+5. Procedures voor de initiëring van leningen
---+5.1 Informatie en documentatie
------+84. Instellingen en kredietgevers moeten beschikken over toereikende, nauwkeurige en actuele …
------+85. Ten behoeve van de kredietwaardigheidsbeoordeling van consumenten moeten instellingen en …
------+86. Ten behoeve van de kredietwaardigheidsbeoordeling van kleine, middelgrote en grote …
------+87. Instellingen en kredietgevers mogen de reeds beschikbare informatie en gegevens voor bestaande …
------+88. Indien de informatie en gegevens niet onmiddellijk beschikbaar zijn, moeten instellingen en …
------+89. Indien instellingen en kredietgevers bedenkingen hebben bij de juistheid en betrouwbaarheid van …
------+90. Instellingen en kredietgevers moeten beschikken over een nauwkeurig single customer view …
------+91. Indien het waarschijnlijk is dat de kredietnemer financiële moeilijkheden ondervindt bij de …
------+92. Indien een leningsovereenkomst in garanties van derden voorziet, moeten instellingen en …
------+93. Indien de kredietnemer lid is van een groep verbonden cliënten, moeten instellingen in …
------+94. Instellingen en kredietgevers documenteren de informatie en gegevens die tot de goedkeuring van …
---+5.2 Beoordeling van de kredietwaardigheid van de kredietnemer
------+95. Instellingen dienen de kredietaanvraag van de kredietnemer te analyseren om ervoor te zorgen …
------+96. Instellingen en kredietgevers moeten, in overeenstemming met de desbetreffende wetgeving inzake …
------+97. In het geval van gedekte leningen mag de zekerheid op zich geen doorslaggevend criterium zijn …
------+98. Bij de beoordeling van het vermogen van de kredietnemer om aan de uit de leningsovereenkomst …
------+99. Indien de kredietaanvraag door meer dan één kredietnemer wordt ingediend, dienen instellingen …
------+100. Indien een leningsovereenkomst enige vorm van garanties van derden inhoudt, dienen …
------+101. Om te beoordelen of de kredietnemer in staat is de uit de kredietovereenkomst voortvloeiende …
------+102. In deze afdeling worden de factoren gespecificeerd die relevant zijn voor de beoordeling of de …
------+103. Met name in het geval van kredietnemers die als zelfstandige werken of een seizoensgebonden of …
------+104. Als de looptijd van de lening zich uitstrekt tot na de verwachte datum van pensionering van de …
------+105. Instellingen en kredietgevers dienen erop toe te zien dat het vermogen van de consument om de …
------+106. Instellingen en kredietgevers houden bij de beoordeling van het vermogen van de kredietnemer …
------+107. Als onderdeel van de kredietwaardigheidsbeoordeling voeren instellingen en kredietgevers een …
------+108. In het geval van leningen in vreemde valuta als bedoeld in artikel 4, punt 28, van Richtlijn …
------+109. Voor leningovereenkomsten die betrekking hebben op een onroerend goed waarin uitdrukkelijk …
------+110. Met betrekking tot andere door onroerend goed gedekte leningen dan die bedoeld in afdeling …
------+111. Indien het goed nog in aanbouw is en bedoeld is om na de voltooiing ervan een inkomen te …
------+112. Voor leningsovereenkomsten betreffende onroerend goed waarin uitdrukkelijk wordt vermeld dat …
------+113. In het kader van de kredietwaardigheidsbeoordeling moeten instellingen gevoeligheidsanalyses …
------+114. In deze afdeling worden de vereisten voor de beoordeling van de kredietwaardigheid van de …
------+115. Met name in het geval van kredietnemers die als zelfstandige werken of een seizoensgebonden of …
------+116. Instellingen en kredietgevers dienen erop toe te zien dat het vermogen van de consument om de …
------+117. In het kader van de kredietwaardigheidsbeoordeling moeten instellingen en kredietgevers …
------+118. Instellingen moeten een beoordeling verrichten van de huidige en toekomstige mogelijkheden van …
------+119. Instellingen moeten de kasstroom uit de gewone bedrijfsactiviteiten van de kredietnemer in …
------+120. Bij de beoordeling van de kredietwaardigheid van de kredietnemer moeten instellingen de nadruk …
------+121. Bij het uitvoeren van de kredietwaardigheidsbeoordeling moeten instellingen: a. de financiële …
------+122. Instellingen dienen bij de uitvoering van de kredietwaardigheidsbeoordeling rekening te houden …
------+123. Om te beoordelen of de kredietnemer in staat is aan de uit de leningsovereenkomst …
------+124. Indien de kredietnemer lid is van een groep verbonden cliënten, moeten instellingen de …
------+125. Voor kredietverleningsactiviteiten met grensoverschrijdende elementen (bv. …
------+126. Instellingen dienen een beoordeling te maken van de blootstelling van de kredietnemer aan …
------+127. Om te bepalen welke kredietnemers direct of indirect aan een verhoogd risico in verband met …
------+128. Met het oog op de analyse van de financiële positie in het kader van de voornoemde …
------+129. Instellingen dienen ervoor te zorgen dat de bij de analyse gebruikte financiële prognoses …
------+130. Indien van toepassing dienen instellingen bij het verstrekken van leningen aan holdings de …
------+131. Bij de beoordeling van de financiële positie van de kredietnemers moeten instellingen de …
------+132. Instellingen beoordelen het bedrijfsmodel en de bedrijfsstrategie van kredietnemers, waaronder …
------+133. Instellingen beoordelen de kennis, ervaring en capaciteit van de kredietnemer om …
------+134. Instellingen beoordelen de haalbaarheid van het bedrijfsplan en bijbehorende financiële …
------+135. Instellingen beoordelen de afhankelijkheid van de kredietnemer van belangrijke contracten …
------+136. Instellingen beoordelen of bij de kredietnemer sprake is van afhankelijkheid van een …
------+137. Instellingen beoordelen alle in pand gegeven zekerheden die ten behoeve van risicobeperking …
------+138. Instellingen dienen eventuele garanties, convenanten, negatieve onderpandclausules en …
------+139. Wanneer dit relevant is voor kredietbeslissingen, moeten instellingen het eigen vermogen en de …
------+140. Indien een leningsovereenkomst enige vorm van garanties van derden inhoudt, dienen …
------+141. Instellingen moeten een beoordeling verrichten van de huidige en toekomstige mogelijkheden van …
------+142. Instellingen moeten de kasstroom uit de gewone bedrijfsactiviteiten van de kredietnemer in …
------+143. Bij de beoordeling van de kredietwaardigheid van de kredietnemer moeten instellingen de nadruk …
------+144. Bij het uitvoeren van de kredietwaardigheidsbeoordeling moeten instellingen: a. de financiële …
------+145. Instellingen dienen bij de uitvoering van de kredietwaardigheidsbeoordeling rekening te houden …
------+146. Instellingen dienen een beoordeling te maken van de blootstelling van de kredietnemer aan …
------+147. Indien de kredietnemer lid is van een groep verbonden cliënten, moeten instellingen de …
------+148. Voor kredietverleningsactiviteiten met grensoverschrijdende elementen (bv. …
------+149. Om te bepalen welke kredietnemers direct of indirect aan verhoogde risico's in verband met …
------+150. Met het oog op de analyse van de financiële positie in het kader van de voornoemde …
------+151. Instellingen dienen ervoor te zorgen dat de bij de analyse gebruikte prognoses realistisch en …
------+152. Instellingen moeten ook de capaciteit van de kredietnemer voor toekomstige winstgevendheid …
------+153. Instellingen moeten een beoordeling van de cash conversion cycle van de kredietnemer uitvoeren …
------+154. De instellingen beoordelen, in voorkomend geval, deze financiële parameters aan de hand van de …
------+155. Bij het verstrekken van leningen aan holdings dienen instellingen de financiële positie ervan …
------+156. Instellingen beoordelen de houdbaarheid en haalbaarheid van de financiële positie van de …
------+157. Bij deze gevoeligheidsanalyse moet rekening worden gehouden met alle algemene en …
------+158. Bij het uitvoeren van een gevoeligheidsanalyse van de terugbetalingscapaciteit van de …
------+159. Instellingen dienen een beoordeling te verrichten van het bedrijfsmodel en de …
------+160. Instellingen moeten de kennis, de ervaring en het vermogen van de kredietnemer beoordelen om …
------+161. Instellingen moeten de haalbaarheid beoordelen van het bedrijfsplan en bijbehorende financiële …
------+162. Instellingen moeten een beoordeling verrichten van de afhankelijkheid van de kredietnemer van …
------+163. Instellingen dienen een beoordeling te verrichten van alle in pand gegeven zekerheden in het …
------+164. Instellingen dienen eventuele garanties, convenanten, negatieve onderpandclausules en …
------+165. Instellingen dienen het eigen vermogen en de kredietverbeteringen van de kredietnemer te …
------+166. Indien een leningsovereenkomst enige vorm van garanties van derden inhoudt, dienen …
------+167. Indien de betalingsstromen in de gesyndiceerde leningtransacties of …
------+168. Bij het beoordelen van de kredietwaardigheid van kredietnemers in het geval van …
------+169. De instellingen dienen de ervaring van de kredietnemer met betrekking tot het type, de omvang …
------+170. Instellingen moeten een beoordeling uitvoeren van de inkomensgenerernde capaciteit van het …
------+171. Bij de beoordeling van de terugbetalingscapaciteit van de kredietnemer beoordelen …
------+172. Bij de beoordeling van de vooruitzichten voor wederverhuur moeten de instellingen rekening …
------+173. Wanneer aflossingsvrije leningen worden verstrekt voor zakelijk onroerend goed, dienen …
------+174. Ten behoeve van de gevoeligheidsanalyse in het kader van ongunstige marktomstandigheden en …
------+175. Bij het beoordelen van de kredietwaardigheid van kredietnemers in het geval van …
------+176. De kredietwaardigheidsbeoordeling moet, in overeenstemming met de levenscyclus van de lening …
------+177. Bij de beoordeling van de ontwikkelingsfase moeten instellingen vaststellen dat de …
------+178. Instellingen moeten ervoor zorgen dat bij de berekening van de kosten in verband met de …
------+179. Instellingen moeten een beoordeling uitvoeren van de haalbaarheid van een eventuele verwachte …
------+180. Instellingen moeten bezoeken ter plaatse uitvoeren, in voorkomend geval vergezeld van een …
------+181. Naast de beoordeling van de kredietwaardigheid van de kredietnemer dienen instellingen, indien …
------+182. Bij het beoordelen van de kredietwaardigheid van de kredietnemers in geval van geleveragede …
------+183. Instellingen dienen een uitgebreide beoordeling uit te voeren van het vermogen van een …
------+184. Bij het beoordelen van de kredietwaardigheid van kredietnemers in het geval van …
------+185. Instellingen moeten ook rekening houden met andere factoren, zoals vraag en aanbod op de markt …
------+186. In het geval van leningen aan de scheepsbouw moeten instellingen verifiëren dat de …
------+187. Bij het beoordelen van de kredietwaardigheid van kredietnemers in het geval van …
------+188. Instellingen dienen de primaire bron van terugbetaling van de lening te beoordelen, d.w.z. de …
------+189. Instellingen moeten er zoveel mogelijk voor zorgen dat alle activa van het project en de …
------+190. Bij de beoordeling van de ontwikkelingsfase van het project moeten instellingen verifiëren dat …
------+191. Instellingen moeten ervoor zorgen dat bij de berekening van de kosten in verband met de …
------+192. Naast de beoordeling van de kredietwaardigheid van de kredietnemer, moeten de instellingen een …
---+5.3 Kredietbesluit en leningsovereenkomst
------+193. Om een betrouwbare en accurate kredietwaardigheidsbeoordeling te kunnen uitvoeren, moeten …
------+194. De in overeenstemming met afdeling 5.2 uitgevoerde kredietwaardigheidsbeoordeling moet naar …
------+195. De beslissing om de kredietaanvraag goed te keuren of te weigeren ("kredietbeslissing"), moet …
------+196. De kredietbeslissing moet duidelijk en goed gedocumenteerd zijn en alle voorwaarden omvatten …
------+197. De geldigheidsduur van de kredietbeslissing moet duidelijk worden vermeld. Indien een …
------+198. Er mag alleen een kredietovereenkomst worden gesloten wanneer de instellingen en de …

5. Procedures voor de initiëring van leningen

5. Procedures voor de initiëring van leningen

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
5.1 Informatie en documentatie

5.1 Informatie en documentatie

5.2 Beoordeling van de kredietwaardigheid van de kredietnemer

5.2.1 Algemene bepalingen voor de verstrekking van leningen aan consumenten

5.3 Kredietbesluit en leningsovereenkomst

5.3 Kredietbesluit en leningsovereenkomst

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis
  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/