+4.1 Algemene overwegingen
---+69. In deze titel worden de criteria gegeven voor de beoordeling van het bedrijfsmodel en de …
---+70. Bevoegde autoriteiten dienen, zonder afbreuk te doen aan de verantwoordelijkheid van het …
---+71. Bevoegde autoriteiten dienen de uitkomst van de BMA te gebruiken ter onderbouwing van de …
---+72. Bevoegde autoriteiten dienen de BMA ook te gebruiken ten behoeve van de vaststelling van de …
---+73. Daarnaast dienen bevoegde autoriteiten de BMA ook te gebruiken voor het beoordelen van …
---+74. Bevoegde autoriteiten dienen in het kader van de BMA op evenredige wijze de volgende stappen te …
---+75. Voor beleggingsondernemingen van categorie 3, waar de schaal en de complexiteit van de …
---+76. Voor de uitvoering van de BMA kunnen bevoegde autoriteiten de volgende bronnen van …
|
4.1 Algemene overwegingen
4.1 Algemene overwegingen
1. Overzicht
| Titel |
Regelgeving |
|
69. In deze titel worden de criteria gegeven voor de beoordeling van het bedrijfsmodel en de …
|
In deze titel worden de criteria gegeven voor de beoordeling van het bedrijfsmodel en de strategie van de beleggingsonderneming. Bevoegde autoriteiten dienen deze beoordeling op een beleggingsonderneming toe te passen op hetzelfde niveau als de totale SREP-beoordeling, maar kunnen deze ook toepassen voor een specifieke activiteit, op het niveau van het bedrijfsonderdeel, of op thematische basis.
|
|
70. Bevoegde autoriteiten dienen, zonder afbreuk te doen aan de verantwoordelijkheid van het …
|
Bevoegde autoriteiten dienen, zonder afbreuk te doen aan de verantwoordelijkheid van het leidinggevend orgaan van de beleggingsonderneming voor de exploitatie en de organisatie van het bedrijf, en zonder voorkeuren uit te spreken voor specifieke bedrijfsmodellen, analyses uit te voeren van het bedrijfsmodel (BMA) teneinde zakelijke en strategische risico’s te beoordelen en vast te stellen: - a. hoe levensvatbaar het huidige bedrijfsmodel van de beleggingsonderneming is, uitgaande van het vermogen van dat bedrijfsmodel om gedurende de volgende 12 maanden aanvaardbare inkomsten te genereren; en
- b. wat de duurzaamheid van de strategie van de beleggingsonderneming over een toekomstgerichte periode van ten minste 3 jaar is.
|
|
71. Bevoegde autoriteiten dienen de uitkomst van de BMA te gebruiken ter onderbouwing van de …
|
Bevoegde autoriteiten dienen de uitkomst van de BMA te gebruiken ter onderbouwing van de beoordeling van alle andere SREP-onderdelen. Bevoegde autoriteiten kunnen specifieke aspecten van de BMA, in het bijzonder de kwantitatieve beoordeling van het bedrijfsmodel, opnemen in de beoordeling van andere SREP-onderdelen.
|
|
72. Bevoegde autoriteiten dienen de BMA ook te gebruiken ten behoeve van de vaststelling van de …
|
Bevoegde autoriteiten dienen de BMA ook te gebruiken ten behoeve van de vaststelling van de belangrijkste kwetsbare punten van de beleggingsonderneming die zeer waarschijnlijk een wezenlijke impact hebben op de beleggingsonderneming of in de toekomst tot het falen van de beleggingsonderneming zullen leiden.
|
|
73. Daarnaast dienen bevoegde autoriteiten de BMA ook te gebruiken voor het beoordelen van …
|
Daarnaast dienen bevoegde autoriteiten de BMA ook te gebruiken voor het beoordelen van implicaties van prudentiële aard van ML/TF-risico’s waarvan zij kennis hebben, en die verband houden met het bedrijfsmodel van de beleggingsonderneming. In dit verband dienen bevoegde autoriteiten de input te gebruiken die zij ontvangen van AML/CFT-toezichthouders, met name hun beoordelingen van ML/TF-risico’s en eventuele bevindingen met betrekking tot ernstige tekortkomingen in de AML/CFT-risicobeheersing van een beleggingsonderneming, als aanvulling op hun bevindingen uit doorlopend toezicht, en evalueren zij of die aanleiding geven tot prudentiële bezorgdheden met betrekking tot het ML/TF-risico’s. Wanneer uit de beoordeling blijkt dat het bedrijfsmodel van de beleggingsonderneming aanleiding geeft tot prudentiële bezorgdheden met betrekking tot het ML/TF-risico’s, dienen bevoegde autoriteiten 22 de uitkomst van de prudentiële beoordeling te delen van het bedrijfsmodel met de AML/CFT-toezichthouders.
|
|
74. Bevoegde autoriteiten dienen in het kader van de BMA op evenredige wijze de volgende stappen te …
|
Bevoegde autoriteiten dienen in het kader van de BMA op evenredige wijze de volgende stappen te ondernemen, d.w.z. het detailniveau van de analyse aanpassen aan de specifieke situatie van de beleggingsonderneming, het waargenomen risico en de omvang en complexiteit van haar activiteiten: - a. voorlopige beoordeling;
- b. vaststelling van de aandachtsgebieden;
- c. beoordeling van het ondernemingsklimaat;
- d. kwantitatieve analyse van het actuele bedrijfsmodel;
- e. kwalitatieve analyse van het actuele bedrijfsmodel;
- f. analyse van de toekomststrategie (met inbegrip van geplande veranderingen in het bedrijfsmodel);
- g. beoordeling van de levensvatbaarheid van het bedrijfsmodel in de komende 12 maanden;
- h. beoordeling van de houdbaarheid van de strategie;
- i. vaststelling van de belangrijkste kwetsbare punten waaraan de beleggingsonderneming is blootgesteld of zou kunnen worden blootgesteld door het bedrijfsmodel en de strategie; en
- j. samenvatting van de bevindingen en toekenning van scores.
|
|
75. Voor beleggingsondernemingen van categorie 3, waar de schaal en de complexiteit van de …
|
Voor beleggingsondernemingen van categorie 3, waar de schaal en de complexiteit van de activiteiten van een beleggingsonderneming geringer zijn, kunnen bevoegde autoriteiten de BMA uitvoeren en de desbetreffende score op vereenvoudigde wijze toekennen. In deze gevallen dienen zij ten minste de levensvatbaarheid van het bedrijfsmodel en de duurzaamheid van de strategie van de beleggingsonderneming te beoordelen, rekening houdend met het ondernemingsklimaat, en dienen zij de belangrijkste kwetsbaarheden in kaart te brengen. Voor beleggingsondernemingen van klasse 3 dienen bevoegde autoriteiten per geval te beslissen of en in welke vorm zij de BMA uitvoeren, waarbij zij zich ten minste een algemeen beeld dienen te vormen van de wijze waarop dergelijke beleggingsondernemingen rendement genereren en de kwetsbaarheden in kaart dienen te brengen waaraan zij blootstaan en die hun vermogen om dat rendement te genereren kunnen aantasten.
|
|
76. Voor de uitvoering van de BMA kunnen bevoegde autoriteiten de volgende bronnen van …
|
Voor de uitvoering van de BMA kunnen bevoegde autoriteiten de volgende bronnen van kwantitatieve en kwalitatieve informatie gebruiken, indien beschikbaar: - a. waar voldoende betrouwbaar, het strategische plan / de strategische plannen van de beleggingsonderneming met prognoses voor het lopende jaar en daarna, en de onderliggende economische aannames;
23 - b. financiële verslaglegging (met inbegrip van winst- en verliesrekeningen, balansen);
- c. verplichte verslaglegging;
- d. interne verslaglegging (managementinformatie, kapitaalplanning, liquiditeitsrapportage, interne risicorapporten);
- e. indien van toepassing, herstel- en afwikkelingsplannen;
- f. rapportages van derden (met inbegrip van auditrapporten, rapporten van aandelen-/kredietanalisten); en
- g. andere relevante studies/onderzoeken met inbegrip van het Internationaal Monetair Fonds (IMF), macroprudentiële autoriteiten en instellingen en Europese instellingen.
|
,
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
- EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/
|