|
1.1. Instellingen moeten een beloningsbeleid en beloningspraktijken ontwikkelen en invoeren die rekening houden met de rechten en belangen van consumenten. Instellingen moeten er meer bepaald voor zorgen dat geldelijke en/of niet-geldelijke vormen van beloning de relevante personen er niet toe aanzetten om hun eigen belangen of de belangen van de instelling te bevoordelen ten koste van de consumenten. 1.2. Instellingen dienen bij de ontwikkeling van het beloningsbeleid en de beloningspraktijken na te gaan of dit beleid en deze praktijken risico's met zich meebrengen voor de consument en het ontstaan van deze risico's proberen te beperken. 1.3. De personeelsafdeling van instellingen moeten meewerken en bijdragen aan de ontwikkeling van het beloningsbeleid en beloningspraktijken. Daarnaast moeten de risicomanagement- en complianceafdelingen, daar waar ze opgericht zijn, een effectieve bijdrage leveren aan de ontwikkeling van het beloningsbeleid en de beloningspraktijken. 1.4. Teneinde de prestaties van een relevante persoon te kunnen evalueren, dienen instellingen in hun beloningsbeleid en beloningspraktijken de geschikte criteria voor de beoordeling van de prestaties vast te leggen, rekening houdend met de rechten en belangen van consumenten. 1.5. Bij de ontwikkeling van het beloningsbeleid en de beloningspraktijken dienen instellingen zowel rekening te houden met kwalitatieve als kwantitatieve criteria om het niveau van de variabele vergoeding te bepalen, om er zo voor te zorgen dat de rechten en belangen van consumenten op gepaste wijze in aanmerking genomen worden. 1.6. Instellingen mogen geen beloningsbeleid en beloningspraktijken ontwikkelen die: - a. een beloning uitsluitend koppelen aan een kwantitatief streefcijfer voor het aanbieden of verstrekken van bankproducten en -diensten; of
- b. het aanbieden of verstrekken van een specifiek product of een categorie producten promoten boven andere producten, zoals producten die meer winst opleveren voor de instellingen of voor een relevante persoon, ten nadele van de consument.
1.7. Waar het beloningsbeleid en de beloningspraktijken een variabele beloning voorzien, moeten instellingen erop toezien dat er een gepast evenwicht bestaat inde verhouding tussen de vaste en variabele componenten van de beloning en dat er rekening gehouden wordt met de rechten en belangen van consumenten. Voorts dienen het beloningsbeleid en de beloningspraktijken de mogelijkheid te bieden om een flexibel beleid te voeren inzake variabele beloning, waaronder begrepen de mogelijkheid om in het geheel geen variabele beloning toe te kennen. 1.8. Instellingen moeten vermijden dat hun beloningsbeleid en beloningspraktijken nodeloos ingewikkeld worden en onoverzichtelijke combinaties van een verschillend beloningsbeleid en verschillende praktijken te vermijden.
|