+Richtsnoeren inzake interne governance (EBA/GL/2021/05)
---+1. Nalevings- en rapportageverplichtingen
------+Status van deze richtsnoeren
---------+1. Deze richtsnoeren zijn uitgebracht op grond van artikel 16 van Verordening (EU) nr. 1093/2010 . …
---------+2. Richtsnoeren geven weer wat in de opvatting van EBA passende toezichtpraktijken binnen het …
------+Rapportageverplichtingen
---------+3. Overeenkomstig artikel 16, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1093/2010 stellen bevoegde …
---------+4. Kennisgevingen worden overeenkomstig artikel 16, lid 3, van Verordening (EU) nr. 2093/2010 op de …
---+2. Onderwerp, toepassingsgebied en definities
------+Onderwerp
---------+5. Deze richtsnoeren geven een nadere specificatie van de regelingen, procedures en mechanismen …
------+Geadresseerden
------+Toepassingsgebied
---------+6. Deze richtsnoeren gelden voor governanceregelingen van instellingen, met inbegrip van hun …
---------+7. De richtsnoeren beogen betrekking te hebben op alle bestaande bestuursmodellen zonder een …
---------+8. De termen ‘leidinggevend orgaan in zijn bestuursfunctie’ en ‘leidinggevend orgaan in zijn …
---------+9. In lidstaten waarin het leidinggevend orgaan de uitvoerende functies geheel of gedeeltelijk …
---------+10. In lidstaten waar bepaalde verantwoordelijkheden rechtstreeks worden uitgeoefend door …
---------+11. De definities van CEO, chief financial officer (CFO) en medewerker met een sleutelfunctie die …
---------+12. Instellingen dienen te voldoen aan deze richtsnoeren en bevoegde autoriteiten dienen ervoor te …
------+Definities
---------+13. Tenzij anders aangegeven hebben de termen die in Richtlijn 2013/36/EU en in Verordening (EU) …
---+3. Uitvoering
------+Ingangsdatum
---------+14. Deze bijgewerkte richtsnoeren gelden met ingang van 31 december 2021.
------+Intrekking
---------+15. De EBA-richtsnoeren inzake interne governance (EBA/GL/2017/11) van 26 september 2017 worden per …
---+4. Richtsnoeren
------+Titel I – Evenredigheid
---------+16. Het evenredigheidsbeginsel dat is vastgelegd in artikel 74, lid 2, van Richtlijn 2013/36/EU …
---------+17. Instellingen dienen, wanneer zij regelingen voor interne governance ontwikkelen en ten uitvoer …
---------+18. Ten behoeve van de toepassing van het evenredigheidsbeginsel en om een passende …
------+Titel II – Rol en samenstelling van het leidinggevend orgaan en comités
------+1 Rol en verantwoordelijkheden van het leidinggevend orgaan
---------+19. Overeenkomstig artikel 88, lid 1, van Richtlijn 2013/36/EU draagt het leidinggevend orgaan de …
---------+20. De taken van het leidinggevend orgaan dienen duidelijk omschreven te zijn, waarbij een …
---------+21. Er dient een doeltreffende interactie te zijn tussen het leidinggevend orgaan in zijn …
---------+22. Tot de verantwoordelijkheden van het leidinggevend orgaan dienen te behoren: de vaststelling …
---------+23. Bij het vaststellen, goedkeuren en toezicht houden op de uitvoering van de in punt 22 opgesomde …
---------+24. Het leidinggevend orgaan moet toezicht houden op het proces van het bekendmaken van gegevens en …
---------+25. Alle leden van het leidinggevend orgaan behoren op de hoogte te zijn van de algemene …
---------+26. Een lid van het leidinggevend orgaan kan verantwoordelijk zijn voor een interne controlefunctie …
---------+27. Het leidinggevend orgaan dient eventuele geïdentificeerde zwakke punten in de tenuitvoerlegging …
------+2 De bestuursfunctie van het leidinggevend orgaan
---------+28. Het leidinggevend orgaan in zijn bestuursfunctie dient actief betrokken te zijn bij de …
---------+29. Het leidinggevend orgaan in zijn bestuursfunctie behoort verantwoordelijk te zijn voor de …
---------+30. Het leidinggevend orgaan in zijn bestuursfunctie dient voorstellen, toelichtingen en ontvangen …
---------+31. Onverminderd de verplichting om Richtlijn 2015/849/EU om te zetten in nationaal recht dient het …
------+3 Toezichthoudende functie van het leidinggevend orgaan
---------+32. De rol van de leden van het leidinggevend orgaan in zijn toezichtfunctie dient mede uit …
---------+33. Onverminderd het nationale recht dient het leidinggevend orgaan in zijn toezichtfunctie …
---------+34. Onverminderd de verantwoordelijkheden die hem zijn toegekend overeenkomstig het toepasselijke …
------+4 De rol van de voorzitter van het leidinggevend orgaan
---------+35. De voorzitter van het leidinggevend orgaan behoort leiding te geven aan het leidinggevend …
---------+36. De voorzitter dient een open en kritische discussie aan te moedigen en te bevorderen en ervoor …
---------+37. Als algemeen principe geldt dat de voorzitter van het leidinggevend orgaan een niet-uitvoerend …
---------+38. De voorzitter dient de agenda’s van vergaderingen vast te stellen en ervoor te zorgen dat …
---------+39. De voorzitter van het leidinggevend orgaan dient bij te dragen aan een duidelijke verdeling van …
------+5 Comités van het leidinggevend orgaan in zijn toezichtfunctie
------+5.1 Instellen van comités
---------+40. Overeenkomstig artikel 109, lid 1, van Richtlijn 2013/36/EU in samenhang met de artikelen 76 …
---------+41. Wanneer geen risico- of benoemingscomité is ingesteld, dienen de verwijzingen in deze …
---------+42. Instellingen kunnen, rekening houdend met de criteria die worden uiteengezet in titel I van …
---------+43. Instellingen dienen te zorgen voor een duidelijke toewijzing en verdeling van plichten en taken …
---------+44. Elk comité dient te beschikken over een schriftelijk mandaat (waarin ook zijn …
---------+45. Comités behoren de toezichthoudende functie op specifieke gebieden te ondersteunen en de …
------+5.2 Samenstelling van comités
---------+46. Alle comités dienen te worden voorgezeten door een niet-uitvoerend lid van het leidinggevend …
---------+47. Onafhankelijke leden van het leidinggevend orgaan in zijn toezichtfunctie dienen actief …
---------+48. Wanneer overeenkomstig Richtlijn 2013/36/EU of het nationale recht comités moeten worden …
---------+49. Instellingen dienen ervoor te zorgen, rekening houdend met de omvang van het leidinggevend …
---------+50. Instellingen dienen erop te letten dat voorzitters en leden van comités incidenteel rouleren …
---------+51. De risico- en benoemingscomités dienen te bestaan uit niet-uitvoerende leden van het …
---------+52. In MSI’s en ASI’s behoort de meerderheid van de leden van het benoemingscomité onafhankelijk te …
---------+53. Leden van het benoemingscomité dienen, zowel individueel als gezamenlijk, over voldoende …
---------+54. In MSI’s en ASI’s behoort de meerderheid van de leden van het risicocomité onafhankelijk te …
---------+55. Leden van het risicocomité dienen, zowel individueel als gezamenlijk, over voldoende kennis …
------+5.3 Processen van comités
---------+56. Comités dienen regelmatig verslag uit te brengen aan het leidinggevend orgaan in zijn …
---------+57. Er dient een passende wisselwerking te zijn tussen comités. Met inachtneming van punt 49 kan …
---------+58. Leden van comités dienen actief deel te nemen aan open en kritische discussies, tijdens welke …
---------+59. Comités behoren de agenda’s van comitévergaderingen vast te leggen, evenals de belangrijkste …
---------+60. Het risicocomité en het benoemingscomité dienen er in ieder geval voor te zorgen dat zij: a. …
------+5.4 Taken van het risicocomité
---------+61. Indien een risicocomité is ingesteld, dient dit ten minste: a. het leidinggevend orgaan in zijn …
---------+62. Het risicocomité dient samen te werken met andere comités waarvan de activiteiten gevolgen …
---------+63. Wanneer er een risicocomité is ingesteld, onderzoekt dit, onverminderd de taken van het …
------+5.5 Taken van het auditcomité
---------+64. Overeenkomstig Richtlijn 2006/43/EG dient het auditcomité, indien dit is ingesteld, onder meer …
------+5.6 Gecombineerde comités
---------+65. Overeenkomstig artikel 76, lid 3, van Richtlijn 2013/36/EU kunnen bevoegde autoriteiten …
---------+66. Wanneer risico- en benoemingscomités zijn ingesteld in niet-significante instellingen, kunnen …
---------+67. Instellingen zorgen er te allen tijde voor dat de leden van een gecombineerd comité …
------+Titel III – Kader voor governance
------+6 Organisatiekader en -structuur
------+6.1 Organisatiekader
---------+68. Het leidinggevend orgaan van een instelling dient te zorgen voor een passende en transparante …
---------+69. De structuur van de instelling dient het vermogen van het leidinggevend orgaan om de risico’s …
---------+70. Het leidinggevend orgaan dient te beoordelen of en hoe belangrijke veranderingen in de …
------+6.2 Ken uw structuur
---------+71. Het leidinggevend orgaan dient de juridische, organisatie- en operationele structuur van de …
---------+72. Het leidinggevend orgaan dient verantwoordelijk te zijn voor de goedkeuring van deugdelijke …
---------+73. Het leidinggevend orgaan dient sturing te geven aan de structuur van de instelling alsmede aan …
---------+74. Het leidinggevend orgaan van een consoliderende instelling dient niet alleen de juridische …
---------+75. Het leidinggevend orgaan van een consoliderende instelling dient ervoor te zorgen dat de …
------+6.3 Complexe structuren en activiteiten die niet standaard en niet transparant zijn
---------+76. Instellingen dienen het opzetten van complexe en potentieel niet-transparante structuren te …
---------+77. In ieder geval dienen instellingen geen ondoorzichtige of nodeloos complexe structuren op te …
---------+78. Wanneer dergelijke structuren worden opgezet, dient het leidinggevend orgaan ervoor te zorgen …
---------+79. Instellingen dienen hun besluiten te documenteren en in staat te zijn om hun besluiten te …
---------+80. Het leidinggevend orgaan dient ervoor te zorgen dat passende maatregelen worden genomen om de …
---------+81. Deze structuren en activiteiten, evenals de mate waarin deze in overeenstemming zijn met de wet …
---------+82. Instellingen dienen dezelfde risicobeheermaatregelen te nemen als voor de eigen …
------+7 Organisatiekader in de context van een groep
---------+83. Overeenkomstig artikel 109, lid 2, van Richtlijn 2013/36/EU dienen moederondernemingen en …
---------+84. Het leidinggevend orgaan van een dochteronderneming die onder Richtlijn 2013/36/EU valt, dient …
---------+85. Op geconsolideerd en gesubconsolideerd niveau dient de consoliderende instelling ervoor te …
---------+86. Een consoliderende instelling moet rekening houden met de belangen van al haar …
---------+87. Moederondernemingen en hun dochterondernemingen dienen ervoor te zorgen dat de instellingen en …
---------+88. De consoliderende instelling dient ervoor te zorgen dat dochterondernemingen die in derde …
---------+89. De governancevereisten van Richtlijn 2013/36/EU en de bepalingen van deze richtsnoeren gelden …
---------+90. Bij het vaststellen van beleid en het documenteren van governanceregelingen dienen instellingen …
------+8 Uitbestedingsbeleid
---------+91. Het leidinggevend orgaan dient het uitbestedingsbeleid van een instelling goed te keuren …
---------+92. In het uitbestedingsbeleid dient rekening te worden gehouden met het uitbestedingseffect op de …
---------+93. In het beleidsdocument dient te worden vastgelegd dat uitbestedingsregelingen een doelmatig …
------+Titel IV – Risicocultuur en gedragsregels
------+9 Risicocultuur
---------+94. Een solide, zorgvuldige en consistente risicocultuur dient een belangrijk element te zijn van …
---------+95. Instellingen dienen een geïntegreerde en organisatiebrede risicocultuur te ontwikkelen die …
---------+96. Instellingen dienen een risicocultuur te ontwikkelen aan de hand van beleid, communicatie en …
---------+97. Personeelsleden dienen zich volledig bewust te zijn van hun verantwoordelijkheden op het gebied …
---------+98. Een sterke risicocultuur dient het volgende te omvatten, zonder daartoe beperkt te zijn: a. …
------+10 Ondernemingswaarden en gedragscode
---------+99. Het leidinggevend orgaan dient hoge ethische en beroepsnormen te ontwikkelen, vast te stellen …
---------+100. Instellingen dienen te waarborgen dat er geen sprake is van discriminatie van personeelsleden …
---------+101. Het beleid van instellingen dient genderneutraal te zijn. Dit betreft, maar is niet beperkt …
---------+102. De ten uitvoer gelegde normen dienen zich te richten op het versterken van de robuuste …
---------+103. Het leidinggevend orgaan dient een helder en gedocumenteerd beleid te voeren over hoe aan deze …
---------+104. Instellingen dienen de naleving van dergelijke normen te controleren en te zorgen voor …
------+11 Beleid inzake belangenconflicten op het niveau van de instelling
---------+105. Het leidinggevend orgaan dient verantwoordelijk te zijn voor de vaststelling, de goedkeuring …
---------+106. Instellingen dienen, binnen hun organisatorische en administratieve regelingen, adequate …
---------+107. De maatregelen van instellingen om belangenconflicten te beheren of, indien van toepassing, te …
------+12 Beleid inzake belangenconflicten voor personeelsleden
---------+108. Het leidinggevend orgaan dient verantwoordelijk te zijn voor de vaststelling, de goedkeuring …
---------+109. Het beleid dient erop gericht te zijn belangenconflicten van personeelsleden te identificeren …
---------+110. Wat betreft belangenconflicten die het gevolg zijn van relaties uit het verleden, dienen …
---------+111. Het beleid dient in ieder geval betrekking te hebben op de volgende situaties of relaties …
---------+112. Niettemin dienen instellingen er rekening mee te houden dat het feit dat iemand aandeelhouder …
---------+113. In het beleid dienen de procedures te worden vastgelegd voor rapportage en communicatie met de …
---------+114. Het beleid dient onderscheid te maken tussen belangenconflicten die voortduren en permanent …
---------+115. In het beleid dienen de procedures, maatregelen, documentatie-onderdelen en …
---------+116. Het beleid dient in ieder geval betrekking te hebben op belangenconflicten op het niveau van …
---------+117. Bij hun inspanningen om vastgestelde belangenconflicten van leden van het leidinggevend orgaan …
---------+118. Feitelijke of potentiële belangenconflicten die zijn aangemeld bij de verantwoordelijke …
---------+119. Alle feitelijke en potentiële belangenconflicten op het niveau van het leidinggevend orgaan …
------+12.1 Beleid inzake belangenconflicten in het kader van leningen en andere transacties met leden van het leidinggevend orgaan en hun verbonden partijen
---------+120. Als onderdeel van hun beleid inzake belangenconflicten voor personeelsleden (hoofdstuk 12) en …
---------+121. Onverminderd de nationale omzetting van Richtlijn 2013/36/EU om kunnen instellingen …
---------+122. Het kader voor belangenconflicten dient te waarborgen dat beslissingen betreffende het …
---------+123. Het leidinggevend orgaan dient de toepasselijke besluitvormingsprocessen op te zetten inzake …
---------+124. Als onderdeel van het kader voor belangenconflicten dient het leidinggevend orgaan passende …
---------+125. Het lid van het leidinggevend orgaan dat voordeel heeft van een dergelijke belangrijke lening …
---------+126. Alvorens een beslissing te nemen over een lening of andere transactie met leden van het …
---------+127. Waar leningen worden verstrekt in de vorm van een kredietlijn (bijv. een …
---------+128. Teneinde naleving te waarborgen van hun beleid inzake belangenconflicten, dienen instellingen …
------+12.2 Documentatie van leningen aan leden van het leidinggevend orgaan en hun verbonden partijen en aanvullende informatie
---------+129. Voor de toepassing van artikel 88, lid 1, van Richtlijn 2013/36/EU dienen instellingen …
---------+130. Instellingen dienen te waarborgen dat voor alle leningen aan leden van het leidinggevend …
---------+131. Bij leningen van meer dan 200 000 EUR aan leden van het leidinggevend orgaan of hun verbonden …
------+13 Interne meldingsprocedures
---------+132. Instellingen dienen passend intern beleid en passende interne meldingsprocedures in te voeren …
---------+133. Om belangenconflicten te voorkomen dienen personeelsleden inbreuken te kunnen melden buiten de …
---------+134. De meldingsprocedures dienen beschikbaar te worden gesteld aan alle personeelsleden in een …
---------+135. Informatie die personeelsleden via de meldingsprocedures hebben verstrekt, dient, in …
---------+136. Instellingen dienen ervoor te zorgen dat de persoon die de inbreuk meldt, afdoende wordt …
---------+137. Instellingen dienen eveneens personen over wie meldingen worden gedaan te beschermen tegen …
---------+138. Interne meldingsprocedures dienen met name: a. te worden gedocumenteerd (bijv. handleidingen …
------+14 Melding van inbreuken aan bevoegde autoriteiten
---------+139. Bevoegde autoriteiten dienen doeltreffende en betrouwbare mechanismen in te stellen om …
---------+140. Onverminderd de mogelijkheid inbreuken te melden via de mechanismen van bevoegde autoriteiten …
------+Titel V – Kader en mechanismen voor interne controle
------+15 Het kader voor interne controle
---------+141. Instellingen dienen een cultuur te ontwikkelen en te handhaven die een positieve houding …
---------+142. Het kader voor interne controle van instellingen dient op individuele basis te worden …
---------+143. Instellingen dienen ervoor te zorgen dat zij beschikken over passende processen en procedures …
---------+144. Het kader voor interne controle dient betrekking te hebben op de hele organisatie, met …
---------+145. Het kader voor interne controle van een instelling dient het volgende te waarborgen: a. …
------+16 Invoering van een kader voor interne controle
---------+146. Het leidinggevend orgaan dient verantwoordelijk te zijn voor de totstandbrenging en monitoring …
---------+147. Een instelling dient te beschikken over een duidelijk, transparant en gedocumenteerd …
---------+148. Instellingen dienen alle personeelsleden van dit beleid en van deze mechanismen en procedures …
---------+149. Bij de implementatie van het kader voor interne controle dienen instellingen een adequate …
---------+150. De interne controlefuncties dienen te controleren of het beleid, de mechanismen en de …
---------+151. Interne controlefuncties dienen regelmatig schriftelijk verslag uit te brengen aan het …
------+17 Het kader voor risicobeheer
---------+152. Instellingen behoren als onderdeel van het algehele kader voor interne controle over een …
---------+153. Het kader voor risicobeheer van een instelling dient beleid, procedures, risicolimieten en …
---------+154. Dit kader dient specifieke sturing te geven aan de uitvoering van de strategieën van de …
---------+155. Het kader voor risicobeheer dient te worden onderworpen aan onafhankelijk intern onderzoek …
---------+156. Instellingen dienen passende methoden te ontwikkelen voor het identificeren, meten of …
---------+157. Instellingen dienen er rekening mee te houden dat de resultaten van kwantitatieve …
---------+158. De uiteindelijke verantwoordelijkheid voor risicobeoordeling berust uitsluitend bij de …
---------+159. Instellingen dienen zich ten volle bewust te zijn van de beperkingen van modellen en cijfers …
---------+160. Instellingen kunnen, naast hun eigen beoordelingen, gebruikmaken van externe …
---------+161. Er dienen mechanismen voor regelmatige en transparante rapportage te worden ingevoerd zodat …
---------+162. Een doeltreffende communicatie en bewustzijn op het gebied van risico’s en de risicostrategie …
------+18 Nieuwe producten en ingrijpende wijzigingen
---------+163. Een instelling dient te beschikken over een duidelijk gedocumenteerd beleid voor de …
---------+164. Belangrijke veranderingen of buitengewone transacties kunnen fusies en overnames zijn …
---------+165. Een instelling dient over specifieke procedures te beschikken voor de toetsing van de naleving …
---------+166. Het beleid voor de goedkeuring van nieuwe producten van een instelling dient alle afwegingen …
---------+167. Dit beleid dient de belangrijkste thema’s aan te geven die aan de orde moeten komen voordat …
---------+168. De risicobeheerfunctie en de nalevingsfunctie dienen te worden betrokken bij de goedkeuring …
------+19 Interne controlefuncties
---------+169. De interne controlefuncties dienen een risicobeheerfunctie (zie hoofdstuk 20), een …
---------+170. De operationele taken van de interne controlefuncties kunnen, rekening houdend met de …
---------+171. Onverminderd het nationale recht waarin Richtlijn 2015/849/EU wordt omgezet, dienen …
------+19.1 Hoofden van de interne controlefuncties
---------+172. Hoofden van interne controlefuncties dienen op een zodanig hiërarchisch niveau te worden …
---------+173. Waar nodig kunnen de hoofden van internecontrolefuncties toegang krijgen tot en rechtstreeks …
---------+174. Instellingen dienen te beschikken over gedocumenteerde processen voor de toewijzing van de …
------+19.2 Onafhankelijkheid van interne controlefuncties
---------+175. Om als onafhankelijk te worden aangemerkt, dienen de interne controlefuncties aan de volgende …
------+19.3 Combinatie van interne controlefuncties
---------+176. Rekening houdend met de evenredigheidscriteria die worden genoemd in titel I, kunnen de …
------+19.4 Personele middelen van interne controlefuncties
---------+177. Interne controlefuncties dienen over voldoende personele middelen te beschikken. Zij dienen te …
---------+178. Interne controlefuncties dienen te beschikken over passende IT-systemen en ondersteuning en …
------+20 Risicobeheerfunctie
---------+179. Instellingen dienen een risicobeheerfunctie in te stellen die de hele instelling bestrijkt. De …
---------+180. De risicobeheerfunctie dient, indien nodig, rechtstreeks toegang te hebben tot het …
---------+181. De risicobeheerfunctie dient toegang te hebben tot alle bedrijfsonderdelen en andere interne …
---------+182. Personeel binnen de risicobeheerfunctie dient over voldoende kennis, vaardigheden en ervaring …
---------+183. De risicobeheerfunctie dient onafhankelijk te zijn van de bedrijfsonderdelen en -eenheden …
---------+184. De risicobeheerfunctie dient organisatorisch centraal in de instelling te staan en zodanig …
---------+185. Significante instellingen kunnen overwegen om voor elk relevant bedrijfsonderdeel een …
---------+186. De risicobeheerfunctie dient belangrijke onafhankelijke informatie, alsmede analyses en …
------+20.1 De rol van de risicobeheerfunctie in de risicostrategie en -besluiten
---------+187. De risicobeheerfunctie dient in een vroeg stadium actief te worden betrokken bij de uitwerking …
---------+188. De betrokkenheid van de risicobeheerfunctie bij besluitvormingsprocessen dient te waarborgen …
------+20.2 De rol van de risicobeheerfunctie bij belangrijke veranderingen
---------+189. Overeenkomstig hoofdstuk 18 dient de risicobeheerfunctie te worden betrokken bij de …
---------+190. De risicobeheerfunctie dient te beoordelen in hoeverre geïdentificeerde risico’s het vermogen …
------+20.3 De rol van de risicobeheerfunctie bij het identificeren, meten, beoordelen, beheren, beperken, monitoren en rapporteren van risico’s
---------+191. De risicobeheerfunctie dient te zorgen voor een passend kader voor risicobeheer en te …
---------+192. De risicobeheerfunctie dient ervoor te zorgen dat identificatie en beoordeling niet …
---------+193. De risicobeheerfunctie dient te waarborgen dat transacties met betrokken partijen worden …
---------+194. De risicobeheerfunctie dient te waarborgen dat alle geïdentificeerde risico’s doeltreffend …
---------+195. De risicobeheerfunctie dient regelmatig toe te zien op het werkelijke risicoprofiel van de …
---------+196. De risicobeheerfunctie dient trends te analyseren en nieuwe of opkomende risico’s en verhoogde …
---------+197. De risicobeheerfunctie dient mogelijke manieren om risico’s te beperken te beoordelen. De …
------+20.4 De rol van de risicobeheerfunctie bij niet-goedgekeurde blootstellingen
---------+198. De risicobeheerfunctie dient op onafhankelijke wijze overschrijdingen van risicobereidheid of …
---------+199. De risicobeheerfunctie dient een belangrijke rol te spelen bij het waarborgen dat een besluit …
------+20.5 Hoofd van de risicobeheerfunctie
---------+200. Het hoofd van de risicobeheerfunctie dient verantwoordelijk te zijn voor het verstrekken van …
---------+201. Het hoofd van de risicobeheerfunctie dient over voldoende deskundigheid, onafhankelijkheid en …
---------+202. Het hoofd van de risicobeheerfunctie dient in staat te zijn besluiten aan te vechten die het …
---------+203. Instellingen dienen stringente procedures vast te stellen voor de goedkeuring van besluiten …
------+21 Nalevingsfunctie
---------+204. Instellingen dienen een permanente en doeltreffende nalevingsfunctie in te stellen die …
---------+205. Wanneer het niet evenredig is om iemand te benoemen die uitsluitend de taak van hoofd van de …
---------+206. De nalevingsfunctie, waaronder het hoofd naleving, dient onafhankelijk te zijn van de …
---------+207. Personeel binnen de nalevingsfunctie dient te beschikken over voldoende kennis, vaardigheden …
---------+208. Het leidinggevend orgaan in zijn toezichtfunctie dient toe te zien op de tenuitvoerlegging van …
---------+209. De nalevingsfunctie dient het leidinggevend orgaan te adviseren over de maatregelen die …
---------+210. De nalevingsfunctie dient ervoor te zorgen dat naleving wordt bewaakt door middel van een …
---------+211. In overeenstemming met hoofdstuk 18 van deze richtsnoeren dient de nalevingsfunctie, in nauwe …
---------+212. Instellingen dienen op passende wijze op te treden tegen intern of extern gedrag dat fraude …
---------+213. Instellingen dienen ervoor te zorgen dat hun dochterondernemingen en bijkantoren maatregelen …
------+22 Interne auditfunctie
---------+214. Instellingen dienen een onafhankelijke en doeltreffende interne auditfunctie (IAF) in te …
---------+215. De IAF dient onafhankelijk te zijn van de gecontroleerde activiteiten. De interne auditfunctie …
---------+216. De IAF dient, op grond van een op risico’s gebaseerde benadering, op onafhankelijke wijze een …
---------+217. De IAF dient niet betrokken te zijn bij het ontwerpen, selecteren, tot stand brengen en …
---------+218. De IAF dient te beoordelen of het kader voor interne controle van de instelling zoals dat is …
---------+219. De IAF dient met name de integriteit van de processen te controleren en daarbij de …
---------+220. De IAF dient onbelemmerde instellingsbrede toegang te hebben tot alle gegevens, documenten …
---------+221. De IAF dient nationale en internationale beroepsnormen in acht te nemen. Een voorbeeld hiervan …
---------+222. Werkzaamheden in het kader van de interne-auditfunctie dienen te worden verricht op basis van …
---------+223. Ten minste eenmaal per jaar dient een intern auditplan te worden opgesteld op basis van de …
---------+224. Alle auditaanbevelingen dienen op de passende managementniveaus te worden onderworpen aan een …
------+Titel VI – Beheer van de bedrijfscontinuïteit
---------+225. Instellingen dienen een gedegen bedrijfscontinuïteitsbeheer- en herstelplan op te stellen dat …
---------+226. Instellingen kunnen een specifieke onafhankelijke bedrijfscontinuïteitsfunctie instellen …
---------+227. De bedrijfsvoering van een instelling is afhankelijk van verscheidene kritieke hulpmiddelen …
---------+228. Om een gedegen bedrijfscontinuïteitsbeheerplan te kunnen vaststellen, dient de instelling …
---------+229. Op basis van bovengenoemde analyse dient een instelling de volgende plannen op te stellen: a. …
---------+230. Noodplannen, bedrijfscontinuïteitsplannen en herstelplannen dienen te worden gedocumenteerd en …
------+Titel VII – Transparantie
---------+231. Strategieën, beleid en procedures dienen aan al het relevante personeel in een instelling te …
---------+232. Bijgevolg dient het leidinggevend orgaan de relevante werknemers op duidelijke en …
---------+233. Waar moederondernemingen er door bevoegde autoriteiten uit hoofde van artikel 106, lid 2, van …
---------+234. Deze publicatie dient in ieder geval het volgende te bevatten: a. een overzicht van de interne …
---+Bijlage I – Aspecten waarmee rekening dient te worden gehouden bij de ontwikkeling van een beleid inzake interne governance
English - European Union - Financial Industry -

Richtsnoeren inzake interne governance (EBA/GL/2021/05)

Richtsnoeren inzake interne governance (EBA/GL/2021/05)

https://www.eba.europa.eu/activities/single-rulebook/regulatory-activities/internal-governance/guidelines-internal-governance-under-crd – PDF

1. Overzicht

,
Titel Regelgeving
1. Nalevings- en rapportageverplichtingen

1. Nalevings- en rapportageverplichtingen

2. Onderwerp, toepassingsgebied en definities

2. Onderwerp, toepassingsgebied en definities

3. Uitvoering

3. Uitvoering

4. Richtsnoeren

4. Richtsnoeren

Bijlage I – Aspecten waarmee rekening dient te worden gehouden bij de ontwikkeling van een beleid inzake interne governance

In overeenstemming met titel III dienen instellingen rekening te houden met de volgende aspecten wanneer zij beleid en regelingen voor interne governance documenteren:

1. Aandeelhoudersstructuur

2. Groepsstructuur, indien van toepassing (juridische en functionele structuur)

3. De samenstelling en het functioneren van het leidinggevend orgaan

  • a) selectiecriteria, met vermelding van de wijze waarop rekening wordt gehouden met diversiteit
  • b) aantal, duur van het mandaat, roulering, leeftijd
  • c) onafhankelijke leden van het leidinggevend orgaan
  • d) uitvoerende leden van het leidinggevend orgaan
  • e) niet-uitvoerende leden van het leidinggevend orgaan
  • f) interne taakverdeling, indien van toepassing

4. Governancestructuur en organisatieschema (en de gevolgen voor de groep, indien van toepassing)

  • a) gespecialiseerde comités
  • i. samenstelling
  • ii. functioneren
  • b) bestuur, indien dat er is
  • i. samenstelling
  • ii. functioneren

5. Medewerkers met een sleutelfunctie

  • a) hoofd van de risicobeheerfunctie
  • b) hoofd van de nalevingsfunctie
  • c) hoofd van de interne auditfunctie
  • d) chief financial officer
  • e) andere medewerkers met een sleutelfunctie

6. Het kader voor interne controle

  • a) beschrijving van elke functie, met inbegrip van haar organisatie, middelen, status en gezag

7. Beschrijving van de risicostrategie en het kader voor risicobeheer

8. Organisatiestructuur (en de gevolgen voor de groep, indien van toepassing)

  • a) operationele structuur, bedrijfsonderdelen en toewijzing van bevoegdheden en verantwoordelijkheden
  • b) uitbesteding
  • c) aanbod aan producten en diensten
  • d) geografisch werkterrein
  • e) dienstverlening onder het stelsel van de vrijheid van dienstverrichting
  • f) bijkantoren
  • g) dochterondernemingen, samenwerkingsverbanden enz.
  • h) gebruik van offshore centra

9. Gedragscode en gedrag (en de gevolgen voor de groep, indien van toepassing)

  • a) strategische doelstellingen en bedrijfswaarden
  • b) interne codes en regelgeving, preventiebeleid
  • c) beleid inzake belangenconflicten
  • d) klokkenluiden

10. Status van het beleid inzake interne governance, met datum

  • a) ontwikkeling
  • b) laatste wijziging
  • c) laatste beoordeling
  • d) goedkeuring door het leidinggevend orgaan.

1.1 Referenties

1.2 Geïdentificeerde eisen

1.3 Gerelateerde standaarden

2. Geïdentificeerde eisen

Eisen
Bron Eis

3. Gerelateerde standaarden

Standaarden
Bron Eis

Gekoppelde issues

  • EBA - Published by the European Banking Authority at https://www.eba.europa.eu/