrekening;
- b. het gemiddelde tussen de waarde aan het einde van de verslagperiode en de waarde aan het einde van de vorige verslagperiode voor balansposten.
|
,
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
- EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/
|