+Titel II – Criteria voor bevoegde autoriteiten in geval van toepassing van artikel 243, lid 2, of artikel 244, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013
---+1. Met betrekking tot securitisatietransacties die voldoen aan de voorwaarden voor het …
|
Titel II – Criteria voor bevoegde autoriteiten in geval van toepassing van artikel 243, lid 2, of artikel 244, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013
3. Criteria om te bepalen wanneer bevoegde autoriteiten een uitgebreide toetsing van SRT moeten uitvoeren in geval van toepassing van artikel 243, lid 2, of artikel 244, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013
1. Overzicht
| Titel |
Regelgeving |
|
1. Met betrekking tot securitisatietransacties die voldoen aan de voorwaarden voor het …
|
Met betrekking tot securitisatietransacties die voldoen aan de voorwaarden voor het verwezenlijken van SRT overeenkomstig punt a) of b) van artikel 243, lid 2, of artikel 244, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013, moeten bevoegde autoriteiten een uitgebreide toetsing van SRT uitvoeren in overeenstemming met titel III, punten 4 tot en met 10, van deze richtsnoeren indien een van de volgende omstandigheden uit de niet-uitputtende lijst hieronder van toepassing is: - a. specifieke informatie wijst erop dat de dikte van de tranches van een securitisatie die zijn gebruikt als de relevante tranches voor het aantonen van SRT overeenkomstig artikel 243, lid 2, of artikel 244, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013, mogelijk onvoldoende is om een overeenkomstige overdracht van kredietrisico aan derden te kunnen veronderstellen in verband met i) het bijzondere kredietrisicoprofiel en ii) de overeenkomstige risicogewogen posten van de gesecuritiseerde blootstellingen van deze securitisatie;
- b. twijfels over de adequaatheid van een specifieke kredietbeoordeling van een EKBI;
- c. in eerdere perioden op de gesecuritiseerde blootstellingen geleden verliezen of andere informatie wijzen erop dat:
- i. een met redenen omklede raming door een instelling van het verwachte verlies op de gesecuritiseerde blootstellingen tot het einde van de looptijd van de transactie overeenkomstig punt b) van artikel 243, lid 2, of artikel 244, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 mogelijk te laag is om te concluderen dat een aanzienlijk deel van het kredietrisico is overgedragen aan derden. Daarbij moet de totale looptijd van de transactie in aanmerking worden genomen, inclusief het mogelijke bestaan van overgebleven rentemarge;
- ii. de marge waarmee de securitisatieposities die in mindering zouden worden gebracht op de tier 1-kernkapitaalbestanddelen of waarop een risicogewicht van 1 250% van toepassing zou zijn de met redenen omklede raming van het verwachte verlies tot het einde van de looptijd van de transactie overschrijden, mogelijk te laag is om te concluderen dat een aanzienlijk deel van het kredietrisico is overgedragen aan derden;
- d. de hoge kosten die de initiërende instelling heeft gemaakt om door middel van een specifieke securitisatie kredietrisico over te dragen aan derden, wijzen erop dat de formeel overeenkomstig punt a) of b) van artikel 243, lid 2, of artikel 244, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 verwezenlijkte SRT mogelijk feitelijk wordt ondermijnd door de hoge kosten van deze overdracht van kredietrisico;
- e. een initiërende instelling beoogt de overdracht van een aanzienlijk deel van het kredietrisico aan derden overeenkomstig punt a) of b) van artikel 243, lid 2, of artikel 244, lid 2, van Verordening (EU) nr. 575/2013 aan te tonen bij gebreke van een rating van een EKBI voor de desbetreffende tranches;
- f. securitisatietransacties van handelsboekportefeuilles;
- g. securitisatietransacties met call- en putopties anders dan de opties die worden geacht de effectieve overdracht van kredietrisico te verhinderen overeenkomstig de punten 5.2, 5.3 en 5.4 van deze richtsnoeren.
|
,
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
- EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/
|