+Titel IV – Vereisten voor de initiërende instellingen
---+1. Initiërende instellingen moeten de bevoegde autoriteit alle gevraagde informatie verstrekken …
---+2. Initiërende instellingen moeten de relevante bevoegde autoriteit ten minste in kennis stellen …
---+1. Initiërende instellingen moeten over een governanceproces beschikken om transacties waarvoor SRT …
---+2. Initiërende instellingen moeten over passende systemen en controles met betrekking tot SRT door …
---+3. Initiërende instellingen moeten over beleid en methoden beschikken die zorgen voor een …
---+1. Initiërende instellingen moeten beschikken over beleidslijnen en methoden die ervoor zorgen dat …
---+2. Het SRT-beleid van initiërende instellingen moet onderdeel zijn van hun bredere …
---+3. Initiërende instellingen moeten een beoordeling maken van de risico’s die zijn verbonden aan …
---+4. Bij het uitvoeren van hun SRT-beoordeling moeten initiërende instellingen ook nagaan of de …
---+5. Initiërende instellingen moeten analyseren of ze zich de in het kader van de desbetreffende …
---+1. Initiërende instellingen moeten passende methoden en procedures voor het beoordelen en aantonen …
---+2. Bij het uitvoeren van een SRT-beoordeling moeten initiërende instellingen de verwachte verliezen …
---+3. Initiërende instellingen moeten de transactiestructuur en de structurele kenmerken van de …
---+4. Om te identificeren welke factoren de overdracht van kredietrisico en SRT aan derden kunnen …
|
Titel IV – Vereisten voor de initiërende instellingen
Titel IV – Vereisten voor de initiërende instellingen
1. Overzicht
| Titel |
Regelgeving |
|
1. Initiërende instellingen moeten de bevoegde autoriteit alle gevraagde informatie verstrekken …
|
Initiërende instellingen moeten de bevoegde autoriteit alle gevraagde informatie verstrekken over de securitisaties waarvoor zij voornemens zijn SRT aan te tonen, zodat bevoegde autoriteiten kunnen beoordelen of er SRT aan derden als gespecificeerd in titel I tot en met III van deze richtsnoeren plaatsvindt.
|
|
2. Initiërende instellingen moeten de relevante bevoegde autoriteit ten minste in kennis stellen …
|
Initiërende instellingen moeten de relevante bevoegde autoriteit ten minste in kennis stellen van elke securitisatie waarvoor zij voornemens zijn SRT aan te tonen en die wat structuur en samenstelling van de portefeuille betreft niet vergelijkbaar is met eerder door de instelling aangemelde transacties. 12. Governance en beleid rond SRT-beoordelingen
|
|
1. Initiërende instellingen moeten over een governanceproces beschikken om transacties waarvoor SRT …
|
Initiërende instellingen moeten over een governanceproces beschikken om transacties waarvoor SRT wordt geclaimd te evalueren. Dit proces moet details van relevante commissies, interne goedkeuringsprocedures, bewijs voor een passende betrokkenheid van belanghebbenden en een geschikt documentair controlespoor omvatten.
|
|
2. Initiërende instellingen moeten over passende systemen en controles met betrekking tot SRT door …
|
Initiërende instellingen moeten over passende systemen en controles met betrekking tot SRT door middel van securitisatie beschikken, onder meer voor de doorlopende monitoring van SRT-vereisten, ten minste op kwartaalbasis, gedurende de hele looptijd van relevante transacties.
|
|
3. Initiërende instellingen moeten over beleid en methoden beschikken die zorgen voor een …
|
Initiërende instellingen moeten over beleid en methoden beschikken die zorgen voor een doorlopende naleving van alle SRT-vereisten overeenkomstig de artikelen 243 en 244 van Verordening (EU) nr. 575/2013.
|
|
1. Initiërende instellingen moeten beschikken over beleidslijnen en methoden die ervoor zorgen dat …
|
Initiërende instellingen moeten beschikken over beleidslijnen en methoden die ervoor zorgen dat de door de initiërende instelling via securitisatie verwezenlijkte mogelijke verlaging van de eigenvermogensvereisten wordt gerechtvaardigd door een overeenkomstige overdracht van kredietrisico aan derden.
|
|
2. Het SRT-beleid van initiërende instellingen moet onderdeel zijn van hun bredere …
|
Het SRT-beleid van initiërende instellingen moet onderdeel zijn van hun bredere kapitaalallocatiestrategieën. In het bijzonder moet in de beleidslijnen van de initiërende instelling inzake de overdracht van kredietrisico en SRT aan derden zijn gespecificeerd hoe transacties waarvoor SRT wordt geclaimd aansluiten op de algemene risicobeheerstrategieën en de interne kapitaalallocatie van de initiërende instelling.
|
|
3. Initiërende instellingen moeten een beoordeling maken van de risico’s die zijn verbonden aan …
|
Initiërende instellingen moeten een beoordeling maken van de risico’s die zijn verbonden aan elke potentiële transactie waarvoor SRT wordt geclaimd, met inbegrip van een beoordeling van het risico van de onderliggende activa en een beoordeling van de securitisatiestructuur zelf, rekening houdend met het kredietrisico van de tranches en andere relevante factoren die van invloed zijn op de kenmerken van de overdracht van kredietrisico.
|
|
4. Bij het uitvoeren van hun SRT-beoordeling moeten initiërende instellingen ook nagaan of de …
|
Bij het uitvoeren van hun SRT-beoordeling moeten initiërende instellingen ook nagaan of de mogelijke verlaging van de eigenvermogensvereisten in overeenstemming is met de verwezenlijkte overdracht van economisch kredietrisico, bijvoorbeeld door de effecten van de securitisatie op het economisch kapitaal en de eigenvermogensvereisten van de initiërende instelling met elkaar te vergelijken.
|
|
5. Initiërende instellingen moeten analyseren of ze zich de in het kader van de desbetreffende …
|
Initiërende instellingen moeten analyseren of ze zich de in het kader van de desbetreffende transacties verschuldigde premies kunnen veroorloven, gelet op hun winsten, kapitaal en algemene financiële toestand. 14. Overige vereisten
|
|
1. Initiërende instellingen moeten passende methoden en procedures voor het beoordelen en aantonen …
|
Initiërende instellingen moeten passende methoden en procedures voor het beoordelen en aantonen van SRT toepassen.
|
|
2. Bij het uitvoeren van een SRT-beoordeling moeten initiërende instellingen de verwachte verliezen …
|
Bij het uitvoeren van een SRT-beoordeling moeten initiërende instellingen de verwachte verliezen (VV) en de onverwachte verliezen (OV) van de gesecuritiseerde activa gedurende de hele looptijd van de transactie beoordelen.
|
|
3. Initiërende instellingen moeten de transactiestructuur en de structurele kenmerken van de …
|
Initiërende instellingen moeten de transactiestructuur en de structurele kenmerken van de securitisatie in aanmerking nemen, bijvoorbeeld of de transactie in contanten plaatsvindt of synthetisch is en, in voorkomend geval, of er afdekkingstechnieken worden gebruikt of sprake is van looptijdmismatches.
|
|
4. Om te identificeren welke factoren de overdracht van kredietrisico en SRT aan derden kunnen …
|
Om te identificeren welke factoren de overdracht van kredietrisico en SRT aan derden kunnen ondermijnen, moeten initiërende instellingen de mate van kredietrisicolimitering of kredietrisico-overdracht van een transactie evalueren, rekening houdend met, onder meer, factoren als de volgende, voor zover van toepassing: - a. een vergelijking van de actuele waarde van premies en andere nog niet in het eigen vermogen verwerkte kosten ten opzichte van verliezen op de beschermde blootstellingen op basis van een verschillende stressscenario’s;
- b. de prijsstelling van de transactie ten opzichte van de marktprijzen, inclusief een passende behandeling van premiebetalingen;
- c. de tijdstippen van de betalingen in het kader van de transactie, met inbegrip van potentiële verschillen tussen de tijdstippen van voorzieningen voor of afschrijvingen van de beschermde blootstellingen door de initiërende instelling en betalingen door de verschaffer van protectie;
- d. een toetsing van de van toepassing zijnde calldatums om de waarschijnlijke duur van de verkregen kredietprotectie ten opzichte van de potentiële tijdstippen van toekomstige verliezen op de beschermde blootstellingen te beoordelen;
- e. een beoordeling van het tegenpartijkredietrisico, met name een analyse van de vraag of bepaalde omstandigheden ertoe zouden kunnen leiden dat de initiërende instelling in sterkere mate vertrouwt op kredietprotectie door de tegenpartij terwijl tegelijkertijd het vermogen van de tegenpartij om aan haar verplichtingen te voldoen verzwakt;
- f. de aard van het verband tussen de verschillende bij de transactie betrokken entiteiten (initiator, arrangeur, beleggers, verschaffer van protectie, enz.);
- g. het bestaan van impliciete vormen van kredietverbetering;
- h. de dikte van de mezzanine- en juniortranches vergeleken met het kredietrisicoprofiel van de onderliggende blootstellingen; en
- i. een beoordeling van het kredietrisico van de onderliggende activa: Dit kan worden verwezenlijkt door stress toe te passen op de onderliggende activa, een beoordeling van het betalingsprofiel van de blootstelling aan het kredietrisico van de onderliggende activa, of een evaluatie van belangrijke kredietrisicofactoren (zoals. LGD, PD, EAD, enz.).
|
,
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
- EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/
|