+F.3. Beoordeling van de geschiktheid van een kandidaat-verwerver van een gekwalificeerde deelneming overeenkomstig artikel 42, lid 1, respectievelijk artikel 84, lid 1, van de MiCA-verordening
---+20. Om te beoordelen of een natuurlijke of rechtspersoon het besluit tot verwerving heeft genomen …
---+21. De bevoegde autoriteiten dienen de geschiktheid van kandidaat-verwervers van rechtstreekse of …
---+22. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt a), respectievelijk artikel …
---+23. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt b), respectievelijk artikel …
---+24. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt c), respectievelijk van …
---+25. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt d), met betrekking tot de …
---+26. Wat specifiek uitgevers van ART’s betreft, omvat de doorlopende naleving van de prudentiële …
---+27. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt e), respectievelijk artikel …
---+28. Wanneer de middelen voor de verwerving van de gekwalificeerde deelnemingen bestaan uit …
---+29. In het geval van kandidaat-verwervers van een deelneming in een uitgever van ART’s waaraan …
---+30. Indien de kandidaat-verwerver voornemens is een gekwalificeerde deelneming te verwerven in een …
|
F.3. Beoordeling van de geschiktheid van een kandidaat-verwerver van een gekwalificeerde deelneming overeenkomstig artikel 42, lid 1, respectievelijk artikel 84, lid 1, van de MiCA-verordening
F.3. Beoordeling van de geschiktheid van een kandidaat-verwerver van een gekwalificeerde deelneming overeenkomstig artikel 42, lid 1, respectievelijk artikel 84, lid 1, van de MiCA-verordening
1. Overzicht
| Titel |
Regelgeving |
|
20. Om te beoordelen of een natuurlijke of rechtspersoon het besluit tot verwerving heeft genomen …
|
Om te beoordelen of een natuurlijke of rechtspersoon het besluit tot verwerving heeft genomen, dienen de bevoegde autoriteiten afdeling 7 van de gezamenlijke ESA-richtsnoeren inzake gekwalificeerde deelnemingen, betreffende het besluit tot verwerving, toe te passen.
|
|
21. De bevoegde autoriteiten dienen de geschiktheid van kandidaat-verwervers van rechtstreekse of …
|
De bevoegde autoriteiten dienen de geschiktheid van kandidaat-verwervers van rechtstreekse of middellijke gekwalificeerde deelnemingen in een uitgever van ART’s waaraan overeenkomstig artikel 21 van de MiCA-verordening een vergunning is verleend, of in een CASP waaraan overeenkomstig artikel 63 van die verordening een vergunning is verleend, te beoordelen overeenkomstig de criteria van artikel 42, lid 1, punt a) tot en met e), respectievelijk artikel 84, lid 1, van die verordening.
|
|
22. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt a), respectievelijk artikel …
|
Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt a), respectievelijk artikel 84, lid 1, punt a), van de MiCA-verordening betreffende de reputatie van de kandidaat-verwerver dienen de bevoegde autoriteiten zich bij hun beoordeling te baseren op de informatie bedoeld in de gedelegeerde verordeningen van de Commissie die zijn vastgesteld op grond van artikel 42, lid 4, van de MiCA-verordening voor wat betreft uitgevers van ART’s respectievelijk op grond van artikel 84, lid 4, van die verordening voor wat betreft CASP’s, en moeten zij de methodologie toepassen die is uiteengezet in titel II, hoofdstuk 3, afdeling 10, van de gezamenlijke ESA-richtsnoeren inzake gekwalificeerde deelnemingen, betreffende de reputatie van de kandidaat-verwerver – eerste beoordelingscriterium, voor zover van toepassing.
|
|
23. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt b), respectievelijk artikel …
|
Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt b), respectievelijk artikel 84, lid 1, punt b), van de MiCA-verordening met betrekking tot de reputatie, kennis, vaardigheden en ervaring van de personen die het bedrijf van de doelonderneming zullen leiden, dienen de bevoegde autoriteiten de beoordelingsmethode toe te passen die is vastgesteld in de gezamenlijke richtsnoeren van EBA en ESMA betreffende de beoordeling van de geschiktheid van de leden van het leidinggevend orgaan van uitgevers van ART’s of CASP’s.
|
|
24. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt c), respectievelijk van …
|
Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt c), respectievelijk van artikel 84, lid 1, punt c), van de MiCA-verordening dienen de bevoegde autoriteiten de methodologie toe te passen die is uiteengezet in titel II, hoofdstuk 3, afdeling 12, van de gezamenlijke ESA-richtsnoeren inzake gekwalificeerde deelnemingen, betreffende de financiële soliditeit van de kandidaat-verwerver – derde beoordelingscriterium.
|
|
25. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt d), met betrekking tot de …
|
Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt d), met betrekking tot de voortdurende naleving van de vereisten van titel III van de MiCA-verordening, of van artikel 84, lid 1, punt d), met betrekking tot de voortdurende naleving van de vereisten van titel V van die verordening, moeten de bevoegde autoriteiten, wanneer het prudentiële vereiste betreft, de methodologie toepassen die is beschreven in titel II, hoofdstuk 3, afdeling 13, van de gezamenlijke ESAS-richtsnoeren inzake gekwalificeerde deelnemingen, inzake de naleving van de prudentiële vereisten van de doelondernemingen met dat vereiste.
|
|
26. Wat specifiek uitgevers van ART’s betreft, omvat de doorlopende naleving van de prudentiële …
|
Wat specifiek uitgevers van ART’s betreft, omvat de doorlopende naleving van de prudentiële liquiditeitsvereisten de vereisten met betrekking tot de samenstelling, het beheer, de belegging, de scheiding en de bewaring van de activareserve, teneinde te voldoen aan eventuele verzoeken tot terugbetaling door de houders van de tokens.
|
|
27. Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt e), respectievelijk artikel …
|
Voor de beoordeling van het criterium van artikel 42, lid 1, punt e), respectievelijk artikel 84, lid 1, punt e), van de MiCA-verordening dienen de bevoegde autoriteiten de methodologie toe te passen die is uiteengezet in titel II, hoofdstuk 3, afdeling 14, van de gezamenlijke ESA-richtsnoeren inzake gekwalificeerde deelnemingen, betreffende het vermoeden van witwassen of terrorismefinanciering door de kandidaat-verwerver – vijfde beoordelingscriterium.
|
|
28. Wanneer de middelen voor de verwerving van de gekwalificeerde deelnemingen bestaan uit …
|
Wanneer de middelen voor de verwerving van de gekwalificeerde deelnemingen bestaan uit cryptoactiva of wanneer zij afkomstig zijn van de omwisseling van cryptoactiva in fiduciaire valuta, dienen de bevoegde autoriteiten, naast de toepassing van de beoordelingsmethode die is vastgelegd in titel II, hoofdstuk 3, afdeling 14 van de gezamenlijke ESA-richtsnoeren inzake gekwalificeerde deelnemingen, betreffende het vermoeden van witwassen of terrorismefinanciering, ook het volgende vast te stellen: - a. het door de kandidaat-verwerver gebruikte distributed ledger-adres, wanneer een overdracht van cryptoactiva wordt geregistreerd op een netwerk dat gebruikmaakt van distributed ledger-technologie of een soortgelijke technologie, alsook het nummer van de door de kandidaat-verwerver gebruikte cryptoactivarekening, wanneer een dergelijke rekening bestaat en wordt gebruikt om de transactie te verwerken;
- b. het nummer van de cryptoactivarekening die door de kandidaat-verwerver wordt gebruikt, wanneer een overdracht van cryptoactiva niet wordt geregistreerd op een netwerk dat gebruikmaakt van distributed ledger-technologie of soortgelijke technologie;
- c. een unieke transactie-identificatiecode, wanneer een overdracht van cryptoactiva niet is geregistreerd op een netwerk met behulp van distributed ledger-technologie of soortgelijke technologie en niet is uitgevoerd van of naar een cryptoactivarekening; en
- d. de aanbieder(s) van cryptoactivadiensten van de partijen bij de transactie, voor zover van toepassing.
|
|
29. In het geval van kandidaat-verwervers van een deelneming in een uitgever van ART’s waaraan …
|
In het geval van kandidaat-verwervers van een deelneming in een uitgever van ART’s waaraan vergunning is verleend overeenkomstig artikel 21 van de MiCA-verordening, of in een CASP waaraan vergunning is verleend overeenkomstig artikel 63 van die verordening, dienen doeltoezichthouders bij hun beoordeling rekening te houden met het evenredigheidsbeginsel overeenkomstig deel 8 (betreffende evenredigheid) van de gezamenlijke ETA-richtsnoeren over gekwalificeerde deelnemingen.
|
|
30. Indien de kandidaat-verwerver voornemens is een gekwalificeerde deelneming te verwerven in een …
|
Indien de kandidaat-verwerver voornemens is een gekwalificeerde deelneming te verwerven in een doelonderneming die een uitgever is van ART’s waaraan overeenkomstig artikel 21 van de MiCA-verordening vergunning is verleend, of in een CASP waaraan vergunning is verleend overeenkomstig artikel 63 van die verordening, dienen de doeltoezichthouders titel II, hoofdstuk 2, afdeling 9, punten 9.1 tot en met 9.3, van de gezamenlijke ESA-richtsnoeren inzake gekwalificeerde deelnemingen toepassen met betrekking tot de procedure die van toepassing is op de door de kandidaat-verwerver ingediende kennisgeving.
|
,
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
- EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/
|