+6.2 Beoordeling van de ordelijke afbouw van de beleggingsonderneming
---+158. Bevoegde autoriteiten dienen het proces voor een ordelijke afbouw van de beleggingsonderneming …
---+159. Er zijn vele scenario’s waarin een beleggingsonderneming kan worden afgebouwd. Bij hun analyse …
---+160. Om adequate scenario’s op te stellen overeenkomstig paragraaf 159, dienen bevoegde …
---+161. Wanneer een herstelplan beschikbaar is, dienen bevoegde autoriteiten in voorkomend geval op de …
---+162. Bevoegde autoriteiten dienen te bepalen hoeveel tijd de beleggingsonderneming nodig heeft voor …
---+163. Om de verwachte tijdshorizon van een ordelijke afbouw te bepalen, dienen bevoegde autoriteiten …
---+164. Bevoegde autoriteiten dienen te bepalen op welke verschillende belanghebbenden de afbouw van …
---+165. Bevoegde autoriteiten dienen de gevolgen van een afbouw voor de cliënten van de …
---+166. Bevoegde autoriteiten dienen de gevolgen van een afbouw op de markten waarop de …
---+167. Op basis van de analyse van de organisatiestructuur en het bedrijfsmodel van de …

6.2 Beoordeling van de ordelijke afbouw van de beleggingsonderneming

6.2 Beoordeling van de ordelijke afbouw van de beleggingsonderneming

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
158. Bevoegde autoriteiten dienen het proces voor een ordelijke afbouw van de beleggingsonderneming …

Bevoegde autoriteiten dienen het proces voor een ordelijke afbouw van de beleggingsonderneming vast te stellen en te beoordelen volgens plausibele scenario’s die het bedrijfsmodel en de strategie van de beleggingsonderneming weergeven. De mate van detail van deze beoordeling, met inbegrip van het aantal in aanmerking genomen scenario’s, dient te worden vastgesteld met inachtneming van het bedrijfsmodel, de schaal

56 en de complexiteit van de door de beleggingsonderneming verrichte activiteiten. De beoordeling dient in elk geval de volgende onderdelen te omvatten:

  • a. vaststelling van afbouwscenario’s;
  • b. vaststelling van een realistisch tijdschema voor de afbouw van de beleggingsondernemingen; en
  • c. beoordeling van de gevolgen van een afbouw van een beleggingsonderneming voor haar cliënten, tegenpartijen en markten, en voor de beleggingsonderneming zelf.

6.2.1 Identificatie van afbouwscenario’s

159. Er zijn vele scenario’s waarin een beleggingsonderneming kan worden afgebouwd. Bij hun analyse …

Er zijn vele scenario’s waarin een beleggingsonderneming kan worden afgebouwd. Bij hun analyse dienen bevoegde autoriteiten zich te concentreren op één of meer scenario’s waarin de beleggingsonderneming niet langer levensvatbaar is en gedwongen wordt haar activiteiten af te bouwen. Enkele typische scenario’s die door bevoegde autoriteiten in overweging kunnen worden genomen zijn:

  • a. aanzienlijke financiële verliezen als gevolg van ernstige marktschommelingen; en
  • b. verlies van kritieke infrastructuur die onmogelijk tijdig kan worden vervangen.
160. Om adequate scenario’s op te stellen overeenkomstig paragraaf 159, dienen bevoegde …

Om adequate scenario’s op te stellen overeenkomstig paragraaf 159, dienen bevoegde autoriteiten, indien relevant, rekening te houden met de volgende informatie, voortbouwend op de overeenkomstig titel 4 (Analyse van het bedrijfsmodel) verrichte analyse:

  • a. rechtsvorm van de beleggingsonderneming en de daarmee samenhangende toepasselijke insolventievoorschriften;
  • b. bedrijfsmodel van de beleggingsonderneming en de daarmee samenhangende kwetsbaarheden;
  • c. belangrijke bepalende factoren voor inkomsten en kosten van de beleggingsonderneming;
  • d. belangrijkste in- en uitgaande kasstromen;
  • e. belangrijke interne of uitbestede operationele instrumenten en processen (essentiële IT-systemen); en
  • f. belangrijke bedrijfsactiviteiten, met name diegene die moeilijk af te bouwen zijn of die in hoge mate intern/extern verweven zijn.
161. Wanneer een herstelplan beschikbaar is, dienen bevoegde autoriteiten in voorkomend geval op de …

Wanneer een herstelplan beschikbaar is, dienen bevoegde autoriteiten in voorkomend geval op de scenario’s van het herstelplan te vertrouwen door deze verder te benadrukken om tot een afbouw te komen (d.w.z. situaties waarin geen herstelopties beschikbaar zullen zijn).

57 6.2.2 Vaststelling van de adequate tijdshorizon voor de afbouw

162. Bevoegde autoriteiten dienen te bepalen hoeveel tijd de beleggingsonderneming nodig heeft voor …

Bevoegde autoriteiten dienen te bepalen hoeveel tijd de beleggingsonderneming nodig heeft voor een ordelijke afbouw. Bevoegde autoriteiten dienen met name na te gaan of een tijdshorizon van meer dan drie maanden nodig is om de activiteiten van beleggingsondernemingen ordelijk af te bouwen.

163. Om de verwachte tijdshorizon van een ordelijke afbouw te bepalen, dienen bevoegde autoriteiten …

Om de verwachte tijdshorizon van een ordelijke afbouw te bepalen, dienen bevoegde autoriteiten rekening te houden met de in de paragrafen 165 tot en met 167 beschreven aspecten die van invloed kunnen zijn op de duur van de afbouw. Bevoegde autoriteiten kunnen zich ook baseren op de gemiddelde tijdshorizon van een eerder uitgevoerde afbouw van beleggingsondernemingen met soortgelijke kenmerken binnen hun rechtsgebied.

6.2.3 Beoordeling van de impact van een afbouw op cliënten, tegenpartijen en markten

164. Bevoegde autoriteiten dienen te bepalen op welke verschillende belanghebbenden de afbouw van …

Bevoegde autoriteiten dienen te bepalen op welke verschillende belanghebbenden de afbouw van de beleggingsonderneming volgens de geanalyseerde scenario’s een impact kan hebben. Bij hun impactanalyse dienen bevoegde autoriteiten ten minste rekening te houden met de voornaamste cliënten van de beleggingsonderneming, andere tegenpartijen en markten.

165. Bevoegde autoriteiten dienen de gevolgen van een afbouw voor de cliënten van de …

Bevoegde autoriteiten dienen de gevolgen van een afbouw voor de cliënten van de beleggingsonderneming te beoordelen. Die beoordeling dient ten minste de volgende aspecten te omvatten, voor zover de relevante informatie beschikbaar is:

  • a. het vermogen van de beleggingsondernemingen om uitstaande transacties te sluiten en de gevolgen die een dergelijke sluiting kan hebben voor cliënten en voor de beleggingsonderneming zelf (d.w.z. of de beleggingsonderneming te maken krijgt met beëindigingsboetes of juridische kosten);
  • b. in geval van niet-opzegbare contracten, de mogelijkheid van de beleggingsonderneming om ze allemaal aan een andere financiële instelling over te dragen en tegen welke kosten; en
  • c. het vermogen van de beleggingsonderneming om tijdig geld van cliënten en activa onder bewaring van de beleggingsonderneming terug te geven, overeenkomstig de krachtens Richtlijn 2014/65/EU ingevoerde regels.
166. Bevoegde autoriteiten dienen de gevolgen van een afbouw op de markten waarop de …

Bevoegde autoriteiten dienen de gevolgen van een afbouw op de markten waarop de beleggingsonderneming actief is, te beoordelen. Bevoegde autoriteiten dienen zich specifiek te richten op de volgende situaties:

  • a. wanneer een groot aandeel van de activiteiten van de beleggingsonderneming plaatsvindt op één of enkele specifieke markten; en

58

  • b. waar de beleggingsonderneming een belangrijke zakelijke aanbieder is op een specifieke markt.

6.2.4 Beoordeling van de impact van een afbouw op de beleggingsonderneming

167. Op basis van de analyse van de organisatiestructuur en het bedrijfsmodel van de …

Op basis van de analyse van de organisatiestructuur en het bedrijfsmodel van de beleggingsonderneming dienen bevoegde autoriteiten de voornaamste risico’s voor de beleggingsonderneming in geval van een afbouw te bepalen. Bevoegde autoriteiten dienen de volgende aspecten in aanmerking te nemen, voor zover zij relevant zijn voor de beleggingsonderneming en de informatie beschikbaar is:

  • a. het vermogen van de beleggingsonderneming om haar operationele kosten te dekken, met inbegrip van de kosten voor de instandhouding van haar belangrijkste interne of uitbestede proces- en IT-systemen, zodat ze kan blijven functioneren op een niveau dat een ordelijke afbouw mogelijk maakt;
  • b. het vermogen van de beleggingsonderneming om haar vaste activa tijdig van de hand te doen en de daarmee samenhangende verliezen op te vangen;
  • c. het vermogen van de beleggingsonderneming om haar werknemers te beheren/ontslaan, rekening houdend met de vereisten van de relevante arbeidswetgeving, met name in gevallen waarin de beleggingsonderneming grensoverschrijdende entiteiten heeft, en de kosten die dit met zich mee kan brengen (met name rekening houdend met mogelijke ontslagvergoedingen);
  • d. het vermogen van de beleggingsonderneming om belangrijke werknemers te behouden voor de afbouw en de kosten die dit met zich mee kan brengen; en
  • e. alle andere operationele kosten of risico’s die zich tijdens het afbouwproces kunnen voordoen.

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis
  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/