+28. Bij het bepalen van de stressfactoren voor de volgende activa in de activareserve dienen …

28. Bij het bepalen van de stressfactoren voor de volgende activa in de activareserve dienen …

Bij het bepalen van de stressfactoren voor de volgende activa in de activareserve dienen ART-/EMT-uitgevers rekening te houden met alle onderstaande parameters in stressomstandigheden:

  • a. Deposito’s bij kredietinstellingen :
i.de kredietkwaliteit van de instelling die deposito’s aanneemt en de verwachtingen inzake non-performance;
ii.de krediet- en liquiditeitskwaliteit van het onderliggende onderpand, indien het deposito door onderpand is gedekt;
iii.de concentratie bij de instelling die deposito’s aanneemt;
iv.de opties op het gebied van vervaltijden en voortijdige opvraging, en
v.het doorrolrisico dat voortvloeit uit effectenfinancieringstransacties, met name repo’s, waarbij contanten worden ontvangen in ruil voor niet-liquide activa3 .
  • b. Grondstoffen :
i.de mate waarin de reserveactiva de activa reproduceren waarnaar de tokens verwijzen, en
ii.het eventuele leveringsrisico en de daaraan verbonden kosten indien de terugbetaling fysiek plaatsvindt.
  • c. Liquide activa met een liquiditeitsdekkingsratio van niveau 1 waarop een reductiefactor van 0 % van toepassing is (overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/61 van de Commissie) en die, zodra de desbetreffende gedelegeerde verordening van toepassing is, nader worden gespecificeerd als “zeer liquide financiële instrumenten” overeenkomstig artikel 38, lid 5, van Verordening (EU) 2023/1114 :
i.de gewogen gemiddelde resterende looptijd/duur, om rekening te houden met hun potentiële gevoeligheid voor het renterisico en de daarmee samenhangende volatiliteit;
ii.de landenrisicopremie, om rekening te houden met de daarmee samenhangende volatiliteit;
iii.de concentratie per uitgever;
iv.de locatie van het effect (de bewaarnemer), om rekening te houden met mogelijke uitdagingen voor een snelle overdracht, en
v.ontwikkelingen in de marktwaarde van het specifieke effect, om de volatiliteit ervan en de correlatie ten opzichte van de activa waarnaar wordt verwezen te beoordelen.
  • d. Gedekte obligaties met een liquiditeitsdekkingsratio van niveau 1 (overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/61 van de Commissie) die, zodra de desbetreffende gedelegeerde verordening van toepassing is, nader worden gespecificeerd als “zeer liquide financiële instrumenten” ingevolge artikel 38, lid 5, van Verordening (EU) 2023/1114 :
i.de vereiste reductiefactoren voor de liquiditeitsdekkingsratio;
ii.de gewogen gemiddelde resterende looptijd/duur, om rekening te houden met hun potentiële gevoeligheid voor het renterisico en de daarmee samenhangende volatiliteit;
iii.het percentage ervan in de activareserve;
iv.de concentratie per uitgever;
v.de locatie van het effect (de bewaarnemer), om rekening te houden met mogelijke uitdagingen voor een snelle overdracht, en
vi.ontwikkelingen in de marktwaarde van het specifieke effect, om de volatiliteit ervan en de correlatie ten opzichte van de activa waarnaar wordt verwezen te beoordelen.
  • e. Overige zeer liquide financiële instrumenten, zodra de desbetreffende gedelegeerde verordening van toepassing is, zoals nader gespecificeerd ingevolge artikel 38, lid 5, van Verordening (EU) 2023/1114:
i.de vereiste reductiefactoren voor de liquiditeitsdekkingsratio;
ii.de gewogen gemiddelde resterende looptijd/duur, om rekening te houden met hun potentiële gevoeligheid voor het renterisico en de daarmee samenhangende volatiliteit;
iii.het percentage ervan in de activareserve;
iv.de concentratie per uitgever;
v.de locatie van het effect (de bewaarnemer), om rekening te houden met mogelijke uitdagingen voor een snelle overdracht, en
vi.ontwikkelingen in de marktwaarde van het specifieke effect, om de volatiliteit ervan en de correlatie ten opzichte van de activa waarnaar wordt verwezen te beoordelen.
  • b) Parameters met betrekking tot de kalibratie van de stressfactoren van de activa waarnaar wordt verwezen

3 Onder “liquide activa” worden de activa verstaan die zijn gedefinieerd als respectievelijk “activa van niveau 1” en “activa van niveau 2” in artikel 3, punten 1 en 2, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/61 van de Commissie van 10 oktober 2014 ter aanvulling van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot het liquiditeitsdekkingsvereiste voor kredietinstellingen (PB L 011 van 17.1.2015, blz. 1).

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis
  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/