+41. De grondslagen voor financiële verslaggeving van kredietinstellingen moeten gericht zijn op, en …

41. De grondslagen voor financiële verslaggeving van kredietinstellingen moeten gericht zijn op, en …

De grondslagen voor financiële verslaggeving van kredietinstellingen moeten gericht zijn op, en de voorzieningenmethodologie moet criteria omvatten voor (a) heronderhandelingen/wijzigingen van kredietposities als gevolg van financiële moeilijkheden of om andere redenen, mede gelet op de specifieke definities van respijt vastgesteld in deel 2 van bijlage V van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie en (b) de behandeling van gekochte of geïnitieerde kredietposities met verminderde kredietwaardigheid als bepaald onder het toepasselijke verslaggevingskader:

  • a. Kredietinstellingen moeten rekening houden met de volgende criteria met betrekking tot heronderhandelingen/wijzigingen van de kredietposities:
  • i. De voorzieningenmethodologie moet kredietinstellingen in staat stellen een deugdelijke beoordeling van het kredietrisico en een waardering van te verwachten kredietverliezen uit te voeren zodat het voorzieningenniveau de inbaarheid van de inhoud van de heronderhandelde/gewijzigde blootstelling weerspiegelt, ongeacht de vraag of het oorspronkelijke actief al dan niet wordt opgenomen onder het toepasselijke verslaggevingskader.
  • ii. Heronderhandelingen/wijzigingen mogen niet automatisch leiden tot de conclusie dat er sprake is van een onmiddellijke daling van het kredietrisico van de blootstelling. Een daling van het gerapporteerde voorzieningenniveau vanwege een verbeterd kredietrisico moet worden geschraagd door sterk bewijs. Klanten moeten consequent bevredigend betalingsgedrag kunnen aantonen gedurende een redelijke periode voordat het kredietrisico kan worden geacht te zijn gedaald, mede gelet op de desbetreffende vereisten voor blootstellingen in de proeftijd, zoals bepaald in deel 2, bijlage V, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 680/2014 van de Commissie.
  • iii. Kredietinstellingen moeten zorgvuldig overwegen of de inning van de hoofdsom van een lening redelijkerwijs wordt gegarandeerd wanneer het terugbetalingsgedrag alleen de vorm van rentebetaling aanneemt na een heronderhandeling of wijziging. Daarnaast kunnen verdere verwachte vertragingen van de betaling van deze kasstromen bewijs zijn dat het kredietrisico niet is verbeterd, waardoor de mate van te verwachten kredietverliezen zorgvuldig moet worden herbeoordeeld.
  • iv. De methodologieën moeten ook een beroep doen op de kredietmedewerkers om de boekhoudafdeling van de instelling onverwijld op de hoogte te stellen wanneer blootstellingen worden heronderhandeld of gewijzigd om te zorgen voor een goede verantwoording van de wijziging. Voor complexere heronderhandelingen en wijzigingen moet regelmatig contact tussen de kredietmedewerkers en de boekhoudafdeling plaatsvinden.
  • b. Kredietinstellingen moeten rekening houden met de volgende criteria met betrekking tot gekochte of geïnitieerde kredietposities met verminderde kredietwaardigheid:
  • i. De methode moet passende identificatie mogelijk maken van en zorgen voor verantwoording voor gekochte of geïnitieerde leningen met verminderde kredietwaardigheid.
  • ii. De kasstroomramingen voor deze kredietposities moeten elke verslagperiode worden herzien en zo nodig bijgewerkt. Dergelijke bijwerkingen moeten naar behoren worden onderbouwd en gedocumenteerd en goedgekeurd door het hoger kader.

4.2.3 Beginsel 3 — Kredietratingproces en -groepering

Een kredietinstelling moet beschikken over een kredietratingproces om kredietposities op passende wijze te groeperen op basis van gedeelde kredietrisicokenmerken.

Kredietratingproces

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis
  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/