+4.1 Gemeenschappelijke beoordelingsmethode
---+11. De bevoegde autoriteiten dienen te waarborgen dat zij voor de toekenning van een vergunning als …
---+12. In de GBM worden de criteria en methoden vastgesteld aan de hand waarvan de bevoegde …
---+13. In deze richtsnoeren wordt onder “risico” ook verstaan het risico in verband met het witwassen …
---+14. Om te waarborgen dat de beoordeling voor het toekennen van de vergunning gebaseerd is op …
---+15. De GBM is technologieneutraal en innovatievriendelijk, en is derhalve van toepassing op …
---+16. Om gelijke concurrentievoorwaarden in de hele EU te waarborgen, mag de beoordeling door de …
---+17. De bevoegde autoriteiten dienen de beoordeling voor het toekennen van de vergunning uit te …
---+18. Hiertoe dienen de bevoegde autoriteiten rekening te houden met de volgende criteria: a) de …
---+19. In het geval van paragraaf 18, punt m), en in overeenstemming met artikel 10, lid 1, van de RTS …
---+20. In het geval van paragraaf 18, punt n), moet, mits de ingediende uitbreiding de aard en het …
---+21. De toepassing van het evenredigheidsbeginsel door de bevoegde autoriteiten mag er nooit toe …
|
4.1 Gemeenschappelijke beoordelingsmethode
4.1 Gemeenschappelijke beoordelingsmethode
1. Overzicht
| Titel |
Regelgeving |
|
11. De bevoegde autoriteiten dienen te waarborgen dat zij voor de toekenning van een vergunning als …
|
De bevoegde autoriteiten dienen te waarborgen dat zij voor de toekenning van een vergunning als kredietinstelling, als omschreven in artikel 4, lid 1, van de CRR, de in deze richtsnoeren uiteengezette gemeenschappelijke beoordelingsmethode (“GBM”) toepassen.
|
|
12. In de GBM worden de criteria en methoden vastgesteld aan de hand waarvan de bevoegde …
|
In de GBM worden de criteria en methoden vastgesteld aan de hand waarvan de bevoegde autoriteiten de in de artikelen 10 tot en met 14 van Richtlijn 2013/36/EU vastgestelde gemeenschappelijke vereisten voor het toekennen van een vergunning als kredietinstelling moeten beoordelen.
|
|
13. In deze richtsnoeren wordt onder “risico” ook verstaan het risico in verband met het witwassen …
|
In deze richtsnoeren wordt onder “risico” ook verstaan het risico in verband met het witwassen van geld of de financiering van terrorisme. De bevoegde autoriteiten dienen daarom met het oog op het toekennen van de vergunning een uitvoerige beoordeling te maken van de AML/CFT-gerelateerde aspecten. Daartoe moeten de bevoegde autoriteiten overeenkomstig artikel 117, lid 5, van Richtlijn 2013/36/EU5 op passende wijze samenwerken met de betrokken AML/CFT-toezichthouder en andere relevante overheidsinstanties.
5 Met name de EBA-richtsnoeren voor samenwerking en informatie-uitwisseling tussen prudentiële toezichthouders, AML/CFT-toezichthouders en financiële inlichtingeneenheden, overeenkomstig Richtlijn 2013/36/EU. Het raadplegingsdocument, EBA/CP/2021/21 van 27 mei 2021, is beschikbaar op https://www.eba.europa.eu/eba-consults-new-guidelines-cooperation-and-information-exchange-area-anti-money-laundering-and.
|
|
14. Om te waarborgen dat de beoordeling voor het toekennen van de vergunning gebaseerd is op …
|
Om te waarborgen dat de beoordeling voor het toekennen van de vergunning gebaseerd is op betrouwbare informatie, moeten de bevoegde autoriteiten de informatie en documenten die overeenkomstig de RTS on information for authorisation (technische reguleringsnormen betreffende informatie voor het toekennen van een vergunning) bij de aanvraag zijn ingediend, toetsen aan de eisen van waarheidsgetrouwheid, duidelijkheid, nauwkeurigheid, actualiteit en volledigheid, en er op letten dat een degelijke en prudente bedrijfsvoering van de instelling is gewaarborgd. Overeenkomstig artikel 10, lid 2, van de RTS on information for authorisationRTS on information for authorisation kunnen de bevoegde autoriteiten ook van de aanvrager verlangen dat hij aanvullende informatie verstrekt of een aanvullende toelichting geeft.
|
|
15. De GBM is technologieneutraal en innovatievriendelijk, en is derhalve van toepassing op …
|
De GBM is technologieneutraal en innovatievriendelijk, en is derhalve van toepassing op aanvragende kredietinstellingen met alle bedrijfsmodellen, zowel traditionele als innovatieve bedrijfsmodellen en/of leveringsmechanismen, en stelt tegelijkertijd geen eisen aan het gebruik van specifieke technologieën of de invoering van bepaalde structuren. Daarom vormt de GBM geen belemmering voor de opkomst en opschaling van nieuwe technologieën en innovatieve bedrijfsmodellen. Derhalve mogen de bevoegde instanties bij de beoordeling van de aanvraag niet de voorkeur geven aan een specifieke technologie of de toepassing ervan verhinderen, noch mogen zij een specifiek bedrijfsmodel of een specifieke dienst prefereren of benadelen. Dit onverminderd de noodzaak dat moet kunnen worden vastgesteld dat het bedrijfsmodel of het leveringsmechanisme geen belemmering kan vormen voor een doeltreffend toezicht door de bevoegde autoriteiten.
|
|
16. Om gelijke concurrentievoorwaarden in de hele EU te waarborgen, mag de beoordeling door de …
|
Om gelijke concurrentievoorwaarden in de hele EU te waarborgen, mag de beoordeling door de bevoegde autoriteiten alleen technisch zijn, en moet deze prudentiële vereisten weerspiegelen en in overeenstemming zijn met artikel 11 van Richtlijn 2013/36/EU. 4.1.1 Evenredigheid
|
|
17. De bevoegde autoriteiten dienen de beoordeling voor het toekennen van de vergunning uit te …
|
De bevoegde autoriteiten dienen de beoordeling voor het toekennen van de vergunning uit te voeren overeenkomstig het evenredigheidsbeginsel als omschreven in deze richtsnoeren, om ervoor te zorgen dat de beoordeling strookt met het individuele risicoprofiel en het bedrijfsmodel van de aanvragende kredietinstelling, zodat de doelen van de wettelijke vereisten effectief worden bereikt.
|
|
18. Hiertoe dienen de bevoegde autoriteiten rekening te houden met de volgende criteria: a) de …
|
Hiertoe dienen de bevoegde autoriteiten rekening te houden met de volgende criteria: - a) de verwachte omvang van de balans van de aanvragende kredietinstelling en haar dochterondernemingen binnen het toepassingsgebied van prudentiële consolidatie, waar van toepassing;
- b) de verwachte geografische aanwezigheid van de aanvragende kredietinstelling en de omvang van haar werkzaamheden in elk rechtsgebied;
- c) de rechtsvorm van de aanvragende kredietinstelling, waaronder de vraag of de kredietinstelling deel uitmaakt van een groep;
- d) of de instelling beursgenoteerd is of niet;
- e) het type activiteiten en diensten dat de aanvragende kredietinstelling wil gaan verrichten (zie bijvoorbeeld ook bijlage I bij Richtlijn 2013/36/EU en bijlage I bij Richtlijn 2014/65/EU);
- f) het bedrijfsmodel (waaronder het innoverende karakter, het unieke karakter of de complexiteit ervan) en de strategie, alsook het verwachte risiconiveau dat voortvloeit uit uitvoering en implementatie; de aard en de complexiteit van de beoogde bedrijfsactiviteiten;
- g) de organisatiestructuur van de kredietinstelling;
- h) de voorziene risicostrategie en risicobereidheid en het voorziene risicoprofiel van de aanvragende kredietinstelling;
- i) de eigendoms- en financieringsstructuur van de aanvragende kredietinstelling;
- j) het type cliënten (bijvoorbeeld detailhandel, bedrijven, mkb/kmo’s, institutionele cliënten, overheden) en de complexiteit van de geplande producten of contracten;
- k) de voorziene uitbestede functies en distributiekanalen;
- l) de bestaande en/of geplande IT-systemen, waaronder continuïteitssystemen en uitbestedingsfuncties op dit gebied;
- m) of de aanvragende kredietinstelling deel uitmaakt van een groep die onder geconsolideerd toezicht van de bevoegde autoriteit staat;
- n) of het gaat om een aanvragende kredietinstelling die slechts voor bepaalde activiteiten een aanvraag indient, of om een bestaande kredietinstelling die een aanvraag indient voor een uitbreiding van de reikwijdte van de vergunning wanneer de vergunning uitsluitend is toegekend voor de uitoefening van bepaalde activiteiten;
- o) de consistentie met het soort en de hoeveelheid informatie die krachtens de RTS on information for authorisation is vereist.
|
|
19. In het geval van paragraaf 18, punt m), en in overeenstemming met artikel 10, lid 1, van de RTS …
|
In het geval van paragraaf 18, punt m), en in overeenstemming met artikel 10, lid 1, van de RTS on information for authorisation dient bij de grondigheid van de beoordeling rekening te worden gehouden met de rechtstreekse kennis die de bevoegde autoriteit, op basis van de informatie waarover zij beschikt, heeft van het bedrijfsmodel, het risicoprofiel en de huidige prudentiële, financiële, bedrijfs- en operationele omstandigheden van de aanvragende kredietinstelling of groep.
|
|
20. In het geval van paragraaf 18, punt n), moet, mits de ingediende uitbreiding de aard en het …
|
In het geval van paragraaf 18, punt n), moet, mits de ingediende uitbreiding de aard en het risicoprofiel van de kredietinstelling niet wezenlijk verandert, de beoordeling door de bevoegde autoriteiten beperkt blijven en zich toespitsen op het effect van de nieuwe aanvullende activiteiten op het algehele bedrijfsmodel en op het vermogen om aan de prudentiële vereisten te voldoen, in het bijzonder op de degelijke en prudente bedrijfsvoering van de kredietinstelling (waaronder met name de winstgevendheid van de nieuwe bedrijfsactiviteiten en de algehele houdbaarheid van het bedrijfsplan, de geschiktheid van de leden van het leidinggevende orgaan voor de bestuurs- of toezichthoudende functie, het interne controlekader, en de IT-systemen). In de beoordeling moet ook rekening worden gehouden met de rechtstreekse kennis die de bevoegde autoriteit heeft van het bedrijfsmodel, het risicoprofiel en de huidige prudentiële, financiële, zakelijke en operationele omstandigheden van de aanvragende kredietinstelling.
|
|
21. De toepassing van het evenredigheidsbeginsel door de bevoegde autoriteiten mag er nooit toe …
|
De toepassing van het evenredigheidsbeginsel door de bevoegde autoriteiten mag er nooit toe leiden dat de aanvragende kredietinstelling wordt vrijgesteld van de vervulling van dwingende voorwaarden voor het toekennen van de vergunning.
|
,
1.1 Referenties
1.2 Geïdentificeerde eisen
1.3 Gerelateerde standaarden
2. Geïdentificeerde eisen
3. Gerelateerde standaarden
- EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/
|